Decree No. 486 of 1997 relative to the establishment of routing and communication systems for vessels navigating on the high seas in front of the Dutch coast
颁布于 1997-10-06 · 文本截至 2026-10-01
以研究形式发布的公开法律与官方指引,不构成法律、税务或金融建议。
研究内容本身以英文撰写。标题和标签已翻译,调查结果和引文未翻译。
关于这部法律
- 语言
- Dutch
- 类型
- 条例
- 组织
- European Union
- 国家
- 荷兰
- 主题
- Sea
- 关键词
- navigation, data collection/reporting
在哪里阅读
该法律没有记录来源链接。
文本
所收录的法律原文,按条款排列。每个条款都有自己的链接。
Artikel 1 Definitiebepaling In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder routeringssysteem: een systeem bestaande uit een of meer routes of routeringsmaatregelen, gericht op het verminderen van gevaar voor scheepsongevallen, met inbegrip van verkeersscheidingsstelsels, vaarwegen voor tweerichtingsverkeer, aanbevolen koerslijnen, gebieden die dienen te worden gemeden, zones voor kustverkeer, rotondes, voorzorgsgebieden en diepwaterroutes.
Artikel 2 Verplichtingen van de kapitein 1. De kapitein is verplicht gebruik te maken van de bij ministeriële regeling, overeenkomstig richtlijnen en criteria van de Internationale Maritieme Organisatie vast te stellen routeringssystemen, voor in die regeling vermelde categorieën schepen in volle zee voor de Nederlandse kust. 2. De kapitein is verplicht, bij gebruikmaking van routeringssystemen als bedoeld in het eerste lid, te voldoen aan de bij ministeriële regeling, overeenkomstig richtlijnen en criteria van de Internationale Maritieme Staatsblad 1997 486 1 Organisatie vast te stellen meldingssystemen, voor in die regeling vermelde categorieën schepen in volle zee voor de Nederlandse kust.
Artikel 3 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, met uitzondering van artikel 2, tweede lid, dat in werking treedt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Artikel 4 Citeertitel Het advies van de Raad van State is openbaar gemaakt door terinzagelegging bij het Minis- Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit routerings- en meldings- terie van Verkeer en Waterstaat. systemen voor schepen in volle zee voor de Nederlandse kust. Tevens zal het advies met de daarbij ter inzage gelegde stukken worden opgenomen in het bijvoegsel bij de Staatscourant van Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van 11 november 1997, nr. 217. toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst. ’s-Gravenhage, 6 oktober 1997 Beatrix De Minister van Verkeer en Waterstaat, A. Jorritsma-Lebbink Uitgegeven de achtentwintigste oktober 1997 De Minister van Justitie, W. Sorgdrager STB3537 ISSN 0920 - 2064 Sdu Uitgevers ’s-Gravenhage 1997 Staatsblad 1997 486 2 NOTA VAN TOELICHTING 1. algemeen Bij resolutie A.826(19) van 23 november 1995 heeft de Algemene Vergadering van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) van de Verenigde Naties, door het aannemen van een tweetal resoluties van de Maritieme Veiligheidscommissie, t.w. resolutie MSC.46(65) van 16 mei 1995 (Trb. 1996, 257 en 340) en resolutie MSC.31(63) van 23 mei 1994 (Trb. 1996, 18), respectievelijk voorschrift V/8 van het Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974 (SOLAS), gewijzigd en een nieuw voorschrift V/8-1 aan het hiervoor genoemde verdrag toege- voegd. Deze wijzigingen zijn wat betreft voorschrift V/8 op 1 januari 1997, en wat betreft voorschrift V/8-1 op 1 januari 1996 in werking getreden. Resolutie MSC.46(65) nodigt de Verdragsluitende Regeringen uit tot het doen van voorstellen voor de aanvaarding van specifieke routerings- systemen voor schepen door de IMO. De Nederlandse en de Duitse regering hebben gezamenlijk aan deze uitnodiging gevolg gegeven door indiening van een voorstel voor een verplichte vaarroute voor tankers van Noord Hinder naar de Duitse Bocht en vice versa. Dit voorstel is aange- nomen door de Maritieme Veiligheidscommissie, tijdens haar zevenenzes- tigste zitting, gehouden van 2 tot en met 6 december 1996 (MSC 67/22/Add. 1-Annex II). Het onderhavige besluit voorziet in een wettelijke grondslag voor