Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l’article 5 de l’arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2017 relatif aux aides à la distribution de fruits, de légumes et de lait aux élèves dans les établissements d’enseignement
颁布于 2021-03-19 · 文本截至 2026-10-01
以研究形式发布的公开法律与官方指引,不构成法律、税务或金融建议。
研究内容本身以英文撰写。标题和标签已翻译,调查结果和引文未翻译。
关于这部法律
- 语言
- Dutch; French
- 类型
- 条例
- 国家
- 比利时 · Vlaanderen
- 主题
- Food and nutrition
- 关键词
- school feeding, vegetables/legumes, fruits/edible nuts, milk/dairy products, subsidy/incentive
在哪里阅读
文本
所收录的法律原文,按条款排列。每个条款都有自己的链接。
GOUVERNEMENTS DE COMMUNAUTE ET DE REGION GEMEENSCHAPS- EN GEWESTREGERINGEN GEMEINSCHAFTS- UND REGIONALREGIERUNGEN VLAAMSE GEMEENSCHAP — COMMUNAUTE FLAMANDE VLAAMSE OVERHEID [C − 2021/30839] 19 MAART 2021. — Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van artikel 5 van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 betreffende de ondersteuning van de verstrekking van groenten, fruit en melk aan leerlingen in onderwijsinstellingen Rechtsgrond Dit besluit is gebaseerd op: het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid, artikel 4, 1°, vervangen bij het decreet van 26 april 2019. Vormvereisten De volgende vormvereisten zijn vervuld: De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 1 maart 2021; Er is geen advies gevraagd aan de Raad van State, met toepassing van artikel 3, §1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. Er is een dringende noodzakelijkheid omdat de scholen door de COVID-19-crisis geconfronteerd worden met de verlenging van vakanties (zoals de herfstvakantie), tijdelijke sluitingen van klassen of volledige scholen omwille van volksgezondheidsredenen en de implementatie en organisatie van diverse administratieve en logistieke maatregelen. Daarom is het wenselijk dat ze de verdeling van de porties melk, groenten en fruit kunnen verspreiden over een langere periode. De onvoorspelbaarheid van de huidige COVID-19 crisis en de maatregelen die er kunnen worden genomen om ze in te dammen, zorgen voor veel onzekerheid bij de deelnemende scholen over het verloop van het huidige schooljaar en het hieraan verbonden schoolprogramma voor de verdeling van groenten, fruit en melk. Er is een onmiddellijke interventie nodig om tegemoet te komen aan deze noden en de deelnemende scholen meer zekerheid en flexibiliteit te bieden bij de organisatie van hun schoolprogramma. Juridisch kader Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving: verordening (EU) nr. 1370/2013 van de Raad van 16 december 2013 houdende maatregelen tot vaststelling van steun en restituties in het kader van de gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten; verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad; uitvoeringsverordening (EU) 2017/39 van de Commissie van 3 november 2016 tot vaststelling van toepassings bepalingen voor Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft Uniesteun voor de verstrekking van groenten, fruit, bananen en melk in onderwijsinstellingen; gedelegeerde verordening (EU) 2017/40 van de Commissie van 3 november 2016 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad, met betrekking tot Uniesteun voor de verstrekking van groenten en fruit, bananen en melk in onderwijsinstellingen en tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014. Initiatiefnemer Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw, de Vlaamse minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand, en de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding. Na beraadslaging, DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: Artikel 1. Aan artikel 5 van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 betreffende de ondersteuning van de verstrekking van groenten, fruit en melk aan leerlingen in onderwijsinstellingen, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018, worden een vijfde en een zesde lid toegevoegd, die luiden als volgt: “In afwijking van het tweede lid vindt voor het schooljaar 2020-2021 de periode van tien weken waarin de verstrekking gebeurt, plaats van 1 september 2020 tot en met 30 juni 2021. In afwijking van het derde lid vindt voor het schooljaar 2020-2021 de periode van tien weken waarin de eerste periode van verstrekking gebeurt, plaats van 1 september 2020 tot en met 30 juni 2021, en vindt de periode van tien weken waarin de tweede periode van verstrekking gebeurt, plaats van 1 januari 2021 tot en met 30 juni 2021.”. Art. 2. In artikel 5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018 en dit besluit, worden het vijfde en het zesde lid opgeheven. Art. 3. Artikel 2 treedt in werking op 1 januari 2022. 