跳到主要内容
Nelum
苏里南的法律

Animal Welfare Order (No. 14 of 2018)

颁布于 2018-02-02 · 文本截至 2026-10-01

以研究形式发布的公开法律与官方指引,不构成法律、税务或金融建议。

研究内容本身以英文撰写。标题和标签已翻译,调查结果和引文未翻译。

关于这部法律

原标题
STAATSBESLUIT van 2 februari 2018 ter uitvoerlng van de artikelen 2,3,5,6,71 8,9, 11, 13, 15,21,24 en 24a van de Wet van 16 januari 2017 houdende regels met betrekking tot het welziin van dieren en nadere wijziglng van het Wetboek van Strafreeht. (Wet Dierenwelzijn) (SB 2017 no.4) (Besluit Dierenwelzijn)
语言
English
类型
条例
组织
Amazon Cooperation Treaty Organization
国家
苏里南
主题
Livestock, Wild species and ecosystems
关键词
animal welfare, animal health, transport/storage, slaughtering, enforcement/compliance, offences/penalties, ranching/captive breeding, dangerous animal/harmful animal, captive wild animals, wild fauna

在哪里阅读

文本

所收录的法律原文,按条款排列。每个条款都有自己的链接。

  1. 2018 STAATSBESLUIT van 2 februari 2018! ter uitvoerlng vsn de artikelen 2' 3,5,6,71 8,9, 11, 13, 15,21,24 en24 a van de Wet van 16 januari 2017 houdende regels met betrekking tot het welziin van dieren en nadere wijziglng van het Wetboek van Strafreeht. (Wet Dierenwelzijn) (SB 2017 no.4) (Besluit Dierenwelzijn) DE PRESIDENT VAN DE REPUBLIEK SURINAME, Overwegende, dat ter uitvoering van de artikelen 2, 3, 5,6, ?, 8, 9, I 1, 13, i5, 21,24 en 24 a van de Wet Dierenwelzijn (SB 2017 no. 4) het nodig is het volgende vast te stellen; Heeft, de Steatsraad gehoord, vastgesteld het onderstaand door de Raad van Ministers voorbercid staatsbesluit: HOOFDSTUK 1 ATGNMENE BEPALINGEN I Ardker 1 In dit staatsbesluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Minister: de Minister van Landbouw, Veeteelt en Visserij; b. Veterinaire Dienstr de afdeling Veterinaire Dienst van het Ministerie van tandbottw, Veeteelt en Visserij; e. wet: de Wet Dierenwelzijn; d, bedrijf: de plaats waarin een persoon voor eeonomisch gewin eang€wezeR soorten of categorie$n van dieren verkoopt, te koop aanbiedt, koopt. verhuutt, aflevert of deze ten behoeve daarvan voor handen heeft; STAATSBTAD VAN DE REPUBTIEK SURINAME No" 14 2018 -2- No. l,l e. veterinaire vergunning: een schriftelijk bewijs van toestemming van het n:inisterie van Landbouw, Veeteelt en Visserij die wordt gageven aan de houder ter exploitatie van een bedrijI dierentuin, dierenasiel . en andere dierenverblijven door het hooft van de Veterinaire Dienst. Artikel2 Dit staatsbesluit stelt voorschriften vast omtrent de wijze waarop dieren mogen worden gehouden, het rnishandelen van elieren, het doden van dieren, het scheiden van een dier met moederdier, het fokken van elieren, het ( uitvoeren van lichamelijke ingrepen op dieren, de handel in dieren, het vervoeren van clieren, het gebruik van dieren bij wedstrijden, de exploitatie van dierentuinen, dierenasiel- en andere dierenverblijven. Artikel3 l. Met de uitvoering van contrsle en hot houdcn van toezicht op de naleving van de wet Dierenwelzijn en de voorschriften gesteld in dit staatsbesluit " zijn belast de dosr de minister als zodanig aangeweue,n pexsonen van hqt onderdirectoraat Veeteelt., 2. Het hoofd van de Veterinaire Dienst is belast met het verstrekken, intrekken, verlengen en wijzigen van de veterinaire vergunning, HOOFDSTUK 2 HOUDBN VAN DIEREN Artikel4 l. Bij beschikking worden er diersoortcn of categorie6n van Oier{ aangewozen, die rnagen worden geh*iiden volgens de in rlit staatsbesluit c. van pijn. ver.wondingen en ziektes; d. van angst en chronische stress; e. om hun natuurlijke (soorteigen) gedrag te vertonen. 2. Bij het houden van dieren in een verbli.if wordt rekening gehouden dat:a. het soorteigen gedrag van de diersoorten zoveel ats rnolJtilt< tot uiting komt en zoveel als mogelijk in stand wordt gehouden; b. de bewegingsvrijheid van de diersoorten niel op zodanige wijze wordt bepe*t dat het dier daardoor onnodig lijden ofletsel wolrdt toegebracht; ( c. er voidoende ruimte wordt geiaten vooide fysi.logische, etholigische en andere behoeften van het dier; d' de sociale levenswijae van dieren in het wild zoveel mngelijk tot uitdrukking komt. rekening houdend met tle nrogelijkheien van het indivitluele dier; e. indien een dier niet in een gcbourv wordt gehouden, er bescherming wor.dt gcbodcn tegen slechte weersornstandigheden, gezondheitlsrisico,s en zo nodig roofdierenl f. de houder van een dier welk in een gebour,v of kooi wordt gehouden, er zorg vool.draagt dat het dier daamit niet kan ontsnappen; g. de dieren voldoende ruimte hebben en de bezetting ran ie verblijven cle . materi€le capaciteit van hetverblijf niet overschrijrlt.h. bij beschikking kunnen er nadere regels rvorelen opgesteld nret betrekking tothet houden van dieren in eerr verblijfper diersooit en categorie van dieren. B.rj de inrichting van het verblijf vau bij in dit staatsbesluit aangeweeen diersoorten of categoriesn van dieren wordt rekening gehor.rderimet: het soorleigen bewegingsgedurg. door het verbliif te ;oreibn van zoveel mogeli.ik elernenten lijkend op de rratuurlijke leetbmgeving; iret kiinraat waarin de diersoort van naiure ieeft en he1 sooiteigen biorirme. door het verblijf te voorcien van adequate beschuttin u en bescienning tegcn voor de desbetreff'ende diersoort cxtreme weerromstandigheden en een adequate klimaatbeheersing en verlichting; het sonrteigen sociale gedrag, door het verhliif bij solitairc huisvesting te voorzierr van eeil voor de diersoort geschikte rust- en schuilplaats en 6ij groepshuisvesting te voor?ien \/afi (ren rusr- en schuilplaats die ,en elier tle ntogeliikheid biedt ziclr af re zonderen van de andere c{ieren; 2018 No. 14 .). ( rt. ir. 2. aangewezen voorwaarden. In de Jachtwet genoemde kooidieren en jachtwild mogen niet als huisclier worden gehouden. ;, Artikel5 Dieren wordon op zodanige wijze gehouclcu dat ze vrij zijn; van dorst, honger en onjuiste voeding; van fysiek en fysiologisch ongeriel; l. a. b. 2018 iri 3--4- No. l4 2018 f. l. ( {, (r l. No. 14 d. lret soorteigen paringsgedrag, door de dieren op adequate wijze van elkaar te scheiderr indien nakomelingen niet gewenst rijn of in het verblijf waarin de dieren gedurrende paringstijd worden gehouden voorzieningen aan te brengen waardoor het soorteigen paringsgedrag mogelijk wordt gemaakt indien nakomelingen wel gewenst zijn en toegestaan zijn; e. het soorteigen uitscheidingsgedrag, door het verblijf indien nodig, te voorzien vail een voor de diersoort geschikte mestplaats, 4. Behuizingen, waaronder begrepen de vloer, waarin een dier verblijft en inrichtingen voor de beschutting voor een dier zijn op zodanige wijze , ontworpen, gebouwd en onderhouden dat bij de dieren geen letsel of pt]n ( wordt veroorzaakt en bevatten geen scherpe randen ofuitsteeksels waaraan het dier zich kan vetwonden' 5. ln de ruinrte waarin een dier wordt gehouden, worden geen nraterialen en, in voorkomend geval, bodemdekking gebruikt die ongeschikt of sclradelijk zijn voor het dier. 6. De materialen, bedoeld in het vorige lid" kunnen eenvoudig worden gereinigd en indien nodig ontsnret. 7, Zwemwater, stro of ander bodernbedekkend materiaal wordt naar hehoefte r,an de diersoort vervangell. 8. tsij beschikking kunnen or nadere regels rvorden opgesteld met betrekking tot de inrichting van het verblijf per diersootl en categorie van dieren" Artikel6 De houder van het dier draagt er zorg voor dat ee'n dier: worclt verzorgd door Qen porsoon die beschikt ot'er de voor die verzorging nodige kennis en vaardigheden welke is afgestemd op de behoefrerivan het dier, indien de hotrder wegens omstandigheden ( daartoe zelf niet in staat is; dat ziek of gewond lijkt onmidcieitijit op passende wijze wordt verzorgd, zo nodig worclt afgezonderd in een passend onderkomen; een toereikende behuizing heeft onder voldsende hygisnische omstandighedeu een yoor dat dier toereikende hoeveelheid gezond en voor de soort en cle leeftijd geschikt voer krijgt toegediend op een wijze die past bii het ontwikkelingsstadium van het dier; toegnng heeft ttlt een tQereikentle hoevcelheid lvater van passende kwatiteit of eip eelt andere wiizc aan ziin bcltocl'te aan water kan voldoen; voldoerrde verse lucht of zuurstof krijgt. HOOF'DSTUK 3 DIEITENMISHANDELING AttikelT Als gedraging als bedoeld in artikel i van dc wet worden onder andere aangewezeil: a, het zich olltdoen van een dier; b. het schoppeu van een dier; c. het zodanig slaan van een dier dat dit letsel ten gevolge heeft; d. het onderwerpen van een dier aan een explosicve, bijtende of brarrdende stofl e. het rveiden vall een dier op niet ber*eidbaar land of, anders dan voor kortc duur, weiden op slecht beweidbaar larrril f. het zich vervoeren of verplaatsen, het zicrr laten vervoerell of laten verplaatsen of een ander doen vervoeren of doen verplaatsen op een dier of in of op oen vervoermiddel dat wordt voortbewogen door een dier, iridien dat vervoeren of verpraatsen de krachten van dat dier kenneliik te bo'en gaat, of indien het dier daartoe kennelijk niet geschikt is; g, het verwaarlozen van een dier. Btj beschikking kunnen er nadere regels worden vastgesteld met betrekking tot de gedragingen als bedoeld in dit artikel" 2. a. b. d. HOOFDSTUK 4 DODEN VAN DIEREN :\rtikei I llij het doden van dieren en daarmee verband houdentle activiteiten r.vorden de dicren ell<e vernrijdbare vorn van piin, spanning of lijden bespaard. Het doden rrarr dieren he'stemd vr:or de sracht za! geschieden volgens de r'vet van 27 f'ebruari 2017. houdende regcls bctreffende cle officiete inspectie van vlccs en r:verige producten van dieilijke oorsprong (wet Inspectie \rlees en overige Dierliike proclucten), afuekondigd ln het S.B, 2017 no. 17. i ) e. 2018 '6- No' 14 3. De gevallen waarin de dieren mogen wotden gedood zijn onder andere: a.terbe€indigingofvoorkomingvanonmiddellijkgevaarvoormensofdiec b. dat het doden lo t *iC.iung isian het dier vastgesteld door een dierenarts; .. Jui d"o*, bij of kracht.n***is wettelijk voorsehrift is voorgeschreven; O. i., U.einOiging van ondraaglijk lijden van,het dieu e. vanwege niet te eorrigeren lwaailijke gedragskenmerken' 4. Een dier wordt gedood door middel van cen methode die waarborgt dat de dosd onmiddellijk oin6 bedwelming, rn8&f v66rdat de bewusteloosheid i geweken, intreedt. 5. In afwdking Yan het voorgaande lid behoeft eendier niet te worden- -ita*imdlndi.o een dier moet worden gedood: a.terbe€indigingofvootkomingvanonmiddellijkgevaarv0orm&nsofdier; of b. ter beeindiging van ondraaglijk lijden van het dier 5. Het doden van dieren en daarmee verband houdende aotiviteiten worden uitgevoerdooo,p*oo*,,0i*o.nodigekennisenvaardighedenbezitten o,riA. taken humaan en doelheffend uit te voeren' ?. Bij beschikking kunnen voor de daarin te onderscheiden dier'soorten of categorieen oi.r*oliuorre regetr worden vastgesteld ten aanzien van de in fr*i inutguurde lid bedoelde iennis en vaardigheden" HOOFDSTUK 5 SCHEIDEN VAN EEN DIER MET MOEDERDIER Artikel9 l. Dieren mogen worden gescheiden van tet moederdier:-'" ;: iniien zij de va-stgestelde leeftijd die voor de aangewezen diersoort geldt, hebben bereikt; of b. indien d,*,{;d; ;oodzakelijkheid bestaat met het oog op de g.rooat *id uo de welzijn vao het dier of het