跳到主要内容
Nelum
苏里南的法律

Electricity Act, 2016

颁布于 2016-03-10 · 文本截至 2026-10-01

以研究形式发布的公开法律与官方指引,不构成法律、税务或金融建议。

研究内容本身以英文撰写。标题和标签已翻译,调查结果和引文未翻译。

关于这部法律

原标题
Wet van 10 maart 2016, houdende vaststelling van regels betreffende elektriciteitsvoorziening. (Elektriciteitswet 2016)
语言
Dutch
类型
法令
组织
Amazon Cooperation Treaty Organization
国家
苏里南
主题
Energy, Environment
关键词
protection of environment, framework law, energy conservation/energy production, renewable energy, business/industry/corporations, inspection, cooperative/producer organization, policy/planning, sustainable use, enforcement/compliance, monitoring, data collection/reporting, alternative dispute settlement, offences/penalties
类别
*

在哪里阅读

文本

所收录的法律原文,按条款排列。每个条款都有自己的链接。

  1. Artikel 1 In deze wet en de daa1·opberustende bepalingen wo1·dtverstaan onde1·: I. de Minister: de Minister belast met energiezaken, 2. de EAS: de Energie Autoriteit St1riname, 3. elektriciteitsbedrijf: een rechtspersoon als bedoeld in artikel 10, 4. producent: een recl1tspersoon of een organisatorische eenheid binnen een recl1tspersoondie zich bezighoudt 1net het opwekken van elektriciteit, voo1· levering aan het landelijk net, 2016 -2- No. 42 5.. afnemer: een natuurlijke persoon of een rechtspersoon die beschikt over een aansluiting op het landelijk net, 6. zelfopwekker: een afnemer die voor eigen verbruik duurzame elektriciteit opwekt en die de geproduceerde elektriciteit via het landelijk net met het eigenverbruik saldeert, tegen voorwaarden en tarieven als opgenomen in het ESP, g. installateur: een erkende natuurlijke persoon of rechtspersoon belast met het aanleggen, uitbreiden en onderhouden van elektrische installaties van afne1ners en toekomstige afnemers, h. keuringsinstantie: een bij staatsbesluit ingestelde onafhankelijke instantie, die bevoegd is elektrische installaties van het elektriciteitsbedrijf, de producenten en de afnemers te keuren, • 1. net: een of meer verbindingenvoor de transmissie en distributie van elektriciteit en de daarmee verbonden transformator-, schakel-, verdeel- en onderstations en andere hulpmiddelen, voor zover deze verbindingen en hulpmiddelen niet liggen binnen de installatie van een producent of van een afnemer, j. landelijk net alle netten onder bet beheer van het elektriciteitsbedrijf, k. aansluiting: een of meer verbindingen tussen het landelijk net en een elektrische installatie van een afnemer voor de levering van elektriciteit, 2016 -3- No. 42 1. duurzame elektriciteit elektriciteit, opgewekt in technische installaties die uitsluitend gebruikmaken van hemieuwbare energiebronnen, m. ESP: bet Elektriciteitssectorplan als omschreven in artikel 8. n. staatsbedri jf: een bedrijf waarvan alle aandelen (100%) in banden moet zijn van de Staat.

  2. Artikel2 Tot de elektriciteitsvoorzieningssector als onderdeel van de energiesector, warden in deze wet gerekend: - bet elektriciteitsbedrijf, - de producenten, - de installateurs, - de keuringsinstantie. TAKENENBEVOEGDHEDENEAS MET BETREKKING TOT DE ELEKTRICITEITSVOORZIENINGSSECTOR

  3. Artikel 3 1. De EAS richt zich bij bet uitoefenen van haar taken en bevoegdheden op de regulering van de elektriciteitsvoorzieningssector als gebeel. 2. De EAS vervult zowel toezichthouderide als aansturendetaken en zij adviseert de Minister en de sector gevraagd en ongevraagd. Zij bevordert voorts de communicatie tussen het elektriciteitsbedrijf, de producenten, de installateurs en de keuringsinstantie. 2016 -4- No. 42 3. De in deze wet opgenomen taken en bevoegdheden van de EAS hebben uitsluitend betrekking op de elektriciteitsvoorzieningssector, zelfopwekkers en gesubsidieerde afnemers. 4. Om haar taken verband houdend met onderhavige wet uit te voeren mag de EAS maximaal 5 personeelsleden in dienst nemen. De 5 personeelsleden hebben tenminste een af geronde Hbo opleiding. Ter uitvoering van het ESP kan bij staatsbesluit het maximaal aantal toegestane personeelsleden worden verhoogd en de bij die personeelsleden behorende vereiste opleiding worden bepaald.

  4. Artikel4 De EAS verricht onder meer de volgende taken: a. het verzamelen van gegevens en bet produceren van statistische info1matie, b. het voorbereiden van het ESP, c. het houden van toezicht op de naleving van deze wet en de daa.ruit voortvloeiende bepalingen, d. het geven van bindende aanwijzingen aan bet elektriciteitsbedrijf in verband met de uitvoering van deze wet en de daaruit voortvloeiende bepalingen, e. bet continu monitoren van het Kwaliteits- en Capaciteitsplan van bet elektriciteitsbedrijf als omschreven in artikel 15, f. het houden van toezicht op de naleving van overeenkomsten tussen het elektriciteitsbedrijf, de Staat en de producenten, g. bet minimaal eenmaal per drie jaar uitvoeren van management en engineering audits bij bet elektriciteitsbedrijf en producenten, h. het geven van bindende aanwijzingen aan gesubsidieerde afnemers in verband met de toepassing van energie- efficientie richtlijnen als opgenomen in het ESP, 2016 -5- No. 42 i. voorts verricht de EAS alle overige uit deze wet voortgekomen taken die niet uitdrukkelijk aan een ander orgaan of instantie zijn opgedragen. STATISTIEKEN

  5. Artikel 5 1. De EAS verzamelt, bewerkt en interpreteert alle relevante gegevens uit de ele~iciteitsvoorzieningssector en presenteert op grand daarvan samenhangende statistische infor1natie. 2. De EAS onderhoudt ten behoeve van de elektriciteitsvoorzieningssector een management informatie systeem. 3. De EAS is gehouden om minimaal een keer per jaar betrouwbare en samenhangende statistieken, die de ontwikkelingen binnen de elektriciteitsvoorzieningssector weergeven, te publiceren op een voor de overheid, de elektriciteitsvoorzieningssector en afnemers toegankelijke wijze.

  6. Artikel 6 1. De EAS is bevoegd aan het elektriciteitsbedrijf, producenten, installateurs, keuringsinstantie, zelfopwekkers of gesubsidieerde afnemers gegevens of inlichtingen te vrag~n, die zij nodig acht bij de uitvoering van haar taken. 2. Degene aan wie de in lid 1 ·bedoelde gegevens of inlichtingen zijn gevraagd, is verplicht deze, binnen de door de EAS gestelde redelijke termijn, te verstrekken. 3. Het elektriciteitsbedrijf, de producenten, installateurs en keuringsinst.antie zijn gehouden hun administraties op zodanige wijze in te richten dat de benodigde gegevens op eenvoudige wijze kunnen worden verkregen. 2016 -6- No. 42

