Skip to content
Nelum
Laws of Curaçao

State Decree on the Quality of Potable Water

Made 2006-09-12 · Text as of 2026-10-01

Public law and official guidance, published as research. Not legal, tax or financial advice.

About this law

Original title
Landsbesluit Kwalitiet Drinkwater.
Language
Dutch
Kind
Regulation
Country
Curaçao
Subjects
Water
Keywords
water supply, potable water, inspection, authorization/permit, standards

Where to read it

    No source link is recorded for this law.

Text

The law's own text, section by section, as held. Each section has its own link.

  1. Artikel 1 In dit landsbcsluit en de daarop bcrustende bepalingen wordt vcrstaan ondcr: a. landsverordening de Landsverordening drinkwater (P.8. 2006, no. 37); b. ISO~norm J7025 norm 17025, getiteld ·General requirements for the competence of testing and calibration laboratories' van de International Organization for Standardization. Artikcl 2 Dit landsbesluit is van toepassing op: a. drinkwatcr als bedoeld in de landsverordening, behoudens voor zuvcr die bij of krachtcns die landsverordening van de werking van die landsverordening zijn uitgcslotcn. b. drink.water verpakt in tlessen of andersoortig klein verpakkingsmatcriaal, niet zijndc mincraal water; en 72 -2- c drinkwater dat in enig lcvcnsrniddclcnbcdrijf wordt gcbruikt voor de vcrvaardiging. de behandeling, de consen;cring of het in de handel brengcn van voor mcnsclijke consumptie bcstemde productcn of stoffen, voor zover dit water in direct contact komt of kan komcn met deze productcn of stoffen. .\rtikel 3 Bij dit landsbesluit horen de volgende bijlagen: a. Bijlage A. Minimum kwaliteitseisen, omvattcndc de volgende onderdelen: la. Microbiologische parameters, openbarc of intemc watervoorzicning. Ib. Microbiologische parameters, drink.water verpakt in flessen of andcrsoortig klein vcrpakkingsmateriaal 11. Chemische parameters Illa. lndicatoren - bedrijfstechnische parameters lllb. lndicatoren - organoleptische - esthetische parameters Ille. lndicatoren - signaleringsparameters; b. Bijlage B. Bewaking en audit bij een openbare of een inteme watervoorzicning, omvattendc de volgende tabellen: Tabel I. Bewaking en audit parameters voor drinkwatcr geleverd door een openbare of inteme watervoorziening Tabel II. Meetfrequenties behorend bij bewaking en audit bij een openbarc of ccn intemc watervoorziening Tabel Ill. Meetfrcquenties en te onderzocken parameters voor de gebruikte grondstof bij ccn openbarc watcrvoorziening en intcme watervoorziening in acht tc ncmcn bij hct opstellen van het rncetprogramma; c. Bijlage C. Bcwaking en audit van drink.water verpakt in tlesscn of andcrsoortig klein vcrpak.kingsmateriaal, omvattende de volgende tabellen: Tabcl I. Microbiologische bewaking- en auditparameters voor drinkwater verpakt in !lessen of andersoortig klein verpakkingsmateriaal Tabel II. Meetfrequentie behorende bij bewaking en audit van lokaal geproducccrd drinkwater verpakt in flessen of andersoortig klein verpakkingsmateriaal Tabel III. Meetfrequentie behorende bij bewaking en audit van gelmporteerd drinkwater verpakt in flessen of andersoortig k.Jein verpakkingsmateriaal; d. Bijlage D. Meetmcthoden en Prestatiekenmerken, omvattende de volgende tabcllen: - Tabcl I. Parameters waarvoor analysemethoden zijn gespecificeerd - Tabel II. Parameters waarvoor prestatiekenmerken zijn gespecificcerd; e. Bijlage E. Monstemame en -stabilisatie. Hoofdstuk 2 Rcgels met betrek.king tot de kwaliteit

  2. Artikel 4 De minimum kwaliteitseiscn, bedoeld in artikel 12, tweedc lid, van de landsverordcning zijn opgenomcn in bijlage A. -J- 72

  3. Artikel 5 Drinkwater voldoet op de volgende punten aan de parameters die ZIJn opgcnomen in de onderdclen I, II en III van de tabel in bijlage A: a. voor water dat via een distributienet wordt geleverd, op het punt waar het binncn cen gchouw of perccel a.an de tappuntt:n ter beschikking komt; h. voor water dat geJeverd wordt uit een tankschip of tankauto, op hct punt waar het uit hct tankschip of tankauto komt; c. voor water in flessen of verpakkingen, op het punt waarop de flessen of vcrpakkingcn worden gevuld ofbij import voordat deze in het vrije verkeer worden gebracht; of d. voor water dat wordt gehruikt in een levensmiddelenbedrijf, op het punt waar het in hct bedrijf wordt gebruikt.

  4. Artikel 6 Indien het drinkwater aan een tappunt niet voldoet aan de in artikel 5 bedoelde parameters en wordt vastgesteld dat het drink.water bij het desbetreffende leverantiepunt van de distributeur daaraan wCI voldoet, wordt ervan uitgcgaan dat het niet voldoen aan bedoelde parameters wordt veroorzaakt in het intern leidingnet.

  5. Artikel 7 I. In gcvallen als bedoeld in artikcl 6, waarin is vastgesteld dat het niet voldoen aan de m artikel 5 bedoelde parameters wordt veroorzaakt in het intern leidingnct, nemen de producenten en distributeurs in het geval van bij landsbesluit, houdende algemcne maalregelen, nader aan te wijzen categorieCn van openbare gelegenheden, voor zover zulks in hun vermogen ligt, passende maatregelen. 2. Tot de maatregelen, bedoeld in hct ecrste lid, behoren in elk geval hct terstond infonneren van de toezichthouder en van de eigenaar, beheerder, huurder of bewoncr van bet desbetreffende gebouw over de nonnoverschrijding en de mogelijke nadelige gevolgen voor de volksgezondheid alsmede bet adviseren van deze eigenaar, beheerder, huurdcr of bewoner omtrent herstelmaatregelen die zij kwmen nemen. 3. Tot de in het tweede lid bedoelde maatregelen kan ook behoren hct toepasscn van bchandelingstcchnieken.

  6. Artikel 8 1. lndicn niet voldaan wordt aan de ondcrdelen II of III van de label in bijlage A, kan het hestuurscollegc, gehoord de toezichthouder, indien het bclang van de volksgezondheid zich daartegen nict verzct en de watervoorziening in het desbetreffcnde gebied redelijkerwijs nit:t op ecn andere wijze kan worden voortgezet, op verzock van de produccnt of distributcur onthcffing verlcnen van waarden uit onderdelen II of III van de tabel in bijlagc A. Ecn verzoek tot verlening van een ontheffing als bcdoeld in het eerstc lid omvat in icdcr gcval de volgende gegevens: a. de rcdenen voor het verzock tot onthcffing; 72 -4- b. de parameter waarop het verzoek betrekking heeft, de resultaten van eerdcre metingen in vcrband met deze parameter en de waarde voor genoemde parameter ingevolge het verzoek; c. het geografisch gebied, de hoeveelheid geleverd water per dag, het aantal verbruikers en de betrokken bevolkingsgroep alsmede de eventuele gevolgen van hct niet voldoen aan de kwaliteitseisen voor de levensmiddelenindustrie; d. een adequaat meetschema., met verhoogde meetfrequentie indien noodzakelijk; c. een plan voor de noodzakelijke herstelmaatregelen, waarondcr cen tijdschema, een kostenrarning en voor.tieningen voor onderzoek en evaluatie; f. de periode voor ontheffing. 3. lndien het bestuurscollege van mening is dat de overgelegde gegevens, bedoeld in het tweede lid, onvoldoende zijn om tot een verantwoorde beslissing te komcn is het bevoegd nadere gegevens te vragen. Het bestuurscollege kan het aanleveren van die gegevens aan een tijd binden. 4. Een ontheffing als bedoeld in het eerste lid kan ender beperkingen worden verleend en aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. De beperkingen en voorschriften worden gesteld in het bclang van de volksgezondheid. In het belang van de volksgczondheid kan de ontheffing worden ingetrokken en kunnen de aan de ontheffing verbonden voorschriften worden gewijzigd, aangevuld of ingetrokken. 5. De ontheffing, bedoeld in het eerste lid, wordt verleend voor een zo kort mogelijke periode van ten hoogste een jaar. 6. De houder van de ontheffing, bedoeld in bet eerste lid, stelt het bestuurscollcge terstond op de hoogte van omstandigheden die er redelijkerwijs toe kunnen leiden dat aan hct eind van de periode, bedoeld in hct vierde lid, niet wordt voldaan aan de in het eerste lid genoemdc onderdelen II of Ill. 7. In het geval, bedoeld in het zesde lid, kan het bestuurscollege op verzoek van de houder van de ontheffing besluiten tot verlenging van de periode waarvoor de ontheffing geldt. I-let ecrste tot en met vijfde lid is van overeenkomstige toepassing. Nadien is in uitzondcrlijke gcvallen op overeenkomstige wijze verlenging mogelijk.

