跳到主要内容
Nelum
苏里南的法律

Suriname National Bureau of Standards Act (No. 30 of 2006)

颁布于 2006-02-22 · 文本截至 2026-10-01

以研究形式发布的公开法律与官方指引,不构成法律、税务或金融建议。

研究内容本身以英文撰写。标题和标签已翻译,调查结果和引文未翻译。

关于这部法律

原标题
WET van 22 februari 2006, houdende instelling van bet Surinaams Bureau voor Standaarden (Wet Surinaams Bureau voor Standaarden).
语言
Dutch
类型
法令
组织
Amazon Cooperation Treaty Organization
国家
苏里南
主题
Agricultural and rural development, Food and nutrition
关键词
agricultural development, institution, certification, classification/declassification, international cooperation, governance, standards, food safety and quality

在哪里阅读

    该法律没有记录来源链接。

文本

所收录的法律原文,按条款排列。每个条款都有自己的链接。

  1. Artikel2 STAATSBLAD van de 1. Ingesteld wordt het ·'Surinaams Bureau voor Standaarden·' REPUBLIEK SURINAME afgekort S.B.S .. 2. Het Bureau is een rechtspersoon en is gevestigd te Paramaribo, WET van 22 februari 2006, houdende instelling van bet Surinaams <loch kan ook elders in Suriname kantoor houden. Bureau voor Standaarden (Wet Surinaams Bureau voor Standaarden). nOJ?T. J?N WJ?RK7.A A MHF.nl?N

  2. Artikel 3 DE PRESIDENT VAN DE REPUBLIEK SURINAME. i. Het Bureau heeft ten doel het scheppen van een adequate, gezonde standaardeninfrastructuur ter stimulering van economische In overweging genomen hebbende, dat het - in verband met de activiteiten, ter bescherming van het milieu, de veiligheid en de implementatie van de Standaardenwet ( S.B. 2004 no. 121)-wenselijk gezondheid van de mens alsmede de bescherming van leven en is een publiekrechtelijk orgaan in te stellen onder de naam "Surinaams gezondheid van plant en dier, door middel van het vaststellen, Bureau voor Standaarden". ovememen, ontwikkelen, onderhouden en het bevorderen van de toepassing en het gebruik van standaarden en technische Heeft, de Staatsraad gehoord, na goedkeuring door De Nationale voorschriften. Assemblee, bekrachtigd de onderstaande wet: 2. Het Bureau zal functioneren als: ALGEMENE BEPALINGEN a. het_ nationaal instituut voor standaarden en technische

