Arrêté du Gouvernement flamand portant modification de l'article 2 de l'arrêté royal du 26 août 1980 instituant une marque de contrôle pour le lait
Made 2021-09-03 · Text as of 2026-10-01
Public law and official guidance, published as research. Not legal, tax or financial advice.
About this law
- Language
- French
- Kind
- Regulation
- Country
- Belgium
- Subjects
- Food and nutrition
- Keywords
- milk/dairy products, packaging/labelling, food safety and quality, standards
Where to read it
Text
The law's own text, section by section, as held. Each section has its own link.
GOUVERNEMENTS DE COMMUNAUTE ET DE REGION GEMEENSCHAPS- EN GEWESTREGERINGEN GEMEINSCHAFTS- UND REGIONALREGIERUNGEN VLAAMSE GEMEENSCHAP — COMMUNAUTE FLAMANDE VLAAMSE OVERHEID [C − 2021/33190] 3 SEPTEMBER 2021. — Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van artikel 2 van het koninklijk besluit van 26 augustus 1980 tot instelling van een controlemerk voor de melk Rechtsgronden Dit besluit is gebaseerd op: het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid, artikel 4, 2°, a) en b). Vormvereisten De volgende vormvereisten zijn vervuld: De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 28 mei 2021; De adviesaanvraag is op 24 juni 2021 bij de Raad van State ingediend, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2° van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. Er is geen advies verstrekt binnen de gestelde termijn. Daarom wordt artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, toegepast. Initiatiefnemer Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw. Na beraadslaging, DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: Artikel 1. In artikel 2, § 2, 1, b), van het koninklijk besluit van 26 augustus 1980 tot instelling van een controlemerk voor de melk, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 maart 2020, wordt het woord “drie” vervangen door het woord “twee”. Art. 2. De Vlaamse minister, bevoegd voor de landbouw en de zeevisserij, is belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 3 september 2021. De minister-president van de Vlaamse Regering, J. JAMBON De Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw, H. CREVITS TRADUCTION AUTORITE FLAMANDE [C − 2021/33190] 3 SEPTEMBRE 2021. — Arrêté du Gouvernement flamand portant modification de l’article 2 de l’arrêté royal du 26 août 1980 instituant une marque de contrôle pour le lait Fondements juridiques Le présent arrêté est fondé sur : le décret du 28 juin 2013 relatif à la politique de l’agriculture et de la pêche, article 4, 2°, a) et b). Formalités Les formalités suivantes sont remplies : L’Inspection des Finances a rendu un avis le 28 mai 2021 ; La demande d’avis a été adressée au Conseil d’État le 24 juin 2021, en application de l’article 84, § 1, alinéa premier, 2°, des lois sur le Conseil d’État, coordonnées le 12 janvier 1973. Aucun avis n’a été donné dans le délai imparti. C’est pourquoi l’article 84, § 4, alinéa deux, des lois sur le Conseil d’État, coordonnées le 12 janvier 1973, s’applique. Initiateur Le présent arrêté est proposé par la Ministre flamande de l’Économie, de l’Innovation, de l’Emploi, de l’Économie sociale et de l’Agriculture. Après délibération, LE GOUVERNEMENT FLAMAND ARRÊTE : Article 1er. À l’article 2, § 2, 1, b), de l’arrêté royal du 26 août 1980 établissant une marque de contrôle pour le lait, modifié par l’arrêté du Gouvernement flamand du 27 mars 2020, le mot « trois » est remplacé par le mot « deux ». 