moederdier' 2018 No. 14 Bij beschikking kunnen naar gelang de internationale en nationale ontwikkelingen leeftijden voor verschillende diersoorten of categotie€n van dieren worden vastgesteld. HOOF'DSTUK 6 FOKKEN VAN DIEREN Artikel l0 *-1. De fokmethoden wotden toegepast op zodanige wijze dat bij het dier geen\ onnodig pijn. letsel, sress of ander ongerief wordt verooreoakt, 2. Het is verboderr spernra te winnen door nriddel van elektrische prikkeling, 3. Het tweede lid geldt niet voor spennawinnirrg ten behoeve van eeR geeodrdineerd fokprogramtna. mits het dier onder algehele narcose is gebracht en de elektrisehc prikkeling gesehiedt door ofonder toezicht van een dierenarts" 4. Bij of krachtens besehikking kunnen vool het onderwerp, bedoeld in het eerste lid, regels worden gesteld omtrent de bij deze maaffegel aangewezen diersoorten of diereategorie€n die bettekking hebben op onder meer: a, een verbod op het fokken of het voor de fok gebruiken van: 1o, dieren die beschikkeR over een bepaalde aandoening die, of een uiterlijk kenmerk dat, de geznndheid of het welzijn van het dier of de nakomelingen van het dier kan aantasten; 2o. dieren die een gevaar kunnen opleveren voor de veitigheid \, vaR mens of dier, en 3o. andere 'oij of klaehtens besciiikking aangewezen diereti, diersoorten of dieruategoriedn ; b. verbod op bepaalde fokmethoden; c, het voorafgaand aan het fokken door de fokker te r;eniehten ofte doen vemichten onderzoek bij dieren waailnee wordt gefokt naar de aanwezigheid van aandoeningen die de gezondheid of het welzijn van de dieren of de nakomelingen van die dieren kunnen aantesten; d. hygi€ne, het voorkomen van de verspreiding van dierziekten, zodnosen en ziekteversehi.inselen, en het weten van ziektevetwekkersl e. het aantal nesten ofnakornelingen die dieren gedurende een bepaalde 1 2. !0,1s -8 p€riode krijgen, en; f. de bij te houden en over te leggen gegeven$, No.14 HOOFDSTUK ? LICHAMELIJKE INGREPEN BIJ DIEREN Artikel I I l. De volgende lichamelijke ingrepen bij gewervelde dieren zijn toegestaa5 onder de daarbij vermelde voorwaarden: I l a) Runderen: i) Vriesbranden;geensedatievereist ii) Brandmerken uitsluitend rvaar vriesbranden niet mogelijk is; sedatie vereist iii) eastratie, uitsluit*nd met behulp van de chirurgische methode of met behulp van de hemostatische t&ng; geen sedatie vereist iv) Verwijderen v&n de bijtepels uitsluitend met behulp van de chirurgische methode of met behulp van de hemostatisohe tang; sedatie vereist v) Perforeren van het neusseptum uitsluitend voor het plaatsen van een neusring bij stieren met gepaste tang; geen sedatie vereist vi) Onthoornen meg slechts gebeuren indien noodzakelijk voor de veiligheid en de bescherming van het personeel en de overige dieren; ruerdoving vereist vii) Verwijderen van de hoomgroeipunt bij de kalveren geschiedt sleehts door rniddel van thermocauterisatie tot de leeftijd van twse maanden: verdoving vereist viii) Perforeren of infi"epen van het oor gesehiedt sleehts voor hf plaatsen van oormerken en oorplaatjes; verdoving niet vereist b) Paarden, erets, muileeels, muildieren: ii Vrieshranden; geen verdoving vereist ii) Brandnrerken uitsluitend waar vriesbranden niet mogelijk is; sedatie vereist iii) eastratie slechts door micldel van de chirurgische methode of met behulp van de hemostatische tang; verdoving vereist c) Sl,hapen i) Castratie door middel vau de chirurgisehe methode; verdoving vereist ii) Castrutie met behulp van de hemostatische teng; sedatie vereist 9- No. 14 Perforeren of inkepen van het oor, slechts voor het plaatsen van oormerken en oory:laatjes; verdoving of sedatie niet vereist Staartarnputatie: slechts bij ooien en vulva moet bedekt blijvent door rniddel van chirurgische methode; sedatie vereist vanaf 2 weken leeftijd v) Verwijderen van hoorngroeipunt, mag slechts door themische eauterisatie; verdoving vereist vi) Verwijderen varl bijtepels, uitsluitend door middel van de chirurgische methode of met belrulp van de hemontatische tang; sedatie vereist vanaf de leeftijd van 6 weken Geiten i) Castratie door middel van de chirurgische methode; vereist Castratie met behulp van de hemostatische tang; sedatie vereist Perforeren of inkepen van het oor. slechts voor het plaatsen van oonnerken en oorplaatjes; verdoving ofsedatie niet vereist Verwijderen van hoon:rgroeipunt. mag slechts door thermische cauterisatie; verdoving vereist Verwijderen van bijtepels, uitsluitend door middel van de chinrrgische methode of nret behulp van de hemostatische tang; sedatie vereist vanaf de leeftijd van 6 weken Varkens i) Castratie, uitsluitend met de chirurgisehe methode, op seil andere wijze dan door het scheuren van weefsels. Bij dieren ouder dan 7 dagen rnag de ingr'eep alleen onder anesthesie en met langdurige analgesie worden uitgevoerd door een dierenarts Knippen van de tanden, nrag niet rcutinematig gebeuren maar slechts indien er blijkt dat de uiers van de zeugen en oren of staslten van de varkens verwond zijn ingevolge het niet knippen en nadat nagegaan werti of deze problenren niet door een wiiziging van de bedrijfsvoering voorkomen of verholpen hadden kunnen worden. Bij dieren ouder dan 7 dagen mag de ingreep alleen onder anesthesie en met langdurige analgesie worden uitgevoerd door een diercnats Amputatie van de staart mag niet routinernatig gebeuren, maar slechts in die gevallen waar staartbijten niet door een wijziging van de bedrijfsvoering voorkomen of verholpen kan worden. Bii diererr oudet dan 7 dagen mag de ingreep alleen onder anesthesie 20rs iii) iv) rt