  3. Artikel 1 voorschriften; b. het nationaal instituut voor het certificeren van goederen en Waar er in deze wet begrippen worden gebruikt die in artikel 1 van de geaccepteerde werkwijzen; Standaardenwet (S.B. 2004 no. 121) zijn gedefinieerd, zijn de in de C. het nationaal instituut voor metrologie; Standaardenwet gehanteerde begripsbepalingen en defenities van d. het nationaal instituut voor het accrediteren van laboratoria. toepassing, tenzij anders is aangegeven. Artike14 1. Als nationaal instituut voor standaarden zal het Bureau verantwoordelijk zijn voor het vaststellen, ovememen, ontwikkelen en onderhouden en het bevorderen van de toepassing van standaarden en technische voorschriften. 2006 3 No.30 2006 4 No.30 2. Als nationaal instituut voor het certificeren van goederen en geaccepteerde werkwijzen zal het Bureau zich richten op het b. het evalueren van deze standaarden en technische opzetten van een nationaal kwaliteitssysteem en het opzetten, voorschriften; beheren en het doen uitvoeren van standaardsystemen voor het c. verzamelen en verspreiden van informatie en handleidingen certificeren van goederen en geaccepteerde werkwijzen, met inzake standaardisatie en standaarden en technische inbegrip van: voorschriften; - het administreren van de certificering van goederen; d. ontwikkelen, uitvoeren en stimuleren van - het beoordelen van kwaliteitsmanagementsystemen en het voorlichtingsprogramma's met betrekking tot standaarden en administreren van de certificering van deze systemen; technische voorschriften; - het vaststellen van de bevoegdheden c.q. bekwaamheden van e. samenwerken met en het coördineren van het werk van andere kwaliteitsfunctionarissen die adviezen, training(en) en andere instituten bij het formuleren en publiceren van specificaties; diensten aanbieden. f. leggen van kontakten met regionale en internationale lichamen Het Bureau zal samenwerken met en advies geven aan fabrikanten belast met standaardisatie en de kwaliteit van goederen en bij het opzetten van kwaliteitscontrolesystemen en bij het processen; voorbereiden van standaarden. g. bevorderen van activiteiten op het gebied van standaarden door andere lichamen en instituten, welke niet strijdig zijn met de 3. Als nationaal instituut voor het accrediteren van laboratoria zal Standaardenwet en de taken van het Bureau, het bevorderen het Bureau, ter uitvoering van zijn taken: van de vestiging of uitbreiding van dergelijke lichamen al dan a. onderzoek bevorderen met betrekking tot specificaties en niet onder de (gedeeltelijke) supervisie van het Bureau; faciliteiten verschaffen voor onderzoek en het testen van h. uitoefenen van andere taken die het Bureau bij wet zijn goederen dan wel het opzetten van of aanwijzen van voorgeschreven; laboratoria en testfaciliteiten daartoe; 1. verrichten van alle handelingen die noodzakelijk en b. aboratoria accrediteren en deze voorzien van werkplannen bevorderlijk zijn ter garandering van een juiste uitvoering van nodig voor hun taak op het gebied van standaardisatie en de Standaardenwet. certificering van goederen. 5. Het Bureau mag zijn diensten zowel nationaal als internationaal 4. Het Bureau draagt verder zorg voor het: verlenen. a. met inachtneming van de artikelen 13 tot en met 15 van de Standaardenwet (S.B. 2004 no. 121) inspecteren of het doen 6. Het Bureau zal bij het uitvoeren van haar werkzaamheden de Code inspecteren van elke activiteit die wordt uitgevoerd, of elk van Goed Gebruik voor de voorbereiding, overname en toepassing document, boek of rapport dat wordt gepubliceerd, in relatie tot van standaarden zoals vervat in Annex 3 van de WTO- de productie, fabricage, verwerking of behandeling van enig Overeenkomst betreffende Technische Belemmeringen van goed, processen of praktijken waarvoor een verplichte Handel in acht nemen. standaard of technisch voorschrift gesteld is of waarvan voor de toepassing van een standaard merk is gebruik gemaakt; 2006 5 No.30 2006 6 No.30 FINANCIELE MIDDELEN c. de Minister belast met de zorg voor milieu- aangelegenheden,

  4. Artikel 5 d. de Associatie van Surinaamse Fabrikanten, e. de Vereniging Surinaams Bedrijfsleven, 1. De financiële middelen van het Bureau zullen bestaan uit: f. de Kamer van Koophandel en Fabrieken, a. het beginkapitaal ad SRD 375.000,- g. de Technologische Faculteit van de Anton de Kom DRIEHONDERDVIJFENZEVENTIGDUIZEND Universiteit van Suriname, Surinaamse Dollars) ten laste van de staatsbegroting; h. de vakbeweging, b. vergoedingen uit de verkoop van publicaties en voor elk 1 (één) lid voordragen. verleende diensten; c. hetgeen het Bureau door erfstelling, schenkingen, legaten of donaties verkrijgt; d. leningen; 2. De in lid 1 onder a tot en met g van dit artikel bedoelde e. betalingen van staatswege voor activiteiten ten behoeve van voordrachten zijn bindend, voorzover het in lid 5 van dit artikel het algemeen belang; bepaalde in acht is genomen. f. alle andere wettig verkregen financiële middelen. 3. Voor elk bestuurslid wordt door de in lid 1 van dit artikel genoemde Ministers en organisaties tevens een plaatsvervanger 2. De in lid 1 onder b van dit artikel bedoelde vergoedingen voorgedragen die bij ontstentenis van het desbetreffend lid worden bij staatsbesluit vastgesteld. diens functie waarneemt. 3. De directeur kan, na verkregen toestemming van het Bestuur 4. Bij ontslag van een Bestuurslid of een plaatsvervanger doet de reserves aanleggen, waarvan het maximum door het Bestuur Minister of instantie die betrokkene had voorgedragen binnen wordt vastgesteld. één maand een voordracht ter voorziening in de vacature. Indien een dergelijke voordracht uitblijft voorziet de Minister HET BESTUUR in de vacature.