29381MONITEUR BELGE — 29.03.2021 — BELGISCH STAATSBLAD Art. 4. De Vlaamse minister, bevoegd voor de landbouw en de zeevisserij, de Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, en de Vlaamse minister, bevoegd voor welzijn, volksgezondheid en gezin, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 19 maart 2021. De minister-president van de Vlaamse Regering, J. JAMBON De Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw, H. CREVITS De Vlaamse minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand, B. WEYTS De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding, W. BEKE TRADUCTION AUTORITE FLAMANDE [C − 2021/30839] 19 MARS 2021. — Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l’article 5 de l’arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2017 relatif aux aides à la distribution de fruits, de légumes et de lait aux élèves dans les établissements d’enseignement Fondement juridique Le présent arrêté est fondé sur : le décret du 28 juin 2013 relatif à la politique de l’agriculture et de la pêche, article 4, 1°, remplacé par le décret du 26 avril 2019. Formalités Les formalités suivantes sont remplies : – l’Inspection des Finances a rendu un avis le 1 mars 2021 ; L’avis du Conseil d’État n’a pas été demandé, en application de l’article 3, § 1, des lois sur le Conseil d’État coordonnées le 12 janvier 1973. L’urgence est motivée par le fait que la crise du COVID-19 a confronté les écoles à la prolongation des vacances (comme les vacances d’automne), à la fermeture temporaire de classes ou d’écoles complètes pour des raisons de santé publique et à la mise en œuvre et à l’organisation de diverses mesures administratives et logistiques. Il est donc souhaitable qu’ils puissent distribuer les portions de lait, de légumes et de fruits sur une plus longue période. L’imprévisibilité de la crise actuelle du COVID-19 et les mesures qui peuvent être prises pour y remédier créent une grande incertitude parmi les écoles participantes quant au déroulement de l’année scolaire en cours et au programme scolaire connexe de distribution de fruits, légumes et lait. Une intervention immédiate est nécessaire afin de répondre à ces besoins et de donner aux écoles participantes une plus grande sécurité et flexibilité dans l’organisation de leur programme scolaire. Cadre juridique Le présent arrêté fait suite à la réglementation suivante : règlement (UE) n° 1370/2013 du Conseil du 16 décembre 2013 établissant les mesures relatives à la fixation de certaines aides et restitutions liées à l’organisation commune des marchés des produits agricoles ; règlement (UE) n° 1308/2013 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2013 portant organisation commune des marchés des produits agricoles et abrogeant les règlements (CEE) n° 922/72, (CEE) n° 234/79, (CE) n° 1037/2001 et (CE) n° 1234/2007 du Conseil ; règlement d’exécution (UE) 2017/39 de la Commission du 3 novembre 2016 portant modalités d’application du règlement (UE) n° 1308/2013 du Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne l’aide de l’Union pour la distribution de fruits et de légumes, de bananes et de lait dans les établissements scolaires ; règlement délégué (UE) 2017/40 de la Commission du 3 novembre 2016 complétant le règlement (UE) n° 1308/2013 du Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne l’aide de l’Union pour la fourniture de fruits et de légumes, de bananes et de lait dans les établissements scolaires et modifiant le règlement délégué (UE) no 907/2014. Initiateur Le présent arrêté est proposé par la ministre flamande de l’Économie, de l’Innovation, de l’Emploi, de l’Économie sociale et de l’Agriculture, le ministre flamand de l’Enseignement, des Sports, du Bien-Être des Animaux et du Vlaamse Rand et le ministre flamand du Bien-Être, de la Santé publique, de la Famille et de la Lutte contre la Pauvreté. Après délibération, LE GOUVERNEMENT FLAMAND ARRÊTE : Article 1er. L’article 5 de l’arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2017 relatif aux aides à la distribution de fruits, de légumes et de lait aux élèves dans les établissements d’enseignement, modifié par l’arrêté du Gouvernement flamand du 20 juillet 2018, est complété par les alinéas cinq et six, rédigés comme suit : « Par dérogation à l’alinéa deux, pour l’année scolaire 2020-2021, la période de dix semaines au cours de laquelle la distribution a lieu, s’étend du 1er septembre 2020 au 30 juin 2021 inclus. Par dérogation à l’alinéa trois, pour l’année scolaire 2020-2021, la période de dix semaines au cours de laquelle la première période de distribution a lieu, s’étend du 1er septembre 2020 au 30 juin 2021 inclus et la période de dix semaines au cours de laquelle la deuxième période de distribution a lieu, s’étend du 1er janvier au 30 juin 2021 inclus. ». Art. 2. À l’article 5 du même arrêté, modifié par l’arrêté du Gouvernement flamand du 20 juillet 2018 et par le présent arrêté, les alinéas cinq et six sont abrogés. Art. 3. L’article 2 entre en vigueur le 1er janvier 2022. 