  7. Artikel 9 I. Ecn bcsluit tot verlening van een ontheffing als bedoeld in artikel 8. ecrste lid. of tot verlcnging van de periode waarvoor de ontheffing geldt als bedoeld in artikcl 8, zevende lid, omvat in ieder geval de volgende gegevens: a. de redenen voor de ontheffing; b. de parameter waarop de ontheffing betrekking heeft, de resultaten van ecrdere metingcn in verband met dcze parameter en de maximaal toegestanc waardc ingevolge <le ontheffing; c. het geografisch gcbicd, de hoeveelhcid geleverd water per dag. het aantal vcrbruikers en de bctrokkcn bevolkingsgroep alsmcdc de cventuclc gcvolgcn van de ontheffing voor de levensmiddelcnindustric; d. ecn adequaat meetschema. met verhoogde meetfrequentie indien noodza.kelijk; c. ecn samenvatting van het plan voor de noodzakelijke herstelmaatregelen. waarondcr ccn tijdschema, een kostcnraming en voorzieningen voor onderzoek en evaluatic; f. de periode waarvoor de ontheffing geldt. 2. In gcval van ontheffing licht het bestuurscollege de Minister en de lnspectie in. 3. De bcpalingcn van dit artikd hcbben gecn betrckking op water verpakt in flesscn of andcrsoortig klcin vcrpa.kkingsmateriaal. . 5. 72 Art,kel 10 I. lndien hct bestuurscollege, gehoord de toezichthouder. van oordcel is dat de overschrijding van <le parameterwaarde van onderdelen II of III onbcduidend 1s en indicn hcrstelmaatregelen overeenkomstig artikel 13, eerste lid, onderdeel c, van de lands- vcrordening, hct probleem binncn maximaal dertig dagen kunnen beCindigcn, is artikel 8 nict van toepassing. In dat geval stelt het bestuurscollege, gehoord de toezichthouder, allcen de maximaal toelaatbare parameterwaarde vast en de tijd waarin het probleem moet worden opgelost. J. Het cerste lid kan niet !anger warden toegepast wanneer dezelfde parameterwaarde voor een bepaalde waterlevering in de voorafgaande twaalf maanden in totaal meer dan dertig dagen is overschreden. 4. Hct bestuurscollege, dat van de in het eerste en tweede lid bedoelde afwijkings- mogclijkheden gebruik maakt, zorgt ervoor dat de betrokken afnemers zo spoedig mogelijk naa.r behoren over het besluit omtrent de afwijking en de daaraan verbonden voorwaarden worden geTnfonneerd. Bovendien zorgt het bestuurscollege ervoor dat specifiekc bevolkingsgrocpen waarvoor de afwijking een speciaal risico kan opleveren zo nodig advics wordt verstrekt. Hoofdstuk J Regcls met bctrckking tot de waarborging van de kwaliteit

  8. Artikel 11 l. De producent en de distributeur voeren met het oog op de waarborging van de kwaliteit en continu'iteit van de productie en levering van drinkwatcr een risicoanaJyse uit van de productie- en distributievoorzieningen van het drinkwater van bron tot verbruiker. 2. De risicoanalyse wordt elke vijf jaar uitgevoerd of zoveel eerder als grote veranderingen in de productie- of distributievoorzieningen die van invloed kunnen zijn op de kwalitcit en continurteit van de productie of distributie van drink.water, daartoe naar het oordeel van hct bcstuurscollegc aanleiding geven. J. De risicoanalyse wordt aan het bestuurscollege overgelegd. 4. Hct bcstuurscollege stelt de toezichthouder in de gclegenhcid advies uit tc brengcn over de risicoanalyse. 5. Het bestuurscollege zendt een exemplaar van de risicoanalyse aan de Minister en aan de lnspcctie. Artikcl 12 1. De produccnt en distributeur maken op basis van de risicoanalyse een beheersplan. 2. De producent of distributeur stelt vast. behcert en onderhoudt een kwahtcitsborgingsystecm. dat dcel uit maakt van het behecrsplan. Een kwaliteitsborgingsysteem omvat ten minstc cc.:n voondurende bewaking van de kwaliteit en de continuHeit. een calrunitcitenplan waarin onder meer opgenomen de herstelmaatregelen, we!ke instantics gemeld mocten worden hij rnlamitciten en de voorlichting a.an de vcrbruikers. 3. I let hchccrsplan wordt aan hct bestuurscollege overgelegd. . 6. 72 Anikd 13 I )c artikclcn 11 en 12 zijn van overecnkomstige tocpassing voor cigenarcn of bchcerdcrs alwaar !ogies kan worden gebodcn a.an meer dan 50 pcrsoncn.

  9. Artikel 14 In hct kadcr van de waarborging van de kwaliteit van het drinkwater controlecrt de produccnt of dislributcur van een openbare watervoorziening de rechtstreeks of indirect op het leidingnet van zijn bcdrijf aangesloten woninginstallaties, inteme watervoorzieningen en intemc lcidingncttcn op gevaar voor verontreiniging van het leidingnct van zijn bedrijf. 1-!oofdstuk 4 Regels met betrekking tot de controle van de kwalitcit

  10. Artikel 15 In de bijlagen B. C, Den Eis ter uitvoering van artikel 12, derde lid, van de landsverordening opgcnomcn wie, waar, wanneer en op welke wijze wordt gecontroleerd ten eindc vast te stcllcn of drink water voldoct aan de bij artikel 12, eerste lid, van de landsverordening en aan de krachtens artikel I 2, tweede lid, van de landsverordening bij dit landsbesluit gestelde eisen. Anikel 16 I. De producent of distributeur van een openbare of inteme watervoorziening steh voorafgaand aan het tijdstip van ingebruik.neming van een watervoorziening ecn meetprogramma op dat representatief is voor de gehele productievoorziening respectievelijk hct gehele waterleidingnet met in achtneming van de in bijlage B opgenomen tabellen I en II. 2. Het in het eerste lid bedoelde meetprogramma behoeft de goedkeuring van de toezichthouder alvorens de desbetreffcnde watervoorz.iening in gebruik wordt genomen. Gocdkeuring vooraf is niet nodig indien de ingebruikneming van de watervoorziening in hct belang is van afnemers en gebruikers mits de volksgezondheid niet in gevaar wordt gehracht. De toezichthoudcr kan aangcven in welkc vonn het meetprogramma tcr gocdkcuring dient te worden voorgelcgd. 3. De producent of distributeur, bedoeld in het eerste lid, laat onderzoeken of onderzoekt hct water in de frcquentic en op de plaatsen zoals aangegeven in het goedgekeurdc mcctprogramma, bedoeld in het ecrste lid. Zolang geen gevolg is gcgeven aan ccn op grand van hel ecrstc lid bestaande verplichting tot het opstellen van een meetprogramma, verricht de produccnt of distributeur metingen overecnkomstig de in bijlage B opgenomen tabellen I, II en III, tcnzij de toczichthouder anders bepaalt. 4. Voor micro-organismcn, parasicten of stoffcn die niet zijn genoemd in de in bijlage A opgenomen onderdelen I, II en III, verricht de producent of distributeur van een openbare of intcmc watcrvoorzicning mctingcn indien er aanwijzingen zijn om aan tc ncmcn dat dezc .7. 72 aanwezig zijn in aantallcn per volume ecnhcid of concentraties die nadclige gcvolgcn voor de volksgezondheid kunnen hcbben.

  11. Artikel I 7 I. De toezichthou<lcr kan bcpalen dat door hem aangegeven parameters, genoemd in tabcl I van bijlage B, frequenter worden onderzocht dan in tabel II van bijlage Bis aangegeven. Tevens kan hij bcpalen dat andere dan de in tabel I van bijlage B genoemde, door hem aangegevcn parameters, onderzocht worden in et:n door hem aangegeven frequentie, indicn dat naar zijn oordeel van belang is voor hct verkrijgen van voldocnde inzichl in de kwaliteit van hct water. 2. De toezichthouder kan toestaan dat de mectfrequentie van parameters die in tabcl I van bijlage B zijn opgenomen onder de kolom 'bewaking' wordt verlaagd, indien: a. de waardcn van de resultaten van de in een periode van ten minste twee opeenvolgende jaren genomen monsters constant zijn of significant beter dan de in bijlagc A genoemde waarden en b. het aaru,emelijk is dat er geen factor aanwezig is, die kan leiden tot het risico dat de in bijlage A genoemdc waarden in negatieve zin Worden overschredcn, waardoor de kwaliteit van bet water kan verslcchtercn. 3. De toczichthoudcr kan toestaan dat de mcetfrequentie van parameters die in label I van bijlage B zijn opgenomen onder de kolom 'audit' wordt verlaagd, indien: a. de waarden van de resultaten van de in een periode van ten minste twee opeenvolgendc jarcn genomen monsters constant zijn of significant beter dan de in bijlage A genoemde waarden, en b. bet aannemelijk is dat er geen factor aanwezig is, die kan leiden tot bet risico dat de in bij !age A genoemdc waardcn in negatievc zin worden ovcrschreden, waardoor de kwaliteit van bet water kan verslechteren. 4. Bij verlaging van de frequentie bedraagt bet aantal te nemen monsters ten minste de hclfl van de in tabel II van bijlage B genoemde aantallen, tenzij de toeziehthouder m een bijzondcr geval oordeelt dat met een nog lagere frequentie kan Worden volstaan. Mikel 18 1. De producent of distributeur van een openbare of inteme watervoorziening die drinkwater van cen ander betrekt teneindc dit zonder behandcling aan derden ter beschikking te stcllcn, onderzoekt dit ter plaatse waar hij dit water betrekt overecnkomstig de tabellen I en II. opgcnomen in bijlage B. lndien in dit geval drinkwater wordt bctrokken van een andcn: opcnbare watcrvoorzicning kan de toezichthouder toestaan dat bedoeld onderzoek op andere, door hem aan te geven wijzc wordt uitgcvoerd. 2. In allc ovcrige gevallen dan bedoeld in bet ecrstc lid, warden de monsters aan de tappuntcn gcnomcn, met uitzondering van de monsters waarvan in tabcl I van bijlage Bis aangegevcn voor welke parameters de monsters of een dee! daarvan ter plaatse van de inname van hct gcbruikte grondwater of oppervlaktewatcr dan we! na behandeling mogen worden genomcn. 3. De monstemame geschiedt op een zodanig tijdstip en op zodanige wijze, dat de uitkomstcn van het onderzoek representaticf zijn voor de hoedanigheid van hct dcsbctreffende water. 72 -8- 4. In geval drinkwater bij de bereiding of distributie gedesinfectecrd wordt, trcffcn de bedrijvcn voorts alle maatregelen om ervoor te zorgen dat de dodmatighcid van de toegepastc bchandeling wordt gecontroleerd. 5. Een monster dat niet ter plaatse wordt geanalyseerd, wordt zodanig bewaard dat daardoor de uitkomsten van het ondcrzoek niet in betekenende mate warden bei'nvloed. 6. Het bcpaalde in hct derde, vierde en vijfde lid, geschiedt ovcreenkomstig de richtlijncn die zijn opgenomen in bijlage E.