  5. Artikel 6 5. De Minister benoemt en ontslaat de bestuursleden en de plaatsvervangende leden. Het ontslag wordt verleend met 1. Het Bestuur van het Bureau bestaat uit ten hoogste 11 leden, inachtneming van artikel 9 leden 3 en 4. waarbij: a. de Minister belast met de zorg voor de keuring van 6. De bestuursleden dienen bekwaam te zijn op het gebied van voedingsmiddelen en -waren en het toezicht op de standaarden of moeten lid zijn van organisaties betrokken bij bereiding en verkoop daarvan, het onderhouden of bevorderen van standaarden. b. de Minister belast met de zorg voor de landbouw-, veeteelt- en visserijsector, 7. De bestuursleden worden voor een periode van 3 (drie) jaar benoemd en zijn terstond herbenoembaar. 2006 7 No.30 2006 8 No.30 7. De kennisgeving, als bedoeld in lid 6 van dit artikel zal in de 8. Het Bestuur kiest uit zijn midden een Ondervoorzitter en een notulen van de vergadering over dit onderwerp worden secretaris die samen met de Voorzitter het Dagelijks Bestuur aangetekend en het betrokken lid zal ingeval van stemming, niet van het Bureau vormen. Dit moet zodanig zijn samengesteld aan deze stemming deelnemen. Tenzij het Bestuur anders beslist dat zowel de publieke als de private sector daarin zal dit lid niet aanwezig zijn, of deelnemen in de beraadslagingen vertegenwoordigd zijn. op enige vergadering waar dit onderwerp behandeld wordt. 8. Bij het staken van stemmen wordt het onderwerp wederom op de 9. De financiële vergoeding van het Bestuur wordt door de volgende vergadering aan de orde gesteld. Als de stemmen dan Minister, na verkregen goedkeuring door de Raad van weer staken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. 1\A1n1ctPrc .a.u11,-.a.u, v,:,.cto-PctPltl .&.•..1..1...a. .. • _...,..,t:,_..., .._ _.._. " 7 • Over zaken kan zowel scJ:1riftelijk als mondeling wOïdcn gestemd. Over personen wordt schriftelijk gestemd. BESTUURSVERGADERINGEN VERANTWOORDELIJKHEDEN VAN HET BESTUUR

  6. Artikel 7

  7. Artikel 8 1. Het Bestuur zal minstens éénmaal per maand in vergadering bijeenkomen en voorts zo dikwijls de voorzitter of ten minste 1. Het Bestuur is verantwoordelijk voor de vaststelling van het beleid twee bestuursleden, dit noodzakelijk acht of achten. van het Bureau en houdt als zodanig toezicht op de uitvoering van 2. In de bestuursvergadering hebben alle leden één stem. het beleid door de directie. 3. Aan het quorumvereiste wordt er voldaan, indien minimaal een gewone meerderheid van het aantal benoemde bestuursleden 2. Het Bestuur is rekening en verantwoording verschuldigd aan de aanwezig 1s Minister. 4. Ingeval de voorzitter en de ondervoorzitter niet ter vergadering aanwezig zijn, zullen de alsdan aanwezige leden 1 (één) persoon ONTSLAG VAN BESTUURSLEDEN uit hun midden kiezen, die op die vergadering als voorzitter zal optreden. Artikel 9 5. De besluiten van het Bestuur zullen worden genomen met gewone meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen. 1. Elk lid van het Bestuur kan te allen tijde zijn lidmaatschap 6. Ingeval door een beslissing van het Bestuur in enige zaak, hoe opzeggen door hiervan schriftelijk mededeling te doen aan de ook genaamd de belangen van een lid van het Bestuur direct of Minister onder copie verschaffing aan de voorzitter van het Bestuur indirect zouden kunnen worden geschaad, zal dit lid de aard van en de organisatie door wie betrokkene is voorgedragen. zijn belang ter kennis brengen van het Bestuur, op de eerste vergadering waarbij hij aanwezig is nadat de desbetreffende 2. Bij de opzegging van het lidmaatschap zoals aangegeven in lid 1 feiten te zijner kennis zijn gekomen. van dit artikel, dient een opzeggingstermijn van één maand in acht te worden genomen. 2006 9 No.30 2006 10 No.30 3. De ivîinister zai, op voordracht van het Bestuur een bestuursiid ontslaan indien deze: 4. Het toezicht op de handelingen en verrichtingen van de directeur a. onder curatele of bewind is gesteld; en de onderdirecteur(en) wordt door het Bestuur uitgeoefend. b. tengevolge van een strafbaar feit tot een gevangenisstraf wordt veroordeeld; Artikel 11 c. ernstige veronachtzaming van de hem in het Bestuur opgedragen taken en verantwoordelijkheden kan worden 1. Het Bureau wordt bestuurd en beheerd door de Directie. De verweten; Directie heeft de algemene leiding van het Bureau, binnen het d. langer dan zes aaneengesloten maanden afwezig is op kader van een door het Bestuur goedgekeurde beleidsnota en een reguliere vergaderingen van het Bureau zonder dat er sprake is van ziekte of andere door het Bestuur geaccepteerde reden van verhindering. 2. De Directie vertegenwoordigt het Bureau in en buiten rechte. e. door de organisatie die hem heeft voorgedragen wordt 3. Het personeel wordt door de directeur benoemd, geschorst en teruggeroepen. ontslagen.Het mag bezoldigd, noch onbezoldigd een nevenfunctie bekleden, tenzij na schriftelijke toestemming van de Directie. 4. Ingeval het Bestuur van het Bureau, naar het oordeel van de Minister, mede gelet op het door haar vastgestelde beleid, nalatig 4. De Directie pleegt, telkens wanneer zulks voor de belangen van is met de realisatie van het doel van het Bureau, kan de Minister, het Bureau nuttig en nodig is, overleg met het Bestuur. De gehoord de in artikel 6 lid 1 bedoelde Ministers en organisaties, directieleden wonen de vergaderingen van het Bestuur bij voor het Bestuur ontslaan en vervangen. zover dit door het Bestuur nodig wordt geacht of zij na een door hun gedaan verzoek door het Bestuur daartoe in de gelegenheid STAF EN FORMATIE VAN HET BUREAU worden gesteld.De directie heeft in de vergaderingen van het Bestuur een adviserende stem.