  7. Artikel 7 1. Onvern1inderd de in artikel 6 genoemde bevoegdheid van de EAS om gegevens of inlichtingen op te vragen, is het elektriciteitsbedrijf gehouden om periodiek, elektronisch en volgens een vastgesteld format, gegevens aan de EAS te verstrekken. Deze gegevens hebben betrekking op: - het verloop van de belasting per onderstation in het landelijk net, - het verloop van het geleverde vermogen door producenten bij de inkoop van elektriciteit, - de geleverde energie per maand door producenten, - storingsstatistieken en detail informatie bij storingen met een uitval waarvan de belasting groter dan 1 MW is, - het maandelijks kWh-verbruik per afnemersgroep, - het maandelijks kWh-gefactureerde bedrag per afnemersgroep, de maandelijkse kVA-belasting gefactureerd per afnemersgroep, - de maandelijkse cosphi / kV Arh facturering per afnemersgroep, - de kosten per producent per maand voor bet leveren van elelctriciteit, - bet aantal nieuwe aansluitingen per maand en de daarbij behorende relevante gegevens, - alle relevante gegevens m.b.t. operationele en onderhoudskosten, - drie maandeljjkse personeelsmutatie. Deze lijst van door het elektriciteitsbedrijf aan de EAS te verstrekken gegevens wordt in het ESP aangevuld. 2. Onvern1inderd de in artikel 6 genoemde bevoegdheid van de EAS om gegevens of inlichtingen op te vragen, zijn de producenten gehouden om periodiek, elektronisch en volgens een vastgesteld forrr1at, gegevens aan de EAS te verstrekken. r 2016 -7- No. 42 Deze gegevens hebben betrekking op: - de geleverde MWh per maand aan bet elektriciteitsbedrijf, - de boeveelheid verbruikte brandstoffen bij de productie van elektriciteit, - de bescbikbaarheid van ve1mogen in de afgelopen maand, - de beschikbaarbeid van ve1·mogen in het komende kwartaal. Deze lijst van door de producenten aan de EAS te verstrekken gegevens wordt in bet ESP aangevuld. 3. De in de leden 1 en 2 bedoelde gegevens behoren de EAS binnen een in het ESP nader te bepalen tijdspanne na de betreffende periode te bebben bereikt. ELEKTRICITEIT SECTOR PLAN (ESP)

  8. Artikel 8 I. De Regering stelt ten minste eenmaal in vijf jaar het door de EAS voorbereide ESP bij staatsbesluit vast. 2. Het ESP legt bet strategisch plan voor de sector met een tijdshorizon van ten minste twintig jaar vast en geeft richting aan van overheidswege te nemen beslissingen betreffende de eerstvolgende vijf jaar in verb·and met het op betrouwbare, doelmatige, duurzame en milieuhygienisch verantwoorde wijze uitvoeren van de elektriciteitsvoorziening. 3. Het ESP wordt door de EAS in samenspraak met de elektriciteitsvoorzieningssector voorbereid. Bij de voorbereiding betrekt de EAS voorts de Minister en de naar haar oordeel, in verband met de te behandelen onderwerpen, meest belanghebbende bestuursorganen, instellingen en organisaties. 2016. -8- No. 42 4. In bet ESP wordt ingegaan op de algehele toereikendh·eid van het elektriciteitsvoorzieningssysteem en de geraamde vraag naar elektriciteit waarbij in elk geval aandacht wordt besteed aan: a. de betrouwbaarheid van het elektriciteitsvoorzieningssysteem, b. bet geraamde evenwicbt tussen vraag en aanbod in de volgende vijf jaar, c. de vooruitzichten inzake de elektriciteitsvoorziening met een tijdshorizon van ten minste twintig jaar. 5. Het ESP bestaat uit een strategisch, technisch en reguleringsplan. Het strategiscb plan maakt deel uit van bet Ontwikkelingsplan,als bedoeld in de artikel 40 van de grondwet. Het bevat een samenvatting die gescbikt is voor opname in het Ontwikkelingsplan.

  9. Artikel 9 1. Voorts zijn in bet.ESP ten minste opgenomen: a. een analyse van de ontwikkelingen op de nationale en internationale energiemarkt en de effecten daarvan op een betrouwbaar, duurzaam, doelmatig en milieubygienisch verantwoord functionerende energiehuishouding, b. een analyse van veranderingen in bet gebruik van energiebronnen voor bet opwekken van elektriciteit en van de wijze waarop en de mate waarin zich een duurzame energiehuishouding ontwikkelt, c. een prognose van bet elektriciteitsverbruik op korte, middellange en lange termijn, d. de planning van de behoeften aan investeringen in productie-, transmissie- en distributiecapaciteit, teneinde te voldoen aan de vraag naar elektriciteit van het landelijk net en de distributie aan de afnemers te verzekeren, 2016 -9- No. 42 e. de procedure waar1nee in geplande nieuwe behoeften en vervangingscapaciteit wordt voorzien door leveringen uit nieuwe ofbestaande productie-installaties, f. de minimale no1men ten aanzien van leveringszekerheid waarop afnemers moeten kunnen rekenen, g. de te hanteren methodologie voor tariefsbepaling, h. een financiele projectie van de elektriciteitssector voor de betreffende periode van vijf jaar en een analyse van de opties voor bet terugdringen van de overheidssubsidies, i. een overzicht van de beoogde resultaten inzake de bevordering van een betrouwbaar, duurzaam, doelmatig en milieuhygienisch verantwoord functionerende energiehuishouding, en een overzicht van de methoden om die resultaten in de betreffende periode van vijf jaar na te streven, j. de kwaliteits en veiligheidsno1·rr1endie van toepassing zullen zijn op de elektriciteitsvoorzieningssector. k. de overtredingen, de hoogte van de boete per overtreding, de strafopleggingsprocedures conform de admininistratieve boete en de wijze van de strafoplegging. 2. De Minister kan, in verband met de uitvoering van het ESP, richtlijnen geven aan de EAS. HET ELEKTRICITEITSBEDRIJF

  10. Artikel 10 1. Het elektriciteitsbedrijf is rechtspersoon naar Surinaams recht. De Staat Suriname is enig aandeelhouder van het elektricitei tsbedrij f. 2016 - 10 - No. 42 2. Het elektricit~itsbedrijf is concessiehouder ter zake het kopen van elektriciteit ten behoeve van bet landelijk net en het leveren van elektriciteit aan afnemers via het landelijk net. 3. Op grond van haar concessie beschikt het elektriciteitsbedrijf over het exclusieve recht om gekochte elektriciteit via het landelijk net te leveren aan afnerners, behoudens het recht van de Staat om zelf elektriciteit te kopen of op te wekken en via bet landelijk net of andere netten te leveren aan het elektriciteitsbedrijf of aan energie-intensieve ondememingen tegen speciale voorwaarden en tarieven. 4. Het elektriciteitsbedrijf is netbeheerder van het landelijk net voor transmissie en distributie van elektriciteit.

  11. Artikel 11 1. Het elektriciteitsbedrijf voert, met inachtneming van de kwaliteit, haar taken op de economisch meest efficientemanier uit. 2. Het elektriciteitsbedrij_f is gehouden de economisch meest voordelige elektriciteit te distribueren, behoudens het bepaalde in lid 3. 3. Het elektriciteitsbedrijf is verplicht op elk moment elektriciteit van een zelfopwekker te aanvaarden, indien het teruglevering van elektriciteit als omschreven in artikel 20 lid 4, betreft. 4. Het elektriciteitsbedrijf is verplicht op elk moment elektriciteit te aanvaarden van een producent als bedoeld in artikel 20 lid la, indien het productie uit zonne- of windenergie betreft. 2016 -11 - No. 42 ORGANISATIESTRUCTUUR EN ADMINISTRA TIE

  12. Artikel 12 1. Het elektriciteitsbedrijf is verplicht zijn activiteiten als netbeheerder in een organisatorische eenheid onder te brengen, gescheiden van andere activiteiten met een eigen management en een afzonderlijke boekhouding. 2. Het elektriciteitsbedrijf is verplicht zijn activiteiten als koper en leverancier van elektriciteit in een organisatorische eenheid onder te brengen, gescheiden van andere activiteiten met een eigen management en een afzonderlijke boekhouding. 3. Het toerekenen van kosten aan activiteiten als bedoeld in de leden 1 en 2, geschiedt overeenkomstig de methodologie voor kostenallocatie zoals opgenomen in het ESP. 4. De EAS is bevoegd richtlijnen te geven ter zake de inrichting van de afzonderlijke boekhoudingen van het elektriciteitsbedrijf.

