Maritime Authority Act (No. 37 of 2002)
Made 1998-03-30 · Text as of 2026-10-01
Public law and official guidance, published as research. Not legal, tax or financial advice.
About this law
- Language
- English
- Kind
- Act
- Organisation
- Amazon Cooperation Treaty Organization
- Country
- Suriname
- Subjects
- Sea
- Keywords
- navigation
Where to read it
No source link is recorded for this law.
Text
The law's own text, section by section, as held. Each section has its own link.
1998 STAATSBLAD VANDE REPUBLIEK SURINAME no. 37 Wet van 30 maart 1998 houdende instelling van de Maritie me Autoriteit Suriname (Wet Maritieme Autoriteit Surina me) DE PRESIDENT VAN DE REPUBLIEK SURINAME, In overweging genomen hebbende, dat in het kader van de verbetering van de uitvoering van de taken van de Dienst voor de Scheepvaart op nationaal en intemationaal gebied, het wenselijk is over te gaan tot instelling van een Bedrijf ge naamd Maritieme Autoriteit Suriname; Heeft, de Staatsraad gehoord, na goedkeuring door De Nationale Assemblee, bekrachtigd de onderstaande wet: 1998 2 Aigemene bepalingen Artikell. no.37 Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde, wordt verstaan onder: a. de Minister: de Minister belast met de zorg voor de Scheepvaart in Suriname; b. de Raad: de Raad van Commissarissen als be doeld in artikel 9; c. de Directeur: de Directeur van het Bedrijf Maritieme Autoriteit Suriname, die tevens als Ha venmeester zal optreden; d. het Bedrijf het Bedrijf Maritieme Autoriteit Su riname als bedoeld in artikel 2. Artikel2 1. Bij deze wet wordt ingesteld het BedrijfMaritieme Autoriteit Suriname. 2. Dit Bedrijf is een rechtspersoon en is gevestigd te Paramaribo; het Bedrijf kan ook elders, zowel binnen als buiten Suriname, kantoren hebben. 1998 3 Doelstelling ert taken Artike13 no.3? 1. Doelstelling: a. Ben veilige en efficiente doorvaart garanderen van zeeschepen naar en van Suriname op basis van intemationaal aanvaarde normen en regels en conform de ook door Suriname geratificeer de verdragen. b. Toezicht op de naleving van wettelijke voor- (i schriften de scheepvaart en het scheepvaart verkeer betreffende. .2. Het Bedrijf is belast met: a. het op commerciele en efficiente basis uitoefe nen van de werkzaarnheden op het gebied van de dienstverlening aan de scheepvaart in de ruimste zin des woords, ten einde deaan- en afvoer van' de import en de export veilig te stellen; b. het uitvoeren van bij of krachtens wettelijke regelingen aan het Bedrijf opgedragen taken op scheepvaartgebied; c. het zich belasten met die verrichtingen die uit hoofde van hun verband met de onder a en b genoemde taken geacht kunnen worden tot zijn werkgebied te behoren; d. het verrichten van diensten voor derden op het gebied van de scheepvaart en voorts aIle ande re daden die voor dit doel bevorderlijk zijn. 1998 4 Artike14 no. 37 1. Ret Bedrijf heeft voorts tot taak, met inachtneming van de ter zake bestaande wetteIijke regelingen, elke verlang de scheepvaartvoorziening te treffen, een en ander binnen de mogelijkheden van het Bedrijf en gegeven de uitbreidingsmo gelijkheden die bedrijfseconomisch verantwoord zijn. 2. Ret Bedrijf dient voorts zorg te dragen voor de inrich ting en exploitatie van scheepvaartvoorzieningen in gebieden waarin de Staat zulks nodig oordeelt; de kosten verbonden aan deze voorzieningen komen ten laste van de Staat, tenzij tussen het Bedrijf en de Staat een andere kostenverdeling wordt overeengekomen. Kapitaal Artikel5 Ret beginkapitaal van het Bedrijf bedraagt bij de oprichting Sf 500.000.000,= (VIJFRONDERD MILJOEN SURINAAMSE GULDENS). Bestuur. Beheer en Raad van Commissarissen BESTUUR Artikel6 1. Ret Bedrijf wordt bestuurd door een Directeur bijge 1998 5 no. 37 staan door een of meer onder-directeuren. 