  12. Artikel 19 De producent of distributeur, neemt bij het opstellen van hct meetprogramma, bedoeld in artikcl 16, eerste lid, tevens tabel Ill van bijlage Bin acht. Ten behoeve van de bereiding van drink.water verricht de producent het onderzoek of neemt de monsters daarvoor op een plaats die representatief is voor de waterkwalitcit op het punt waar het water v66r de zuiveringsbchandeling wordt onttrokken. 3. Ten behoeve van de bereiding van drink.water kiest de producent met be trek.king tot de parameters temperatuur, zuurgraad en zuurstof-opgelost, een zodanig tijdstip dat de uitkomsten van hct onderzoek reprcsentatief zijn voor het etmaalgerniddelde over de Jag waarop hct onderzock plaatsvindt. 4. Zo Jang geen gevolg is gcgeven aan een op grond van artikel 16, ccrste lid, bestaandc verplichting tot hct opstellen van een meetprogramma, vcrricht de producent of distributeur, bedocld in hct eerste lid, mctingen overeenk.omstig de in bijlage B opgenomcn tabel Ill, tcnzij de toczichthoudcr anders bepaah. 5. De toczichthouder kan bcpalen dat: a. door hem aangegeven parameters, genoemd in label III van bijlage 8, frequenter wordcn onderzocht dan aldaar is aangegeven; b. door hem aangegeven parameters van groep 11, genoernd in tabel HI van bijlage B, minder frequent worden ondcrzocht dan aldaar is aangegeven; c. andere dan in tabel III van bijlage 8 genoemde, door hem aangegeven parameters, onderzocht warden indien dat naar zijn oordeel van belang is voor het vcrk.rijgen van voldoende inzicht in de kwaliteit van het water. A11ikel 20 De producent of distributeur houdt de in artikelen 16 tot en met 19 bedoelde resultaten van de aldaar bcdoelde onderzoeken gcdurendc vijf jaar onder zich. A11ikcl 21 I. Ilij het uitvocrcn van ondcrzock als bedoeld in de artikelcn 16 tot en met 19 worden <le specificatics, genocmd in bijlage D, m acht genomen. Voor de in tabcl I van bijlagc I) gcnoemdc parameters warden de aldaar gcnoemde analysemethodcn toegepast. 2. In afwijking van hct eerstc lid, twccdc volzin, kan de Minister, gehoord de lnspcctic, op vcrzoek van degene die de analyses uitvoert, toestaan dat van altematieve analysemethodcn gcbruik wordt gemaakt, indien deze naar zijn oordeel minstens even betrouwbaar zijn als de analyscmethodcn, bcdocld in hct ecrstc lid. Bij zijn vcrzock vcrstrekt de aanvragcr allc voor -9- 72 de bcoordeling van de altematievc analysemethode relevante gegevens in de door de lnspectie aangegcvcn vorm. De Minister meldt de toepassing van de altcmatievc analysemethodc aan het hestuurscollege. 3. Voor de in tabel II van bijlage D genoemde parameters wordcn bij de analyse de daar vcnnelde prestatiekcnmerken in acht genomen.

  13. Artikel 22 I. De auditmonstemame, bedoeld in bijlage B. geschiedt door de toezichthouder. De auditonderzoekcn, bedocld in bijlage 8, geschieden door ccn extcm door de Minister aangeweun laboratorium. 3. De microbiologische anaJyses van de bewaking, bedoeld in bijlage B, geschieden door een cxtem door de Minister aangewezen laboratoriwn. 4. De kosten voor de in eerste, tweede en derde lid, te verrichten werkzaamheden zijn voor rekening van de producenten of distributeurs. Hoofdstuk 5 Voorschriften voor laboratoria Artikcl 23 I-let analysercn van monsters, vuorgeschreven in dit landsbcsluit, geschiedt uitsluitcnd door ecn laboratorium dat een kwaliteitsborgingsysteem hanteert dat minimaal gebaseerd is op [SO-norm 17025 of een gelijkwaardige norm en die daarvoor overeenkomstig die norm geaccrediteerd zijn.

  14. Artikel 24 Een gelijkwaardige norm als bedoeld in artikel 23 wordt uitsluitend toegepast na daartoc verkregen toestemming van de Minister, gchoord de lnspectie. Bij de aanvraag warden allc gegcvens die voor de bcoordeling van de gelijkwaardigheid met de bcdoelde norm relevant zijn, in de door de Inspectie aangegeven vorrn aan hem overgelegd.

  15. Artikel 25 Een aangcwczcn laboratorium als bedocld in artikel 14, eerstc lid, van de landsverordening, ncemt hetgeen in bijlage D van dit landsbesluit is opgenomcn in acht. 72 - IO - lloofdstuk 6 Voorschriften met betrek.king tot hct pcrsoneel van produccnten en distributcurs § I. Gezondheid

  16. Artikel 26 De producent of distributcur draagt de in artikel 27 bedoelde personeelsleden niet op, de in dat lid bedoelde werkzaamhedcn te verrichten, noch laat hij toe, dat zodanige personen dczc wcrkzaamheden verrichten, indien het voorgeschrevcn geneeskundig onderzock niet hceft plaatsgehad.

  17. Artikel 27 1. De producent en distributeur dragen zorg dat een arts is belast met het periodieke geneeskundige onderzoek van die leden van het personeel bij zijn bedrijf, die geregeld werkzaamheden verrichten bij aanleg, herstel, onderhoud of controle van middelen tot bchandeling, opslag, vervoer of distributie van drink.water, voor zover zij bij hct verrichtcn van deze werkzaamheden middellijk of onmiddellijk het drinkwater kunnen besmetten. 2. Oij verschil van inzicht tussen de producent en distributeur en de arts, bedoeld in bet eerst~ lid, omtrent de beantwoording van de vraag of een lid van het personeel ingevolgc hct bcpaalde in hct cerste lid aan genecskundig ondcrzock moet worden onderworpen, beslist de Inspcctic.

  18. Artikel 28 I. Het geneeskundige onderzoek, bedocld in artikel 27, eerste lid, dat wordt verricht in vcrband met de indiensttrcding of eerste tewerkstelling van personeelsleden voor werkz.aamheden, als bedoeld in artikcl 27, eerste lid, omvat: a. voor de indiensttreding of eerste tewerkstelling het opnemen van de anamnese; b. nadere onderzoekingen op verlangen van de Inspectie. 2. Ten aanzien van personeelsleden, die wegens een van de volgende ziekten, Febris typho..-dca, paratyfus B (salmonellose Schotmilller), andere salmonellosen, dysentcria amocbica, dysenteria bacillaris, hepatitis infectiosa, poliomyelitis anterior acuta, geen wcrkzaamheden verrichten, wordt een geneeskundig onderzoek, als bedoeld in artikcl 27, ecrstc lid, ingesteld, alvorens zij weder te werk warden gesteld. 3. Dit ondcrzoek omvat: a. indien de lnspectie zulks verlangt, een of meer onderzoekingen van faeces en urine op <le aanwczigheid van bacterien van de geslachten Salmonella en Shigella. b. andere of nadere ondcrzoeken op verlangen van de lnspectie. 4. I let genceskundig onderzoek, bedoeld in artikel 27, dat wordt verricht met betrekking tot de pcrsoneelsleden. anders dan in de gevallen, bedoeld in het eerste en tweede lid, omvat zodanige onderzoek.ingen, als de lnspectie nodig oordeelt. De Inspcctie kan bepalen, dat dcze onderzoekingen meermalen of periodiek worden verricht. - 11 • 72

  19. Artikel 29 1. De producent of distributeur houdt cen register, waarin de namen, geboortedata, woon- plaatsen, adressen en functies zijn venneld van de leden van het personecl van zijn bedrijf, tot wier taak behoort werkzaamheden als bedoeld in artikel 27, eerste lid, te verrichten. 2. De producent of distributeur zendt onverwijld afschriften van dit register en van alle daarin aangebrachte aanvullingen en wijzigingen aan degene, die is belast met het geneeskundige onder.wek en aan de toezichthouder, voor zover deze zulks vcrlangen, 3. De producent of distributeur stclt de toezichthouder in kennis van de naam, de woonplaats en hct adres van degene, die ingevolge artikel 27, eerste lid, met het geneeskundige onderL.oek is belast.

  20. Artikel 30 Degenc die belast is met bet geneeskundige onderzoek, is verplicht: a. de toezichthouder onverwijld in kennis te stellen van de rcsultaten daarvan, indien blijkt, dat besmetting met bacterien van de geslachten Salmonella of Shigella aanwezig is of anamnestische verdenking bestaat betreffende besmening met de verwekker van febris typhoidea, paratyfus B (salmonella Schotmiiller) of dysenteria arnoebica; b. aan de toezichthouder alle door deze met betrek.king tot het geneeskundige onderzoek gcvraagde inlichtingen te verstrek.ken.

  21. Artikel 3 I 1. De producent of distributeur kan tegen een beslissing als bedocld in de artikelen 27, tweede lid en 28, eerste lid, onder b, derde lid, onder b, en vierde lid, bij de minister administratief beroep instellen. Het beroep schorst de verplichting tot het voldoen aan de beslissing, tenzij de Inspectie daarbij heeft bepaald, dat zij ongeacht beroep moet worden uitgevoerd. 2. Voor zover maatregelen zijn genomen ingevolge een beslissing, als bedoeld in artikel 27. tweede lid, welke nadien door de minister in beroep is vemietigd, vergoedt het land de schade, door deze maatregelen aan de producent of distributeur veroorzaakt. § 2. Hygiene

  22. Artikel 32 De producenten en distributeurs dragen zorg voor het opstellen, regelmatig voorlichten en hantercn van hygienische richtlijnen voor het personeel, dat geregeld werkzaamheden verricht bij a.anlcg, herstel, onderhoud of controle van middelen tot behandeling, opslag, vervoer of distributie van drink.water, voor zover zij bij het verrichten van deze werkzaamheden middellijk of onmiddellijk het drink water kunnen besmetten. 72 - 12 - § 3. Deskundigheid

  23. Artikel 33 De producenten en distributeurs dragen zorg dat hct pcrsoneel met het oog op het waarborgen van de productie en distributie van drinkwater dat voldoet aan het gestclde in artikel 12, ecrste rn twccdc lid, van de landsvcrordening, over de bcnodigde deskundigheid beschikt. § 4. Derden

  24. Artikel 34 Hct in de artikelen 26 tot en met 33 bepaalde is van overeenkomstige toepassing in geval bij hct vcrrichten van de werkzaamheden gebruikt gemaakt wordt van aannemers of onderaannemers. Hoofdstuk 7 Voorschriften met betrekking tot materialen en chemicalien

  25. Artikel 35 l. Onvcrmindcrd het bepaaldc in de hoofdstukken 2, 3 en 4 draagt de produccnt of distributeur zorg dat de materialen en chemicalien die gebruikt worden bij de winning, bereiding, de behandeling, de opslag, het transport of de distributie van drink.water en de wijze waarop deze worden toegepast, er niet toe leiden dat deze materialen en chemicalien: c. in cen hogere concentratie in het drinkwater achterblijven dan voor het gcbruik van die materialen of chemicalien noodzakelijk is, en d. nadclige gevolgcn hebben voor de volksgezondheid. 2. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing in geval sprak.e is van een inteme of afzonderlijke watervoorziening. 3. Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing voor zover bij de distributie van drinkwatcr te gcbruiken materialen dee! uitmak.en van een gebouw.

