跳到主要内容
Nelum
比利时的法律

Arrêté du Gouvernement wallon autorisant temporairement certains organismes et personnes physiques à déroger à l’arrêté du Gouvernement wallon du 8 décembre 2016 relatif aux conditions d’ouverture et aux modalités d’exercice de la pêche

颁布于 2021-11-18 · 文本截至 2026-10-01

以研究形式发布的公开法律与官方指引,不构成法律、税务或金融建议。

研究内容本身以英文撰写。标题和标签已翻译,调查结果和引文未翻译。

关于这部法律

语言
French; Dutch; German
类型
条例
国家
比利时 · Wallonie
主题
Fisheries and aquaculture
关键词
authorization/permit, fishing authorization, fishing gear/fishing method, fishery management and conservation

在哪里阅读

文本

所收录的法律原文,按条款排列。每个条款都有自己的链接。

  1. Art. 5. De ambtenaren van het Departement Waterwegen van Bergen en Doornik, van Charleroi en Namen alsook van Luik en van de spaarbekkens van de Waalse Overheidsdienst – Mobiliteit en Infrastructuur komen in aanmerking voor een afwijking van de artikelen 3 tot 10 en 12 tot 14 van het besluit van de Waalse Regering van 8 december 2016 met het oog op : 1° de visvangst met netten ; 2° het vissen, het hele jaar door, bij dag of bij nacht, van alle soorten vissen en kreeften, met inbegrip van de soorten waarvan de vangst verboden is, op alle plaatsen in de waterwegen. De in het eerste lid bedoelde afwijking kan alleen in het kader van reddingsacties voor vissen en kreeften, ter ondersteuning van de in de artikelen 2 tot en met 4 bedoelde ambtenaren, worden toegepast. Art. 6. De ambtenaren bedoeld in de artikelen 2 tot 5 komen in aanmerking voor de afwijking bedoeld bij dit besluit uitsluitend in het kader van de uitvoering van een opdracht van hun Departement, waarvan de Dienst minstens vijftien dagen op voorhand op de hoogte ervan is gebracht, behoudens behoorlijk gemotiveerde dringende noodzakelijkheid door hun Departement. Op advies van de Dienst kan de directeur-generaal van de ″Waalse Overheidsdienst ARNE″ zich verzetten tegen de uitvoering van deze opdracht of vragen om een aanpassing ervan, als hij acht dat bedoelde opdracht de populaties vissen en kreeften onnodig in gevaar brengt. De Dienst kan vragen om een verslag van de gegevens die gedurende deze opdracht zijn verzameld, met het oog op de verbetering van de kennis over de toestand van vis- en kreeftbestanden. De Dienst deelt ter informatie aan de betrokken erkende hengelfederatie de gegevens mee met betrekking tot de vis- en kreeftbestanden die door de ambtenaren bedoeld in de artikelen 2 tot 5 worden verzameld in het kader van de opdrachten die ze uitvoeren en die in aanmerking zijn gekomen voor de afwijking bedoeld bij dit besluit. Art. 7. Onder de ambtenaren bedoeld in de artikelen 2 tot 4, kunnen alleen degenen die op voorhand een specifieke opleiding inzake elektrische visvangst hebben gevolgd, deze soort visvangst uitoefenen. Art. 8. Vóór de vangst van vissen en kreeften door de ambtenaren bedoeld in de artikelen 2 tot en met 5 in de wateren die onder het decreet van 27 maart 2014 vallen, zorgt hun respectievelijk Departement ervoor dat de betrokken erkende hengelfederatie en de beheerder van de waterloop hierover worden ingelicht. Wanneer de vangsten van vissen en kreeften in een waterweg gebeuren, kan de beheerder ervan zich daartegen verzetten wegens veiligheidsomstandigheden. Indien de in de artikelen 2 tot en met 4 bedoelde ambtenaren vissen en rivierkreeft onttrekken aan de in artikel 4 van het decreet van 27 maart 2014 bedoelde wateren, vraagt hun Departement de voorafgaande toestemming van de houders van het betrokken visrecht, behalve wanneer het gaat om acties in het kader van de redding van vissen en rivierkreeften, de evaluatie van schade aan de visteelt of de bestrijding van invasieve uitheemse soorten. Art. 9. In artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 19 oktober 2017 betreffende de visverloven worden de woorden ″de afwijking bedoeld hetzij bij het Besluit van de Waalse Regering van 23 maart 2017 waarbij universiteiten en hogescholen tijdelijk worden toegelaten af te wijken van het besluit van de Waalse Regering van 8 december 2016 betreffende de voorwaarden voor de opening en de nadere regels voor de beoefening van de visvangst, hetzij bij het Besluit van de Waalse Regering van 23 maart 2017 waarbij sommige ambtenaren van de Waalse Overheidsdienst tijdelijk worden toegelaten″ vervangen door de woorden ″een afwijking bedoeld in het besluit van de Waalse Regering waarbij sommige ambtenaren van de Waalse Overheidsdienst of sommige instellingen en natuurlijke personen tijdelijk worden toegelaten″. Art. 10. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2022 en houdt van kracht te zijn op 31 december 2024. Art. 11. De Minister bevoegd voor Visserij is belast met de uitvoering van dit besluit. Namen, 18 november 2021. Voor de Regering : De Minister-President, E. DI RUPO De Vice-Minister-President en Minister van Economie, Buitenlandse Handel, Onderzoek, Innovatie, Digitale Technologieën, Ruimtelijke Ordening, Landbouw, het ″IFAPME″, en de Vaardigheidscentra, W. BORSUS * SERVICE PUBLIC DE WALLONIE [C − 2021/34000] 18 NOVEMBRE 2021. — Arrêté du Gouvernement wallon autorisant temporairement certains organismes et personnes physiques à déroger à l’arrêté du Gouvernement wallon du 8 décembre 2016 relatif aux conditions d’ouverture et aux modalités d’exercice de la pêche Le Gouvernement wallon, Vu le décret du 27 mars 2014 relatif à la pêche fluviale, à la gestion piscicole et aux structures halieutiques, article 10, § 4 ; Vu l’avis du pôle « Ruralité », section « Pêche », donné le 19 novembre 2020 ; Vu le rapport du 17 août 2021 établi conformément à l’article 3, 2°, du décret du 11 avril 2014 visant à la mise en œuvre des résolutions de la Conférence des Nations unies sur les femmes à Pékin de septembre 1995 et intégrant la dimension du genre dans l’ensemble des politiques régionales ; Vu la demande d’avis dans un délai de 30 jours, adressée au Conseil d’État le 31 août 2021, en application de l’article 84, § 1er, alinéa 1er, 2°, des lois sur le Conseil d’État, coordonnées le 12 janvier 1973 ; Considérant l’absence de communication de l’avis dans ce délai ; Vu l’article 84, § 4, alinéa 2, des lois sur le Conseil d’Etat, coordonnées le 12 janvier 1973 ; 114801MONITEUR BELGE — 26.11.2021 — BELGISCH STAATSBLAD Considérant l’arrêté du Gouvernement wallon du 8 décembre 2016 relatif aux conditions d’ouverture et aux modalités d’exercice de la pêche, modifié par l’arrêté du Gouvernement wallon du 18 février 2021 modifiant différents arrêtés exécutant le décret du 27 mars 2014 relatif à la pêche fluviale, à la gestion piscicole et aux structures halieutiques ; Considérant l’arrêté du Gouvernement wallon du 19 octobre 2017 relatif aux permis de pêche, article 9 ; Sur la proposition du Ministre de l’Agriculture ; Après délibération, Arrête : Article 1er. Pour l’application du présent arrêté, l’on entend par : 1° le décret du 27 mars 2014 : le décret du 27 mars 2014 relatif à la pêche fluviale, à la gestion piscicole et aux structures halieutiques ; 2° le SPW ARNE : le Service public de Wallonie Agriculture, Ressources naturelles et Environnement ; 3° l’association halieutique coordinatrice : l’association telle que définie à l’article 2, 1°, du décret du 27 mars 2014. Art. 2. § 1er. Peuvent bénéficier d’une dérogation aux articles 3 à 10 et 12 à 14 de l’arrêté du Gouvernement wallon du 8 décembre 2016 relatif aux conditions d’ouverture et aux modalités d’exercice de la pêche pour leurs employés, leurs étudiants ou à titre personnel : 1° l’association halieutique coordinatrice, dans un but scientifique ou pédagogique ; 2° les universités et hautes écoles, dans un but scientifique ou pédagogique ; 3° les personnes morales ou physiques mandatées par le SPW ARNE pour mener des actions de la lutte contre les espèces exotiques envahissantes ou pour réaliser des inventaires de ces espèces dans le cadre des articles 18, 19 et 24 du décret du 2 mai 2019 relatif à la prévention et à la gestion de l’introduction et de la propagation des espèces exotiques envahissantes ; 4° les bureaux d’études en environnement spécialisés en écologie des poissons, en aménagement des milieux aquatiques ou en études d’impact sur ces milieux, dans un but scientifique. En ce qui concerne