Decree No. 93 of 1998 relative to egg-white products made under the Commodities Act
颁布于 1998-01-23 · 文本截至 2026-10-01
以研究形式发布的公开法律与官方指引,不构成法律、税务或金融建议。
研究内容本身以英文撰写。标题和标签已翻译,调查结果和引文未翻译。
关于这部法律
- 语言
- Dutch
- 类型
- 条例
- 组织
- European Union
- 国家
- 荷兰
- 主题
- Food and nutrition
- 关键词
- food safety and quality, hygiene/sanitary procedures, poultry products
- 类别
- agriculture
在哪里阅读
该法律没有记录来源链接。
文本
所收录的法律原文,按条款排列。每个条款都有自己的链接。
Artikel 1 1. In dit besluit wordt verstaan onder: a. soja-eiwitproducten: de uit ontvliesde sojabonen verkregen eiwitpro- ducten, waaraan het vet is onttrokken, met uitzondering van de eiwithy- drolysaten; b. tarwe-eiwitproducten: de uit tarwe of tarwemaalderijproducten verkregen eiwitproducten, met uitzondering van de eiwithydrolysaten; c. schimmeleiwitproducten: de producten die worden verkregen uit de hyphae van schimmel; d. P.E.R.: de voedingswaarde van het eiwit ten opzichte van caseïne («Protein Efficiency Ratio»). 2. Artikel 3, onder a, en artikel 4, onder a, zijn niet van toepassing op een waar die rechtmatig in het verkeer is gebracht in een andere lid-staat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeen- komst inzake de Europese Economische Ruimte.
Artikel 2 Het is verboden soja-, tarwe- of schimmeleiwitproducten te bereiden of te verhandelen, die niet voldoen aan de eisen, bij dit besluit gesteld, met betrekking tot hun samenstelling of eigenschappen. Staatsblad 1998 93 1
Artikel 3 Soja-eiwitproducten voldoen aan de volgende eisen: a. de P.E.R. bedraagt ten minste 1,8; b. het gehalte aan gebonden lysino-alanine bedraagt ten hoogste 500 mg/kg eiwit; c. het gehalte aan vrij lysino-alanine bedraagt ten hoogste 10 mg/kg eiwit.
Artikel 4 Tarwe-eiwitproducten voldoen aan de volgende eisen: a. de P.E.R. bedraagt ten minste 0,8; b. het gehalte aan gebonden lysino-alanine bedraagt ten hoogste 500 mg/kg eiwit; c. het gehalte aan vrij lysino-alanine bedraagt ten hoogste 10 mg/kg eiwit.
Artikel 5 1. Schimmeleiwitproducten zijn uitsluitend bereid uit schimmel van de soort Fusarium graminearum (Schwabe), ATCC 2033. 2. Schimmeleiwitproducten voldoen aan de volgende eisen: a. de P.E.R. bedraagt ten minste 1,9; b. het ribonucleïnezuurgehalte bedraagt ten hoogste 2 massa- procenten.
Artikel 6 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 april 1998.
Artikel 7 Het advies van de Raad van State wordt niet Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit Eiwitproducten. openbaar gemaakt op grond van artikel 25a, vierde lid, onder b, van de Wet op de Raad van State, omdat het uitsluitend opmerkingen van Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van redactionele aard bevat. toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst. ’s-Gravenhage, 23 januari 1998 Beatrix De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E. G. Terpstra Uitgegeven de vierentwintigste februari 1998 De Minister van Justitie, W. Sorgdrager STB3958 ISSN 0920 - 2064 Sdu Uitgevers ’s-Gravenhage 1998 Staatsblad 1998 93 2 NOTA VAN TOELICHTING Op advies van de in het kader van het project Marktwerking, deregu- lering en wetgevingskwaliteit ingestelde werkgroep voor de levensmiddelenwetgeving en met instemming van de Tweede Kamer heeft de regering besloten de levensmiddelenwetgeving te vereenvou- digen (Kamerstukken II 1996–1997, 24 036, nrs. 24, 31 en 38). In dit kader zijn verschillende besluiten getoetst op noodzaak tot handhaving. Daaruit is onder meer gebleken dat verschillende bepalingen in het Eiwit- produktenbesluit (Warenwet) in te trekken, en de bepalingen die gehand- haafd moeten worden over te hevelen naar dit nieuwe besluit en de Warenwetregeling Normen zware metalen. Dit laatste betreft de ten hoogste toegelaten gehaltes aan zware metalen in drie krachtens het Eiwitproduktenbesluit (Warenwet) vastgestelde ministeriële regelingen. Dit besluit stelt opnieuw de noodzakelijke voorschriften vast inzake de voedingswaarde en veiligheid van soja-, tarwe- en schimmeleiwitpro- ducten. Deze bepalingen zijn inhoudelijk identiek aan de desbetreffende regels die tot op heden krachtens het Eiwitproduktenbesluit (Warenwet) zijn gesteld. Ten aanzien van artikel 3, onder a, en artikel 4, onder a, is evenwel een clausule van wederzijdse erkenning opgenomen (artikel 1, tweede lid), aangezien die voorschriften geen betrekking hebben op de bescherming van de volksgezondheid. De intrekking van het Eiwitproduktenbesluit (Warenwet) is geregeld in een andere algemene maatregel van bestuur, waarbij ook andere besluiten in het kader van marktwerking, deregulering en wetgevings- kwaliteit worden ingetrokken. Ter uitvoering van artikel 8, eerste lid, van richtlijn nr. 83/189/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 28 maart 1983 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften (PbEG L 109), is het ontwerp van dit besluit van 11 september 1997 genotificeerd aan de Commissie van de Europese Gemeenschappen. Naar aanleiding hiervan zijn door de Commissie en de overige lid-staten geen opmerkingen gemaakt. De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E. G. Terpstra Staatsblad 1998 93 3