d) ii) iii) iv) v) e) ii) CT i ii) 2018 -10- 2018 -ll- No. 14No. 14 eR met langdurige analgesie worden uitgevoerd door een dierenarts iv) Perfureren of inkepen van het oor, n'rag slechts voor het plaatsen ' vafl oormerken en oorplaatjes; verdoving of sedatie is niet vereist i) Perfureren van het neusseptutn; uitsluitend voor het plaatsen van een neusring bij varkens die buiten op zaohte ondergrond gehouden rvorden en fokberen; sedatie niet vereist fl Pluimvee en vogels i) Wegnemen van rninder dan een derde van de hek mag: (l) niet routinematig geheuren maar sleehts in die gevall*n *uurf kannibalisme niet door een wijziging van de tredrijfsvoering voorkomen of verholpen kan worden (2) worden uitgevoerd door een persoon met de nodige kennis en kuude hij jonger dan l0 dagen en wel slechts bij kippen en kalkeicnon ii) Wegnenreo varl de eerste phalanx van de achterste en middelste teen, uitsluitend bij mannelijke kuikens jonger dan 72 uren en bestemd voor de reproductie; sedatie niet vereist iii) Wegnernen van de groeipunt van de sporen, uitsluitend bij manneldke kuikens jonger dan 72 uren en besternd voor do reproductive; sedatie niet vereist iv) teewieken mag: (1) niet routinematig gebeuren, maar sleshts in die gevallen waar de nrogelijkheid tot vliegen moet worden ingeperkt orn emstiger lijden te voortomen (2) blj siervogels en voor pluinrvee die gewoonlijk in niet afgesloten ruimten gehouden rvorden om het ontsnappingsrisco te beperkeu ( (3) brj voor cle produetie gehouden parelhoenders om verwondingen door opr,liegen te vennijden (4) slechts gebeuren tot de leeftijd van l0 dagen bij de ganzen en eenden en tst de Ieversduur van 72 uren bij cle andere soorten, g) Honclen i) Castratie of sterilisatie door gebruik van dc, chinrrgische methode: verdoving vereist ii) Wegnenren van wslfbklauwtjes door gebruik van clrirurgische methode, verdoving niet vereist tijdens eerste vier levensdagen h) Katten i) Castratie of sterilisatie door gebruik van de chirurgische methodel verdoving vercist ii) Verwijderen rran stukjes oorschelp mag slechts voor identificatie van zwerfkatten, onder sedatie 2. Licharnelijke ingrepen uitgevoetd onder sedatie, verdoving of anesthesie mogsll slechts uitgevoerd worden door dierenaftsen. 3. Lichamelijke ingrepen niet uitgevoerd onder sedatie, verdoving of anesthesie mogen uitgevoerd worden door cle paraveterinairen crl de ff houderclie oveide nodige kennis en kunde bezit. 4. De liclramelijke ingrepen wotden uitgevoerd op zotlanige rvijze dat bij het dier niet onnodig piin of letsel wordt veroorzaakt en heidier niet nreei dan nodig in ziirr functioneren wordt belemmercl. 5. Bii heschikking kunnen er regels rvorden vastgesteld per diersoort of categtlrie van dieren. 6, Het r.'riesbranden en brandnrerken van de tlieren zoals bedoeld in lid la sub ien ii en lid lb sub i en ii is slechts toegestaan vonr de periode waarin bij beschikking nog geen ander licha,reliik ingreep als vervanging is vastgesteld. HOOTDSTUK 8 HANDEL IN DIERreN Artikel l2 l. Dcgene die bedrijfsmatig aangervezen soorterr of categorie€n van dieren verkoopt. te koop aanbiedt. koopt. verhuuft, aflerrert oi tleze ten behoeve daarvan rroor handen heeft. houdt de dieren op zodanige wijze zoals omschreven in artikel 5 en 6, 2. De houtier ais bedoeid in bovengenoerntr rid beschikt, indien nodig, over een adequate quarantainevoorziening en eefl ruimte die ingedcht kan wor den als behaudclruimte. Artikel l3 Het bedri.if beschikt over een bedrijfsprorocol met daarin opgenomen een eenduidig beleid met betrekking rot: a. de ontsnapping van dieren; b, de voedingsaspecten, zoals be<loeld in artikel 6 sub d en e: en 2018 -t2- No.14 de preventieve en curatievc diergeneeskundige verzorging van de dieren. Artikel l4 De hsuder van het bedrijf voert een inaichtelijke registratie van elk dier of diergroep. waaruit de mutaties van de diersoorten en de ziektegeschiedenis blijken. De registratie bevat in ieder geval de volgende gegevens: de weteuschappelijke soortnaam en het aantal; het geslacht, indien rnogelijk en relevant; datum van verkrijging of gehoortedatum; C, bij overdraeht of verkrijging: de bestemming en de herkomst van de dieren en indien vaR toepassing, de Rummers vaR de in- en uitvoerdocumenten en certifi eatcn; identificatie van het dier of de diergroep door het ringnumrner, het tatoeagenummer, het microchipnummer of. indien een registratienummer ontbreekt, een omschrijving aan de hand van bijzondere uiterlijke kenmerken; f. bij vertrek van een dier ofdiergroep: de datum en reden van vertrek en de naam en het adres van de eindbestemming; g. bij bezoek van de dierenarts: de datum van dit beaook, alsmede de gezondheidstdestand van het dier; h. in geval van sterfte: de daturn en de oorzaak. 3, Het register wordt regelmatig bijgewerkt. 4. Bij vertrek gaat het dier of de diergroep vergezeld van een afschrift van alle op basis van het eerste lid bijgehouden relevante registers en documenten, 5. De gegevens, bedoeld in lid I worden gedurende drie jaar na de dood ( het vedrek van het dier of de diergroep bewaard en worden op verzoek aan de bevoegdc autorileiten overgelsgd. Artikel l5 l, Houders van bedrijven die hanclelen in dieren, met uitzondering van de houdqrs van landbouwhuisdiEren met als primair doel productieo moeten een veterinaire vergunning eanvregen bij het HCIofd van de Veterinaire Dienst rnet inachtneming van de door de minister bij b,eschikking vast te stellen proeedure, vonn en vergoetling voor behandeling van de aanvraag. 