les bureaux d’études visés à l’alinéa 1er, 4°, la dérogation visée à l’alinéa 1er est uniquement accordée en vue de pouvoir effectuer un ou plusieurs des actes visés au paragraphe 2, 1° à 3°. § 2. La dérogation visée au paragraphe 1er, alinéa 1er, est uniquement accordée en vue de pouvoir effectuer un ou plusieurs des actes suivants : 1° pêcher à l’électricité, pêcher à l’aide de filets, pêcher à la main, ainsi qu’utiliser des pièges qui ont pour but de capturer vivants des poissons et des écrevisses ; 2° capturer toute l’année, de jour comme de nuit, toute espèce de poissons et d’écrevisses, y compris celles dont la pêche est interdite et ce, en tout lieu dans les eaux soumises au décret du 27 mars 2014 ; 3° conserver vivant, tout spécimen d’espèces de poissons et d’écrevisses capturé, quelle que soit sa taille, le temps nécessaire à son examen ; 4° prélever toute l’année, de jour comme de nuit et quels qu’en soient le nombre et la taille, des spécimens de toute espèce de poissons et d’écrevisses ; 5° transporter toute l’année, de jour comme de nuit, vivant ou mort, et quels qu’en soient le nombre et la taille, des spécimens de toute espèce de poissons et d’écrevisses. Les actes visés à l’alinéa 1er peuvent être posés par les personnes bénéficiant de la dérogation visée au paragraphe 1er alinéa 1er, uniquement dans le cadre des seules activités ayant justifié l’octroi de celle-ci. Art. 3. Toute activité nécessitant la mise en œuvre d’un acte dérogatoire mentionné à l’article 2, § 2, alinéa 1er, nécessite préalablement l’autorisation du directeur général du SPW ARNE. La demande d’autorisation est sollicitée au moins trente jours avant la date escomptée du début de l’activité. La demande d’autorisation reprend les éléments suivants : 1° l’identité et les coordonnées de la personne responsable de l’activité ; 2° la description de l’activité et la mention d’un ou plusieurs des actes dérogatoires parmi ceux mentionnés à l’article 2, § 2, alinéa 1er, qui sont indispensables pour mener à bien l’activité ; 3° l’indication des cours d’eau concernés et de l’époque de l’année où l’activité se déroule. Les données à caractère personnel traitées et collectées en application du présent arrêté sont conservées pendant une durée de maximum trois ans à partir de l’octroi de la dérogation. Le SPW ARNE est responsable du traitement de ces données. Art. 4. Le directeur général du SPW ARNE peut refuser l’autorisation sollicitée ou demander que l’activité nécessitant la mise en œuvre d’un ou de plusieurs des actes dérogatoires mentionnés à l’article 2, § 2, alinéa 1er, soit aménagée, s’il estime que celle-ci met inutilement en péril les populations de poissons et d’écrevisses. Le directeur général du SPW ARNE peut demander qu’il soit rendu compte des données recueillies à l’occasion de ces activités, dans le but d’améliorer les connaissances sur l’état des populations de poissons et d’écrevisses. Le cas échéant, il fixe la forme de ce compte rendu. Art. 5. Sous peine de se voir refuser à l’avenir l’autorisation visée à l’article 3 pour d’autres activités, le bénéficiaire d’une dérogation respecte les règles minimales suivantes : 1° au moins quinze jours avant que le début des captures de poissons et d’écrevisses dans les eaux soumises au décret du 27 mars 2014 dans le cadre d’une activité autorisée par le directeur général du SPW ARNE, le bénéficiaire d’une dérogation informe : a) le gestionnaire du cours d’eau concerné ; b) le directeur des services extérieurs du Département de la Nature et des Forêts du SPW ARNE territorialement compétent et l’attaché qualifié responsable du Service de la Pêche de la Direction de la Chasse et de la Pêche du même Département ; c) la fédération de pêche agréée concernée ; 114802 MONITEUR BELGE — 26.11.2021 — BELGISCH STAATSBLAD 2° si des captures dans les eaux visées à l’article 4 du décret du 27 mars 2014 donnent lieu à des prélèvements, le bénéficiaire d’une dérogation obtient préalablement l’accord des titulaires du droit de pêche concernés ; 3° la dérogation est présentée à toute réquisition des agents