跳到主要内容
Nelum
荷兰的法律

Decree No. 456 of 2001 amending the Decree oncerning the trade in planting material of plant species used for cultivation and the Decree concerning the trade in planting material of plant species used for horticulture

颁布于 2001-09-18 · 文本截至 2026-10-01

以研究形式发布的公开法律与官方指引,不构成法律、税务或金融建议。

研究内容本身以英文撰写。标题和标签已翻译,调查结果和引文未翻译。

关于这部法律

语言
Dutch
类型
条例
组织
European Union
国家
荷兰
主题
Cultivated plants
关键词
plant production, seeds/planting material, internal trade
类别
agriculture

在哪里阅读

    该法律没有记录来源链接。

文本

所收录的法律原文,按条款排列。每个条款都有自己的链接。

  1. 456 Besluit van 18 september 2001, houdende wijziging van het Besluit verhandeling teeltmateriaal landbouwgewassen en het Besluit verhandeling teeltmateriaal tuinbouwgewassen (rectificatie richtlijn 98/95/EG) Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Op de voordracht van de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 6 juli 2001, nr. TCRJZ/2001/9632, Directie Juridische Zaken; Gelet op richtlijn nr. 98/95/EG van de Raad van de Europese Unie van 14 december 1998 (PbEG 1999, L 25), houdende wijziging, in het kader van de consolidatie van de interne markt en ten aanzien van genetisch gemodificeerde plantenrassen en plantgenetische hulpbronnen, van de richtlijnen 66/400/EEG, 66/401/EEG, 66/402/EEG, 66/403/EEG, 69/208/EEG en 70/458/EEG betreffende het in de handel brengen van bietenzaad, zaaizaad van groenvoedergewassen, zaaigranen, pootaardappelen, zaaizaad van oliehoudende planten en vezelgewassen en groentezaad, en betreffende de gemeenschappelijke rassenlijst voor landbouwgewassen; Gelet op artikel 91, vierde lid, van de Zaaizaad- en Plantgoedwet; De Raad van State gehoord (advies van 2 augustus 2001, no.W11.01.0308/V); Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 11 september 2001, nr. TCRJZ/2001/12.527, Directie Juridische Zaken; Hebben goedgevonden en verstaan: ARTIKEL I In artikel 2, vijfde lid, van het Besluit verhandeling teeltmateriaal landbouwgewassen1, zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van artikel III, onderdeel C, van het koninklijk besluit van 3 februari 2000, houdende wijziging van diverse besluiten op basis van de Zaaizaad- en Plantgoedwet, wordt «voor zover de verlener van diensten geen rechten op het geleverde teeltmateriaal verwerft» vervangen door: voorzover de dienstverlener geen rechten op het geleverde teeltmateriaal of op de opbrengst van de oogst verwerft. Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2001 Staatsblad 2001 456 1 ARTIKEL II In artikel 2, vierde lid, van het Besluit verhandeling teeltmateriaal tuinbouwgewassen2, zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel D, van het koninklijk besluit van 3 februari 2000, houdende wijziging van diverse besluiten op basis van de Zaaizaad- en Plantgoedwet, wordt «voor zover de verlener van diensten geen rechten op het geleverde teeltmateriaal verwerft» vervangen door: voorzover de dienstverlener geen rechten op het geleverde teeltmateriaal of op de opbrengst van de oogst verwerft. ARTIKEL III Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de artikelen III, onderdeel C, en IV, onderdeel D, van het koninklijk besluit van 3 februari 2000, houdende wijziging van diverse besluiten op basis van de Zaaizaad en Plantgoedwet, in werking treden. Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst. ’s-Gravenhage, 18 september 2001 Beatrix De Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, G. H. Faber Uitgegeven de zestiende oktober 2001 De Minister van Justitie, A. H. Korthals STB6585 ISSN 0920 - 2064 Sdu Uitgevers ’s-Gravenhage 2001 1 Stb. 1997, 648, gewijzigd bij besluit van 3 februari 2000 (Stb. 68). 2 Stb. 2000, 70. Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 25a, vijfde lid jo vierde lid, onder b van de Wet op de Raad van State, omdat het uitsluitend opmerkingen van redactionele aard bevat. Staatsblad 2001 456 2 NOTA VAN TOELICHTING Het onderhavige besluit strekt tot wijziging van twee besluiten op basis van de Zaaizaad- en Plantgoedwet, namelijk het Besluit verhandeling landbouwgewassen en het Besluit verhandeling teeltmateriaal tuinbouw gewassen. Deze besluiten zijn gewijzigd bij koninklijk besluit van 3 februari 2000, houdende wijziging van diverse besluiten op basis van de Zaaizaad- en Plantgoedwet, ter implementatie van de richtlijn nr. 98/95 EG van de Raad van de Europese Unie van 14 december 1998 (PbEG 1999, L 25) houdende wijziging, in het kader van de consolidatie van de interne markt en ten aanzien van genetisch gemodificeerde plantenrassen en plantgenetische hulpbronnen, van de richtlijnen 66/400/EEG, 66/401/EEG, 66/402/EEG, 66/403/EEG, 69/208/EEG en 70/458/EEG betreffende het in de handel brengen van bietenzaad, zaaizaad van groenvoedergewassen, zaaigranen, pootaardappelen, zaaizaad van oliehoudende planten en vezelgewassen en groentezaad, en betreffende de gemeenschappelijke rassenlijst voor landbouwgewassen. Pas onlangs bleek dat de Nederlandse vertaling van de richtlijn enkele fouten van ondergeschikte aard bevat. Op één onderdeel is de onjuiste vertaling van de richtlijn letterlijk overgenomen in de Nederlandse regelgeving ter implementatie van die richtlijn. Dit betreft de artikelen 2, vierde lid, van het Besluit verhandeling teeltmateriaal tuinbouwgewassen en 2, vijfde lid, van het Besluit verhandeling teeltmateriaal landbouwgewassen, toegevoegd op grond van artikel III, onderdeel C, en artikel IV, onderdeel D, van het hiervoor genoemde koninklijk besluit van 3 februari 2000. Beide artikelonderdelen bevatten een uitzondering voor de groep telers die ingevolge de definitie van «in de handel brengen» van richtlijn nr. 98/95/EG niet aan de kwaliteitseisen van de richtlijn hoeven te voldoen. Op grond van de oude vertaling van de richtlijn nr. 98/95/EG gold de vrijstelling «voorzover de verlener van diensten geen rechten op het geleverde zaaizaad verwerft». Op grond van de rectificatie van de Nederlandse vertaling blijkt dit echter te moeten zijn: «voorzover de dienstverlener geen rechten op het geleverde zaaizaad of op de opbrengst van de oogst verwerft». Het onderhavige besluit strekt ertoe de gecorrigeerde Nederlandse vertaling van de richtlijn over te nemen in beide relevante algemene maatregelen van bestuur waarin de richtlijn is geïmplementeerd. Hierbij doet zich nog de bijzonderheid voor, dat de te wijzigen bepalingen nog niet in werking zijn getreden. Dit houdt verband met het feit dat richtlijn 98/95/EG voorziet in de mogelijkheid voor de Commissie van de Europese Gemeenschappen om nadere uitvoeringsvoorschriften vast te stellen voor de concrete invulling van de uitzondering op het begrip «in de handel brengen». Gelet op het feit dat deze uitvoerings voorschriften nog niet tot stand gekomen zijn, zijn de artikelen III, onderdeel C, en IV, onderdeel D, van het voornoemde besluit van 3 februari 2000 nog niet in werking getreden. Daarom zal de onderhavige wijziging pas in werking treden op hetzelfde, bij koninklijk besluit te bepalen, tijdstip waarop de artikelen III, onderdeel C, en IV, onderdeel D, van het koninklijk besluit van 3 februari 2000 in werking zullen treden. Het onderhavige besluit bevat geen informatieverplichtingen aan de overheid of een derde en is om die reden niet relevant voor de vermin dering van administratieve lasten voor het bedrijfsleven. De Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, G. H. Faber Staatsblad 2001 456 3

Decree No. 456 of 2001 amending the Decree oncerning the trade in planting material of plant species used for cultivation and the Decree concerning the trade in planting material of plant species used for horticulture · Nelum