  13. Artikel 13 1. Het elektriciteitsbedrijf als netbeheerder, is gehouden: a. netten aan te leggen, te herstellen, te vemieuwen of uit te breiden, b. het landelijk net in werking te hebben en te onderhouden, c. de veiligheid en betrouwbaarheid van bet landelijk net en transmissie van elektriciteit over het landelijk net op de meest doelmatige wijze te waarborgen, d.. op grond van artikel 16, derden te voorzien van een aansluiting op het landelijk net, e. ter waarborging van de leveringszekerheid, voldoende reservecapaciteit in het landelijk net aan te houden. 2016 -12 - No. 42 2. Het elektriciteitsbedrijf als koper en leverancier van elektriciteit is. gehouden: a. de elektriciteit-.die door een producent wordt geleverd aan het landelijk net te meten, en deze gegevens te verstrekken aan die producent, b. de hoeveelheid elektrische energie die door· een zelfopwekker met een gescheiden aansluiting voor de productie-installatie wordt geleverd aan het landelijk net te meten, en deze gegevens te verstrekken aan die zelfopwekker, c. de elektriciteit die door een afnemer wordt verbruikt te meten, en deze te factureren overeenkomstig de in het het ESP voorgeschreven tarievenmethodologie, CONTROLE OP INRICHTINGEN EN INST ALLA TIES

  14. Artikel 14 1. De EAS stelt voorschriften vast waaraan de installaties voor het overbrengen, omzetten en verdelen van elel(trische energie moeten voldoen. 2. Het elektriciteitsbedrijf legt alle plannen in verband met de bouw van inrichtingen voor het overbrengen, omzetten en verdelen van elektrische energie ter goedkeuring aan de EAS voor. De EAS is gehouden binnen 2 weken te reageren. KW ALITEITS- EN CAP ACITEITSPLAN

  15. Artikel 15 1. Het elektriciteitsbedrijf draagt zorg voor doelmatige waarborging van de veiligheid en betrouwbaarheid van het landelijk net; bet stelt in verband hiermee een· Kwaliteits- en Capaciteitsplan op met tijdshorizon van vijf jaar. I 2016 -13 - No. 42 2. Het elektriciteitsbedrijf maakt ten minste eenmaal in twee jaar naar tevredenheid van de EAS aannemelijk dat het Kwaliteits- en Capaciteitsplan als bedoeld in lid 1, toereikend is. 3. De EAS kan regels stellen ter zake storingsregistratie en overige aanlevering van data met betrekking tot de in lid 1 bedoelde waarborging en de rapportage hierover. AANSLUITING OP HET LANDELIJK NET

  16. Artikel 16 1. Het elektriciteitsbedrijf is verplicht degene die daarom verzoekt te voorzien van een aansluiting op het landelijk net met inachtneming van de in bet ESP vastgestelde voorwaarden, waaronder de ter1nijn tussen aanvraag en aansluiting en het aansluittarief. 2. Het elektriciteitsbedrijf onthoudt zich van iedere vo1·1n van discri.minatie tussen degenen jegens wie de verplichting bedoeld in lid 1, geldt. 3. Het elektriciteitsbedrijf levert te alien tijde, met inachtneming van het ve1mogen waarvoor de afnemer op het landelijk net is aangesloten en tegen de in artikel 17 bedoelde tarieven, elke verlangde hoeveelheid elektrische energie, behoudens in geval van ove11nacht en in geval het op grond van de overeenkoms.t met de afnemer van zijn leveringsplicht is ontslagen. 2016 -14- No. 42 ELEKTRICITEITSTARIEF

  17. Artikel 17 1. Het elektriciteitstarief stelt het elektriciteitsbedrijf in staat haar effi.ciente kosten verband houdende met de koop, transmissie, distributie en levering van elektriciteit, terug te verdienen. 2. De efficiente kosten worden ve1meerderd met een toegestane 1narge. 3. De structuur van bet elektriciteitstarief houdt rekening met verschillen in kosten per type afnemer. 4. De Raad van Ministers bepaalt welke groepen of categirieen van afnemers voor subsidie in aanmerking komen. De jaarlijks te verstrekken subsidies worden in de staatsbegroting opgenomen. 5. De kostenallocatie, de structuur van het elektriciteitstarief en de te hanteren methodologie bij bet berekenen daarvan, worden opgenomen in het ESP. De EAS houdt toezicht op het toepassen van de methodologie en geeft ter zake bindende instructies.

  18. Artikel 18 1. Het aansluittarief waartegen toekomstige afnemers worden aangesloten op het landelijk net ligt niet hoger dan de som van de efficiente kosten voor bet tot stand brengen van de fysieke verbinding van de installatie van de toekomstige afnemer 1net bet landelijk net. 2. Het aansluittarief als bedoeld in lid 1, wordt vastgesteld door de EAS aan de hand van de in het ESP voorgeschreven methodologie. 2016 -15 - No. 42 3. De efficiente kosten voor het aansluiten van toekomstigeafnemers, voor zover niet reeds verhaald middels het aansluittarief, worden verhaald middels het el ektri citeitstari ef.

  19. Artikel 19 1. De EAS kan bij een gesubsidieerde afnemer onderzoek doen plegen naar de mate waarin deze afnemer bij zijn elektriciteitsverbruik de energie-efficientie richtlijnen als opgenomen in het ESP, in acht neemt. 2. Afhankelijk van het resultaat van het in lid 1 bedoelde onderzoek, geeft de EAS aanwijzingen gericht op verbetering van de energie-efficientie. De afnemer is verplicht deze aanwijzingen op te volgen. 3. Indien de door de EAS gegeven aanwijzingen als bedoeld in lid 2, niet binnen de door de EAS gestelde redelijke terrnijn zijn opgevolgd, kan de EAS de Regeringadviseren om de aan de betreff ende afnemer toegekende subsidie op te schorten of in te trekken. De EAS stelt het elektriciteitsbedrijf in kennis van de getroffen maatregel. LEVERING VAN ELEKTRICITEIT AAN HET ELEKTRICITEITSBEDRIJF TEN BEHOEVE VAN HET LANDELIJK NET

  20. Artikel 20 1. Levering van elektriciteit aan het elektriciteitsbedrijf kan geschieden door: a. producenten die beschikken over een vergunning, b. zelfopwekkers bij teruglevering van elektriciteit, 2016 -16- No. 42 c. producenten die op grond van een overeenkomst met de Staat elektriciteit middels waterkrachtwerken produceren of andereelektriciteitsproductie installaties met potentieel grote sociale gevolgen en milieueffecten. 2. Producenten zijn gehouden hun installaties zodanig te onderhouden dat ze te allen tijde kunnen voldoen •aan de voorwaarden opgeno1nen in hun overeenko1nst met de Staat of het elektriciteitsbedri j f. 3. De EAS kan ter zake het bepaalde in lid 2 bindende instructies geven aan de producenten. 4. Er is sprake van teruglevering van elektriciteit als genoemd in lid lb, indien de totale kWh-jaarproductie van een zelfopwekker lager ligt dan zijn totale kWh-jaarverbruik. 5. In het ESP. zijn ter zake levering van elektticiteit door zelfopwekkers nadere bepalingen opgenomen, waaronder: a. de voorwaarden voor aansluiting van de productie-installatie op het landelijk net, b. de aansluitkosten en het tarief waartegen de zelfopwekker zijn kWh-verbruik mag salderen met zijn kWh-productie. UITBREIDING VAN CAP ACITEIT VOOR DE PRODUCTIE VAN DUURZAME ELEKTRICITEIT