201$ -r3- No.ltl a. Het Hooft van de Veterinaire Dienst beslist binnen veertien dagen na indiening van de eanvra&g over de aanhouding, verlening of weigering van een veterinaire vergunning. Bij de aanvraag ingevolge lid I worden de voorgenomen activiteiten van het bedrijf gespecifi ceerd. Veterinaire vergunningen voor de exploitatie van Qen inrichting krachtens deze wet worden verleend voor een periode van 3 (drie) jaar. 5. Aanvragen voor verlenging van de veterinaire vergunning worden, tenzij anders voorgeschreven, ten minste twee maanden v66r het verstrijken van de tennijn van de veterinaire vergunning, ingediend. 6. Het Hoofd verleent of verlengt een veterinaire vergunning na vastgesteld te hebben dat het bedrijf voldoet aan de voorwaarden van artikel 12 tot en met artikel 14 van dit staatsbesluit; 7. Indien de houder van het bedrijf niet voldoet aan artikel 12 tot en met arlikel 14 van dit staatsbesluit, kan het Hoofd van de Veterinaire Dienst de houder van het bedrijf verplichten tot het &anpassen, verwijderen of aanbrengen van speficieke voorrieningen onder vermelding van een bepaalde tennijn, die ten hoogste twee jaar bedraagt, waarbinnen zulks dient te geschieden, Gedurende die periode blijft slechts die gedeelte van het bedrijf open waar er wel is voldaan aan gestelde voorschriften of aan de vergunningsvoorwaarden. 8. Indien de houder van het bedrijf niet binnen de gestelde tennijn voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in lid ?, wordt de veterinaire vergu6ing door het Hoofd van de Veterinaire Dienst ingetrokken of gewijzigd en lvordt het hedrijf van de houder geheel of gedeeltelijk afgesloten. Er worden dan procedures Op gang gezet vogr sen geschikte herplaatsing van de betrokken dieren, en wel binnen een redelijk termijn. f g. Indien, na verlening van de veterinaire vergunning, het Hoofcl bekend is geworden van omstandigheden die, war€n ze hem bekend geweest ten tijde van de behandeling van de veterinaire vergunningsaanvraag. geresulteerd zouden hebben in de afwijring van de aanvraag of in het opleggen v&n voorwaarden, kan door hem de veterinaire vergunning warden ingetrokken of aan de veterinaire vergunning voorwaarden worden verbonden. 10. De veterinaire vergunning kan eveneens worden ingettokken indien de vergunninghouder in strijd handelt met de regelingeR en voorsahriften gegeveu bij of krachtens deze wet. t t. tttie beslissing van het Hooftl als bedoeld in dit artikel wordt op schrift gesteld. 1 J. 4. l. 2. a, b. c. d. c. 2018 -14- No.14 TIOOFDSTUK9 VERVOEREN VAN DIEREN Artikel 16 1. ledere vervoerdor van dieren, waaronder landbouwhuisdieren, dient de nodige maatregelen te treffen zodat het vervoeren op zodanige wijue geschiedt, dat wordt voorkomen dat de dieren letsel wordt toegebracht of onnodig lijden. 2. De in lid I bedoelde maatregelen houden onder meer in: t a) het vooraftreffenvan de nodige voorzieningen omde duur van het > transport tot eeu minimum te beperken eil tijdens het transport in de behoeften van de dieren te voorzien; b)het vooraf vaststellen dat de dieren geschikt zijn voor het voorgenomen transport; c) dat het vervoermiddel zodanig ontworpen €R geconstrueerd moct zijn, en het moet op aodanige wijze worden onderhouden en gebruikt dat de dieren letsel en lijden bespaard blijven en dat hun veiligheid is gegarandeerd; d) dat de laad- en losvoorzieningen zodanig zijn ontworpen en geconstrueerd, en op rodanige wijue worden onderhouden en gebruikt dat de diertn letsel en lijden bespaard blijven en dat hun veiligheid is gegarandeerd; e) dat het personeel welke met de dieren omgaat, de nodige opleiding of bekwaamheid heeft, naar gelang van het geval, en zijn werkzaarnheden uitvoert zonder gebruikmaking van geweld of een methode die de dieren Ionnodig angstig maakt of onnodig letselof leed toebrengtl fl dat het transport zonder oponthoud tot de plaats van bestemming wordt uitgevoerd, en de omstandigheden voor het welzijn van de dieren regelmatig worden gecontroleerd en naar behoren in stand worden gehouden; g) dat de dieren beschikkeq gelet op hun grootte en op het voorsenomen transport over voldoende vloeroppervlak en stahoogte; h) dat de dieren CIp gezette tijden water, voeder en rust krijgen, in kwaliteit en in kwantiteit afgesternd op hun soort, grootte en reistijd. 2018 .If,- No. 14 3. Elk transport van dieren als bedoeld in lid I en 2, welke worden vervserd tussen productie eenheden en van een productie eenheid naar een slachtinrichting. dient te zijn geregistreerd op een transportformulier, afgegeven door het Ministerie. 4, Bij beschikking kunnen er naclere regels worden vastgesteld betreffende het vervoer van dieren, waaronder landbourvhtrisdieren en claarmee samenhangende activiteiten. 5. Deze regels kunnen onder meer betrekking hebben op: &. het uitvoeren van controles en inspecties die relevant zijn voor de L beseherming ,an dieren tijdens het vcrvoer en daarmee saminhangenge activiteiten: b. de vervoermiddelen die ten behoeve van het varvoereR van dieren worden gebruikt, alsmede hun uitnrsting en inriehting; c. kooien, kisten, kratten, dozen en dergelijke voorwerper die ten behoeve van het vewoer van dieren worden gebruikt en daartoe kennelijk bestemd zijn; de beladingsdichtheid van vervoerniddelen; het in- en uitladen van de dieren; de duur en afttand van verveer; de procedure voor het verkrijgen van de tmnsportformulier. HOOF'ESTUK IO HET GEBRUIK VAN DIEREN BIJ WEDSTRIJDEN Artikel l7 I. Onder de wedstrijclen waarbij de snelheid of de kraeht van dieren wordt \- beproefd. genoemd in artikel 15 van de rvet, vallen onder andere:a. behendigheidswedstri.iden van honden; b, paardenrace; a. paardrijspringwedstrijden; d. dressuun+,edstrijden van paarden; e. cross country; f. paardrijbehendigheiels- en westernwedstrijden; 2,. De leeftijd van de dieren die mogen deelnemen aan de wedstrijden in hoven genoemd lid, worden als volgt yastgesteld: a" voor honden: tlvee en een halfjaren; b. voor renpaarden: twee.iaren; d. e. I. o5. 