Decree No. 205 of 1997 containing rules relative to new foodstuffs and new food ingredients made under the Commodities Act
Made 1997-04-29 · Text as of 2026-10-01
Public law and official guidance, published as research. Not legal, tax or financial advice.
About this law
- Language
- Dutch
- Kind
- Regulation
- Organisation
- European Union
- Country
- Netherlands
- Subjects
- Food and nutrition
- Keywords
- food safety and quality, novel food, fraud
Where to read it
No source link is recorded for this law.
Text
The law's own text, section by section, as held. Each section has its own link.
205 Besluit van 29 april 1997, houdende regels voor nieuwe voedingsmiddelen en nieuwe voedselingrediënten (Warenwetbesluit Nieuwe voedingsmiddelen) Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 21 maart 1997, nr. GZB/VVB 971284, gedaan in overeen stemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij; Gelet op verordening (EG) nr. 258/97 van het Europees Parlement en de Raad van 27 januari 1997 betreffende nieuwe voedingsmiddelen en nieuwe voedselingrediënten (PbEG L 43), alsmede op artikel 4, eerste lid, artikel 8, onder c, en artikel 13 van de Warenwet; De Raad van State gehoord (advies van 18 april 1997, no. W13.97.0157); Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 23 april 1997 met nummer GZB/VVB 972321, uitgebracht in overeenstemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij; Hebben goedgevonden en verstaan: Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder verordening (EG) 258/97: verordening (EG) nr. 258/97 van het Europees Parlement en de Raad van 27 januari 1997 betreffende nieuwe voedingsmiddelen en nieuwe voedselingrediënten (PbEG L 43). Artikel 2 Het is verboden te handelen in strijd met artikel 3 van verordening (EG) 258/97. Artikel 3 Een verzoek als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van verordening (EG) 258/97, wordt ingediend bij Onze Minister. Artikel 4 Dit besluit treedt in werking met ingang van 16 mei 1997. Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1997 Staatsblad 1997 205 1 • ~E JE MAINTIENDRAI Artikel 5 Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit Nieuwe voedings middelen. Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst. ’s-Gravenhage, 29 april 1997 Beatrix De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E. G. Terpstra Uitgegeven de vijftiende mei 1997 De Minister van Justitie, W. Sorgdrager 7S0188 ISSN 0920 - 2064 Sdu Uitgevers ’s-Gravenhage 1997 Het advies van de Raad van State is openbaar gemaakt door terinzagelegging bij het Minis terie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Tevens zal het advies met de daarbij ter inzage gelegde stukken worden opgenomen in het bijvoegsel bij de Staatscourant van 10 juni 1997, nr. 107. Staatsblad 1997 205 2 NOTA VAN TOELICHTING Inleiding In afwachting van door de Europese Unie op te stellen voorschriften, zijn in Nederland sinds 28 juli 1993 wettelijke regels van kracht voor de verhandeling van nieuwe voedingsmiddelen. Op dit moment zijn die regels te vinden in de Warenwetregeling Toelating nieuwe voedingsmid delen. Die regeling verbiedt de verhandeling van nieuwe voedingsmiddelen, maar geeft tevens aan op welke wijze beslist wordt op een verzoek om ontheffing van dat verbod. Inmiddels zijn desgevraagd 14 ontheffingen verleend. Na langdurige onderhandelingen is in Brussel begin 1997 overeen stemming bereikt over verordening (EG) nr. 258/97 van het Europees Parlement en de Raad van 27 januari 1997 betreffende nieuwe voedings middelen en nieuwe voedselingrediënten (PbEG L 43) (hierna te noemen: verordening (EG) 258/97). Dit besluit bevat de noodzakelijke bepalingen ter uitvoering van die verordening. Bij de inwerkingtreding van dit besluit vervalt de Warenwetregeling Toelating nieuwe voedingsmiddelen. Reikwijdte van verordening (EG) 258/97 Verordening (EG) 258/97 is van toepassing op het in de handel brengen in de Europese Unie van nieuwe voedingsmiddelen en nieuwe voedsel ingrediënten, die tot de datum van inwerkingtreding van de verordening in de Europese Unie niet in significante mate voor menselijke voeding zijn gebruikt. Eet- of drinkwaren waarvoor in Nederland ontheffing is verleend van de Warenwetregeling Toelating nieuwe voedingsmiddelen, en die vervolgens rechtmatig in het verkeer zijn gebracht in Nederland of een andere lid-staat van de Europese Unie, vallen derhalve buiten de reikwijdte van verordening (EG) 258/97. Deze eet- of drinkwaren kunnen zonder verdere beoordeling in alle lid-staten van de Europese Unie voor menselijke voeding gebruikt worden, mits zij onder meer geëtiketteerd zijn met inachtneming van het Warenwetbesluit Etikettering van levens middelen. Voor zover van toepassing betekent dit onder meer dat krachtens artikel 4, derde lid, van dat besluit, uit de aanduiding van een dergelijke waar moet blijken dat die waar vervaardigd is met behulp van moderne biotechnologie (zie ook artikel 7, eerste lid, van dat besluit inzake de vermelding van ingrediënten) , of dat krachtens artikel 5, eerste lid, onder d, van dat besluit een vermelding moet worden gebezigd dat overmatig gebruik van de waar een laxerend effect kan hebben. Deze etikettering is in overeenstemming met de voorschriften die destijds zijn verbonden aan de ontheffingen van de Warenwetregeling Toelating nieuwe voedingsmiddelen. Indienen van een verzoek Artikel 3 geeft aan dat de persoon die verantwoordelijk is voor het in Nederland in de handel brengen van een nieuw voedingsmiddel of nieuw voedselingrediënt, het daartoe strekkende verzoek moet indienen bij de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Deze bepaling richt zich tot de «verhandelaar». Een dergelijk verzoek zal dan ook in principe ingediend moeten worden door degene die een nieuw voedingsmiddel of nieuw voedselingrediënt voor het eerst in de handel brengt. Voor wat betreft de producten van de primaire sector, en met name van primaire producten die door een genetische modificatie zijn verkregen, wordt ervan uitgegaan dat het in dergelijke gevallen de veredelaar is, dus degene die de genetische modificatie aanbrengt, die het verzoek voor het in de Staatsblad 1997 205 3 handel brengen van nieuwe voedingsmiddelen en van nieuwe voedsel ingrediënten die uit deze uitgangsmaterialen verkregen worden, in moet dienen. Afhandeling en eerste beoordeling van een verzoek De verdere gang van zaken bij de afhandeling van het verzoek is vastgelegd in verordening (EG) 258/97. Artikel 6, tweede lid, van de verordening, draagt Nederland in voorkomende gevallen op te zorgen voor een eerste beoordeling van een ingediend verzoek. Deze eerste beoordeling zal worden verricht door Onze Minister. De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E. G. Terpstra Staatsblad 1997 205 4