  21. Artikel 21 I. Uitbreiding van capaciteit voor de productie van duurzame elektriciteit ten behoeve van het landelijk net geschiedt, middels het houden van een openbare aanbesteding, onder toezicht van de EAS. Het elektriciteitsbedrijf als koper van elektriciteit is verantwoordelijk voor de organisatie van de aanbesteding. r 2016 -17 - No. 42 2. Behoudens het bepaalde in lid 1, zal bij of krachtens staatsbesluit, uitsluitend bij capaciteitsuitbreiding door middel van waterlcrachtwerken of andereelektriciteitsproductieprojecten met potentieel grote sociale gevolgen en milieueffecten,wordenafgezien van het houden van een aanbesteding. De toewijzing hiervan zal uitsluitend ten gunste van een staatsbedrijf geschieden. 3. De openbare aanbesteding als bedoeld in lid 1, verloopt volgens de bestaande objectieve, transparante en niet discriminerende criteria die in het ESP zijn opgenomen. De criteria omvatten ten minste: a. bet vereiste vermogen van de installatie, b. de capaciteitsfactor, c. de locatie waar levering aan het landelijk net moet plaatsvinden, d. de aard van de primaire bronnen, e. de milieueffecten en de noodzakelijke mitigatie daarvan, f. de minimale energie-efficientie waarden die bereikt dienen te worden, g. de duur waarvoor een vergunning wordt verstrekt, b. de risico-allocaties, i. de bijzondere kenmerken van de aanvrager, zoals technische, economische en financiele capaciteit en ervaring. 4. Degene aan wie de in lid 1 bedoelde uitbreiding is gegund, verkrijgt vergunning van de Minister voor het bouwen, in bedrijf stellen en in bedrijf houden van een inrichting voor bet opwekken van elektriscbe energie; aan de vergunning kunnen algemene en bijzondere voorwaarden worden verbonden. 5. Het elektriciteitsbedrijf is gehouden een leveringsovereenkomst aan te gaan met producenten, die confor1n lid 4 beschikken over een vergunning voor de productie van elektriciteit ten behoeve van bet landelijk net. 2016 -18- No. 42 6. Een concept leveringsovereenkomst als bedoeld in lid 5 maakt deel uit van de aanbestedingsdocumenten. Van de concept leveringsovereenkomst mag na de aanbesteding niet meer warden af geweken. INSTALLATEURS

  22. Artikel 22 1. Het aanleggen, uitbreiden en reviseren van elektrische installaties ten behoeve van afnemers en toekomstige afnemers van elektriciteit, geschiedt uitsluitend door installateurs die door de EAS zijn erkend. 2. De bestaande voorwaarden waaraan installateurs moeten voldoen om als zodanig te worden erkend, kunnen door de EAS worden aangevuld. De voorwaarden worden vastgesteld in het ESP. De installateurs worden driejaarlijks op grond van deze erkenningsvoorwaarden getoest. 3. De installateurs zijn gehouden de vastgestelde richtlijnen in verband met de uitvoering van hun werkzaamheden te volgen. De EAS kan ter zake bindende aanwijzingen geven. KEURINGSINSTANTIE · Artikel 23 1. Binnen 2 jaar na afkondiging van onderhavige wet zal er bij staatsbesluit de keuringsinstantie worden ingesteld belast met het keuren van elektrische installaties. 2. De N.V. Energiebedrijven Suriname kan als keuringsinstantie warden aangewezen maar is dan verplicht zijn activiteiten als keuringsinstantie in een organisatorische eenheid onder te brengen, gescheiden van andere activiteiten met een afzonderlijke boekhoudin~. 2016 -19 - No. 42 3. De keuringsinstantie verricht, al dan niet wettelijk vereiste, keuringen van elektrische installaties in opdracht en voor rekening van de eigenaar van de betreffende installatie. 4. Keuring van elektrische installaties door de keuringsinstantie is in de volgende gevallen verplicht: a. bij nieuwe installaties, v66r aansluiting op het landelijk net, b. bij tijdelijke installaties, v66r aansluiting op het landelijk net, c. bij revisie of bij uitbreiding van reeds aangesloten installaties. 5. Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de EAS als toezichthouder reeds gekeurde installaties opnieuw laten keuren. 6. De keuringsnormen worden in het ESP vastgesteld. GESCHILLENBESLECHTING

  23. Artikel 24 I. Onverminderd het bepaalde in artikel IO van de Grondwet, beslecht de EAS geschillen tussen: - het elektriciteitsbedrijf en de producenten, - het elektriciteitsbedrijf en een zelfopwekker met een verbruik van meer dan 10 gigawattuur per jaar, met betrekking tot de toepassing van de in deze wet, en de daarop berustende bepalingen, vastgestelde regels en voorwaarden. 2. Bij staatsbesluit worden ter zak:e de geschillenbeslechting nadere regels vastgesteld. -20- No. 42 2016 TOEZICHT

  24. Artikel25 1. De BAS is belast 1nethet toezicht op de naleving van het bij of krachtensdeze wet bepaalde. 2. De EAS kan bindendeaanwijzingenalsmede richtlijnengeven in verbandmet de naleving van het bepaaldebij of krachtens deze wet. 3. De directeur van de EAS wijst de BAS-functionarissen of aangetrokken deskundigen aan die met de uitvoering van het toezichtwordenbelast. ADMINISTRATIEVE BOETE

  25. Artikel26 1. In geval van overtreding van de bij of krachtens deze wet vastgestelderegels kan de EAS, na de betrokkene schriftelijk in gebreke te hebben gesteld en na ommekomst van de in de ingebrekestellinggenoemde termijn, een administratieve boete opleggen van ten hoogste tien miljoen Surinaamse Dollars. In het ESP worden richtlijnen voor het opleggen van ad1ninistratieve boetes opgenomen. 2. De BAS kan een krachtens lid 1 van <litartikel opgelegde boete, alsmede de kosten van de invordering, bij dwangbevel invorderen. 3. Het dwangbevel wordt op kosten van de betrokkene bij deurwaardersexploit betekend en levert een executoriale titel op in de zin van het Tweede Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. - 21- No. 42 2016 4. De betrokkene kan betreffende de opgelegde boete binnen vijf werkdagen na kennisgeving in beroep gaan bij de Minister. SLOTBEPALINGEN GEHEIMHOUDINGSPLICHT

  26. Artikel27 1. Een ieder die betrokkenis bij de uitvoering van deze wet en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkervvijs rnoet verrnoeden, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot rnededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot rnededeling voortvloeit. 2. Een overtreding van het bepaalde in lid 1 levert een strafbaar feit op confutrn het W etboek van Straf echt Ti tel XVI - Schending van geheimen. ALGEMENEDELEGATIEBEPALING

  27. Artikel28 Onverrninderd de bepalingen van deze wet waarin een staatsbesluit is voorgeschreven, k:unnen ter zake de uitvoering van de in deze wet geregelde ondervverpen, nadere regels bij of krachtens staatsbesluit wordenvastgesteld. OVERGANGSBEPALINGEN

  28. Artikel29 1. Binnen zes rnaanden na de inwerkingtreding van deze wet wordt aan de bestaande producenten door de Minister een vergunning verstrektin de zin van artikel20 lid 1a. 2016 -22- No. 42 2. De vergunning als bedoeld in lid I bepaalt onder meer: - de locatie van de centrale waa1·1nee elektriciteit wordt geproduceerd, - de onderstations waar levering aan het landelijk net zal plaatsvinden, - het gei"nstalleerde ve11nogen van de centrale, - de duur van de vergunning. Overeenkomstig artikel 21 lid 4 kunnen aan deze vergunning algemene en bijzondere voorwaarden warden verbonden. 3. Binnen vijf jaar na atkondiging van deze wet zal de Regering de resolutie van 22 juni 1973 no. 5935, (G.B. 1973 no. 99) verstrekt aan de N. V. Energiebedrijven Suriname intrekken.