chargés de la surveillance de la pêche, y compris sur les lieux de sa mise en œuvre ; 4° les spécimens capturés, qui ne font pas l’objet d’un prélèvement, sont manipulés avec soin et conservés dans de bonnes conditions, le temps strictement nécessaire à leur examen, de manière à limiter au maximum leur mortalité ; 5° en cas de capture réalisée au moyen d’engins électriques, les opérateurs respectent les règles d’utilisation et de sécurité prévues par la réglementation pour ce type de matériel et ont obligatoirement suivi une formation spécifique pour la pêche à l’électricité. Art. 6. Lorsque les captures de poissons et d’écrevisses ont lieu dans une voie hydraulique, le gestionnaire de celle-ci peut s’y opposer pour des raisons de sécurité. Art. 7. Dans le cadre des activités dérogatoires autorisées prévues par le présent arrêté, les opérateurs agissent sous la seule responsabilité de l’organisme dont ils dépendent ou sous leur propre responsabilité. Art. 8. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2022 et cesse d’être en vigueur le 31 décembre 2024. Art. 9. Le Ministre qui a la pêche dans ses attributions est chargé de l’exécution du présent arrêté. Namur, le 18 novembre 2021. Pour le Gouvernement : Le Ministre-Président, E. DI RUPO Le Ministre de l’Économie, du Commerce extérieur, de la Recherche et de l’Innovation, du Numérique, de l’Aménagement du territoire, de l’Agriculture, de l’IFAPME et des Centres de compétences, W. BORSUS ÜBERSETZUNG ÖFFENTLICHER DIENST DER WALLONIE [C − 2021/34000] 18. NOVEMBER 2021 — Erlass der Wallonischen Regierung, durch den bestimmten Einrichtungen und natürlichen Personen zeitweilig erlaubt wird, von dem Erlass der Wallonischen Regierung vom 8. Dezember 2016 über die Bedingungen für die Eröffnung der Fischfangsaison und die Modalitäten für die Ausübung des Fischfangs abzuweichen Die Wallonische Regierung, Aufgrund des Dekrets vom 27. März 2014 über die Flussfischerei, die Verwaltung der Fischzucht und die Fischereistrukturen, Artikel 10 § 4; Aufgrund der am 19. November 2020 abgegebenen Stellungnahme der Abteilung ″Fischfang″ des Pools ″Ländliche Angelegenheiten″; Aufgrund des nach Artikel 3 Ziffer 2 des Dekrets vom 11. April 2014 zur Umsetzung der Resolutionen der im September 1995 in Peking organisierten Weltfrauenkonferenz der Vereinten Nationen und zur Integration des Gender Mainstreaming in allen regionalen politischen Vorhaben aufgestellten Berichts vom 17. August 2021; Aufgrund des am 31. August 2021 an den Staatsrat gerichteten Antrags auf Abgabe eines Gutachtens innerhalb einer Frist von 30 Tagen, in Anwendung von Artikel 84 § 1 Absatz 1 Ziffer 2 der am 12. Januar 1973 koordinierten Gesetze über den Staatsrat; In der Erwägung, dass binnen dieser Frist kein Gutachten abgegeben wurde; Aufgrund des Artikels 84 § 4 Absatz 2 der am 12. Januar 1973 koordinierten Gesetze über den Staatsrat; In Erwägung des Erlasses der Wallonischen Regierung vom 8. Dezember 2016 über die Bedingungen für die Eröffnung der Fischfangsaison und die Modalitäten für die Ausübung des Fischfangs, abgeändert durch den Erlass vom 18. Februar 2021 zur Abänderung verschiedener Erlasse zur Ausführung des Dekrets vom 27. März 2014 über die Flussfischerei, die Fischereiverwaltung und die Fischereistrukturen; In Erwägung des Erlasses der Wallonischen Regierung vom 19. Oktober 2017 über die Angelscheine, Artikel 9; Auf Vorschlag des Ministers für Landwirtschaft; Nach Beratung, Beschließt: Artikel 1 - Zur Anwendung des vorliegenden Erlasses gelten folgende Begriffsbestimmungen: 1° Dekret vom 27. März 2014: das Dekret vom 27. März 2014 über die Flussfischerei, die Verwaltung der Fischzucht und die Fischereistrukturen; 2° ÖDW LNU: der Öffentliche Dienst der Wallonie Landwirtschaft, Naturschätze und Umwelt; 3° koordinierende Fischereivereinigung: die in Artikel 2 Ziffer 1 des Dekrets vom 27. März 2014 definierte Vereinigung. Art. 2 - § 1. Folgende Einrichtungen können für ihr Personal, ihre Studierenden oder persönlich in den Genuss einer Abweichung von den Artikeln 3 bis 10 und 12 bis 14 des Erlasses der