  8. Artikel 10 5. Bij afwezigheid van de directeur wordt diens functie 1. Er is een Directie bestaande uit een directeur en zonodig één of waargenomen door één der onderdirecteuren, door de directeur, meerdere onderdirecteuren. als zodanig aangewezen. 2. De directeur en de onderdirecteuren worden door de Minister, op Artikel 12 voordracht van het Bestuur, na verkregen goedkeuring door de Raad van Ministers, benoemd en wegens geldige redenen 1. De directieleden moeten over leidinggevende kwaliteiten geschorst en ontslagen. beschikken en voldoende kennis en ervaring hebben opgedaan op het gebied van standaarden en kwaliteitsvoorschriften en 3. De arbeidsvoorwaarden van de Directie worden door de Minister, geaccepteerde werkwijzen. op voordracht van het Bestuur, vastgesteld. 2006 11 No.30 2006 12 No.30 2. Zij mogen bezoldigd, noch onbezoldigd een nevenfunktie BOEKJAAR, BALANS EN WINST- EN VERLIESREKENING bekleden, tenzij na schriftelijke toestemming van het Bestuur.

  9. Artikel 14 3. In geval door en te nemen beslissing van het Bestuur of de Directie in enige zaak, hoe ook genaamd de belangen van een lid van de 1. Van de vermogenstoestand van het Bureau, zijn ontvangsten en Directie direct of indirect zouden kunnen worden geschaad, zal dit uitgaven en al hetgeen haar financiën of die van haar onderdelen lid de aard van zijn belang schriftelijk ter kennis brengen van het betreft wordt behoorlijk boekgehouden, op zodanige wijze dat Bestuur onderscheidenlijk de Directie. Artikel 7 lid 7 is van daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van het Bureau overeenkomstige toepassing. lrnnnPn urnrrlPn nPlrPnrl ...... ~............_...... ,. • '-'.I. """"'.L.I. .e,-.a.'-""'.1..1,.....