  26. Artikel 36 I. Aan de in artikel 35, eerste lid, onder b, en tweede lid juncto het eerste lid, onder b, gestcldc cis wordt voldaan voorzover het betreft materialen en chemicalien; a. waarvoor door de Minister erkende of daarmee gelijkwaardige kwaliteitsvcrklaringcn zijn afgegevcn, mits deze rnaterialen en chemicalien overeenkomstig dcze kwalitcits~ vcrklaringen warden gebruikt of toegepast en is vastgesteld dat zij geschikt zijn voor gcbruik antler de h.ier te lande heersende klimatologische omstandigheden voor drinkwater dat uit zeewater wordt gewonnen; h. waarvan anderszins ten genoegen van de Minister is aangetoond dat de aan de in artikcl 35, cerste lid, onder b, en tweede lid, jwicto eerste lid, onder b, gestelde eis wordt voldaan. - 13 - 72 Bij ministeriele beschikking met algemenc wcrking won..lcn nadere regcls gestcld ten aanzien van materialen en chemicaliCn. l!oofdstuk 8 Voorschriftcn met betrekking tot rapportagc Artikcl 37 Voor de verplichting, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdccl b, van de landsverordening, geldt voor de in onderdeel Ill van bijlage A opgenomen parameters cen rapportageplicht aan de toezichthouder direct na drie gemeten normafwijkingen binnen een periode van een week. Bij continue meting van de parameter geschiedt de melding bij gemeten ovcrschrijding op drie verschillende dagen binnen een week.

  27. Artikel 38 l. De producent of distributeur bclast met de drinkwatervoorziening geeft in de eerste ma.and van elk nieuw kwartaal een systematisch overzicht van de resultaten van de metingcn, bedoeld in de artikelen 16 tot en met 19, het optreden van incidenten en calamiteiten. de wijze van handelen na het constateren van dcze calamiteiten van hct voorgaande kwartaal. De toezichthouder kan aangeven in welke vorm dat dient te geschieden. 2. Binnen dric maandcn na afloop van elk kalenderjaar verstrekt de producent of distributcur aan de toczichthouder een representatieve samenvatting van de overzichten, bedoeld in hd ccrste lid. De toczichthouder kan aangeven in welke vorm dat dient te geschiedcn. Hoofdstuk 9 Voorschriften met betrekking tot de voorlichting door de producenten en distributeurs van drink.water aan hun afnemers en gebruikcrs

  28. Artikel 39 I. In de gevallcn, waarin het bcstuurscollege ontheffing als bedoeld in artikel 8 verleent, wordt hicrvan mededeling gedaan in het blad waarin officiele berichten door het eilandgebied warden geplaatst. 2. In gevallen als bedocld in artikel 8 informeert de producent of distributcur de verbruikcrs over de onthcflingvcrlening en de nonnovcrschrijding en adviseert hij hen omtrent de maatregclen die zij kunnen nemcn om nadclige gevolgen voor de gezondhcid te voorkomcn. tcnzij de toezichthouder van oordeel is dat de nonnoverschrijding geen nadelige gevo\gcn hccft voor de gczondheid en hct welzijn van de verbruikcrs en voor aan de vcrbruikers toebehorende goederen. Zo nodig wordt specialc aandacht besteed aan specifiek gevoeligc bcvolkingsgrocpcn over door hen tc nemen maatregelen ter beschenning van hun gczondheid. 3. lndien onderhoud aan de watcrvoorzieningen gepleegd moet worden en de kwaliteil of continuHeit van de productie of distributie van drinkwater verstoord kan worden, dan diencn lhitir produccntcn of distributt::urs 72 - 14 - a. bij regulier ondcrhoud: de gebruikers minimaal twee dagcn vooraf tc wordcn gewaarschuwd. b. bij onvoorzicne omstandigheden inzake het onderhoud: de gebruikcrs zo sncl en adequaat mogelijk, bijvoorbeeld via de media, te worden geYnformeerd.

  29. Artikel 40 De producent of distributeur, die op grond van artikel 16 verplicht is tot het opstellen van een meetprogramma, stelt jaarlijks voor I april een overzicht op van de kwaliteit van het door hem gcleverdc drink.water in het voorgaande kalenderjaar, dat bedoeld is voor afnemers en gcbruikcrs. Dit overzicht is openbaar en ligt ter inz.age op een voor een ieder toegankelijke plaats. lloofdstuk I 0 Overgangs- en slotbepalingen

  30. Artikel 41 I. De risicoanalysc, bedocld in artikcl 11 cerste lid, wordt voor de cerstc kcer uitgevocrd binnen een jaar na het in werking treden van dit landsbesluit. 2. Het bcheersplan, bedoeld in artikel 12, ecrste lid, wordt voor de eerste keer opgestcld binm:n lwee jaar na het in werking treden van dit landsbesluit.

  31. Artikel 41 1. Het meetprogramma, bedoeld in artikel 16, eerste lid, ten aanzien van bestaandc voorzieningen, wordt binnen drie maanden na bet in werking treden van dit landsbcsluit opgesteld. 2. De controle, bedoeld in artikel 14, ten aanzien van bestaande voorzieningen, geschicdt binnen een periode van vijfjaar na het in werking treden van dit landsbesluit.

  32. Artikel 43 Laboratoria, bcdoeld in artikel 23, hanteren zo spoedig mogelijk <loch uikrlijk binnen ecn periode van twee jaar na bet in werking trcdcn van dit landsbcsluit hct aldaar bcdocldc k wal itcitsborgingsysteem.

  33. Artikel 44 I. I kt gcneeskundige onderzock, bcdoeld in artikel 28, geschicdt voor <le huidigc pcrsoncelsledcn voor de eerste kcer binnen ecn pcriodc van een jaar na het in wcrking trcdcn van dit landsbesluit. 2. I kt opstellcn, rcgclmatig voorlichtcn en hanteren van hygienische richtlijncn, bcdocld in artikcl 32, gcschiedt voor de eerste keer binncn een pcriodc van een jaar na hct in wcrking trc<lcn van <lit landshcsluiL - I5 - 72 J. I kt ccrstc en twcedc lid van is van overeenkomstigc tocpassing in gcval bij het vcrrichtcn van de werkzaamhcdcn gchruik gcmaakt wordt van aanncmcrs of ondcraanm:mers.

  34. Artikel 45 Hct kwartaaloverzicht, bcdoeld in artikel 36, eerstc lid, wordt voor de ecrste keer hinncn een periode van zes maanden na het in werking treden van <lit landsbcsluit opgemaakt. I let jaarovcrzicht, bcdoeld in artikel 36, dcrde lid, wordt voor de ecrste keer opgcstcld na afloop van hct cerste volledige kalenderjaar na hct in werking treden van <lit landsbcsluit en omvat de eerste kecr ook de periode vanaf hct inwerking treden van dit landsbcsluit tot hct begin van het eer.ste volledige kalenderjaar.