20r8 -16- No. 14 c. voor rijpaarden: drie jaren; d. voor springpaarden: drie en een halfjaren. 3. De dieren die deelnemen aan de wedsuijden zoals genoemd in lid 1 moeten: a. ineetrgoede geaondheidstoestandverkeren; b. de geaondheidstoestand wordt beoordeeld dooreen dierenarts. 4. De fiequentie, waarin de dicren mogen deelnemen, is als volgt: a. honden bij behendigheidswedstrijden: viermaal per dag; b. springen bij paarddjwedstrijden: tweemaal per dag; e. dressuuwedstrijden bij paarden: viemaal per dag; d. race bij paardrijwedstrijden: tw€emaal per dag. 5. Aftrankelijk van de nationale ontwikkelingen kunnen andere wedstrijden worden toegevoegd in lid i met bij of per beschikking vastgestelde regels. HOOTDSTUK 1I DTERENTUINEN, DIERENASIEL - EN ANDERE DIERENVERBLIJVEN Artikel 18 1, Het houden, inrichten en verzorgen van dieren in .een dierentuin, dierenasiel * en andere dierenverblijven geschiedt overeenkomstig a*ikel 5, artikel S en artikel l2 lid 2. 2. Van de bepalingen, als bedoeld in artikel 5 lid 2 onder c en artikel 5 lid { onder a en b. kan tijdelijk worden afgeweken indien er opvang wordP geboden aan een dier of diergroep waorveor voidoende de*kundigheid aanwezig is, maar waardoor de eapaeiteit van de dierentuin * en audere dierenverblijven wordt overxchreden en de opvang niet elders op beterc wijze kan plaatsvinden, Artikel 19 Het tonen van dieren in een dierentuin aan het publiek geschiedt slechts indien: L 2018 -17- No. 14 l. de instandhouding van de diersoorten wordt bevorderd door het uitvoeren van ten minste din van de voigende activiteiten: a. de deelname aan onderzoek dat gunstige gevolgen heeft voor het behoud van de diersoorten, de opleiding van her personeel in voor het onderzoek relevante vaardigheden en de uitwisseling van de verkregen inf'ormatie met andere dierentuinen; b. de dierenfuin zoveel n:ogelijk deelneemt aan bestaande progralnma's met betrekking tot het fokken van dieren in gevangenschap, het herstel van de populatie of het herintroduceren van soorten in hun natuurli.jke omgeving. 2. de dierentuin beschikt over een infonnatief en educatief programma rnet betrekking tot de tentoongestelde diersoorten" Bij het verstrekken van infonnatie rvorden de dieren zoveel mogelijk in hun biologische en ecologische context geplaatst. 3. de dierentuin beschikt over een beleidsprotocol rnet daarin opgerlomen een eenduidig beleid rnet betrekking tot de in artikel 5 sub a en ben artikel 12 lid 2 genoemde onderwerpen en diensvereenkornsti g hancielt. 1" bij de kansactie van dieren moet de dierentuin zich ervan verzekert dat de ontvangende partij de dieron houdt, huisvest en veruorgt op een wijze die in ortereenstemming is rnet de eisen van dit besluit. 5. de dierentuin beschikt over een noodplan met betrekking tot de ontsnapping van dieren. 6" de dierentuin beschikt over een protocol rnet betrekking tot de voedingsaspecten, zoals bedoeld in artikel 6 sub d en e err de preventier,e en euratieve diergeneeskurndige verzorging van de elieren, dat is opgestelcl snder begeleiding v&n een dierenarts. 7, er wordt geharrdeld overeenkonrstig de artikelen 14 en 1 5. 8, De veterinaire vergunning aanvraag voor een dierent*in bevat in ieder geval de volgende gegevens: a. het aantal en de soorten te houden wilde diereu b. tret aantal dagen perjaar dat de diersoo$en worden tentoongesteid aan het publiek: a, informatie sver het aantal personeelsleden en hun kwalificatie; d. een plattegrond met een weergave vaR: i. de locatie van de quarantainevoouiening en de behandelruinrte; ii, de afmeting en inrichting van de dierenverblijven en de daarin verblijvende aantallen dieren, per diersoort; \ 2018 -18- No.14 e. een afschrift van het beleidsprotocol Artikel20 l. Dedierenasiel * eR andere dierenverblijven beschikken over eeg beleidsprotocol met daarin opgenomeu eell eenduidig beleid met betrckking tot de in artikel 6 sub a en b en artikel 12 lid 2 genoemde onderwe$en en dienovereenkomstig handelen. 2. Bij de iransactie van dieren moeten de diercnasiel - en andere dierenverblijven zich eran verzekeren dat de ontvangende partij de diere\ houdt, huisvest en veraorgt Op een wijze die in overeenstemuring is met de eisen van dit besluit. 3. De dierenasiel * en andere dierenvcrblijven beschikken over een noodplan met betrekking tot de ontsnapping van dieren, 4. De dierenasiel I en andere dierenverblijven beschikken over een protocol met betrekking tot de voedingsaspecten, zoals bEdoeld in artikel 6 sub d en e en de preventieve en curutieve diergeneeskundige verzorging van de dieren, dat is opgesteld ondet begeleiding van een dierenafts" 5, De dierenasiel - en atrders diereoverblijverr handelen overeenkomstig de artikelsn 14 en 15. 6. De veterinairc vergunning aanvraag vgor eeR dierenasiel * en andere dierenverbli.iven bevat in ieder geval de volgende gegevens: a, het aantal sn de soorten te houden dieren; b. informatie over het aantal personeelsieden en hun kwalifieatie; c. een plattegrond met een weergave vaR: i. de locatie vfil de quarantainevoorziening en de behandelruimte; ii. de afmetirrg en inrichting van de dierenverblijven en d1 daarin verblijvende santallen diercn, per diersoort; d. een afschrift van het beieicisprotocol HOOF'DSTUK 12 OVERGANGS. EN SLOTBE,PALINGEN Aftikel2l l. De houders van diercn niet zijnde een bedrijf. dierentuin. dierenasiel- en andere dierenve$lijven. die bij de inwerkingtreding van dit staatsbesluit nog niet voldoel aan het bepaalde in artikelen 4, 5 en 6 krijgeu ten hucgsto 3 jaar de gelegerheid om ean'de vqehten vsn deEe genosm4e artikelerr tevddoen. 