  10. Artikel 13 2. Het eerste boekjaar loopt vanaf de datum van instelling van het Bureau tot en met 31 december daaraanvolgend. De volgende De Directie behoeft de voorafgaande goedkeuring van het Bestuur boekjaren vallen telkens samen met de kalenderjaren . voor het: a. samenwerken met organisaties met een soortgelijk doel; Artikel 15 b. vaststellen van de arbeidsvoorwaarden voor stafmedewerkers en overig personeel; 1. De Directie zal uiterlijk op 30 juni een begroting van inkomsten en c. voeren van processen als eisende partij en het aangaan van uitgaven met daarbij behorende Toelichting voor het dadingen; daaropvolgend jaar aan het Bestuur ter goedkeuring voorleggen. d. beleggen van vermogens of kasmiddelen van het Bureau, anders dan bij een plaatselijke bankinstelling; 2. Het Bestuur legt de door hem goedgekeurde begroting uiterlijk op e. aangaan van geldleningen; 31 juli aan de Minister ter goedkeuring voor. f. kopen, bezwaren of vervreemden van onroerende goederen; g. verbinden van het Bureau als borg of hoofdelijk 3. De Minister keurt binnen één maand de m lid 2 bedoelde medeschuldenaar tot zekerheidsstelling voor schulden van begroting goed. derden; h. aangaan van overeenkomsten, waarvan het geldelijk belang per 4. De Directie brengt maandelijks_ verslag uit aan het Bestuur over de geval een door het Bestuur vast te stellen bedrag te boven gaat; realisatie van de begroting. 1. verrichten van handelingen en uitgaven, die buiten het door het Bestuur goedgekeurde jaarplan met begroting vallen. Artikel 16 1. De Directie zal jaarlijks uiterlijk 30 april een financieel jaarverslag over het afgelopen boekjaar samenstellen. 2006 13 No.30 2006 14 No.30 2. Het verstrekken van enige informatie betreffende enige fommle, 2. Het financieel jaarverslag, bestaande uit een balans en een winst- enig proces of enige praktijk aan de Minister, de directeur, de en verliesrekening vergezeld van een toelichting, zal uiterlijk 15 onderdirecteur(en), enig personeelslid van het Bureau of enige mei door de Directie aan het Bestuur ter goedkeuring worden andere persoon, voor doeleinden betrekking hebbende op de aangeboden. uitvoering van deze wet of de Standaardenwet, zal niet van invloed zijn op enige daarna gedane aanvraag ter verkrijging van een patent 3. Het Bestuur zal de balans en de winst- en verliesrekening met de voor die formule, dat proces of die praktijk. toelichting onderzoeken en zich daarbij doen bijstaan door een externe accountant. Het Bestuur brengt daaromtrent vóór 30 juni SANCTIES een pre-advies uit aan de Minister, welke vóór 31 juli de balans vaststelt. Artikel 18 4. De balans en de winst- en verliesrekening met de toelichting Hij die enige informatie welke hij uit hoofde van artikel 17 lid 1 worden, voorzover mogelijk, door de directie en alle leden van het geheim moest houden bekend maakt wordt bestraft met Bestuur ondertekend en met de accountantsverklaring ter gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de vaststelling aan de Minister aangeboden.Indien de handtekening vierde categorie als bedoeld in artikel 5 onder 4 van de Algemene van een of meer van deze functionarissen ontbreekt, wordt de reden Geldboetewet (S.B. 2002 no. 73). daarvan in de jaarstukken vermeld. UITSLUITING AANSPRAKELIJKHEID 5. Goedkeuring van het financieel jaarverslag door de Minister strekt tot décharge van het Bestuur en de directie ten aanzien van het Artikel 19 beheer over het afgelopen boekjaar. Het feit dat enig goed aan een standaard vastgesteld ingevolge de GEHEIMHOUDING Standaardenwet (S.B. 2004 no. 121) voldoet of geacht wordt aan zo een standaard te voldoen of het feit dat een standaardmerk als bedoeld

  11. Artikel 17 in de Standaardenwet wordt gebruikt in verband met enig goed, zal geen grond opleveren voor enige aansprakelijkheid zijdens de Staat 1. Ten aanzien van alle informatie welke door de Minister, leden van Suriname of het Bureau. het Bestuur, de directeur, de onderdirecteur(en) of enig personeelslid van het Bureau gedurende de uitvoering van deze ONTBINDING wet, de Standaardenwet (S.B. 2004 no. 121 ) of de uitvoeringsregelingen daarvan met betrekking tot enige formule, Artikel 20 enig proces of enige praktijk wordt verkregen, zal door hen geheimhouding in acht worden genomen, tenzij door genoemde Het Bureau wordt ontbonden door een besluit van de Minister, gehoord wetten en uitvoeringsbesluiten anders wordt vereist. de in artikel 6 lid 1 bedoelde ministeries en organisaties, na vooraf verkregen goedkeuring van de Raad van Ministers. 2006 15 No.30 2006 16 No.30 2. Zij wordt m het Staatsblad van de Republiek Suriname VEREFFENING afgekondigd.

