Law to lay down rules for the imposition of an export levy (Export Levy Law) (No. 29 of 2005)
Made 2005-03-31 · Text as of 2026-10-01
Public law and official guidance, published as research. Not legal, tax or financial advice.
About this law
- Original title
- Wet van 31 maart 2005, houdende regels met betrekking tot de heffing van een uitvoerrecht op hout (Wet uitvoerrecht op hout)
- Language
- Dutch
- Kind
- Act
- Organisation
- Amazon Cooperation Treaty Organization
- Country
- Suriname
- Subjects
- Forestry
- Keywords
- timber, taxes, international trade, fiscal and market measures
- Categories
- *
Where to read it
No source link is recorded for this law.
Text
The law's own text, section by section, as held. Each section has its own link.
2005 -2- No. 29 WET van 31 maart 2005, houdende regels met betrekking tot de heffing van een uitvoerrecht op hout (Wet uitvoerrecht op hout), 2005 STAATSBLAD VANDE REPUBLIEK SURINAME No. 29 c. Scheepvaartwet d. douanekoers e. Raad van Beroep de Wet van 25 april 1908 houdende bepalingen tot vaststelling van formulieren in acht te nemen bij in en uitvoer (G.B. 1908 no. 63, geldende tekst G.B. 1939 no. 30, zoals laatstelijk gewijzigd bij S.B. 1994 no. 61); de door de Centrale Bank van Suriname vastgestelde douanekoers van de US dollar geldende voor de dag dat het verschuldigd uitvoerrecht berekend wordt; de Raad van Beroep als bedoeld in artikel56 van de Wet Tariefvan Invoerrechten 1996; ALGEMENE BEPALINGEN Artikell DE PRESIDENT VAN DE REPUBLIEK SURINAME, In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: de Wet van 28 december 1995 houdende vaststelling van een nieuw Tariefvan Invoerrechten (S.B. 1995 no. 111, zoals laatstelijk gewijzigd bij S.B. 2004 no. 79); de Wet van 14 mei 2002, houdende wijziging van de hoogte der geldboete, zoals vastgesteld in thans van kracht zijnde wettelijke regelingen (S.B. 2002 no. 73); het buiten het grondgebied van de Republiek Suriname brengen van goederen; degene die goederen buiten het grondgebied van de Republiek Suriname brengt; g. Algemene Geld boetewet h. uitvoer i. exporteur f. Wet Tariefvan Invoerrechten 1996: de Minister belast met de zorg voor Financien; de Inspekteur der Invoerrechten en Accijnzen; b. Inspekteur a. Minister Heeft, de Staatsraad gehoord, na goedkeuring door De Nationale Assemblee, bekrachtigd de onderstaande wet: In overweging genomen hebbende, dat het wenselijk is nieuwe regels vast te stellen met betrekking tot de hefting van een uitvoerrecht op hout; 2005 -3- No. 29 2005 -4- No. 29 1. Onder de naam van uitvoerreeht op hout wordt een belasting geheven van de uitvoer van hout uit Suriname. j. fiseale waarde k. hout 1. Carieom lidstaat de door de Ministers van Financien, Handel en Industrie en Natuurlijke Hulpbronnen vastgestelde waarde van uit te voeren hout; hout waarvoor op basis van deze wet uitvoerreeht versehuldigd is; een land dat het Herziene Verdrag van Chaguaramas (The Bahamas, 5 juli 2001) heeft geratifieeerd. Artikel2 c. gekantreehte houtblokken met een dikte van > 50 em; d. houten platen die niet gekantreeht zijn met een dikte van> 15 em. 3. Bij de toepassing van deze wet wordt onder row bewerkt hout verstaan: a. gekantreehte houtblokken met een dikte tussen 15 en 50 em; b. houten platen, niet gekantreeht en/of met wankanten, met een dikte tot 15 em; e. paalhout; d. dwarsliggers; e. kernhout van letterhout. 2. Met betrekking tot de heffing, inning en eontrole van het uitvoerreeht zijn de bepalingen van de Seheepvaartwet en de Wet Tariefvan Invoerreehten 1996 van overeenkomstige toepassing. Artikel3 1. Het uitvoerreeht wordt geheven over alle hout dat in Suriname geexploiteerd wordt welke onbewerkt en row bewerkt wordt uitgevoerd. 2. Bij de toepassing van deze wet wordt onder rondhout verstaan: a. houtblokken die geen bewerking bebben ondergaan; b. houtblokken die gedeeltelijk van wankanten zijn ontdaan; 4. Het uitvoerrecht bedraagt: a. voor rondhout genoemd in lid 2, onderdelen a en b, 20 % van de fiscale waarde; b. voor rondhout genoemd in lid 2, onderdelen c en d, 18 % van de fiscale waarde; c. voor row bewerkt hout genoemd in lid 3, onderdelen a en b, 15 % van de fiscale waarde; d. voor row bewerkt hout genoemd in lid 3, onderdeel c, 6 % van de fiscale waarde; e. voor ruw bewerkt hout genoemd in lid 3, onderdelen d en e, 5 % van de fiscale waarde. 