  29. Artikel30 I. Deze wet kan warden aangehaald als: Elektriciteitswet 2016 . . 2. Zij wordt in het Staatsblad van de Republiek Suriname af gekondigd. 3. Zij treedt inwerking met ingang van de dag volgende op die van haar atkondiging, met uitzondering van artikel 12, welke op I j anuari na afkondiging van deze wet in werking treedt en artikel 22 welke.. twee jaar na afkondiging van deze wet in werking treedt. 4. De Minister belast met energiezaken is belast met de uitvoering van deze wet. Gegeven te Paramaribo, de 1oe maart 2016, DESIRE D. BOUTERSE Uitgegeven te Paramaribo, de 29 ste maart 2016 De Minister van Binnenlandse Zaken, M.F. NOERSALIM t 2016 - 23 - No. 42 WET van 10 maart 2016, houdende vaststelling van regels betreffende elektriciteitsvoorziening. (Elektriciteitswet 2016) MEMORIE VAN TOELICHTING Algemeen Het belang van betrouwbare energievoorziening werd reeds door de Grondwetgever onderschreven. Energie, dus ook elektriciteit, is door de Grondwetgever als een van de basisbehoeften genoemd ten aanzien waarvan de Staat omstandigheden behoort te scheppen waardoor optimale bevrediging kan worden verkregen. In het Ontwikkelingsplan 2012 - 2016 bevestigt de Regering haar verantwoordelijkheid voor duurzame energievoorziening en geeft voorts aan onder meer de herstructurering van de sector ter hand te zullen nemen. Elektriciteit en elektriciteitsvoQrziening Onder elektriciteitsvoorziening wordt verstaan het totale systeem van productie, transmissie, distributie en systee1naansluitingen. Elektriciteit als nutsvoorziening, wordt geproduceerd in opwekcentrales; de productie geschiedt doorgaans in 1neerdere via een net verbonden opwekcentrales. Via het distributienet worden afnemers voorzien van elektriciteit. De continurteit in de elektriciteitsvoorziening is essentieel omdat de consequenties bij het wegvallen van de voorziening verstrekkend zijn en uiteindelijk kunnen leiden tot ontwrichting van de samenleving. In <lat geval zijn de maatschappelijke kosten een veelvoud van eventueel bespaarde voorzieningskosten. 2016 - 24- No. 42 Waarborgen publieke belangen • ID de elektriciteitsvoorzieningssector door de Staat Zoals hierboven geYndiceerd, heeft de sarnenleving met bet oog op haar verdere ontwikkeling, belang bij duurzarne elektriciteitsvoorziening. De Staat draagt mede daarom de verantwoordelijkheid voor het waarborgen van de publieke belangen in de elektriciteitsvoorzieningssector. Primair gaat het bij het waarborgen van publieke belangeh in de elektriciteitsvoorzieningssector om: I . beschikbaarheid, 2. betaalbaarheid en 3. een zo hoog mogelijk niveau van milieukwaliteit. Ad 1. Beschikbaarheid Onder beschikbaarheid wordt verstaan een elektriciteitsvoorziening die op korte en lange te1mijn zeker is. Hierbij kunnen drie elementen worden onderscheiden, namelijk: - voorzieningszekerheid, waarbij wordt gedoeld op beschikbaarheid van energiebronnen op lange termijn; - leveringszekerheid,waarbij het gaat om de mate waarin afnemers onder voorzienbare omstandigheden feitelijk kunnen rekenen op de levering van energie; , - crisisbestendigheid,heeft betrekking op het voorkomen van nationale en intemationale energiecrises en - indien er toch een crisis ontstaat - het beheersen van de gevolgen daarvan. Ad 2. Betaalbaarheid Onder betaalbaarheid wordt verstaan een elektriciteitsvoorziening die economisch efficient is. De economische efficientieomvat: - de statische efficientie met zo laag mogelijke marginale kosten en - de dynamische efficientie met structureel lage kosten op de langere termijn door de best mogelijke inzet van verschillende energiebronnen. 2016 -25- No. 42 Ad 3. Hoge milieukwaliteit Hier1nee wordt gedoeld op milieuvriendelijkheid van de elektriciteitsvoorziening waarbij een zo hoog mogelijke milieukwaliteit wordt nagestreefd: - de uitstoot van CO 2 en andere broeikasgassen in de gehele keten van delfstoffenwinning tot aan energieverbruik moet zo laag mogelijk zijn; - de uitstoot van andere stoffen zoals NOx, S02, fijnstof en ander energieafval zoals kemafval moet zo beperkt mogelijk zijn; - de overige milieuaspecten zoals behoud van biodiversiteit, aantasting van het landschap en bodemdaling, moeten in acht warden genomen. - Herstructureren van de elektriciteitsvoorzieningssector Uit de geschiedenis van de elektriciteitssector blijkt, <lat de Staat om onder meer de leveringszekerheid te kunnen garanderen, in 1981 alle aandelen in de EBS heeft overgenomen. Voorts heeft de Staat middels het verstrekken van objectsubsidie aan de EBS de prijs voo1·elektriciteit laag gehouden. De Staat heeft aldus middels aandeelhouderschap en subsidiebeleid de publieke belangen in de elektriciteitsvoorzieningssector weten te waarborgen. Echter, de verstrekte subsidie vertoont reeds jaren een stijgende trend en maakt thans een substantieel deel uit van de overheidsuitgaven die in de toekomst alleen maar verder zullen stijgen. Het gevolg l1iervan is dat niet de afnemer, maar de belastingbetaler steeds meer moet betalen voor het verbruik van de afnemer. Het behoeft geen betoog dat dit systeem, waarvan geen stimulering tot efficiente productie en doelmatig verbruik uitgaat, niet te handhaven is. Het is dus noodzakelijk <lat de Overheid de objectsubsidie aan de EBS afbouwt en waar noodzakelijk ter handhaving van de betaalbaarheid het instrument van subjectsubsidie in de sector introduceert. Om de afnemer te beschermen tegen inefficiente productie, transport en distributie van elektriciteit, is het nu ook meer dan ooit noodzakelijk de sector zodanig te herstructureren dat economische efficientie wordt gewaarborgd. . 2016 -26- No. 42 De elektriciteitswet 2016 De grondslag voor de nieuwe structuur is vastgelegd in de onderhavige wet die tevens bet fundament legt om planmatig in stapgrootten van maximaal vijf jaar te groeien naar een duurzame elektriciteitsvoorziening. De wet regelt met name bevoegdheden, taken, verplichtingen van stakeholders in de sector en stelt regels voor hun onderlinge verhouding vast. Voorts stelt de wet bet kader vast ·voor het elektriciteitssectorplan en wijst ten slotte het orgaan aan dat onder meer toezicht houdt op naleving van de wet. De Energie Autoriteit Suriname (EAS) De Regering behoudt de eindverantwoordelijkheid voor de elektriciteitsvoorziening maar delegeert via bet ESP toezichthoudende en aansturende taken aan de BAS. De BAS is een bij separate wet ingestelde rechtspersoon die wordt geleid door een directeur onder toezicht van een Raad. De EAS is ingesteld met het doel ten behoeve van de gehele sector toezichthoudende en aansturende bevoegdheden uit te oefenen, als ook de sector gevraagd en ongevraagd van advies te dienen. Voor wat de werkzaamheden van de EAS betreft, stelt de bovenbedoelde instellingswet het kader vast waarbinnen de EAS bevoegdheden krijgt. Deze wet bepaalt voorts dat in separate regelgeving de EAS meer specifieke taken en bevoegdheden kan krijgen; de energiesector bestaat immers uit meerdere deelsectoren. Voor wat de elektriciteitsvoorziening betreft ontleent de EAS aan de onderhavige Elektriciteitswet haar nader uitgewerkte bevoegdheden en taken. 2016 -27- No.42 Statistieken. Een belangrijke taak van de EAS is het verzamelen van gegevens en· het produceren van betrouwbare en samenhangende statistis~he infor1natie die inspeelt op de behoefte van de Regering en de sector. lmmers, voor de voorbereiding, samenstelling en handhaving van het ESP zijn statistische gegevens onontbeerlijk. Indien de gegevens niet tijdig warden verstrekt kan de EAS administratieve boetes opleggen (artikel 26). Het elektriciteitsbedrijf Sinds haar oprichting tot heden, anno 2016, is de N.V. Energiebedrijven Suriname een verticaal geintegreerd bedrijf 1net exclusieve rechten voor, transmissie, distributie en levering van elektriciteit. Het bedrijf is voor wat betreft specifieke regelgeving slechts onderworpen aan de concessievoorwaarden opgenomen in de Resolutie van 22 juni 1973 no. 5935, (G.B. 1973 no. 99), die naar de huidige normen onvoldoende blijken te zijn om de publieke belangen in de elektriciteitsvoorzieningssector adequaat te waarborgen. Voomamelijk tegen deze achtergrond is het van .belang <lat de sector verder wordt gereguleerd. Tarieven en subsidie Om de elektriciteitsrekening laag te houden heeft de Regering gedurende de afgelopen jaren subsidie verstrekt aan het elektriciteitsbedrijf om zowel de operationele - als de kapitale kosten te dekken. Deze vortn van subsidie stimuleert niet tot doelmatige productie en doelmatig verbruik en moet daaro1n zo snel als mogelijk word en afgebouwd. Om de subsidie aan het elektriciteitsbedrijf verantwoord af te bouwen en tegelijkertijd de bedrijfscontinuYteit te verzekeren, moet het bedrijf in de gelegenheid warden gesteld haar efficiente kosten verband houdende met de koop, transmissie, distributie en leve1·ingvan elektriciteit door te berekenen aan de afnemer. In het ESP zal regelgeving worden opgenomen ter vaststelling van de tarieven. 