  35. Artikel 46 Dit landsbesluit trcedt in werking met ingang van het bij landsbcsluit te bepalen tijdstip met ingang waarvan de Landsverordening drinkwatcr in werking trcedt. Artikcl 47 Dit landsbesluit kan worden aangehaald als: Landsbesluit kwaliteit drinkwater. Gegeven te Willemstad, 12 september 2006 F.M. D.L.S. GOEDGRAG De Minister van Volksgezondheid en Sociale Ontwikkeling, S.E. SMITH Uitgegeven de l 5de september 2006 De Minister van Algemene Zaken en Buitenlandse Betrekkingen, E.S. DE JONGH-ELHAGE 72 BIJLAGEN behorende bij het Landsbesluit, houdende algemene maatregelen, van de I ic scptember 2006 tcr uitvoering van artikel 12 van de Landsverordening drink.water {P.B. 2006, no. 37) en van artikel 3, eerste en tweede lid, van de Warenlandsverordening (P.B. 1997, no. 334) (Landsbesluit kwaliteit drink water) Bijlage A. Minimum kwaliteitseisen. Parameter Mulmumwaarde Eenheld Opmerklngen E scherichia coli 0 kve/100 ml kve = kolonievormende eenheden Enterococcen 0 kve/100 ml Escherichia coli 0 kve/250 ml kve = kolonie vormencte eenheden Enterococoen 0 kve/250 ml PseudomOl'las seruginosa 0 kve/250 ml Telling kolonies bij 3rC 20 kve/ml J Acrylamide 0,10 µgn Antimoon 5,0 µg/1 Arseen 10 µg/1 Barium 0.7 mg/I Benzeen 1,0 µg/1 Benzo(a)pyreen 0,010 µg/1 Boor 0.3 mg/I Bromaat 1,0 µg/1 Bij desinfectie geldl een maximale waarde van 5,0 µg/1 (als 90 percenlielwaarde. met een maximum van 10 µg/1). Cadmium 3,0 µgn Chroom 50 µg/1 Cyaniden (lotaal) 50 µg/1 1,2-Dichloorethaan 3,0 µg/I J Epichloortiydrine 0,10 µg/1 Fluoride 1.5 mg/1 Koper 2,0 mg/I Kwik 1,0 µg/1 Lood 10 IJQII Nikkel 20 µg/1 Nitraat 50 mg/I 1 Micro-organismen mogen krachtens artikel 12. eerste lid, van de landsverordening. niet In een zodanige concentratie in het drinkwater voof1tomen dat gevaar voor de volksgezondheid kan ontstaan .. 2 De microbiologische kwalite1tsparameters voor drinkwater verpakt in nessen of andersoortig klein verpakkingsmateriaat wijken af van :lte van de openbare of inteme water,,oorziemng De avenge kwalite1tsparameters zijn voor verpakt water gelijk aan die van de openbare of interne water,,oorziening. 3 Oeze parameteiwaarde heefl betrekking op de residuele monomeerconcentratie in het water. berekend aan de hand van spec1f1caties inzake de maximum migratie van de overeenkomstige polymeer in contact met water 4 Met behulp van de methode moel het l.otaal aan cyanide in elke vorm worden bepaakl. 5 i t:n aanzien van de concentraties nitraat en nitriet dienl tevens le worden voldaan aan de voorwaarde dal {nitraa!J/50 +[nitnetY3 <1, waart:,ij de rechte haken de concentratie in mg/I u1tdrukken, voor nitraat in N03, en voor nitriet in N02 - 17 - 72 Parameter Maxlmumwaarde Eenheid Opmerklngen 5 Nitnet 0.1 mg/I Polycycltsche aromalische koolwater- 0,10 µg/1 Som van gespeofioeerde verbindingen stoffen (PAK's) (som) met concentratie hoger dan de detedtegrens. 6 PCB's (som) 0,50 µg/I Som van gespec1fteeerde verbindingen 1 met concentratie > 0.05 µg/I . Pestic,den (indivldueel) 0,10 µg/1 Per stof. • Voor aldrin. dieldrin. heptachloor en heptachloorepoxlde geldt een maximum waarde van 0.030 ua/1. Pesticiden (som) 0,50 µg/1 Som van afzonderlijke pesticiden met concentratie hoger dan de detectiegrens. Seleen 10 µg/I Tetra- en trichlooretheen (som) 10 µg/1 Trihalomethanen (som) 100 µg/I Som van gespecificeerde verbindingen (als 90 percentiel, met een maximum van 50 µg/1) . 9 J Vinylchloride 0,50 µg/1 Zilver 10 µg/1 Aluminium 200 µg/1 Ammonium 0.50 mg/I Bacterien van de coligroep 0 kve/100 ml Chloride 150 mg/I Het water mag niet agressief zijn. 12 Clostndium perfringens (inclusief sporen) 0 kve/100 ml Corrosie Index 1 mg/I 1J DOCFTOC Geen abnormale mg/I verandering Faecale Streptococcen 0 kve/100ml Geleidingsvermogen 100 bij 37 •c mS/m Het water mag niet agressief zijn.12 Hardheid (lolaal) > 1 en< 2,5 mmoVI Totale hardheid te berekenen als aantal mmol ca 2• plus Mg2•n. Bij toepassing van ontharding of ontzouting geldt deze waarde als 90 percentiel e De gespecificeerde verbindingen zijn: pyreen. benzo(a)antraceen, benzo(ghi)peryleen. fenantreen, indeno(1 ,2.3-cd)pyreen, anthraceen . benzo(b)fluorantheen. benzo(k)fluorantheen, chryseen en fluorantheen 7 De gespecificeerde vert>indmgen zijn: PCB nr. 28, 52, 101, 118. 138, 153 en 180. • Onder pesticiden wordt verstaan : organische insecticiden, organische hert>iciden, organische fungiciden , organische nematociden, organische acanciden, organische algiciden, organische rodenticiden, organische slimiciden en soortgelijke producten (onder meer groeiregulatoren), en hun metabolieten en afbraak- of readieproducten die humaan tox1colog1sch relevant zi1n. 9 De ge:;pecificeerde verbindingen zijn: chloroform, bromoform, dichloorbroommethaan en broomdichloormelhaan. De concenlralie broomdlchloormethaan mag niel hoger zijn dan 15 µg/1. 10 lndicatorparameters: parameters die dienen voor kwalttatieve controledoeleinden; wanneer er afwijkingen optreden, dient direct onderzoek le worden uitgevoerd om de oorzaak vast le stellen. dienen herstelmaatregelen le worden uilgevoerd om de kwahteit weer op peil te brengen, waarbij onder meer wordt gelet op de mate waarin de parameterwaarde in kwestie is overschreden en oo hel mogelijke gevaar voor de volksgezondheid en dient en de toezichthouder le worden ingelicht, die op zijn beurt hel bestuurscollege en de lnspedie moel 1nlichten (artikel 13, eersle en tweede lid. van de landsverordemng). 11 Bi1 (dreigende) overschrijding van een waarde voor aluminium van - vooralsnog- 100 µg/1 dient dit aan de toezichlhouder gemeld te worden in verband met het eventueel gebruik van het drinkwater voor nierdialyse. Op term11n treedl de meldingsplicht b ij 30 µg/1 in werking 12 De producenl of dislribuleur draagt zorg dat de kwaliteit van het geleverde drinkwaler zodanig is dat het leidingslelsel en de installaties bij de verbruikers zo min mogelijk worden aangetast. De Saturatie Index slrekt daartoe. De definitie daarvoor luldt SI = log {(Ca 2•).(CO/')IK,)-:::pH-pH, . waarbij (Ca 2 ').(CO?) het product van de activ,teiten van Ca 2' en co/·. K, het oplosbaarhe1dproduct van CaCOJ , pH de actuele pH en pH, de evenwichts pH zijn 13 lnd,en DOCITOC (dissolved organ cart>on/lolal organ carbon) niet wordt bepaald. dan dient de oxideerbaarheid met KMnO4 te worden bepaald (norm 5.0 mg/I 02) 72 - I8 - Parameter Malllmumwaarde Eenheid Opmerldngen Kolomegetat bij 37"C 500 kve/ml Geen abnormate verandenng Leg1onella 14 Radioactivite,t: Tritium'~ 100 Bq/1 Totate lndicatieve dos1s •~ 0 .10 mSvraar Saturatie Index (SI) > -0,2 SI Het water mag met agressief zI1n. 12 Temperatuur 40 ,e Vrij Chloor > 0.3 en< 2 mg/I Zuurgraad / waterstof-ionenconcentrahe > 7.8 en< 8.5 pH- Het water mag met agressief zijn. 12 eenheden 11 Geur Aanvaardbaar voor de gebruikers en geen abnormale verandering Kleur 15 mg/I P1/Co tjzer 200 IJg/1 Mangaan so µgll Natrium 120 mg/I 17 Smaak A.anvaardbaar voor de gebruikers en geen abnormale verandering Sullaat 150 mg/I Het water mag niet agressief zijn. 12 Troebehngsgraad ◄ (tap) 1 (af FTE FTE = formazine troebelingseenheclen pompstatlon) 11 Zink 3,0 mg/I Na > 16 uur stilstand Zwavelwaterstof so µg/1 14 De keus is gemaakl om Legionella als zodanig -1 op le nemen onder de bedrijfstechnische kwalileitsparameters, maar vooralsnog geen kwaliteitsnorm of -richttijn op te nemen. Daarvoor is er onvoldoende wetenschappelijke kennis beschikbaar over de relatie tussen dosis en effect voor de volksgezondheid. Wei is het van belang om deze problematiek te beheersen en voorzorgsmaatregelen le lreffen op locaties waar er verhoogd risico bestaat voor he! oplopen van legionella Pneumonie . Gecloeld wordt op met name grate gebouwcomptexen, waar veelal grotere groepen mensen in een steeds wisselende bezetting 11erblijven. lmmers, de kans op dead end legs in de infrastruduur en andere voor Legionella gunstige vooiwaarden zijn dan tn verster1c.te mate aanwezig (bijvaorbeeld hotels en ziekenhuizen). In hoofdstuk 3 van d1t landsbesluit word! de mogelijkheld ?ebaden om door middel van risicoanalyse en beheersptan het probleem in kaart te brengen en le beheersen . 5 Drinkwater behoelt niel le warden gecontroleerd op tntium of radioactiviteit om de totale indicatieve dosis vast te stellen , wanneer de producent of distributeur ervan overtuigd is op basis van andere uitgevoerde controles, dat he! tritiumniveau in water of de berekende totale indicatieve dosis ruim beneden de paramete,waarde liggen. In dat geval deelt de producent of distributeur de redenen van zijn besluit aan de lnspectie mede, met mbegrip van de resultalen van deze andere u1tgevoerde conlrotes. 16 Weketijkse rapportage van de gebruikte hoeveelheid chloor en plaats waar gedoseerd is. Tevens maeten mogelijke bijproducten conform aanwijzingen van de toezichthouder warden gemeten. De aangegeven waarde is de maximale waarde van vrij chloor in het drinkwater na chloreren. 17 Analyse kan kwahtatief word en uitgevoerd. lndien het resultaat positiel is d1enl een kwantitatieve analyse te warden uitgevoerd, bljvoorbeeld volgens de verdunn:ngsmethode. 111 In aanvulhng op de kwantitatieve eis geld! dat de troebelingsgraad aanvaardbaar voor de gebruikers dient le zijn en geen abnormale veranderin;en mag vertonen. 19 Deze kwahteitseisen zijn bedoeld voor het signaleren van mogelijke verontreinig1ngen Wanneer de aangegeven waarde wordt gemeten Is er geen risico voor de volksgezondheid, maar zal er nader onderzoek plaats vinden Oeze parameters (ats groep) z11n bedoeld om de kwahteit van de bran le bewaken. Hel Inzetten van mu1t1methoden Is een goede mogelijkheid om de meellnspann111g le beperken . 19 . 