Wallonischen Regierung vom 8. Dezember 2016 über die Bedingungen für die Eröffnung der Fischfangsaison und die Modalitäten für die Ausübung des Fischfangs gelangen: 1° die koordinierende Fischereivereinigung für wissenschaftliche oder pädagogische Zwecke; 2° die Universitäten und Hochschulen für wissenschaftliche oder pädagogische Zwecke; 114803MONITEUR BELGE — 26.11.2021 — BELGISCH STAATSBLAD 3° die juristischen oder natürlichen Personen, die von dem ÖDW LNU bevollmächtigt wurden, im Rahmen der Artikel 18, 19 und 24 des Dekrets vom 2. Mai 2019 über die Prävention und das Management der Einbringung und Ausbreitung invasiver gebietsfremder Arten Maßnahmen zur Bekämpfung invasiver gebietsfremder Arten durchzu führen oder Bestandsaufnahmen dieser Arten vorzunehmen; 4° die Studienbüros im Umweltbereich, die sich auf Fischökologie, Management der aquatischen Umwelt oder Untersuchungen der Auswirkungen auf die aquatische Umwelt spezialisiert haben für wissenschaftliche Zwecke. In Bezug auf die in Absatz 1 Ziffer 4 genannten Studienbüros wird die in Absatz 1 genannte Abweichung ausschließlich zum Zweck der Durchführung einer oder mehrerer der in Paragraf 2 Ziffern 1 bis 3 genannten Handlungen gewährt. § 2. Die in Paragraf 1 Absatz 1 angeführte Abweichung wird nur gewährt, um eine oder mehrere der folgenden Handlungen vornehmen zu können: 1° den Fischfang unter Einsatz von elektrischem Strom, mit Fangnetzen, mit der Hand ausüben zu dürfen, sowie Fallen zum Fang von lebenden Fischen und Krebsen benutzen zu dürfen; 2° über das ganze Jahr hinweg, bei Tag und bei Nacht, jegliche Fisch- und Krebsart, auch diejenige, deren Fang verboten ist, fangen zu dürfen, und zwar überall in den Gewässern, die dem Dekret vom 27. März 2014 unterliegen; 3° jegliches gefangene Exemplar einer Fisch- und Krebsart, ungeachtet seiner Größe, während der Zeit, die zu seiner Untersuchung erforderlich ist, lebend aufbewahren zu dürfen; 4° das ganze Jahr über, bei Tag und bei Nacht, und ungeachtet ihrer Anzahl und ihrer Größe, Exemplare jeglicher Fisch- und Krebsart entnehmen zu dürfen; 5° das ganze Jahr über, bei Tag und bei Nacht, lebend oder tot und ungeachtet ihrer Anzahl und ihrer Größe, Exemplare jeglicher Fisch- und Krebsart transportieren zu dürfen. Die in Absatz 1 genannten Handlungen dürfen von Personen, denen die Abweichung nach Paragraf 1 Absatz 1 gewährt wurde, nur im Rahmen der Tätigkeiten durchgeführt werden, die die Gewährung der Abweichung gerechtfertigt haben. Art. 3 - Jede Tätigkeit, die eine abweichende Handlung nach Artikel 2 § 2 Absatz 1 erfordert, bedarf der vorherigen Genehmigung durch den Generaldirektor des ÖDW LNU. Der Genehmigungsantrag wird mindestens dreißig Tage vor dem Datum, an dem die Tätigkeit erwartungsgemäß beginnen soll, eingereicht. Der Genehmigungsantrag enthält die folgenden Angaben: 1° Identität und Kontaktdaten der für die Tätigkeit verantwortlichen Person; 2° Beschreibung der Tätigkeit und Angabe einer bzw. mehrerer zur Durchführung der Tätigkeit unbedingt erforderlichen abweichenden Handlung(en) unter denen, die in Artikel 2 § 2 Absatz 1 aufgeführt sind; 3° Angabe der betroffenen Wasserläufe und der Zeit des Jahres, in der die Tätigkeit stattfindet. Die in Anwendung des vorliegenden Erlasses verarbeiteten und erhobenen personenbezogenen Daten werden für einen Zeitraum von höchstens drei Jahren ab der Erteilung der Abweichung aufbewahrt. Der ÖDW LNU ist für die Verarbeitung dieser Daten verantwortlich. Art. 4 - Der Generaldirektor des ÖDW LNU kann die beantragte Genehmigung verweigern oder die Anpassung der Tätigkeit verlangen, die die Vollziehung einer oder mehrerer abweichenden Handlungen nach Artikel 2 § 2 Ziffer 1 erfordert, wenn sie seiner Meinung nach die Fisch- und Krebsbestände unnötig gefährdet. Der Generaldirektor des ÖDW LNU kann verlangen, dass über die anlässlich dieser Tätigkeiten gesammelten Daten Bericht erstattet wird, um die Erkenntnisse über den Zustand der Fisch- und Krebsbestände zu verbessern. Gegebenenfalls legt er die Form dieses Berichts fest. Art. 5 - Um zu vermeiden, dass die in Artikel 