  12. Artikel 21 3. Zij treedt in werking op de dag volgende op die van haar afkondiging. 1. De vereffening geschiedt door het Bestuur of door een door het Bestuur, in overleg met de Minister, aangewezen derde. 4. De Minister is belast met de uitvoering van deze wet. 2. Het Bureau blijft na zijn ontbinding voortbestaan, voorzover dit voor de vereffening van haar zaken nodig is. Gegeven te Paramaribo, de 22ste februari 2006 3. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze wet R. R.VENETIAAN zoveel mogelijk van kracht. Uitgegeven te Paramaribo. de 2e maart 2005 4. Indien het Bureau wordt ontbonden zal na voldoening van alle De Minister van Binnenlandse Zaken, verplichtingen de bestemming van het batig saldo der liquidatie worden bepaald dûor de Ministeï. M.S.H. HASSANKHAN 5. Bij of krachtens staatsbesluit kunnen met betrekking tot de vereffening nadere regels worden vastgesteld. ALGEMENE DELEGATIEBEPALING Artikel 22 Omtrent de in deze wet geregelde onderwerpen kunnen bij staatsbesluit nadere voorschriften worden vastgesteld. SLOTBEPALING

  13. Artikel 23 1. Deze wet kan worden aangehaald als: Wet Surinaams Bureau voor Standaarden. 2006 17 No.30 2006 18 No.30 WET van 22 februari 2006, houdende instelling van het Surinaams Bureau voor Standaarden (Wet Surinaams Bureau voor Daar het hier om een overheidstaak gaat heeft de Regering, voor wat Standaarden). de rechtsvorm van het in te stellen Bureau voor Standaarden betreft, gekozen voor de rechtspersoon sui generis welke bij wet wordt ingesteld. MEMORIE VAN TOELICHTING. In het onderhavige wetsontwerp wordt naast de instelling van het Surinaams Bureau voor Standaarden tevens het doel, de werkzaamheden, financiële aspecten en de structuur van deze Algemeen rechtspersoon geregeld. Ingeval artikel 5 lid 1 sub c en f van toepassing is, dient het bestuur Uit de Standaardenwet (S.B. 2004 no. 121) vloeit voort dat er een erop toe te zien dat het onafhankelijk karakter van het Bureau niet in Bureau voor Standaarden moet worden ingesteld. het gedrang komt bij de besluitvorming. Dit Bureau zal zorg moeten dragen voor het vaststellen, overnemen, bevorderen, ontwikkelen en onderhouden van standaarden en Ten aanzien van de structuur van het Bureau kan worden opgemerkt technische voorschriften voor goederen en processen alsmede voor de dat het Bureau wordt bestuurd en beheerd door de Directie welke met controle op deze standaarden en daarb~i te ontwikkelen praktijken, die de algemene leiding van het Bureau is belast. uiteindelijk moeten leiden tot certificering van lokaal gefabriceerde Op het dûûr de Directie gcvûerde beleid wordt toezicht uitgeoefend goederen. die bestemd zijn voor zowel de lokale als de exportmarkt, door het Bestuur, dat tevens verantwoordelijk is voor de alsook geïmporteerde goederen. beleidsrichting van het Bureau. Voorts zal het Bureau de lokale vertegenwoordiger zijn vaI1 de Bestuursleden worden benoemd en ontslagen door de Minister van Caricom Regional Organization for Standards and Quality (CROSQ), Handel en Industrie, na te zijn voorgedragen door de Associatie van welke de regionale standaarden organisatie is. Het Surinaams Bureau Surinaamse Fabrikanten (ASFA), de Vereniging Surinaams voor Standaarden zal tevens de lokale vertegenwoordiger van de Bedrijfsleven (VSB), de Kamer van Koophandel en Fabrieken, de Internationale Organisatie voor Standaarden (ISO) zijn. De ISO Anton de Kom Universiteit van Suriname en de Ministers van beveelt standaarden en modellen van kwaliteitsmanagementsystemen Volksgezondheid, van Landbouw, Veeteelt en Visserij en van Arbeid, aan, waaraan ondernemingen moeten kunnen voldoen. Technologische Ontwikkeling en Milieu. Deze organisaties en Ministers kunnen elk één bestuurslid en een plaatsvervanger In het geval waar er andere instanties dan het Bureau bevoegJ zijn om voordragen. De overige bestuursleden en hun plaatsvervangers worden standaarden vast te ste!len, onder andere op het gebied van door de Minister van Handel en Industrie voorgedragen, waarbij het de voedselstandaaarden, dienen deze het Bureau in de gelegenheid te bedoeling is dat de ruimte die ontstaat bij het benoemen van het stellen haar visie terzake te geven. maximaal aantal bestuursleden kan worden benut om deskundige personen afkomstig van andere organisaties dan die welke in artikel 6 lid 1 zijn genoemd, in het bestuur op te nemen. 2006 19 No.30 2006 20 No.30 Met artikel 6 lid 6 wordt beoogd dat in het dagelijks bestuur personen Ï',1et de formulering "alle andere wettig veïlaegen inkomsten" wordt worden opgenomen die zijn voorgedragen vanuit zowel de private als beoogd het mogelijk te maken dat het Surinaams Bureau voor de publieke sector. Standaarden ook andere - bij het totstand komen van de wet niet voorziene - inkomsten kan hebben dan de in lid 1 onder a tot en met e Van de bedrijfslevenorganisaties ASFA en VSB, de Kamer van bedoelde. Koophandel en Fabrieken en de Universiteit kan worden vermeld dat deze ook vertegenwoordigd waren in het Bestuur van de Stichting Artikel 5 lid 3 Surinaams Bureau voor Standaarden die op 17 november 1998 werd Als uitgangspunt voor het financiële beleid van het Bureau zal dienen opgericht met als doel het voorbereiden van de totstandkoming en het dat ernaar wordt gestreefd dat het Bureau zichzelf duurzaam kan doen functioneren van het Surinaams Bureau voor Standaarden. ontwikkelen, zodanig dat er reserves kunnen worden gevormd. In de wet zijn bepalingen opgenomen met betrekking tot Artikel 6 lid 2 geheimhoudingsplicht en de uitsluiting van aansprakelijkheid zijdens In het algemeen mag men er van uit gaan dat de tot benoemen de Staat Suriname en het Surinaams Bureau voor Standaarden. bevoegde instantie de aan hem gedane voordrachten niet zondermeer ter zijde kan schuiven. Mede met het oog op de effectuering van de Voornoemde Stichting zal bij de totstandkoming van het Surinaams participatie van de in het Bestuur deelnemende instanties en Bureau voor Standaarden worden ontbonden. organisaties - in het bijzonder de private sector - is echter middels deze bepaling uitdrukkelijk opgenomen dat de voordrachten een bindend karakter dragen. Artikelsgewijze toelichting