72 Bijlage B. Bewaking en audit bij een openbare of een interne watervoorziening. Aewaking heeft tot doel regelmat1g informatie te verstrekken over de organoleptische en rn1crobiolog1sche kwalite,t van drmkwater, alsook mformat1e over de doettreffendhe1d van de behandehng van drinkwater (met name van desinfectie) waar die plaatsvmdt, om uit te maken of het drinkwater al dan met in overeenstemming is met de parameterwaarden van het !andsbesluit horende biJ artikel 12 van de Landsverordening dnnkwater en aanvullende eIsen zoals vastgesteld door de toez1chthouder Audit heeft tot doe! de informatie le verstrekken die nodig is om uit te maken of alle parameterwaarden van de landsverordenmg al dan met warden nageleefd. Alie parameters vastgesteld in het landsbeslu1t voortvloe1ende wt artikel 12 van de landsverordening en aanvullende eisen zoals vastgesteld door de toez1chthouder, moeten aan een audit warden onderworpen, tenzij door de bevoegde autoriteiten kan warden vastgesteld dat gedurende een door hen te bepaten penode een parameter naar alle waarsch1Jnhjkhe1d met in bepaald water voorkomt in concentraties die kunnen leiden tot het risico dat de betrokken parameterwaarde wordt overschreden. Op grand van artikel 16 van dit landsbesluit zijn de producenten of distributeurs verantwoordelijk voor de momtonng van de kwaliteit van het dnnkwater. De toezichthouder is belast met de monstemame van de auditmonsters (artikel 22, eerste lid). Een extem laboratorium is belast met de analyse van de auditmonsters (artikel 22, tweede lid) en de analyse van de microbiologische analyse van de bewakmgsmonsters (artikel 22, derde lid). De kosten van monstername door de toezichthouder en analyse door het extern laboratorium ziJn voor rekemng van de producenten of distributeurs. - 20 - 72 Tabel I. Bewaking en audit parameters voor drinkwater qeleverd door een openbare of interne watervoorziening. De minimumfrequenties voor monitoring staan aangege..en in label II van deze bijlage. Parameter e-aklng Audit Opmer1dngen ,;fiuc:iotii!~ •. ·-•-.,·-.1~.::..,-W.:>~ -:•• ;;; =~ ' 1 " .:,; ._,, .-.,,.~.. ' - •' . 1\..i:J..'I;, ~ - ;..-. - . _ . .. _ , l, ~~-.-,.: . ~- --~ ptf' - .-... ~ ...., .,i /fj._ '-rrnc= .. : , :i P/1• ~~'\TW'.~ - . 'J 0~ ...- ~..,·~·.. Rli~,ii; • _.. --~...:..:-.~~ . }: \:... ~~ ~~~.,.:.!-: . ...-~ . 6 Eschen"chia coli X X !, Enterococcen X ·,... . •..c."'C,_•.,1. ·; .,_,.-.,:- · ,· I" ~l ~ · •:.. ·, , , ..,.. ..; ~ •-~ - r ,.._·.-_;::;.;.,. t ~ ~.e;:i,-a_'fi~ ~ . .. -- ~· --- s ~15'-"1Y:io!. ~·ri-:Vo-·.• •·-. ~" :~r;/li,.1 . ...;~,t; ll} "iM!~ ---~ ..e.·-:i ,. - ,: ;._;' ~-~:: , L - · --' ~ • ~:a..,-"- i ,r ,_..; Acrylamide X Anlimoon X Arseen X Barium X Benzeen X Benzo<a )pyreen X Boor X 1 Bromaal X Cadmium X Chroom X Cyaniden (totaal) X 1.2-Dichloorethaan X 1 De bemonstering van hel drinkwater dient voor de in deze kolom genoemde parameters plaals le hebben op het punt waar hel aan het tappunt (aangeduid met t) beschikbaar koml voor mensetijke oonsumplie. De in label II aangegeven frequenlie geldt als minimumfrequenlie. onver1et het bepaalde in artik el 17. eerste. tweede en vierde lid. van dil lands besluil. De toezicht- houder kan bepalen dat uil oogpunt van integrate kwaliteitscontrole ook bemonstering dient plaats le hebben in het onbehandelde water (o) of na de laatsle zuiveringsstap (p). 2 De bemonstering van hel drinkwater dlenl voor de in deze kolom genoemde parameters plaats le hebben na de laatsle zuiveringsstap (p) of aan het tappunt (t). Bij die parameters die In hel dislributienet zijn toegepast. dienen in elk geval de melingen aan de tap le geschieden. zoals en niet beperkt tot acrylamide, anlimoon, cadmium, chroom, epichloorhydrine. koper. food . nikkel, vinyichloride. zinlt. De in tabet II aangegeven bewakingsfrequentie geldt als minimumlrequentie. onver1el hel bepaalde in artikel 17, eerste. tweede en vierde lid, van dit landsbesluit De toeZichthouder kan bepalen dat uit oogpunt van integrate kwallteitscontrole ook bemonstering dient plaats te hebben In hel onbehandelde water (o). 3 De bemonstering van het drinkwater dient voor de in deze kolom genoemde parameters plaalS le hebben op het punt waar het aan het tappunt (aangeduid met I) beschikbaar koml voor menselijke consumplie. De in label II aangegeven frequenlie geld! als minimumlrequenlie. onver1et het bepaalde in artikel 17. eerste. derde en vierde lid, van dil landsbesluit De toezichlhouder kan bepalen dat uit oogpunt van lntegrale kwaliteitscontrole ook bemonstering dient plaalS te hebben in het onbehandelde water (o) of na de laats le zuiveringsstap (p ). • De bemonstering van het drinkwater dienl voor de in deze kolom genoemde parameters plaats le hebben na de laatsle zuiveringsstap (p) of aan het tappunt (1). Bij die parameters die in het distributienel zijn toegepast, dienen in elk geval de metingen aan de tap le geschieden, zoals en niet beperill tot acrylamide. anlimoon, cadmium , chroom, epichloorhydrine. koper. lood. nikkel. vinylchloride. De in label II aangegeven auditfrequenlie geldt als minimumfrequenlie. onver1et het bepaalde in artikel 17, eersle. derde en vierde lid, van dit landsbesluit. De toezichlhouder kan bepalen dat uil oogpunt van integrate kwahteitscontrole ook bemonstering dient plaats le '"'~bben in het onbehandetde water (o). ~ De bemonstering dient voor in deze kolom genoemde parameters plaats le hebben in het onbehandelde water (o). c Voor deze parameter geld! in afwijking van de in label II aangegeven frequentie, de votgende m inimumfrequenlie: A . bij innam epunt 52 keer per jaar B. al producbe 365 keer per jaar C . al belangrijke distributieknooppunlen. zoats lankpartcen en 52 keer per jaar porn pstalions D . bemonstering aan het tappunt (I) 26 keer per jaar per 2000 m 3tdag Voor dnnkwater geleverd door een afzonder1ijke walervoorz.iening: 2 keer de bewakingsfrequentie overeenkomslig tabel II van deze bijlage. 7 Alleen een meelllerplichling indien deze stol als desinlectiem iddel wordt toegepast of indien deze stof ats verbinding bii de loegepaste desinfeclle- of oxydalielechniek gevormd kan worden . - 21 - 72 Parameter Bewaklng Audit Opmerkingen t' pit' 13 Pit" 0~ E p1chtoorhydrine X Fluoride X Koper X Kwik X Load X Nikkel X Nitraat X Nitriet X X Polycydische aromalische X Koolwaterstoffen P AK's som PCB's (som) X Pesticiden (indivldueel) X Pesticiden (som) X Seleen X Tetra- en trichloorelheen (som) X Trihalomelhanen (som) X Vinylchlonde X Zllver X Aluminium X X Ammonium X X G Bacterien van de coligroep. X X Chloride X Clostridium pemingens (inclusiel X sporen) Corrosie lndeK X DOCITOC X Faecale Slreptococcen X Geleidingsvermogen X X Hardheid (totaal) X Kotoniegetal bij 37° C X X Radioactiviteit X Tritium Tot.ale lndlcatieve dosis totaal Saturatie Index (SI) X Temperatuur X Vrij Chloor X Zuurgraad / water.;tol- X X ionenconcentratie 8 Bewaking alleen indien chlooraminen als desinlecliemiddel warden gebruikt. lndien dit niet het geval Is getdt de aud1tfrequenlie overeenkomstig label II van deze bijlage. ~ Hier 1s nog geen meetmethode voor vastgesteld . Het meetprincipe van radiochem1e wordt vooralsnog gehanteerd. 72 - 22 - Geur X X Kleur X X IJzer X X tO Mangaan X Natrium X Smaak X X Sulfaal X T roebelingsgraad X X Zink X Zwavelwater..tof X 10 Alleenind1en deze slot als vlokmiddel bij de zu1vering wordt gebru1kt. lnd1en dil met hel geval 1s geld! de audilfrequenhe overeenkomst1g label II van deze b1jlage - 23 - 72 Tabel II. Meetfrequenties behorend bii bewaking en audit bii een openbare of een interne watervoorziening Het minimum aantal monsterpunten is gerelateerd aan de dagelijkse productiehoeveelheid, en is altijd meer dan een. De monsterpunten ziJn een representatieve vertegenl/oOordiging van de dis tributievoorziening. Voortvloeiende uil artikel 11 van dit landsbestiit wordt een risico analyse van de productie en dlstrlbutie van drinkwater van bron tot verbruiker uitgevoerd door producenten en distributeurs. Hierbij dient rekening te warden gehouden met ender meer zaken zoals de hfstorische gegevens, de lnfrastructuur van de productie en distributie, LegioneUa preventie, verhoogde risicogebieden (gebieden waar er risicogroepen aanwezig zijn of omdat de volksgezondheid dit verelst, btjvoorbeeld ziekenhuiZen). De uitkomsten van deze risico analyse vormen het uitgangspunt voor het door de toezichthouder vast le steUen ulteindelijke aantal en de locatle van de monsterpunten en de uiteindelijke frequentie van onder20ek. In de navolgende gevallen kan de frequentie tijdelijk verhoogd warden: epidemieen, overstromingen (wateroverlast), calamiteiten en na werkzaamheden aan de infrastructuur van de drinkwater- voornening die van lnvloed kunnen zijn op de kwaliteit van het drnkwater. Daget~ks binnen een leveringsgebte<l' Bewaking Audit gedislnbueen:le of geproduceerde hoeveel- Aantal monstememingen per )aar Aanlal monsternemingen per jaar Effl>li J ~ a-....... - -.. - - - . . . - ! I C I I held water2 in kubieke meters ' ~ s 100 > 100, S 1 000 2 4 , 1 > 1000, s 10 000 4 1 +3 voor etke 1000 m'/dag en lraclie +1 voor elke 3300 m;/dag en fractle daarvan van de tota!e hoeveelheid daarvan van de totale hoeveelheid " 10 000, s 100 000 4 3 +3 voor elke 1000 m;/dag en fractie +1 voor elke 10 000 m,ldag en frache daarvan van de !olale hoeveelheld daarvan van de totale hoeveelheid > 100 000 4 10 +3 voor etke 1000 m '/dag en fraclie +1 voor etke 25 000 m,/dag en fractie daarvan van de lolale hoeveelheid daaNan van de totale hoeveelheid 1 Een levenngsgebied is een geografisch afgebakend gebled waarbinnen het drinkwa!er al'Komstig is uil een of enkele bronnen waarbinnen hel waler kan worden geach! van vnjwel uniforme kwalileil le zijn. 2 De hoeveelheden zijn gemiddelden berekend over een kalenderjaar. 