3 genannte Genehmigung in Zukunft für weitere Tätigkeiten verweigert wird, beachtet der Begünstigte der Abweichung die nachstehenden Mindestanforderungen: 1° Mindestens fünfzehn Tage vor Beginn des Fisch- und Krebsfangs in den dem Dekret vom 27. März 2014 unter liegenden Gewässern im Rahmen einer vom Generaldirektor des ÖDW LNU genehmigten Tätigkeit benachrichtigt der Begünstigte der Abweichung: a) den betroffenen Verwalter des Wasserlaufs; b) den Direktor der örtlich zuständigen Außendienststellen der Abteilung Natur und Forstwesen des ÖDW LNU und den qualifizierten Attaché, der für den Fischereidienst der Direktion des Jagdwesens und des Fischfangs derselben Abteilung verantwortlich ist; c) den betroffenen zugelassenen Fischereiverband; 2° Geben Fangmaßnahmen in den Gewässern im Sinne von Artikel 4 des Dekrets vom 27. März 2014 Anlass zu Entnahmen, so holt der Begünstigte der Abweichung vorher die Zustimmung der betroffenen Inhaber des Fischereirechts ein; 3° Die Ausnahmegenehmigung wird jederzeit auf Verlangen der mit der Überwachung der Fischerei beauftragten Bediensteten vorgezeigt, und dies auch dort, wo sie in Anspruch genommen wird; 4° Die gefangenen Exemplare, die nicht Gegenstand einer Entnahme sind, werden sorgfältig manipuliert und unter guten Bedingungen gehalten, und dies nur während der Zeit, die zu ihrer Untersuchung erforderlich ist, sodass ihre Sterberate auf ein so weit wie möglich begrenzt wird; 5° Im Falle eines Fangs mit elektrischen Geräten beachten die betreffenden Anwender die Nutzungs- und Sicherheitsvorgaben, die in den Rechtsvorschriften für dieses Typ Material vorgesehen sind; sie müssen zudem eine spezifische Ausbildung in Sachen Elektrofischerei absolviert haben. Art. 6 - Wenn die Fisch- und Krebsfänge in einer Wasserstraße stattfinden, kann sich der deren Verwalter den Fangmaßnahmen aus Sicherheitsgründen widersetzen. Art. 7 - Im Rahmen der in dem vorliegenden Erlass vorgesehenen genehmigten abweichenden Aktivitäten handeln die Beteiligten unter der alleinigen Verantwortung der Einrichtung, der sie angehören, oder unter ihrer eigenen Verantwortung. 114804 MONITEUR BELGE — 26.11.2021 — BELGISCH STAATSBLAD Art. 8 - Der vorliegende Erlass tritt am 1. Januar 2022 in Kraft und am 31. Dezember 2024 außer Kraft. Art. 9 - Der Minister, zu dessen Zuständigkeitsbereich der Fischfang gehört, wird mit der Durchführung des vorliegenden Erlasses beauftragt. Namur, den 18. November 2021 Für die Regierung: Der Ministerpräsident E. DI RUPO Der Minister für Wirtschaft, Außenhandel, Forschung und Innovation, digitale Technologien, Raumordnung, Landwirtschaft, das IFAPME und die Kompetenzzentren W. BORSUS VERTALING WAALSE OVERHEIDSDIENST [C − 2021/34000] 18 NOVEMBER 2021. — Besluit van de Waalse Regering waarbij sommige instellingen en natuurlijke personen tijdelijk worden toegelaten af te wijken van het besluit van de Waalse Regering van 8 december 2016 betreffende de voorwaarden voor de opening en de nadere regels voor de beoefening van de visvangst De Waalse Regering, Gelet op het decreet van 27 maart 2014 betreffende de riviervisserij, het visbeleid en de visserijstructuren, inzonderheid op artikel 10, § 4; Gelet op het advies van de beleidsgroep ″Landelijke aangelegenheden″, afdeling ″Visvangst″, gegeven op 19 november 2020; Gelet op het rapport van 17 augustus 2021 opgesteld overeenkomstig artikel 3, 2°, van het decreet van 11 april 2014 houdende uitvoering van de resoluties van de Vrouwenconferentie van de Verenigde Naties die in september 1995 in Peking heeft plaatsgehad en tot integratie van de genderdimensie in het geheel van de gewestelijke beleidslijnen ; Gelet op het verzoek om adviesverlening binnen een termijn van 30 dagen, gericht aan de Raad van State op 31 augustus 2021, overeenkomstig artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op het gebrek aan adviesverlening binnen die termijn; Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 8 december 2016 betreffende de voorwaarden voor de opening en de nadere regels voor de beoefening van de visvangst, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 