2. Bij ontstentenis of belet van de Directeur berust het bestuur in zijn geheeJ bij een door de Raad van Commissaris sen aan te wijzen onder-directeur. In geval van ontstentenis of belet van de Directeur en aJle onder-directeuren wordt het bestuur voorlopig waargenomen door de Raad onverminderd diens bevoegdheid om het be stuur alsdan tijdelijk aan een of meer personen al dan niet uit zijn midden op te dragen. 3. De Directeur en de onder-directeuren worden op voor dracht van de Raad benoemd, geschorst en ontslagen door de Minister na verkregen goedkeuring van de Raad van Minis ters. In geval van ontslag van de Directeur en de onder directeuren is de Wet Ontslagvergunningniet van toepassing. 4. De arbeidsvoorwaarden van de Directeur en de onder directeuren worden door de Minister, gehoord de Raad, na verkregen goedkeuring van de Raad van Ministers vastge steld; de Direoteur en de onder-directeuren mogen zonder toestemming van de Raad geen nevenbetrekkingen vervullen, bezoldigd of onbezoldigd; verder mogen de Directeur en onder-directeuren in prive geen vertegenwoordiging of aan delen hebben in verwante bedrijven. 5. Een schorsing als bedoeld in lid 3 zal de Directeur en onder-directeuren schriftelijk, onder vermelding vande rede nen, welke daartoe hebben geleid, moeten worden medege deeld; alvorens een dergelijk besJuit te nemen zal de Minister 1998 6 no. 37 hen de gelegenheid geven zich bij hem ofeen door hem aan te wijzen functionaris of in te stellen commissie te verweren. 6. Tegen ontslag staat beroep open bij de President binnen 30 dagen-nadat het ontslag ter kennis van betrokkene is gebracht ofhij geacht kan worden daarvan kennis te hebben genomen; de President beslist, gehoord de Minister, met redenen omkleed; schriftelijk binnen zes weken na indiening van het beroep. 7. Het overige personeel van het Bedrijf wordt door de Directeur benoemd, geschorst en ontslagen. Bebeer Artikel7 1. De Directeur beheert het vermogen van het Bedrijf en oefent zijn bevoegdheden uit met inachtneming van de ter zake geldende wettelijke regelingen hem op het gebied van de scheepvaarttoegekend; hij vertegenwoordigt het Bedrijf in en buiten rechte. De Directeur geeft leiding aan de bedrijfsactiviteiten mede aan de hand van een bedrijfsplan, uitvoeringsplan en voort gangscontrole van de bedrijfsresultaten; indien in enige wette lijke regeling bevoegdheden zijn toegekend aan het Hoofd van de Dienst voor de Scheepvaart, worden deze in het vervolg uitgeoefend door de Directeur. 1998 7 no. 37 2. De directie regelt de verdeling van baar taken en baar werkwijze in een door de Raad goed te keuren directie-regle ment. 3. De Directeur treedt in overleg met de Raad over alle aangelegenheden die van aanmerkelijke invloed zijn op de gang van zaken van bet Bedrijf en verstrekt de Raad alle inlicbtingen die deze voor de uitoefening van zijn taak nodig beeft. Artikel8 1. De Directeur beboeft de schriftelijke macbtiging van de Raad voor: a. het samenwerken met of deelnemen in verwan te ondememingen en bet aanvaarden van de directie van