104470 MONITEUR BELGE — 01.10.2021 — BELGISCH STAATSBLAD Art. 2. Le ministre flamand qui a l’agriculture et la pêche en mer dans ses attributions est chargé de l’exécution du présent arrêté. Bruxelles, le 3 septembre 2021. Le Ministre-président du Gouvernement flamand, J. JAMBON La Ministre flamande de l’Économie, de l’Innovation, de l’Emploi, de l’Économie sociale et de l’Agriculture, H. CREVITS * VLAAMSE OVERHEID [C − 2021/33297] 24 SEPTEMBER 2021. — Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 tot uitvoering van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, wat de subsidieregeling betreft Rechtsgronden Dit besluit is gebaseerd op: het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, artikel 2, 7°, b), artikel 3, § 1, tweede lid, en § 2, gewijzigd bij de decreten van 10 maart 2006, 11 mei 2012 en 5 juli 2013, artikel 6, gewijzigd bij de decreten van 11 mei 2012 en 5 juli 2013, artikel 42, § 1, vervangen bij het decreet van 18 juni 2021, artikel 43 en 47; het decreet van 18 juni 2021 tot wijziging van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, het decreet van 5 juli 2013 tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten en de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, wat de subsidieregeling betreft, artikel 12. Vormvereisten De volgende vormvereisten zijn vervuld: De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord gegeven op 10 september 2021. Er is bij de Raad van State een verzoek om spoedbehandeling ingediend, gemotiveerd door de omstandigheid dat artikel 12 van het decreet van 18 juni 2021 tot wijziging van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, het decreet van 5 juli 2013 tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten en de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, wat de subsidieregeling betreft, (hierna ‘het wijzigingsdecreet van 18 juni 2021’) voorziet dat de wijzigingen, opgenomen in het decreet van 18 juni 2021, in werking treden op een datum die de Vlaamse Regering vaststelt en uiterlijk op 1 oktober 2021. De opmaak van het ontwerp van besluit om uitvoering te geven aan de wijzigingen, opgenomen in het wijzigingsdecreet van 18 juni 2021 vroeg veelvuldig overleg, onder meer om te komen tot een gedragen, evenwichtige en voldoende concrete omschrijving van de criteria om in aanmerking te komen voor de (verhoogde) financiële steun. De Vlaamse minister, bevoegd voor Omgeving, legde dit ontwerp van besluit een eerste maal aan de Inspectie van Financiën voor op 16 juli 2021. Na een ongunstig advies van de Inspectie van Financiën op 4 augustus 2021 werd een aangepast ontwerpbesluit met aangevulde motivering voorgelegd aan de Inspectie van Financiën op 12 augustus 2021. Hierop volgde op 27 augustus 2021 een tweede negatief advies. Het begrotingsakkoord van de Vlaams minister van Financiën en Begroting werd bekomen op 10 september 2021. Gelet op dit procedureverloop en gelet op de uiterlijke datum van inwerkingtreding die decretaal werd vastgelegd op 1 oktober 2021, is het noodzakelijk om binnen een termijn van vijf werkdagen over het advies van de afdeling wetgeving van de Raad van State te beschikken. De Raad van State heeft advies 70.181/1 gegeven op 21 september 2021, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 3°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. Initiatiefnemer Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme. Na beraadslaging, DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: Artikel 1. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 tot uitvoering van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruim ten, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 februari 2017, wordt punt 7° opgeheven. Art. 2. In artikel 2, § 2, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 23 juni 2006, 17 januari 2014 en 27 november 2015, wordt de zinsnede “uitgeoefend door bedrijven, ondernemingen of zelfstandigen” opgeheven. Art. 3. In artikel 6 van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de woorden “per deelgemeente” opgeheven; 2° in paragraaf 6 wordt de zinsnede “artikel 14 van dit besluit” vervangen door de zinsnede “artikel 3.1.0.0.1 van het Besluit Vlaamse Codex Fiscaliteit van 20 december 2013”. Art. 4. In artikel 9, eerste lid, 5°, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 januari 2014, wordt punt a) vervangen door wat volgt: “a) de vroegere eigenaars wel of niet rechtstreeks of onrechtstreeks participeren in de verwervende vennoot schap;”. 104471MONITEUR BELGE — 01.10.2021 — BELGISCH STAATSBLAD