5. Door de Ministers van Financien, Handel en Industrie en Natuurlijke Hulpbronnen worden regels vastgesteld voor de berekening van het volume en de fiseale waarde van het te exporteren hout. 2005 -5- No. 29 2005 -6- No. 29 Artikel4 Degene die hout wenst uit te voeren, dient alvorens daartoe over te gaan aangifte te doen. Artikel5 1. Gehele vrijstelling van uitvoerrecht wordt verleend voor de uitvoer van hout naar een Caricom lidstaat. 2. De vrijstelling als bedoeld in lid 1 van dit artikel is slechts van toepassing indien de exporteur bij het doen van de aangifte kan bewijzen dat: a. het hout dat ten uitvoer wordt aangegeven in het vrije verkeer zal worden gebracht van de Caricom lidstaat die vermeld is in de aangifte; en b. nadat het hout is aangekomen in de Caricom lidstaat die vermeld is in de aangifte niet buiten een van de Caricom lidstaten zal worden gebracht dan na bewerking ofverwerking tot een goed waarvoor in Suriname bij de uitvoer geen uitvoerrecht verschuldigd zou zijn. 3. De Minister kan ten aanzien van deze vrijstelling nadere voorwaarden en beperkingen vaststellen. Artikel6 1. Door ofnamens de Minister-kan door de Inspecteur, onder door hem te stellen voorwaarden en beperkingen, terug gaaf worden verleend van uitvoerrecht: a. dat betaald is voor hout dat niet meer is uitgevoerd; b. dat betaald is voor hout dat is uitgevoerd en weder is ingevoerd omdat het niet aan de geadresseerde kon worden afgeleverd; c. dat ten onrechte is geheven. 2. Bij elk verzoek om teruggaaf als in dit artikel bedoeld, is een vergoeding verschuldigd waarvan het bedrag door de Minister wordt vastgesteld. Artikel7 1. Het is verboden om: a. hout uit te voeren voordat er aangifte is gedaan van het uit te voeren hout; b. hout uit te voeren voordat het uit te voeren hout door de ambtenaren van de Inspectie der Invoerrechten en Accijnzen is gevisiteerd. 2. Met uitvoer wordt gelijkgesteld: a. het inladen van hout in een schip dat bestemd is naar het buitenland te vertrekken; b. de aanwezigheid van hout in een schip, dat bestemd is naar het buitenland te vertrekken. 3. Degene die zich schuldig maakt aan het overtreden van een van de bepalingen van dit artikel, wordt een boete van de zevende categorie van de Algemene Geldboetewet opgelegd ofeen boete van drie maal het verschuldigd uitvoerrecht, indien dit bedrag meer is dan een boete van de zevende categorie van de Algemene Geldboetewet. 2005 -7- No. 29 2005 -8- No. 29 4. Onverminderd de in het derde lid genoemde boete wordt door de Inspecteur ambtshalve een aanslag opgelegd ter hoogte van het bedrag dat op basis van deze wet verschuldigd is. 5. De in dit artikel strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen. Artikel8 1. Indien blijkt dat de exporteur een lager bedrag aan uitvoer recht heeft betaald dan volgens deze wet verschuldigd is of zou zijn geweest, wordt het te weinig betaalde bedrag van de exporteur nageheven. Deze naheffing vindt plaats middels een door de Inspekteur op te leggen naheffings aanslag. 2. Naheffing kan plaatsvinden tot maximaal vijfjaar na de dagtekening van de aangifte op basis waarvan door de exporteur een te laag bedrag aan uitvoerrecht is betaald. 3. Het bedrag van deze naheffingsaanslag wordt verhoogd met een boete van 10%. 4. De Minister kan nadere regels vaststellen omtrent de vorm en inhoud van de naheffingsaanslag en de hierbij in acht te nemen fonnaliteiten. Artikel9 1. Degene die bezwaar heeft tegen enige beslissing die op grond van deze wet jegens hem, door ofnamens de Inspekteur is genomen, kan daartegen binnen twee maanden nadat deze beslissing is genomen, bezwaar aantekenen bij de Inspekteur. 2. Het bezwaar wordt aangetekend bij een met redenen omkleed bezwaarschrift. 3. De Inspekteur doet binnen twee maanden na ontvangst van het bezwaarschrift gemotiveerd uitspraak. 4. Een afschrift van de gemotiveerde uitspraak wordt door de Inspekteur aan de belanghebbende aangetekend per post toegezonden oftegen gedagtekend ontvangstbewijs uitgereikt. 5. Indien de Inspekteur niet binnen de in het derde lid van dit artikel genoemde termijn uitspraak doet, wordt het bezwaar geacht te zijn ingewilligd. ArtikellO 1. Tegen de uitspraak van de Inspecteur is binnen twee maanden na ontvangst van de uitspraak of de beslissing, beroep mogelijk bij de Raad van Beroep. 2. Het beroep wordt ingesteld bij een met redenen omkleed beroepschrift. 3. Bij staatsbesluit kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de vorm van het beroepschrift en de te overleggen bescheiden. Artikelll Met het toezicht op de juiste toepassing van deze wet en de opsporing, zijn behalve de bij artikel134 van het Wetboek van Strafvordering genoemde ambtenaren, de ambtenaren van de Inspectie der Invoerrechten en Accijnzen belast. 