soortgelijke ondememingen als mede het .afstoten van dergelijke samenwer kingen ofdeelnemingen; b. de vaststelling van collectieve arbeidsvoor waarden voor werknemers; c. het collectief beeindigen van de dienst-betrek kingen van werknemers; d. bet vaststellen van de salariering en de overige arbeidsvoorwaarden van bet stafpersoneel; e. bet (on)verzekerd bouden van verzekerbare risico's; f. bet voeren van processen als eisende partij en het aangaan van dadingen; 00.37 '\K;Url 11::' g~)/f;;t 'lthfd ''If:fk!!ijge01eR~OOhAWh onroerende ,<)lg(~n"' rmkied3l)Shmd,y.llYert.'tbeiwaren daarv~: h. het overdragen tot zekerheid of bezwaren van .roerende zaken; nUsl ·r~wd. hp;n.n~:iV¢rr~Htenwan techtslIandelingel1'lwaardoor tiL. f' .... h:/.het Beqrij.:fi1zichl.l3.1s bx\lrS':of l1t)oft!elijk: 1'f!ede "as ~jb!..s.ebuidenMr'\i~rbintl4:a:ich voeeeen derde~.§te$ nihoH );'.•.,&J uti:\: JDmt1{t ofu'ricw!tothzekerlIeidsstelling[vQoi::: can schuld van een derde verbindt; n );; J. het aangaan van verbintenissen waarvan het geidelijk belang Sf 5,000.000,= (VIJF MIL JOEN GULDlJi~Akl.~evaite boven gaat; dit bedrag kan bij Staatsbesluit worden gewijzigd; k. het aangaan van geldleningen. 2. Rechtshandelingen als omschreven in lid 1 binden het Bedrijf niet, indien verricht zonder voorafgaande schriftelijke machtiging van de Raad. 3. Tegenover derden blijkt de machtiging dan weI mede werking van de Raad, uit de handtekening van de president commissaris of bij diens ontstentenis van die van zijn ver vanger. Raad van Commissarissen Artikel9 L De Raad bestaat uit tenminste 5 en ten hoogste 7 1998 leden. 9 no. 37. :,';: . ?-. De commissarissen worden na 'goedkeuring vall'del , Raad van Ministers door de Minister benoemd veor ten1hoog><J ste 3 (drie) jaren en zijn na ommekomstvan deze periode ter stond herbenoembaar, onverminderd het.recht van de Ministeif de commissarissen tussentijds te ontslaan na goedlOOurib~~ de Raad van Ministers. '~~j i; .~:J' ~i'J~ (::~~ .;, :. :)f.;d:.:.t.d n-~~J)~~,jcb.nJ~'<~ t\ 3..!~)Ji~ lDe Ministerr\benoemt een':v;ailldeicornmisSarisseJJIJ)tbtg pti.esidem~Jmriissa~ dtwR1!:!JdJriesli uit)22jjll:-nhidd~)de~df>b president-commissaris; de Raad wijst uit off<lin!ittEhJhUaP-''OOiw.b den een secretarisaan. t·~-t·"br. ': r ',J A 1,.1 f ,;. ;,•.iJ 4. '11 1>e c~sari8SeIIrtrekim:bijd.t@'tb'b'retten:~ dtf>tdefloltl tijd van zeventigjaren af .(fi)~,g 5. Commissarissen en de secretaris genieten een door de Minister vast te stellen remunti~~\remuneratie komt ten laste van de exploitatie-rekening van het Bedrijf ~":/ 1.-:, ·((~.c 't~~; '~?(l J 6." De commissanssen zullen hutri:'qaK uitoe{mteftPJmetb inachtneming van de door de Minister gegeven richtlijnen ~l de ter zake bestaandewettelijke regelingen. '.,~;.i" 'F,;''.Artikel'tOvKr 1. De Raad is belast met het toezicht QP het bestuur en beheervan de Directeur. 1998 10 no. 37 2. De president-commissaris treedt op als voorzitter van de Raad en bij diens afwezigheid of ontstentenis de vice president-commissaris. Bij afwezigheid of ontstentenis van beide, het oudste lid in jaren. 3. De commissarissen verdelen verderhun werkzaamhe den.onderling, :4; De raadsleden hebben te allen tijde toegang tot alle gebouwen, terreinen en installaties in zoverre de veiligheid dat gedoogt en het recht tot inzage van de boeken en beschei den van het Bedrijf. 