18 februari 2021 tot wijziging van verschillende besluiten houdende uitvoering van het decreet van 27 maart 2014 betref fende de riviervisserij, het visbeleid en de visserijstructuren; Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 19 oktober 2017 betreffende de visverloven, inzonderheid op artikel 9; Op de voordracht van de Minister van Landbouw; Na beraadslaging, Besluit : Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder: 1° het decreet van 27 maart 2014: het decreet van 27 maart 2014 betreffende de riviervisserij, het visbeleid en de visserijstructuren; 2° de ″Waalse Overheidsdienst ARNE″: de Waalse Overheidsdienst Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu; 3° de coördinerende hengelvereniging: de vereniging zoals bepaald in artikel 2, 1°, van het decreet van 27 maart 2014. Art. 2. § 1. De volgende personen en instellingen kunnen voor hun personeelsleden en studenten of op persoonlijke titel in aanmerking komen voor een afwijking van de artikelen 3 tot 10 en 12 tot 14 van het besluit van de Waalse Regering van 8 december 2016 betreffende de voorwaarden voor de opening en de nadere regels voor de beoefening van de visvangst: 1° de coördinerende hengelvereniging, voor wetenschappelijke of onderwijskundige doeleinden; 2° de universiteiten en hogescholen, voor wetenschappelijke of onderwijskundige doeleinden; 3° de natuurlijke of rechtspersonen die van de ″Waalse Overheidsdienst ARNE″ de opdracht hebben gekregen om acties uit te voeren ter bestrijding van invasieve uitheemse soorten of om deze soorten te inventariseren in het kader van de artikelen 18, 19 en 24 van het decreet van 2 mei 2019 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten; 4° de adviesbureaus op het gebied van leefmilieu die gespecialiseerd zijn in visecologie, beheer van aquatische milieus of effectonderzoeken met betrekking tot deze milieus, voor wetenschappelijke doeleinden. Met betrekking tot de in lid 1, 4°, bedoelde adviesbureaus wordt de in lid 1 bedoelde afwijking uitsluitend verleend voor het verrichten van een of meerdere van de in paragraaf 2, 1° tot en met 3°, bedoelde handelingen. § 2. De in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde afwijking wordt slechts toegestaan voor het verrichten van een of meerdere van de volgende handelingen : 1° de elektrische visvangst, de visvangst met netten, de visvangst met de hand, alsook het gebruik van vallen om levende vissen en kreeften te vangen ; 2° het vissen, het hele jaar door, bij dag of bij nacht, van alle soorten vissen en kreeften, met inbegrip van de soorten waarvan de vangst verboden is, op alle plaatsen in de waterlopen die onder het decreet van 27 maart 2014 vallen; 114805MONITEUR BELGE — 26.11.2021 — BELGISCH STAATSBLAD 3° het levend behoud van elk specimen van alle gevangen soorten vissen en kreeften, ongeacht de grootte ervan, voor de tijd die nodig is voor het onderzoek ervan; 4° het onttrekken, het hele jaar door, bij dag of bij nacht, ongeacht het aantal en de grootte ervan, van specimens van alle soorten vissen en kreeften; 5° het vervoeren, het hele jaar door, bij dag of bij nacht, ongeacht het aantal en de grootte ervan, van levende of dode specimens van alle soorten vissen en kreeften. De in het eerste lid bedoelde handelingen mogen door personen aan wie de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde afwijking is toegestaan, slechts worden verricht in het kader van de activiteiten die de toekenning van deze afwijking rechtvaardigden. Art. 3. Voor elke activiteit die de uitvoering vereist van een afwijkende handeling als bedoeld in artikel 2, § 2, eerste lid, is de voorafgaande toestemming van de directeur-generaal van de ″Waalse Overheidsdienst ARNE″ vereist. De aanvraag om vergunning wordt minstens dertig dagen vóór de verwachte aanvangsdatum van de activiteit ingediend. De aanvraag om vergunning omvat minstens de volgende elementen : 1° de identiteit en de gegevens van de verantwoordelijke van de activiteit ; 2° de omschrijving van de activiteit en de vermelding van een of meerdere afwijkende handelingen