3 Voor de verschillende parame!ers in dit landsbes!uit mogen de bes!Uurscolleges het in de label vermelde aanla! monster.. ver!agen indien: u de waarden van de resultalen van de in een penode van tenminsle twee opeenvolgende jaren genomen monslers constant Zijn en significant beter dan de in di! lands bes!uit genoemde grenswaan:len, en u het aannemelijk is dat geen enke!e factor aanwezig is waardoor de kwalileit van he! water achteruil zou kunne!'1 gaan. De laags!e frequenbe mag nie! minder zijn dan 50¾ van het in de label verme/de aantal monsten;, maar mag niel minder dan twee bedragen. 4 Vaar zovor mogelijk moet hel aantal m ansters ge!ijkelijk over p!aats en lijd warden verdeeld. 72 - 24 - Tabel Ill. Meetfrequenties en te onderzoeken parameters voor de gebruikte grondstof bij een openbare watervoorziening en interne watervoorziening in acht te nemen bii het opstellen van het meetprogramma Parameter Groep' Freciuentie van onderzoek van net water dat aan de wmplaats word! onttrokken 4 wekehjks J maandelijks Ammonium ! X N1lriel I X Nitraat l X Waterstofcartionaat ll X Sulfaat u X Fosfaat II X Ortholoslaat u X Silicaal It X Cyanide u X Fluoride II X Chloride ll X Bromide II )( Natrium II X Kahum II X Calcium II X Magnesium II X Boor II X Chroom II X Vanadium 11 X Mangaan II X tJzer II X IJzer opgelost II X Nikkel H X Koball II Koper n X Zink H X Arseen II X 1 tndelrng in vertiand met de toepassing van artikel 4.5. vijlde lid - 25 - 72 Parameter Groep 1 Frequenlie van onderzoek van het water dal aan de w1nplaats wordt onttrokken 4 wekelijks 3 maandehjks Anllmoon II Seleen II X Cadmium II X Banum II X Beryllium II Zilver II l<wik II X Lood II X Tntium 1 II Totaal B-activiteil II X Sacteriin van de coligroep (totaal) I X E scherichia coil I Enterococcen II X Clostridium perlringens II X 2 lnd1en is aangeloond dat er ~een grote lluctuabes van deze parameters zijn le verwachten, kan worden volstaan met een frequenbe van eenmaal per j11.,r J Conlorm voetnoot 6, label I, B 111aye ~. wordt he! inn am epunl wekelijk s op E scherich,a Coli gecontroleerd. 72 - 26 - Bijlage C. Bewaking en audit van drinkwater verpakt 1n flessen of andersoortig klein verpakkingsmateriaal. De bewaking en audit van drinkwater verpakt in flessen of andersoortig klein verpakkingsmateriaal wordt op dezelfde parameters uitgevoerd als bij een openbare of interne watervoorziening . Alleen de microbiologische parameters wijken af van die van een openbare of interne watervoorziening . label I. Microbiologische bewaking en auditparameters voor drinkwater verpakt in flessen of andersoortig klein verpakkingsmateriaal. E scnerichia coli )( )( Enterococcen X Pseudomonas aeruginosa X X Telling kolonies bij J7"C X X label II. Meetfreguentie behorende bii bewaking en audit van lokaal geproduceerd drinkwater verpakt in flessen of andersoortig klein verpakkings- materiaal t• !• • f ' '-.• . • • ,.. ... • '--, • I . , . - , • ~ ~ " l ' • ""4~!"'<"-.• ..... , .. i .... .. .... . •• O \ •, · • ,..: ,..'t ~a,.. ..• ,...,_.,..,"'_.....;:. ~•,Ct_ ••· ~ >.' I ,,._•_ •' .~ ., • , ... • • • , • C, . , ·" .. , ':..iiJt~,, I "F • •;,,'f ' • 1•,,•. •,-. ,.,;,v1>;'l ► i -• • -- -.-7i•• · ,-•·...:HT,•~~r--'f'ti• ' (. : ~ -•· l., .. , •• ..,, ........ .. ~-•), .. ~...... .. {,,,,,,,.,. • .., ... ..,."""'7 •r , •• I,, • •, • ~ -• • I_• ~ /. ~ ;"' • J • • -: , ")• I... t,) 't:- .~ -.• 1-"",J&..,. • ,,.•... • - ~ •, • ,~~ I .. • • • • • I "'-' •', ,,.~'1!J ... -,.,..... :, I-• . •... •?. •~ " : ~l:•• • ( ; ~ ~(. .. • • I , ... .,I • ~,,_.l!lof \ ,-. , •, J ....d . . •, .•◄~~- .'14 ',,..._, '. . '$ ..... •j, 0 . . . ':,• .. . ~,,~ • •: • I:" y • .,, ' ..._ °" 'T'"" ' ...,. l .• , ,' ' ~ • _ . . •• :.< I ,0:-k_., l •· • ~ "'!, <10 1 1 >10 < 60 12 1 >60 1 voor elk 5 m 3 en fractie daarvan 1 voor elk 100 mJ en fractie daaivan van de totale hoeveelheid van de totale hoeveelheid label Ill. Meetfreguentie behorende bii bewaking en audit van ge"importeerd drinkwater verpakt in flessen of andersoortig klein verpakkingsmateriaal <10 >10 < 60 12 >60 1 voor elk 5 m• en fractie daarvan 1 voor elk 100 m• en fractie daarvan van de totale hoeveelheid van de totale hoeveelheid 1 De m1crob1ologische kwaliteilsparamelers voor drmkwater verpakl in !lessen of andersoortig klein verpakkingsmateriaal w1jken al van die van de openbare of inteme watervoorziening. De overige parameters zijn gelijk als die van de openbare of interne watenioorz1ening . 2 De hoeveelheden zijn 9em1ddelden berekend over een kalendel)aar . - 27 - 72 Bijlage D. Meetmethoden en Prestatiekenmerken De krachtens artiket 14, eerste lid, van de landsverordening drinkwaler aangev.ezen laboraloria, hanteren een stelsel van analytische kwaliteitscontrole dat op gezette tijden wordt gecontroleerd door iemand die onafhankelijk is van het laboratorum en door de bevoegde autorileiten voor dat doel is erkend. Tabel I. Parameters waarvoor analysemethoden ziin gespecificeerd De votgende beginselen voor methoden voor microbiologische parameters warden gegeven ats referentie wanneer een NEN/1S0-methode wordt opgegeven of als leidraad, in afwachling van de eventuele loekomstige aanneming van verdere internalionale NEN/IS0- methoden voor deze parameters. Alternatieve methoden kunnen warden gebruikt, mits aan artikel 24 van dit landsbeskJit wordt voldaan. Clostridium perfringens (inclusief sporen) Membraanfiltratie gevolgd door anaerobe incubalie van het membraan op m-CP agar I bij (44 +I- 1) • c gedurende (21 +/- 3) uur. Tel de opak e gele kolonies die roze of rood warden na de blootsteNing aan ammoniumhydroicidedampen gedurende 20 tot 30 s econclen Entef'OCOCCen Ontwerp NEN-EN-ISO 7899 - 2:1998 Escherichia coli (E. coli) Ontwerp NEN-EN-ISO 9308 - 1: 1998 Faecale Streptococcen Membraanfiltratie gevolgd door incubatie van he! membraan op KF medium bij ... (37 +/- 1) •c gedurende (48 +/- 4) uur. Tel de rode k olonies en ent ieder apart op een bloedplaal. Bij groei word! voor verdere confirmalie nog een biochemische rij (Shemian reeks) en katalase ingezet. Koloniegetal bii 37 ·c Opsomming van micro-organismen die gekweekt kunnen warden. NEN-EN-1SO 6222: 1999 Pseudomonas aeruginosa 2• Ontwerp NEN-EN 12780:2000 1 De samenstelling van m-CP agar is als volgt: Basismedium T lose Gistextracl Water 1000 ml De ingredienten van het basismedium oplossen, de pH instel!en op 7,6 en gedurende 15 minuten steriliseren bij 121 •c. Het medium laten afkoelen en he! volgende toevoegen: O-cydosenne 400mg Polymyxine-8-sulfaat 25mg lndoxyl-D~lucocide 60mg (voor toevoeging opgelost in 8 ml steriel water) Filtergesteriliseerde 0,5'/a fenolftale"ine dilosfaat-oplossing 20ml F,ltergesteriliseerde 4,5% FeCIJ.6H2O 2ml - 28 - 72 l abel II. Parameters waarvoor prestatiekenmerken zijn gespecificeerd Voor onderstaande parameters geldt dat door middel van de toegepaste anatysemethode met de aangegeven juistheid, precisie en aantoonbaarheidsgrens ten minste concentraties moeten kunnen worden gemeten die gelijk zijn aan de in bijlage A genoemde waarde. Ongeacht de gevoetigheid van de gebruikte analysemethode wordt het resultaat in ten minste evenveel decimalen uitgedrukt als de parameterwaarde genoemd in bijlage A, onderdelen II en Ill. 4 Ac,ylam1de Alum1mum 10 10 10 Ammonium 10 10 10 Anhmoon 25 25 25 Arseen 10 10 10 Barium 10 10 10 Benzo(a)pyreen 25 25 25 Benzeen 25 25 25 Boor 10 10 10 Bromaat 25 25 25 Cadmium 10 10 10 Calcium 10 10 10 Chloride 10 10 10 Chroom 10 10 10 Corrosie Index Cyanide 10 10 10 1,2-Dichloormethaan 25 25 10 oocrroc 4 Epichloorhydrine Fenolen 25 25 25 Fluoride 10 10 10 Geleidmgsvermogen 10 10 10 Hardh " Koper 10 10 10 20 10 20 1 Juistheid is de systematische foul en is het verschil tussen de via een groot aantal metingen vastgestelde gemiddelde waarde en de wer1<.elijke waarde . Deze term is nader gespecificeerd in ISO 5725. 2 Prec1sie of variatiecoefficient is de toevallige foul en word! gewoonlijk uitgedrukt als de standaardafwijking (binnen een groep en tussen groepen onderling) van de spreiding van de resultaten rond het gemiddelde . De aanvaardbare precisie bedraagl twee maal de relaheve standaardafwijking. Oeze term 1s nader gespeoficeerd in ISO 5725. 3 De aantoonbaarheidsgrens is hetzij : '-' driemaal de standaardafwijking binnen een groep onafhankelijke waamemingen aan een origineel drinkwatermonster met een lage concentratie van de parameter; hetzij o v1jfrnaal de standaardafwijking binnen een groep waamemingen aan een blancomonster. 4 Controleren via productspeoficahe. 5 Met behulp van de methode moet het totaal aan cyanide in elke vorm worden bepaald. - 29 - 72 ~~~fi,_..m -~:··-~,· ..g~ ' . V ; "" .1.." a Iii ·1;~-t- . -r• . ., ~ . . • ··· •1•'i<i•' 1• ·1 ~ .. ' -'-~·.·••( ,1 ~ - ·- .J - .-;:. , ....... .-i.-:.,,.-," --~:( . :i , . i : .,~" ,- ~~!! . :1~ · ~ 1 s . : ·.· ,. ,. 1:~_· -'91! p; 1 ~ Lood 10 10 10 Magnesium 10 10 10 Mangaan 10 10 10 Nalrium 10 10 10 Nikkel 10 10 10 Nitraat 10 10 10 Nitnel 10 10 10 6 Oxideerbaartie1d 25 25 10 PCB's 25 25 25 Pesllc1den 25 25 25 , 8 Polycyclische aromalische 25 25 25 koolwaterstollen Saturatie lnde,: (SI) 10 10 10 Berekenen Seleen 10 10 10 Sulfaat 10 10 10 g Troebelingsgraad T emperatuur 10 10 10 10 T etrachlooretheeo 25 25 10 10 Trichlooretheen 25 25 10 8 Trihalomethanen 25 25 10 Vinylchtoride • Vrij Chtoor W aterstofcarbonaal 10 10 10 lizer 10 10 10 Zilver Zink Zuurgraad 10 10 10 Zuurstof 10 10 10 Zuurgraadlwaterstof- -ionenconcentratie Zwavelwaterstof 6 De oxydalie dient gedurende 10 m inuten te worden ultgevoerd met behulp van permanganaat bij 100 'C in een zuur milieu. 1 De prestatiekenmerken gelden voor elke afzonder1ijke pesticide. 