2. De artikelen 4. 12, 13, 15 en lE aiiu .niet v,an toepA*dng $p, dO horrdcrvnn $Sp bqdxijf en de houder v&n een diererltuin' diereuauiel * efi apdgrq eiur*n"er[fiioeu, wganer de harnder kg1 aa&One1 del deae v66r dadatum ve* inwerk&gfeding vaa dit staqtsbqsltrit, in gebruik zijn genOmul. Voor huo geldt een overgangsregeliag v&n l$Jaren. 19. No.14 TTOOF'B$TT]K13 $LOTBNPALING.EF{ Artiket 22 Dit etmtsbesluit wordt aangehaald als: Besluit EierwwdaiJn' ltotwsdt in her Skatsblad ven de Republiek Surtnarno *fi*kondigd. ifit r*.* in werking uret ingang van *e d*g velgendo op die vm xijn GegB,rren te Pfirolnarih, de g. l*lwfi 30I 8. DE$IRf D. BOUTBB$E Uitgggeven te Paramarib,o, de l3'fe.bruari ?01S De Minister van Binnenlandse Zaken, M.M.F. NOERSALIilI L, .1. 1 4. 2018 No. 14 STAATSBESLUIT van 2 februmi 2018, ter uitvoering van de Wet Dierenwelzijn Besluit DierenwelziJn. NOTA VAN TOELICHTING Ter uitvoering von de Wet Dierenwelxijn worden in dit staatsbesluit nadere regels gegeven die verband houden met de bevordering van het welzijn van dieren, Het gaat om bepalingeR omtreut omtrent de wijze waarop dieren mog{ worden gehouden, het mishandelen van dieren, het fokken van diercn, hei uitvoeren van lichamelijke ingrepen op dieren, het doden van dieren, het vervoeren van diercn, het gebruik van dieren bd wedstrijden, handel in dieren en de exploitatie van diercntuinen, dierenasiel- en andere dierenverblijven. Houden van dleren ln de beschikking zoals aangehaald in artikel 4 van dit staatsbesluit worden diemr die reeds onder de bescherming van de Jachtwet vallen, uitgezonderd. Bij de wijee van het houden van dieren in artikel 5 is er rekening gehouden met de vijt vrijheden van dieren, aoals rvereldrvijd erkent,Belangrijk hierbij is dat het soorteigen gedrag van het betreffende diersoort altijd gercspecteerd dient te worden. Dierenrnishandeling In artikel 7 van dit staatsbesluit zijn enkele gedragingen opgesomd die kunnen worden gekwalificeerd als dierenmishandeling, De vrjf internationale vrijheden worden als leiddmad gebruikt om vast te stellen of er sprake is van een verwijtbere verwa{rrlozing van het dier. De gedragitrgen in dit artik{' hebben betrekking op het toebrengeu van pijn en letsel aafl een dier e[ gedragingen die het weizijn van e€n dier kunnen aaniastefi. Het betreft geen lirnitatieve opsomming. Doden van dieren Artikel 6 van de Wet Dierenwelzijn geeft aan dat bij staaatsbesluit regels worden vastgesteld omtrent het doden van dieren. Het doden van dieren bestemd voor de slacht zal geschieden corrftrrm de Wet van ?? februari 2017 houdende regels betreffende de officidle inspeetie van vlees en overige producten van dierlijke clorsprong (Wet lnspectie Vlees en overige Dierlijke Producten, afgekondigd in S"B. 2017 no. l7). t0- 2018 -21- No.14 Dieren die niet onder de werking van de Wet lnspectie Vlees en overige Dierlijke Producten vallen, worden gedood door middel van een methode die waarborgt dat de dood onmiddellijk of na bedwelming, rnaar v66rdat de bewusteloosheid is geweken, intreedt. Maar ter bedindiging of voorkoming van onmiddellijk gevear voor mens of dier ofter be6indiging van ondraaglijk lijden van het dierbehoeft een dier niet te worden bedwelmd indien een dier moet worden gedood. f,(^lrtdsden geschiedt door personen nret cle nodige kennis en vaardigheden om de taken humaan en doeltreffend uit te vosren. Bij beschikking kunnen voor de daarin te onderscheiden diersoorten of categorie€n dieren nadere regels worden vastgesteld ten aanzien van de bedoelde kennis en vaardigheden. Fokken van dleren Deze bepaling is onder andere oFgenornen om emstige ert'elijke liehamelijke afwijkingen, ernstige gedragsafwijkingen, ziekten eil kenmerken die schadelijke gevolgen kunnen hebben, te voorkornen bij de nakomelingen van de betrokken dieren. Daamaast moet ook worden voorkomen dat het aantal nesten of nakomelingen die het dier kijgt, de gezondheid en hot welzdn van dat dier of diens nakomelingen henadeelt. Bij het fokken van dieren in het kader van productie moet er aandacht worden besteed aan de criteria die bijdragen tot de verbetering van het vee, het h,ehoud en de ontwikkeling van genetische lijnen, rekening houdende met het wekijn en de gezondheid van de dieren.r' Llchamelijke lngrepen blj dieren In artikel I I zijn de toegestane lichainelijke ingrepen bij gewervelde diercn aangegeven. Daarbij is aangegeven op welke methode de verschillende lichamelijke ingrepen bij de gewervelde dieren worden uitgevoerd en wie het mag uitvoeren. Lichamelijke ingrepen uitgevoerd onder sedatie, verdoving of anesthesie mogen slechts uitgevoerd worden door dierenartsen.Lichamelijke ingrepen niet uitgevoerd onder sec{atie, verdoving of anesthesie mogen uitgevoerd worden door dc paraveterinairen ofeen persoon die over de nodige kennis en kunde beait. De hedendaagse veehouder en door hem ingesehakelde beroepsoefenaars zijn door hun grondige vaktechnische kennis in staat om zelf eenvoudige hrgrepen te vemichten. Hierdoor wordt het verantwoord goacht dat 2018 t.t No. 14 bepaalde ingrepen door houders vsn dieren of door hen ingeschakelde ber:epsoefenaars worden