onder die, bedoeld in artikel 2, § 2, eerste lid, die nodig zijn om de activiteit tot een goed einde te brengen ; 3° de vermelding van de betrokken waterlopen en het moment van het jaar waarop de activiteit plaatsvindt. De persoonsgegevens die op grond van dit besluit worden verwerkt en verzameld, worden bewaard gedurende ten hoogste drie jaar vanaf de datum waarop de afwijking wordt toegestaan. De ″Waalse Overheidsdienst ARNE″ is verantwoordelijk voor de verwerking van die gegevens. Art. 4. De directeur-generaal van de ″Waalse Overheidsdienst ARNE″ kan de verzochte vergunning weigeren of vragen om de aanpassing van de activiteit die de uitvoering van een of verschillende afwijkende handelingen bedoeld in artikel 2, § 2, eerste lid, vereist, als hij acht dat bedoelde activiteit de populaties vissen en kreeften onnodig in gevaar brengt. De directeur-generaal van de ″Waalse Overheidsdienst ARNE″ kan vragen om een verslag van de gegevens die gedurende deze activiteiten zijn verzameld, met het oog op de verbetering van de kennis over de toestand van vis- en kreeftbestanden. In voorkomend geval bepaalt hij de vorm van dit verslag. Art. 5. Op straffe van toekomstige weigering van de vergunning bedoeld in artikel 3 voor andere activiteiten, moet de begunstigde van een afwijking de volgende minimale regels in acht nemen : 1° minstens vijftien dagen vóór het begin van de vangsten van vissen en kreeften in de wateren die onder het decreet van 27 maart 2014 vallen in het kader van een activiteit toegelaten door de directeur-generaal van de ″Waalse Overheidsdienst ARNE″, geeft de begunstigde van een afwijking kennis daarvan aan : a) de beheerder van de betrokken waterloop; b) de directeur van de buitendiensten van het Departement Natuur en Bossen van de ″Waalse Overheidsdienst ARNE″ dat territoriaal bevoegd is, en de gekwalificeerd attaché die verantwoordelijk is van de Dienst Visvangst de Directie Jacht en Visvangst van hetzelfde Departement ; c) de betrokken erkende hengelfederatie ; 2° indien de vangsten in de waterlopen bedoeld in artikel 4 van het decreet van 27 maart 2014 tot monsternemingen leiden, moet de begunstigde van een afwijking daarvoor de toestemming van de betrokken houders van het visrecht krijgen; 3° de afwijking wordt vertoond op elk verzoek van de ambtenaren belast met het toezicht op de visserij, alsook op de plaatsen van de uitvoering ervan; 4° de gevangen specimens, die niet het voorwerp uitmaken van een monsterneming, worden zorgvuldig bewerkt en bewaard in goede omstandigheden, tijdens de strikt nodige tijd voor het onderzoek ervan, om sterfterisico’s maximaal te beperken ; 5° wanneer de vangsten door middel van elektrische tuigen worden uitgevoerd, moeten de operatoren de regels inzake veiligheid bedoeld in de reglementering voor dit soort materieel naleven en een specifieke opleiding inzake elektrische visvangst verplicht hebben gevolgd. Art. 6. Wanneer de vangsten van vissen en kreeften in een waterweg gebeuren, kan de beheerder ervan zich daartegen verzetten wegens veiligheidsomstandigheden. Art. 7. In het kader van de toegestane afwijkende activiteiten waarin dit besluit voorziet, handelen de operatoren onder de volledige verantwoordelijkheid van de instelling waaronder ze ressorteren of onder hun eigen verantwoor delijkheid. Art. 8. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2022 en houdt van kracht te zijn op 31 december 2024. Art. 9. De Minister bevoegd voor Visserij is belast met de uitvoering van dit besluit. Namen, 18 november 2021. Voor de Regering : De Minister-President, E. DI RUPO De Vice-Minister-President en Minister van Economie, Buitenlandse Handel, Onderzoek, Innovatie, Digitale Technologieën, Ruimtelijke Ordening, Landbouw, het ″IFAPME″, en de Vaardigheidscentra, W. BORSUS 114806 MONITEUR BELGE — 26.11.2021 — BELGISCH STAATSBLAD

Arrêté du Gouvernement wallon autorisant temporairement certains organismes et personnes physiques à déroger à l’arrêté du Gouvernement wallon du 8 décembre 2016 relatif aux conditions d’ouverture et aux modalités d’exercice de la pêche · Nelum