2016 -28- No. 42 De Regering kan aan specifieke groepen in de samenleving ter onderstet;1D.ingvan de betaalbaarheid, en aan geselecteerde industrieen en bedrijven ter ondersteuning van de productie, subsidie verstrekken om zodoende hun energierekening te verlagen. Bedoelde subjectsubsidie mag niet warden beschouwd als een kostenpost, en dus niet warden doorberekend in het elektriciteitstarief in de vorm van kruissubsidie, maar komt ten laste van de Staat. De te hanteren ·tarieven en subsidie methodologie moet aansporen tot doelmatig verbruik. Bij de hiervoor bedoelde, in het ESP nader te definieren, gesubsidieerde afnemers kan de EAS onderzoek doen naar de mate waarin deze afnemers de energie-efficientie richtlijnen als opgenomen in het ESP opvolgen. In voorkomende gevallen kan de EAS de Staat adviseren de subsidie stop te zetten en zo de afnemer dwingen de energie--efficientie richtlijnen op te volgen. Elektriciteitsproductie Er zijn geen zwaarwichtige redenen te bedenken waarom in Suriname de productie van duurzame elektriciteit niet kan warden geliberaliseerd en concurrentie bij bet aanbod van capaciteitsuitbreiding voor de productie van duurzame elektriciteit ter verkrijging van marktwerking, niet kan warden toegelaten. Deze wet opent dan ook de mogelijkheid om meerdere producenten van duurzame elektriciteit tot de markt toe te laten. Voor zowel de bestaande als de nieuwe producenten stelt de wet regels vast. Met de in de wet opgenomen bepalingen in artikel 21 wil de wetgever bevorderen <lat het aanbestedingsproces op eerlijke en transparante wijze geschieden. De productie van elektriciteit uit fossiele brandstoffen blijft een aangelegenheid van staatsbedrijven. Salderen van energie opgewekt door zelf opwekkers · De wet biedt aan afnemers de mogelijkheid om zelf energie op te wekken en vervolgens deze energieproductie die geen gelijke tred houdt met bet verbruik van de afnemer, via het landelijk net te salderen. V oorwaarde is <lat het zelf opwekken geschiedt uit hemieuwbare energiebronnen. 2016 -29- No. 42 Zo kunnen bijvoorbeeld houders van fotovoltaYsche installaties (zonnepanelen) bun overproductie tijdens de middaguren salderen met bun energieverbruik in de avonduren. De wet stelt als salderingsgrens dat de energieproductie per jaar lager moet liggen dan het energieverbruik van _deafnemer. ·Bij surplus mag bet elektriciteitsbedrijf de extra geleverde energie niet verrekenen. Het meten van de energieproductie kan geschieden middels salderingsmeters bij een zogeheten 'kleinverbruiker' afnemer. Bij een zogeheten 'grootverbruiker' afnemer wordt de productie separaat gemeten van het verbruik e11kan de productie-installatie, in overleg 1net bet elektriciteitsbedrijf, zich op een andere locatie bevinden. Bijzondere regelgeving met betrekking tot technische voorwaarden, aansluitkosten en verrekeningsprocedures worden opgenomen in bet ESP. Keuringsinstantie Alvorens een nieuwe installatie aan te sluiten op bet landelijk ne.t of bij uitbreiding of revisie van een bestaande installatie, is het noodzakelijk <lat deze wordt gekeurd door een onafbankelijke keuringsinstantie. Thans gebeurt dit door de N.V. Energiebedrijven Suriname. Ingevolge de wet zal er binnen twee jaar na inwerkingtreding van deze wet bij staatsbesluit een keuringsinstantie warden ingesteld. De N.V. Energiebedrijven Suriname kan worden belast met de taken van de keuringsinstantie, maar de Regering kan er ook voor kiezen de keuringsinstantie als zelfstandig licbaam te laten functioneren. Indien de keuringsinstantie wordt ondergebracht bij de N.V. Energiebedrijven Suriname dan zal <lit geschieden in een separate organisatorische eenheid met een gescheiden boekhouding. 2016 -30- No. 42 Artikelsgewiize toelichting Artikelen 3 en 4 (EAS) Zoals hierboven aangegeven is de EAS ingesteld met het doel ten behoeve van de gehele energiesector toezichthoudende en aansturende bevoegdheden uit te oefenen en de sector gevraagd en ongevraagd van advies te dienen. Voor wat de werkzaamheden van de EAS betreft, stelt de voomoemde instellingswet het kader vast waarbinnen de EAS bevoegdheden krijgt en bepaalt voorts dat in separate regelgeving de EAS meer specifieke taken en bevoegdheden kan krijgen. Zo regelt de onderhavige Elektriciteitswet de taken en bevoegdheden van de EAS voor wat betreft de elektriciteitsvoorzieningssector. Deze werkzaamheden zijn erop gericht de sector te reguleren zodat een hoge mate van beschikbaarheid en betaalbaarheid van elektriciteit wordt bereikt .. en de , milieuhygiene bij de productie, transmissie en distributie wordt gewaarborgd. De EAS bevorderd als toezichthoudend en aansturend orgaan onder meer de economische efficientie binnen de sector. Daarom beperkt de wet de Directeur van de EAS om meer personeel in dienst te nemen dan strikt noodzakelijk (artikel 3 lid 4). Bij staatsbesluit kan het personeelsbestand warden uitgebreid. Artikelen 5, 6 en 7 (Statistieken) Een belangrijke taak van de EAS is het verzamelen van gegevens en het produceren van betrouwbare en samenhangende statistische inf orn1atie die inspeelt op de behoefte van de Regering en de sector. De verkregen gegevens en de geproduceerde statistieken moeten de transparantie bij het elektriciteitsbedrijf en de producenten verhogen en moeten de EAS in staat stellen haar taken bij de voorbereiding, samenstelling en handhaving van het ESP op verantwoorde wijze uit te voeren. Vanwege het belang van de gegevens en statistieken voor de sector geeft de wet de EAS de mogelijkheid om boetes op te leggen aan degenen die niet tijdig of onjuiste gegevens verstrekken aan de EAS . • 2016 -31- No. 42 Artikelen 8 en 9 (ESP) Een andere belangrijke taak en verantwoordelijkheid van de EAS is het voorbereiden van het Elektriciteit Sector Plan (ESP). Het ESP wordt ten minste eenmaal per vijf jaar bij staatsbesluit vastgesteld (artikel 8 lid 1). Het primaire doel van het ESP is drieledig: 1. Strategisch plan: het ESP legt bet strategisch plan voor de sector vast. In het strategisch plan moet met een tijdshorizon van ten 1ninste 20 jaar worden aangegeven hoe verdere verduurzaming van de sector tot stand zal worden gebracht. 2. Technisch plan: het ESP geeft de behoeften van capaciteitsuitbreiding ten aanzien van productie, transrnissie en distributie voor de periode vaf:1vijf jaar aan, het een en antler verwerkt in een totale financiele projectie van operationele en overige kosten. 3. Reguleringsplan:teneinde te waarborgen dat de uitvoering van en bet toezicht op de regulering door de EAS plaatsvinden op basis van voorspelbare zakelijke afwegingen, legt het ESP op basis van de onderhavige wet regels vast waaraan de stakeholders in de elel(triciteitsvoorzieningssector gehouden zijn. Het regelt onder meer: - de tarieven/subsidie methodologie die in betreffende periode zal worden gehanteerd, - de grenzen waarbinnen de EAS als onafhankelijk regulerend orgaan mag opereren. Artikelen 10 t/m 13 (het elektriciteitsbedrijf) Om onder meer het toezicht op de naleving van specifieke regelgeving bij het elektriciteitsbedrijf mogelijk te maken, worden in de wet voorwaarden gesteld met betrekking tot de organisatiestructuur en de administratie (artikel 12 leden 1 en 2). 2016 -32- No. 42 De wet eist gescheiden organisatorische eenheden; een waarin de netbeheerder is ondergebracht en een andere waarin het elektriciteitsbedrijf als koper en leverancier van elektriciteit is ondergebracht. Een .organisatorische eenheid kan ook een -N.V. zijn. Zo zouden meerdere N.V. 's kunnen warden ondergebracht in een holdingstructuur zijnde het elektriciteitsbedrijf. Nadere regelgeving hieromtrent zal warden opgenomen in een Staatsbesluit.