de vaststelling bij ministeriële regeling van deze vaarroute en andere routeringssystemen. De routeringssystemen zullen gelden voor bepaalde, bij ministeriële regeling aan te wijzen categorieën schepen, ongeacht hun nationaliteit. Overigens zijn schepen varend onder Nederlandse vlag op basis van artikel 158, eerste lid, van het Schepenbesluit 1965 ook elders gebonden aan routeringssystemen, vastgesteld overeenkomstig richtlijnen en criteria van de IMO. Bij resolutie MSC.31(63) worden de Verdragsluitende Regeringen uitgenodigd tot het doen van voorstellen tot aanneming van meldings- systemen voor schepen. De verwachting is dat dergelijke systemen binnen afzienbare termijn aan de IMO ter aanneming zullen worden voorgelegd. Om straks adequaat op voorstellen te kunnen reageren is besloten om nu reeds in het onderhavige besluit een voorziening op te nemen voor het bij ministeriële regeling vaststellen van specifieke meldingssystemen. De meldingssystemen zullen een meldplicht voor schepen in volle zee voor de Nederlandse kust bevatten. De meldplicht geldt voor bepaalde, bij ministeriële regeling aan te wijzen categorieën schepen, ongeacht hun nationaliteit. Evenals dit bij routeringssystemen het geval was, zijn schepen varend onder Nederlandse vlag ook elders aan in IMO-kader vastgestelde meldingssystemen gebonden. De gebondenheid aan dergelijke meldingssystemen vindt zijn grondslag in artikel 158a van het Schepenbesluit 1965. 2. artikelsgewijze toelichting
Artikel 1 Bij de definiëring van het begrip routeringssysteem is aansluiting gezocht bij de definitie van artikel 158, eerste lid, van het Schepenbesluit. Op deze wijze biedt het onderhavige besluit een wettelijke grondslag voor de uitvoering van verschillende soorten routeringsmaatregelen. Staatsblad 1997 486 3
Artikel 2 Het eerste lid van dit artikel bevat de verplichting van de kapitein om gebruik te maken van bij regeling van de Minister van Verkeer en Waterstaat vast te stellen routeringssystemen, welke zijn gelegen in volle zee voor de Nederlandse kust. Met deze bepaling wordt de zekerheid geboden dat schepen, bijvoorbeeld grotere (geladen) tankers, ver uit de kust zullen varen. Daarmee zal de kans op vervuiling van de kust aanzienlijk verminderen. Bovendien zal de beveiliging van personen aan boord van zo’n schip en de veiligheid en doelmatigheid van navigatie hierdoor worden bevorderd. Het betreft hier een verplichting die wordt opgelegd aan de kapitein die zich met zijn schip buiten de territoriale wateren van Nederland bevindt. Er is dus sprake van werking buiten de territoriale zee. Deze vindt zijn grondslag in artikel 21 van de Scheepvaartverkeerswet, betreffende de ordening van het scheepvaartverkeer in scheepvaartroutes in volle zee voor de Nederlandse kust. Artikel 21 kan slechts worden aangewend ter uitvoering van verdragen of besluiten van volkenrechtelijke organisaties. Zo’n besluit vormt het door de Nederlandse en Duitse regering ingediende en door de Maritieme Veiligheidscommissie van de IMO aangenomen voorstel voor een verplichte vaarroute voor tankers van Noord Hinder naar de Duitse Bocht en vice versa (MSC 67/22/- Add. 1-Annex II), zijnde een route welke gelegen is in de volle zee. Het tweede lid van artikel 2 bevat de verplichting voor de kapitein om bepaalde gegevens te melden, indien hij gebruik maakt van een routeringssysteem als bedoeld in het eerste lid. Aard en inhoud van deze gegevens zal bij ministeriële regeling worden bepaald. Evenals routeringssystemen hebben meldingssystemen tot doel een bijdrage te leveren aan de bescherming van het mariene milieu en de veiligheid op zee. Ook bij het vaststellen van meldingssystemen vormt artikel 21 van de Scheepvaartverkeerswet de wettelijke grondslag. Overtreding van het bepaalde in artikel 2 is een strafbaar feit in de zin van artikel 31, zevende lid, van de Scheepvaartverkeerswet. De Minister van Verkeer en Waterstaat, A. Jorritsma-Lebbink Staatsblad 1997 486 4