5. De Raad kan zich voor rekening van het Bedrijf doen bijstaan door een of meer door hem aan te wijzen deskundi ge(n). Artikelll 1. De Raad vergadert ten minste eenmaal per maand, daartoe bijeengeroepen door of namens de president-eom missaris en verder zo dikwijis ten minste twee commissa rissen het nodig achten. 2. De Raad neemt geen rechtsgeldige besluiten indien niet ten minste drie, respectievelijk vier commissarissen aanwezrg zijn. 3. De Raad besluit bij meerderheid van stemmen; bij 1998 11 nO.37 staking van stemmen wonk het voorstel opnieuw in de volgende vergadering in stemming gebracht; staken de stem men opnieuw dan wordt het voorstelgeacht te zijn verworpen, indien het betreft zaken; indien het personen betreft, wordt de behandeling op de eerstvolgende vergadering voortgezet; staken de stemmen dan opnieuw, dan besIist de voorzitter. 4. Op uitnodiging van de Raad neemt de directie of degene die hem vervangt deel aan de vergaderingen. van de Raad en beeftdeze een adviserende stem. 5~ Van het verhandelde in de vergadering van d~tRaad worden notulen opgemaakt, welke worden vastgesteld en ondertekend door de voorzitter van de vergadering en de secretaris; de notulen worden bewaard ten kantore van het Bedrijf; een exemplaar van deze notulen wordt toegezonden aan de Minister. ArtikeJ 12 1. De Minister kan de Raad horen over alle aangelegen heden het Bedrijf rakende. 2. De Raad is bevoegd uit eigen bewegingde Minister van advies te dienen ter zake van aangelegenheden het Bedrijf rakende, welke voor een juiste uitoefening van het te voeren scheepvaanbeleid van belang kunnen zijn. 1998 12 nO.3? Boekjaar, Balans en Winst-en Verliesrekening Artik~l13 1. Het boekjaar valt samen met het kalenderjaar. Het eerste boekjaar loopt vanaf de instelling tot en met 31 decem ber daaraanvolgend. de exploitatie; de investeringen en de financiele verplichtingen welke in genoemd tijdvak voor een latere periode dan dit tijdvak: zuBen worden aangegaan; de toelichting gaat vergezeld van een financieringsoverzicht. c. 2. ,g.pe Directeur legt eenmaal per jaar voor het komende. tijdva~ van 12 maanden uiterlijk in de maand oktober aan de Raad ter goedkeuring voor een begroting met toelichting ter zake van: a. b. 3. De Directeur brengt elk kwartaal verslag uit aan de Raad over de realisatie van de begroting en van het finan cieringsoverzicht. 4. Jaarlijks wordt, na afloop van het boekjaar, door de Directeur een balans en een winst- en verliesrekening opge maakt, welke voor ultimo maart daaraanvolgend met een toelichting vermeldende naar welke maatstaf de roerende en onroerende zaken van het Bedrijf zijn gewaardeerd en het jaarverslag van de Directeur aan de Raad ter beoordeling zullen worden aangeboden. 1998 13 no. 37 5. De Raad zal de balans en de winst- en verliesrekening met de toelichting onderzoeken en zich daarbij doen bijstaan door een registeraccountant; de Raad breogt daaromtrent voor ultimo april een pre-advies aan de Minister uit. 6. De balans en de winst- en verliesrekening met de toelichting worden door de Directeur en alle commissarissen ondertekend en ter vaststelIing aan de Minister aangeboden; indien de handtekening van een of meer van deze functiona rissen ontbreekt wordt de reden daarvan op de jaarstukken vermeld. 7. De vaststelling van de balans en de winst- en verliesre kening door de Minister strekt, tenzij uitdrukkelijk anders wordt bepaald, tot decharge van de Directeur en de Raad. Winsten Verlies Artikel14 1. Van de winst van het Bedrijf zoals die blijkt uit de door de Minister vastgestelde jaarlijkse winst- en verlies rekening, wordt een deel bestemd ter versterking van de reserves; het resterende gedeelte van de winst wordt ter be: schikking gesteldvan de Staat. 