  30. Artikel 14 Om zowel tijdens als na de bouw van elektrische installaties de veiligheid van mensen en goederen te waarborgen en de leveringszekerheid te verhogen, bestaan er wereldwijd tal van normen. Enkele voorbeelden zijn de NEN-normen (Nederland), EN-normen (Europa), NEC-nonnen (Amerika). Het moet voor alle spelers in de sector duidelijk zijn welke normen van toepassing zijn op onze elektriciteitsvoorzieningssector en overeenkomstig welke no11nen elektrische installaties voor de productie, transmissie/distributie en het verbruik zullen worden gekeurd. Deze normen worden in overleg met de sector door de EAS vastgesteld.

  31. Artikel 15 Het elektriciteitsbedrijf als netbeheerder is verantwoordelijk voor de veiligheid en betrouwbaarheid van het landelijk net. De veiligheid en betrouwbaarheid van het landelijk net moeten gegarandeerd zijn; de wet stelt daarom dat een Kwaliteits- en Capaciteitsplan de goedkeuring behoeft van de EAS. Om de effectiviteit van het Kwaliteits- en Capaciteitsplan te toetsen, is een zorgvuldige data- en storingsregistratie noodzakelijk. 2016 -33 - No. 42

  32. Artikel 16 Het elektriciteitsbedrijf is ingevolge de wet verplicht om degene die daarom verzoekt, te voorzien van een aansluiting op het landelijk net met inachtneming van de voorwaarden als opgenomen in het ESP. Het ESP omvat technische, economische en financiele voorwaarden voor aansluiting op het landelijk net. In de praktijk zal het er op neer komen dat niet iedereen in Suriname gebruik zal maken van het landelijk net omdat bet in voorkomende gevallen voor de aanvrager e~onomisch voordeliger kan zijn om zijn elektriciteit anders te betrekken dan via het landelijk net. De kosten voor de aanvrager verbandboudende met een aansluiting op bet landelijk net zouden bijvoorbeeld te hoog kunnen zijn. Het is van belang dat in bet ESP de wijze waarop de kosten met betrekking tot aansluiting op het landelijk net tot stand komen, transparant en duidelijk •• zlJn weergegeven. Artikelen 17 t/m 19 (Elektriciteitstarief) De wet stelt het elektriciteits~edrijf in staat haar efficiente kosten verbandhoudend met haar kemactiviteiten zijnde koop, transmissie, distributie en levering van elektriciteit, terug te verdienen. Dit betekent dat eventueel andere kosten van bet elektriciteitsbedrijf die geen verband houden met haar kerntaken niet mogen warden doorberekend in het elektriciteitstarief. Bij staatsbesluit zal de toegestane marge voor het elektriciteitsbedrijf worden vastgesteld. De efficiente kosten en de toegestane marge warden volgens een voorgeschreven methode opgenomen in bet ESP, verwerkt in het elektriciteitstarief. De Regering kan aan specifieke afnemers subsidie verstrekken; de jaarlijks te verstrekken subsidie komt ten laste van de staat en wordt in de staatsbegroting opgenomen. Het is voor toekomstige afnemers of afnemers die een verzwaring van bun aansluiting wensen van belang dat het aansluittarief op een transparante en volgens vooraf bekende rekenmethoden (ESP) tot stand komt. 2016 -34 - No. 42 In geen geval mag bet aansluittarief hoger liggen dan de noodzakelijke en efficiente kosten die worden gemaakt bij het realiseren van de aansluiting of verzwaring. Het kan voorkomen dat het aansluittarief lager ligt dan de noodzakelijke en efficiente kosten die moeten worden gemaakt bij bet realiseren van de aansluiting. Dit in geval er vaste tarieven bestaan voor aansluitingen die vallen binnen een vooraf gedefinieerde categorie. Het elektriciteitsbedrijf mag in dat geval de meerkosten middels bet elektriciteitstarief verrekenen. De Regering kan besluiten afuernersgroepen te subsidieren; aan de subsidie kan zij voorwaarden verbinden. Zo kunnen voor bepaalde afnemersgroepen energie efficientie richtlijnen warden ontwikkeld waar zij zich aan moeten houden. De wet wil hiermee voorkomen <lat energieverspilling plaatsvindt op staatskosten. De wet geeft de EAS daarom bevoegdheden om bij een gesubsidieerde afnemer onderzoek te doen met het doel om na te gaan in hoeverre de afnemer bedoelde richtlijnen naleeft. Indien de afuemer de instructies van de EAS niet opvolgt, kan de subsidie aan de afnemer worden ingetrokken.