  14. Artikel 6 lid 3

  15. Artikel 4 Een plaatsvervangend Bestuurslid treedt slechts op als het Bestuurslid Bij het verrichetn van de in dit artikel aangegeven werkzaamheden zal tijdelijk niet instaat is om zijn functie te vervullen of ingeval van het Bureau uitgaan van de internationale en regionale standaarden ontslag nog niet in de vacature is voorzien. welke door de betreffende regionale en internationale organisaties zijn vastgesteld. Artikel 7 lid 3 Het is van belang dat de public-private partnership in de praktijk wordt

  16. Artikel 5 lid 1 geëffectueerd. Daartoe is in deze bepaling als onderdeel van het Onder verleende diensten kunnen bijvoorbeeld worden verstaan het quorumvereiste is opgenomen dat twee bestuursleden afgevaardigd uitvoeren van laboratorium testen, het verzorgen van trainingen, door de private sector aanwezig moeten zijn. seminars en workshops alsmede het certificeren van producten.

  17. Artikel 18 Op schending van de geheimhoudingsplicht zijn strafsancties gesteld. De geldboete welke maximaal opgelegd kan worden bedraagt vijfduizend Surinaamse dollars. 2006 21 No.30

  18. Artikel 22 Het gaat hier om een bepaling welke niet ongebruikelijk is. Zij biedt de mogelijkheid om - indien zich de noodzaak daartoe doet gevoelen - middels staatsbesluit zaken die in de wet zijn geregeld nader uit te werken. Paramaribo, 22 februari 2006, R. R.VENETIAAN