2005 -9- No. 29 2005 -10 - No. 29 Artikel12 1. Deze wet kan worden aangehaald als: Wet uitvoerrecht ophout. 2. Zij wordt in het Staatsblad van de Republiek Suriname afgekondigd. 3. Zij treedt in werking met ingang van de dag volgende op die van haar afkondiging. 4. Bij de in werking treding van deze wet wordt de Wet van 1 november 1946, betreffende de Heffmg van een Uitvoerrecht op Hout (G.B. 1946, zoals laatstelijk gewijzigd bij S.B. 1981 no. 48) ingetrokken. 5. De Minister van Financien is belast met de uitvoering van deze wet. Gegeven te Paramaribo, de 31ste maart 2005, R. R. VENETIAAN Uitgegeven te Paramaribo, de 25ste april 2005 De Minister van Binnenlandse Zaken, u. JOELLA - SEWNUNDUN WET van 31 maart 2005, houdenderegels met betrekking tot de hefting van een uitvoerrecht op"bout (Wet uitvoerrecht op hout), MEMORIE VAN TOELICHTING ALGEMEEN De onderhavige wet dient ter vervanging van de Wet van 1 november 1946 betreffende de hefting van een uitvoerrecht op hout (G.B. 1946 no.118, zoals laatstelijk gewijzigd bij S.B. 1980 no. 145). Het is wenselijk de huidige bepalingen inzake deze uitvoer rechten in overeenstemming te brengen met het Herziene Verdrag van Chaguaramas. Deze nieuwe wet biedt daarom de mogelijkheid dat exporten naar een Caricom lidstaat vrijgesteld worden van het betalen van uitvoerrechten. Uiteraard zal de exporteur die van deze faciliteit gebruik wenst te maken, moeten voldoen aan bepaalde voorwaarden die garanderen dat het hout bestemd is voor de betreffende Caricom lidstaat en niet zal worden doorgevoerd naar een land buiten de Caricom. Met de invoering van deze wet heeft de Regering van de Republiek Suriname invulling gegeven aan haar verplichting om regionaal gecommitteerde verplichtingen op te nemen in haar nationale wetgeving. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING Artikelen 2 en 3 Het belastbaar feit is de uitvoer van row bewerkt en onbewerkt hout. 2005 -11- No. 29 2005 -12 - No. 29 De gedachte achter deze bepaling is dat de Staat, bij de export daarvan, de toegevoegde waarde die uit verdere verwerking het van rond- of ruw bewerkt hout zou resulteren, derft. Vandaar dat over dit hout een uitvoerrecht wordt geheven. De uitvoer van hout wordt ook belast vanwege het feit dat er gestreefd wordt naar een duurzaam bosbeheer. Het uitvoerrecht is gekoppeld aan de US dollar waardoor de inkomsten bij een eventuele inflatie waardevast blijven. Artikel4 Iedere exporteur moet conform de Scheepvaartwet aangifte doen van het hout dat uitgevoerd zal worden. Artikel5 Dit artikel is een uitvloeisel van artikel 88 van het Herziene Verdrag van Chaguaramas. Deze vrijstelling is een bestemmings vrijstelling, waarbij degene die hietvoor in aanmerking wenst te komen, moet bewijzen dat het hout bestemd is voor gebruik in de Caricom lidstaat. Bovendien moet bewezen worden dat het hout niet buiten de Caricom zal worden uitgevoerd dan na bewerking of verwerking tot een product waarvoor in Suriname bij de uitvoer geen uitvoerrecht verschuldigd is. Hierdoor kunnen exporteurs geen oneigenlijk gebruik maken van deze vrijstelling om hout naar een derde land te exporteren. Artikel6 De bepaling met betrekking tot restitutie van houtuitvoerrecht is zodanig geformuleerd dat bijna elke vorm van teveel betaald uitvoerrecht, gerestitueerd kan worden. Artikel7 De verbodsbepalingen van de Scheepvaartwet met betrekking tot de uitvoer van hout zijn opgenomen. Tevens is de strafbepaling opgenomen voor degene die de verbodsbepaling overtreedt. De aanslag die de Inspekteur ambtshalve oplegt zal gelijk zijn met het uitvoerrecht dat de exporteur zou moeten betalen, indien er weI aangifte zou zijn gedaan. Artikel8 Naheffing van uitvoerrecht kan tot maximaal5 jaar plaatsvinden na de dagtekening van de aangifte ofde ambtshalve aanslag. Aan de naheffing is er tevens een administratieve boete gekoppeld. Artikelen 9 en 10 Tegen iedere beslissing genomen op basis van deze wet, kan bezwaar aangetekend worden bij het bestuursorgaan namens of door welke de beslissing is genomen. Tegen de beslissing van de Inspekteur en de Minister kan belang hebbende bij de Raad van Beroep in beroep gaan. Deze Raad van Beroep is dezelfde als welke is aangewezen in de Wet Tariefvan Invoerrechten 1996. Paramaribo, 31 maart 2005, R. R. VENETIAAN