  33. Artikel 20 De wet regelt waaraan producenten moeten voldoen en onder welke voorwaarden energie kan warden gekocht door bet elektriciteitsbedrijf. Er kunnen producenten zijn die beschikken over een vergunning en een overeenkomst voor levering van elektriciteit aan het landelijk net. Bij de koop van elektriciteit van een producent is het elektriciteitsbedrijf gehouden aan de met de producent gesloten overeenkomst en aan de ricbtlijnen verbandhoudende met een economisch voordelige koop van elektriciteit, zoals opgenomen in het ESP. Levering van elektriciteit aan het elektriciteitsbedrijf kan ook geschieden door een zelfopwekker. De wet stelt zelfopwekk:ers in de gelegenheid bun elekriciteitsproductie te salderen met hun elektriciteitsverbruik als afnemer. 2016 -35 - No. 42 De wet maakt het mogelijk dat de Staat voor levering van duurzame elektriciteit aan het landelijk net, overeenkomsten kan aangaan met producenten van elektriciteit geproduceerd uit waterkrachtwerken of uit andere elektriciteitsproductieprojecten met potentieel grate sociale gevolgen en milieueffecten. Men moet hierbij denken aan productie van elektriciteit met energie die bijvoorbeeld vrijko1nt bij vuilverbranding.

  34. Artikel 21 {Elektriciteitsproductie) De wet regelt dat· capaciteitsuitbreiding voor de productie van duurzame elektriciteit t.b.v. het landelijk net moet geschieden middels een aanbesteding (artikel 21 lid 1). Het elektriciteitsbedrijf zorgt er voor dat de aanbestedingsdocumenten waaronder een concept leveringsovereenkomst worden opgemaakt. Tijdens het aanbestedingsproces zijn, met medeweten van alle inschrijvers, aanpassingen in de concept leveringsovereenkomst en overige aanbestedingsdocumenten mogelijk. Na de aanbesteding, met andere woorden zodra bekend is aan welke inschrijver het project wordt gegund, zijn wijzigingen in de leveringsovereenkomst niet meer toegestaan (artikel 21 lid 6). Met deze bepalingen wil de wetgever bevorderen dat het aanbestedihgsproces en de uitvoering van het project, op eerlijke en transparante wijze geschieden. Het elektriciteitsbedrijf als koper van elektriciteit is belast met het uitvoeren van de aanbesteding (artikel 21 lid 1). De EAS is belast met het toezicht op de aanbesteding (artikel 25). Het elektriciteitsbedrijf is derhalve gehouden de EAS volledige inzage te geven in het verloop van de aanbesteding. De technische en administratieve bepalingen opgenomen in het ESP (artikel 21 lid 3) maken deel uit van de aanbestedingsvooiwaarden. 2016 -36- No. 42

  35. Artikel 22 en 23 (Installateurs en de keuringsinstantie) Het uitvoeren van installatiewerkzaamheden aan installaties aangesloten of aan te sluiten op het landelijk net, moet door erkende installateurs geschieden. Erkenning van installateurs geschiedt nu door de EBS, maar in verband met de nieuwe organisatiestructuur die de wet voorschrijft, moeten deze activiteiten worden overgedragen en wel binnen twee jaren na de inwerkingtreding van de wet. Nadat de installateurs hun werkzaamheden hebben verricht, moet de installatie worden gekeurd.De keuringen zullen warden uitgevoerd door een.keuringsinstantieof in bijzonde1e gevallen, bijvoorbeeld bij 4 herkeuringen, door de BAS.De installateurs zijn gehouden de keuringsinstantie de nodige ondersteuning en info11natie bij het uitvoeren van hun werk te geven. De Regering kan ervoor kiezen de keuringsinstantie onder te brengen bij de N·:v.Energiebedrijven Suriname De installateurs en de keuringsinstantie staan onder toezicht van de EAS en kunnen bij bet niet naleven van de voorschriften en of richtlijnen in bet ESP bindende aanwijzingen van de EAS krijgen waarop bij niet naleving een boete kan warden opgelegd.

  36. Artikel 24 (Geschillenbeslechting) Het beslechten van geschillen buiten de rechterlijke procedure om heeft als voordeel dat dit veel sneller geschiedt. Bovendien worden de geschillen beslecht door personen die specifieke kennis van zaken hebben. Deze mogelijkheid is in de wet opgenomen voor geschillen ontstaan tussen het elektriciteitsbedrijf en de producenten, en tussen het elektriciteitsbedrijf en een zelfopwekker met een verbruik van meer dan 10 gigawattuur per jaar. Voorts moet het gaan om geschillen die zijn ontstaan ·met betrekking tot de toepassing van de in deze wet, en de daarop berustende bepalingen, vastgestelde regels en voorwaarden. Er is geen beroep mogelijk tegen de gegeven beslissing. Wanneer een van beide partijen het toch niet eens is over de uitkomst van de beslechting door de geschillencommissie, kan deze alsnog naar de rechter stappen. 2016 -37- No. 42 De geschillencomtnissie hoeft geen permanent orgaan binnen de EAS te zijn, maar kan afhankelijk van de behoefte worden ingesteld. Door <lit niet nadrukkelijk te regelen, laat de wetgever aan de EAS de ruimte om hieraan zo goed mogelijk invulling te geven. Bij staatsbesluit zullen nadere regels worden gesteld die nodig zijn om de geschillenbeslechting in de praktijk mogelijk te maken. Zo zullen regels over onder meer de te volgen procedure en de samenstelling van de geschillencommissie moeten worden vastgesteld. Artikelen 25 en 26 (Toezicht) De EAS heeft als toezichthoudend orgaan de mogelijkheid om bindende aanwijzingen te geven. De bindende aanwijzing is een instrument dat in het bestuursrecht wordt gebruikt om naleving van wettelijke voorschriften te bewerkstelligen. De EAS kan in alle gevallen waarbij de wet niet, niet helemaal of niet op de juiste wijze wordt nageleefd, het instrument van bindende aanwijzing inzetten. De bindende aanwijzing kan ook tot concretisering van een norm leiden. In het bijzonder bij nieuwe regelgeving kan het voorkomen dat de na te leven nor1nen nog onvoldoende concreet zijn en nadere instructies van de toezichthouder nodig zijn om de bedoeling van de wetgever in praktijk te brengen. Uiteraard zal het inzetten van <lit instrument pas dan geschieden wanneer blijkt dat eerdere aanwijzingen geen resultaat hebben gehad. Bij niet naleving van een bindende aanwijzing, kan een bestuurlijke boete worden opgelegd. De richtlijnen voor het opleggen en bepalen van de hoogte van deze bestuurlijke boetes zullen geregeld worden in bet ESP. Dit maakt de bindende aanwijzing tot een belangrijk instrument in handen van de toezichthouder. 2016 -38- No. 42

  37. Artikel 29 (Overgangsbepaling) De aanname van deze wet biedt mogelijkheden voor .het herdefinieren van de elektriciteitsvoorzieningssector. Met <lien verstande dat door de extra toevoeging van duurzame energiebronnen aan de opwekkingscapaciteit in Suriname mogelijkheden gecreeerd warden voor het beschikbaar stellen van energie of elektriciteit aan het achterland. Paramaribo, 10 maart 2016, , DESIRE D. BOUTERSE

Electricity Act, 2016 · Nelum