29382 MONITEUR BELGE — 29.03.2021 — BELGISCH STAATSBLAD Art. 4. Le ministre flamand compétent pour l’agriculture et la pêche en mer, le ministre flamand compétent pour l’enseignement et la formation et le ministre flamand compétent pour le bien-être, la santé publique et la famille sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l’exécution du présent arrêté. Bruxelles, le 19 mars 2021. Le Ministre-Président du Gouvernement flamand, J. JAMBON La Ministre flamande de l’Économie, de l’Innovation, de l’Emploi, de l’Économie sociale et de l’Agriculture, H. CREVITS Le Ministre flamand de l’Enseignement, des Sports, du Bien-Être des Animaux et du Vlaamse Rand, B. WEYTS Le Ministre flamand du Bien-Être, de la Santé publique, de la Famille et de la Lutte contre la Pauvreté, W. BEKE DEUTSCHSPRACHIGE GEMEINSCHAFT COMMUNAUTE GERMANOPHONE — DUITSTALIGE GEMEENSCHAP MINISTERIUM DER DEUTSCHSPRACHIGEN GEMEINSCHAFT [2021/201178] 1. MÄRZ 2021 — Dekret zur Schaffung einer gemeinsamen Schatzamtsverwaltung für die Einrichtungen der Deutschsprachigen Gemeinschaft Das Parlament der Deutschsprachigen Gemeinschaft hat das Folgende angenommen und wir, Regierung, sanktionieren es: Artikel 1 - Für die Anwendung des vorliegenden Dekrets versteht man unter: 1. Einrichtung: die in Artikel 2 Nummer 2 des Dekrets vom 25. Mai 2009 über die Haushaltsordnung der Deutschsprachigen Gemeinschaft erwähnten Einrichtungen; 2. zentraler Kassenverwalter: ein durch die Regierung infolge eines öffentlichen Dienstleistungsauftrags beauftragtes Kreditinstitut, wie in Artikel 1 § 3 Absatz 1 des Gesetzes vom 25. April 2014 über den Status und die Kontrolle der Kreditinstitute und der Börsengesellschaften bestimmt. Art. 2 - § 1 - Jede Einrichtung eröffnet alle ihre belgischen Finanzkonten bei dem zentralen Kassenverwalter und legt ihr ganzes Guthaben und alle ihre Anlagen ausschließlich auf diese Konten. § 2 - Jede Einrichtung verfügt über ihre Finanzkonten unter Wahrung ihrer Autonomie. Art. 3 - Jede Einrichtung beauftragt den zentralen Kassenverwalter mit der materiellen Ausführung ihrer Einnahmen- und Ausgabengeschäfte und mit der Führung aller ihrer Finanzkonten gemäß den allgemeinen Bedingungen, die von der Regierung mit dem zentralen Kassenverwalter vertraglich bestimmt worden sind. Die Regierung darf jederzeit von dem Kontenstand der Einrichtungen Kenntnis nehmen. Art. 4 - Der zentrale Kassenverwalter erstellt die tägliche Kassensituation der Salden aller Konten der Deutschsprachigen Gemeinschaft und der in Artikel 1 erwähnten Einrichtungen, hiernach ″der globale Stand″, in Valutadatum. Dieser globale Stand wird von der Regierung verwaltet. Die Finanzkonten der Einrichtungen, die in diesem globalen Stand aufgenommen sind, werfen für den Inhaber der Konten weder Ertrags- noch Debetzinsen ab. Art. 5 - Die Regierung kann weitere Modalitäten zur Verwaltung der Finanzkonten und Anlagen der Einrichtungen festlegen, insbesondere bezüglich der Beauftragten in der Verwaltung der Bankkonten sowie in Ausführung der Bestimmungen in Artikel 92 § 3 des Dekrets vom 25. Mai 2009 über die Haushaltsordnung der Deutschsprachigen Gemeinschaft. Art. 6 - Die Einrichtungen, die zum Zeitpunkt des Inkrafttretens des vorliegenden Dekrets Inhaber eines oder mehrerer Finanzkonten bei einem anderen belgischen Kreditinstitut als bei dem zentralen Kassenverwalter sind bzw. Geldanlagen bei einem anderen Kreditinstitut als bei dem zentralen Kassenverwalter platziert haben, schließen diese und übertragen sie dem zentralen Kassenverwalter. Die Nomenklatur der gegebenenfalls von den Einrichtungen beim zentralen Kassenverwalter bereits eröffneten Finanzkonten wird abgeändert, insofern der Bankschlüssel der eröffneten Konten nicht 091 lautet. Art. 7 - Das Dekret vom 16. Dezember 1991 über das Schatzamt der Deutschsprachigen Gemeinschaft wird aufgehoben. Art. 8 - Vorliegendes Dekret tritt am Tag seiner Veröffentlichung im Belgischen Staatsblatt in Kraft. Eupen, den 1. März 2021 O. PAASCH Der Ministerpräsident Minister für lokale Behörden und Finanzen A. ANTONIADIS Der Vize-Ministerpräsident Minister für Gesundheit und Soziales Raumordnung und Wohnungswesen I. WEYKMANS Die Ministerin für Kultur und Sport Beschäftigung und Medien 29383MONITEUR BELGE — 29.03.2021 — BELGISCH STAATSBLAD