2. Indien blijkens de vastgestelde winst- en verliesreke ning over enig jaar verlies is geleden dat niet uit een reserve 1998 14 no. 37 kan worden bestredenofop anderewijze lean worden gedelgd, wordtuit de winst in het volgende jaar of in de volgende jaren zodanig verlies aangezuiverd, metinacht-neming van de ter zakegeldende wettelijke bepalingen. Overgang van directie en penODee! Artikel15 1. De op het tijdstip van instellingvan het Bedrijf bij dit Bedrijf werkzame landsdienaar heeft het recht om binnen zes maanden daarna een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht met het Bedrijf te sluiten, welkezal ingaanop de datum van instelling van het Bedrijf; in datgeval verliestbetrokkene de statusvan landsdienaar in de zin van de Personeelswet; de recbtspositie van bet personeel dat de status van landsdienaer in de zin van de Personeelswet verliest,wordt geregeld in een Collectieve Arbeidsovereenkomst op· grond waarvan de individuele arbeidsovereenkomsten met personeelsleden zullenworden gesloten. 2. lndien de in lid 1 bedoelde arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht niet of niet tijdig tot stand komt, blijft de op het moment van de instelling van het Bedrijf bij de Dienst voor de Scheepvaart werkza.me ambtenaar of arbeids-contrac tant in dienst van het Ministerie belast met de zorg voor de scheepvaart in Suriname; de in dit lid bedoeldelandsdienaren zullen niet langer dan drie maanden na de instelling te werk gesteld blijven bij het Bedrijf 1998 15 no. 37 3. Voor de vaststelling van de aan het dienstverband te ontlenen rechten geldt voor het personeel alsmede de directie de diensttijd doorgebracht bij de Staat ais vervuld in dienst van het Bedrijf. 4. Op de directie en het personeel van het Bedrijf zijn de bepalingen van het Staatsziekenfonds en de "Ambtena renpensioenwet 1972"van toepassing, totdat er eigen voorzie ningen zijn getroffen. Artikel16 1. Bij Staatsbesluit kunnen nadere regels worden vastge steld met betrekking tot het funktioneren van die onderdelen van de dienst, belast met inspectie en controle. 2. Onverminderd hetbepaalde in de voorgaande artikelen waarin een Staatsbesluit is voorgeschreven kunnen bij of krachtens Staatsbesluit aanvullende voorschriften worden vastgesteld. Qyerpngs- en SlotbeJ)alinun Artikel17 1. Alle gelden, goederen, rechten en verplichtingen van de Dienst voor de Scheepvaart gaan over op het bedrijf op de 1998 16 nO.3? datum van instelling van het bedrijf op de daarvoor voorge .schreven wijze. 2. Bij de inwerkingtreding van deze wet blijven aIle op het gebied van de scheepvaart geldende wettelijke regelingen, waaronder de tariefsvaststelling onverkort gelden. 3. De Minister van Transport, Communicatie en Toerisme is belast met de uitvoering van deze wet. Artikel18, 1. Deze wet kan worden aangehaald als "Wet Maritieme Autoriteit Suriname". 2. Zij wordt in het Staatsblad van de Republiek Suriname afgekondigd. 1998 17 no. 37 3. Zij treedt in werking met ingang van de dag volgende op die van haar afkondiging. 'G;tgi'ven te Paramaribo, de 30 ste maart 1998 J. A. WIJDENBOSCH Uitgegeven te Paramaribo, de 13 mei 1998 De minister van Binnenlandse Zaken S.W. KERTOIDJOJO