vericht. Elke lichamelijke ingreep wordt uitgevoerd op zodanige wijee dat bij het dier niet onnodig pijn of letsel wordt veroorsaakt en het dier niEt meer dan nodig in zijn functioneren wordt belemmerd. Onder 'bedrijfsvoering' in artikel I t lid I sut'r e en f wordt geen bedri.lfsvoering in de zin vau administratie of strategie van het bedrijf bedoeld maar de wijxe of de manier waarop een inriehting of een verblijf wordt bestuurd of beheerd, de wijze waerop de hokken worden ingedeeld, ingericht en plaatsiug van de dieren daarin.Het knippen van de snavel of de amputatf van de staart bij varkens kan voorkonren worden door snder andere hdr plaatsen van minder dieren in een hok of het plaatsen van speeltjes in het hok (venijking van de leefomgeving van de dieren). Handel in dieren De algemene regels omtrent hct houden van dieren gelden ook bi"i het drijven van handel in dieren, vooral wanneer zij worder gehouden in een verblijf. fJat blijkt uit artikel 12. Indien nodig, moet de houder ook besehikken over een adequate quarantainevoorziening er een behandelruimte. Ten aanzien van de "adequate quarantainevootziening en ruimte die ingericht kan worden als behandelruiurte" in een bedrijf geldt dat deze van dien aard moeten zijn dat zij geschikt zijn voor het doel waaruoor zij worden besternd. Hierbij is het noodzakelijk d$ er een goed overzicht is over de dieren en daamaast moeten de ruimten goed schoon te maken en te ontsmetten uijn. ln artikel 13 is bepaald dat het bedrijf dat handelt in dieren over een protoccl moet beschikken in geval vau ontsnapping van dieren. Dat protocol houf verband met de te ilemen u-raatregelen ten behoeve vaR de veiligheid van mer! en dier bij het vangen en terugbrengen vatl het onts*apte riier. Attikel l5 heett het over het veterinaircvergunningsbeleid. Er is voor de tenn ,,veterinaire vergunning" gekozen onx onderseheid te maken met de vergunningen die liet ministerie van Handel, Industrie en Toerisme afgeeft. In het kader van transparantie wordt aangegeven op basis van weike voorwaarden deze veterinairevergunning wordt toegekend. Voor het in behandeling nernen van de aahvr&ag, wordt er bij ministeritile beschikking een vergoeding vastgelegd. Dit betekent niet dat wanneer de vergoeding voldaan is, er automatisch een veterinaire vergunRing wordt verleend. 2018 -23- No.14 In artikel 15 lid 7 en I zijn onder andere bepaald dat een bedrijf tijdelijk kan worden gesloten voor het publiek. Daarbij kan eveneens bepaald word-en dat bepaalde diersoorten niet meer gehouden mogen worden in de dierentuin. In geval er een tijdelijke of gehele sluiting noodzakelijk blijkr, zullen er een dan proeedures op gang worelen gezet voor een geschikte herplaatsing van de betrokken dieren, en wel binnen een redelijk termijn. Vervoeren van dieren cedurende het vervoeren van dieren kunnen er verschillende fases zijn f,aarbij het dierenwelzijn kan worden aangetast. ooed transport van dieren vereist kennis van het diersootl, transport en de risico's tijdens het transport" In de beschikking zal onder andere een onderscheid worden gemaakt tussen de verschillende manieren van transport, omdat elke type transport zijn eigen voorwaarden en beperkingen met zich meebrengt. Gebrulk van dieren bij wedstrijden De wedstrijden welke worden gehouden, zijn aaugegeven in artikel lT lid l. Het gebruiken van deze dieren bij wedstrijden is aan voorwaarden gebonden. De deelnemende dieren moeten in goede conditie verkeren en gezond zijn. Het aantal keren dat zij mogen deelnemen aan wedstrijden en de leeftijd vanaf waruleer zij mogen deelnemen is ook a&ngegeven in dit staatsbesluit. In arlikel 17 lid 2 is de mininrum leeftijd aangegeven. Het aangeven v&n een maximale leeftijd voor deelname aan wedstrijden is niet mogelijk. Dit hangt af van de diersoort en diens fysieke gesteldheid (gerondheidssituatie). Het levensduur van een dier kan wel worden ingeschat maar sommige dieren kunnen zelfs langer leven en vanwege een goede conditie toch nog blijven deelnernen aan f.en wedstrijd. De regels in dit artikel zijn gebasseerd op intemationaleI .ereisten zoals regels van de wereldorganisatie voor diergezondheid (olE) waarvan Suriname lid is. Dierentuinen, dierenaslel- en andere dierenverblijven Ook op dierentuinen, dierenasielen- en andere dierenverbldven hebben de regels omtrent handel in dieren overeenkomstige toepassing. 2018 Ove rgangsbepallngen No. 14 In artikel 2lis een overgangsbepaling opgenomen bestemd voor de houder van een bedrijf, diercntuin, dierenasiel- en andere dierenverblijf indien zij kunnen aantonen dat zij reeds operationeel waren v66r de datum van inwerkingtreding van dit'staatsbesluit. Het is echter noodzakelijk om in de periode van de overgaRgsregeling een tussentijdse evaluatie uit te voeren, zodat op tijd de verciste aanpassingen kunnen worden doorgevoerd om te kunnen voldpen aan de regelgeving uit dit staatsbesluit. Er is ook een overgangsperiode opgenomen voor houders van dieren, niet zijnde in een bedrijf, dierentuip dierenasiel- en andere dierenverbliiven om hun ruimschoots de getegenheid\, geven om te kunnen voldoen aan de verplichtingen zoals vastgesteld in artikel 5 lid 1 en artikel 6van dit staatsbesluit. tn dit kader is het noodzakelijk dat houders van dieren regelmatig worden geinformeerd omtrent het in orde maken van de wettelijke vercisten. Bij de bepaling van de overgangsperiode is er rekening gehouden met de investeringsgrootte en de moeilijkheidsgraad. Paranmribo, 2 februari 20 18, DESIR{ D. BOUTURSE 24

Animal Welfare Order (No. 14 of 2018) · Nelum