8 De prestaliekenmen.en gelden voor de afzonder1ijke stollen. gespecificeerd op 25% van de parameterwaarde in bijlage A . 9 Voor de bewaking van de troebelingsgraad in behandeld oppervlaklewater geldt dat door middel van de toegepaste analysemethode ten minste met een juistheid van 25% concentralies moeten kunnen worden gemelen die gelijk zijn aan de parameterwaarde . 10 De prestatJekenmerl<.en gelden voor de afzonderlijke stoffen . gespecificeerd op 50% van de parameterwaarde in bijlage A . . JO. 72 Bijlage E. Monstername en -stabilisatie De monsters d1enen een represenlat1eve weergave te zijn van het dnnkwater en er mag geen contamInat1e optreden gedurende de monstemame. 2 De w11ze van monstername en monsterstabdisat1e d1ent volgens geldende erkende regelingen, b1Jvoorbeeld NEN 6559. te warden u1tgevoerd. 3 lnd1en het drinkwater gedesmfecteerd wordt en mogehjk op het punt van monstemame ch!onne, chloramIne, chlorine dioxide of ozon bevat. dan dIent natnum thiosulfaat te warden toegevoegd am de rest desmfectans te neutraliseren. De concentratie van de rest desmfectans en de zuurgraad dient bij het monstemamepunt te worden gemeten op het moment van monstername. 4 tndien het dnnkwater zware metalen bevat. met name koper, dan dient tevens chelating agents (bijvoorbeeld EDTA) of Mnlotriacettc (NTA) te warden toegevaegd. 5. lnd1en op hetzelfde monsterpunt meerdere monsters moeten warden genomen, dan dient het monster voor microbialogische onderzoeken als eerst te warden afgenamen. Ee.a. am het rtsIco van contamInatIe te voorkomen. 6. De monsters die voor m1crobiologisch onderzoek worden aangeboden, moeten in het danker en koel, b1j voorkeur tussen 4• en 10°C warden bewaard. De monsters mogen niet bevriezen. De monsters dtenen zo spoedig mogelijk te warden geanalyseerd, in elk geval binnen vierentwintig uur na monstemame. lndien de monsters niet gekoeld worden, dan dient het onderzoek in twee uren na monstemame te geschieden. 7 Voorts dient rekening te warden gehauden met het gegeven dat de kans am een penodieke verontreiniging van het drinkwater te constateren grater is, indien op verschtllende momenten van de dag en op versch1llende dagen van de week monstemame wordt uitgevoerd. De eerste IIJn toezichthouder zal daartoe specifieke richtlijnen verstrekken. . JI . 72 ~O rA VAN TOELICHTING bchorende bij het landsbesluit, houdcndc algcmcne maatregclcn, van de 12Je september 2006 ter uitvoering van anikel 12 van de Landsverordcning drink.water (P.B. 2006. no. 37) en van artikel 3, cerste en tweede lid, van de Warenlandsvcrordcnmg (P.B. J 997, no. 334) ( Landsbesluit kwaliteit drink water) Algcmcnc beschouwingen § I. lnleiding Jn de onlangs tot stand gekomen Landsverordening drink.water (P.B. 2006, no. 37) zijn in het hclang voor de volksgezondhcid regels gesteld ten aanzien van voor menselijke consurnptie bestcmd water ten einde de gebru1ker van zodanig water te beschennen tegen mogelijke schadelijke gevolgen van dat water. Oeze regcls hebben betrekking op de organisatie van de drinkwatervoorzicning (waaronder productie en distributie), de kwaJitcit van het drink.water, de bestuurlijke verantwoordelijkheid en bet toezicht op de naleving van de wenelijkc voorschriftcn. Ter bckorting van de omschrijving ..voor men.selijke conswnptie bestemd water" is in de landsverordening gekozen voor de tenn: drinkwater (zie artikel I, eerste lid. onder b. van de landsverordening). Drinkwater dat vrij is van ziekteverwekkers en andere schadelijke stoffen. is een van de belangriJkste preventicvc maatrcgclcn voor de volksgczondhcid. Drinkwater dient daarom steeds van zodanige kwaliteit te zijn dat dit geen ziekten kan vcroonakcn (zie artikel 12, eerstc lid. van de landsvcrordcning). Orn nader inhoud le geven aan dit "van zodanige kwalitcit zijn" moeten kwaliteitsnonncn warden vastgcsteld en moeten regcls warden gesteld op welke wijzc de kwaliteit gccontrolecrd wordt. De overheid - zowel de toczichthouder in eerste lijn als de Jnspectie voor de Volksgezondheid in diens functie van 'toczicht op toczicht' -. zal op de nalcving van deze nonnen en regels diencn toe te zicn. De landsverordening delegeert de vaststelling van deze normen en regels in artikel 12, tweede tot en met vierde lid, aan een landsbesluit, houdende algemene maatregelen. Het onderhavige landsbesluit strekt daartoe. Het uitgangspunt voor de in dit landsbcsluit opgenomen verplichtingen is de bcschcnning van de volksgezondheid, een en ander in navolging van de landsverordening. Tevens is rekening gehoudcn met de wens van de Nederlandse Antillen am voedingswaren naar de landen van de Europcse Unie te exportercn. In het bijzonder dient de regelgeving van de Nederlandse Antillen ten aanzien van het drink.water aan ecn aantal vereisten te voldoen. die in de Europese Unic gelden. Hierbij zij met nadruk gewezen dat hoewel dit een economische overweging lijkt. de Europese regelgeving volgens artikel I, tweede lid, van Richtlijn 98183/EG (PbEG L330) uitsluitend de beschenning van de volksgezondheid ten doel heeft. Daarbij zij aangetekend dat de rcgering zich wel bewust is van het feit dat de Europese situatie verschillend is van de Antilliaanse. Vooral het feit dat hier een tropisch klimaat heerst en het drinkwater daardoor gcvocliger is voor microbiologische verontreinigingen, is een belangrijk verschil. Daamaast is de grondstof veclal verschillcnd. op de Nederlandse Antillen wordt vooralsnog relatief "schoon" zecwater tocgepast. dat door middel van destillatie en reversed osmosis wordt behandeld. Bij hct vaststdlen van de kwaliteitsnormen is rekening gehouden met deze verschillcn. voor zover er gecn risico bestaat voor de volksgezondheid. De richtlijnen zoals gesteld door de World Health Organization (WHO), "Guidelines for Drinkingwater Quality, Volume 2" (1996), en het KIWA rapport "Hcrziening Nonncn Waterleidingbesluit" (1993) hebben tevens als naslagwerk gediend. Yerdcr 1s ook aandacht besteed aan de "Overeenkomst lnzake standaardisatic Drinkwatervoorzicning Eilandgcbied Curai;ao" (26 juni 2002). Dit landsbesluit is onderverdeeld in een aantal hoofdstukken die de volgende ondcrwerpcn hehan<lclcn: 72 - 32 - Algemcnc bcpalingcn. Rcgcls met bctrekking tot de kwalite1t. ). Rcgels met hctrekking tot de waarborging van de kwalitcit. 4. Rcgcls met betrekkmg tot de controle van de kwaliteit. 5. Voorschnftcn voor laboratoria. 6 Voorschriftcn met hctrckkmg tot hct pcrsoneel van producenten en distributeurs. 7. Voorschriften met betrckking tot materialen en chcmicalien. 8. Voorschriften met bctrekking tot rapportagc. <). Voorschriftcn met betrckking tot dt: voorlichting door de producentcn en distributeurs van drinkwater van hun afnemers en gcbruikers. JO. Overgangs- en slothcpalingen. Bij d1t landsbesluit horen voorts de volgcnde bijlagen, waarin de onderscheidcn voorschriften nadcr worden uitgcwerkt en de daadwcrkelijke kwalitcitsparamctcrs zijn opgenomcn: Bij)agc A. Minimum kwaliteitseisen. Bijlage B. Bewaking en audit bij een openbarc of een inteme watervoorziening. Bijlage C. Bewaking en audit voor drinkwater verpakt in flessen of andersoortig klein verpak- kingsmateriaal. Bijlage D. Meetmethoden en Prestatiekenmcrken. Rijlage E. Monstemame en -stabilisatie. § 2. Doclstclling Doel van dit landsbesluit is om ter uitvocring van de Landsverordcning drinkwater op nationaal mvcau duidelijke kadcrs tc frmnulcrcn voor de kwalitcit van het drinkwatcr tcr bcschcnning van de gczondheid van de gcbruikers van dit dnnkwatcr en rcgels op te stellen voor de borging van deze kwaliteit. Hct infonneren van afncmers en gcbruikers over de kwalitcit van bet tcr beschikking gestclde drink.water spcelt hierhij een bclangrijke rol. Dit landsbesluit is van toepassing op: a. drink.water als bcdoeld in de Landsverordcning drinkwater, bchoudens voor zovcr bij of krachtens die landsverordening van de werking van die landsverordening uitgezonderd; b. drink.water verpakt in flessen of andersoortig klein vcrpakkingsmateriaal, niet zijndc mincraal water; en c. drinkwater dat in enig levensmiddelenbedrijf wordt gebruikt voor de vervaardiging, de behandeli:rig, de conservcring of het in de handel brengen van voor mcnselijke consumptic bestemde producten of stoffcn, voor zover dit water in direct contact komt of kan komcn met deze producten of stoffcn. - 33 - 72 § 3. lloofdlijnen van het landsbesluit. I . Algcmeen. /oals reeds in de memorie van toelichting bij het ontwerp van de Landsverordening drinkwater (Statenstukken. zitting 2003-2004-2808, no. 3} is aangegeven, is het de bevoegdhcid van het land om in het bclang van de volksgezondheid normen te stellen ten aanzien van de kwaliteit van hct drink.water. De kwaliteit van het drinkwater wordt op diverse punten gemeten. Het belangrijkstc is dat het drinkwater dat aan een tappunt 1 beschikbaar is, aan de in bijlage A van dit landsbesluit opgenomen kwaliteitsnormen voldoet (artikel 5). Is dat het geval dan been de producent of distributeur aan de kwaliteitsvereisten voldaan. Is dat echter niet het geval doch is het .1angevoerde drink.water bij het leverantiepunt van de distributeur wet in overeenstemming met de kwaliteitseisen. dan moet ervan warden uitgegaan dat de afwijking van de kwaliteitsnormen te wijten is aan het intern leidingnet. Daarvoor is de producent of distributeur dan in beginsel nict aansprakelijk. Bijzondere aandacht verdient voorts dat het onderhavige landsbesluit tevens strekt ter uitvoering van anikel 3. eerste en tweede lid, van de Warenlandsverordening (P.B. I 997, no. 334), namelijk waar het betreft drink.water in flessen en andersoortig klein verpakkingsmateriaal alsmcdc drink.water dat in enig levensmiddelenbedrijf wordt gebruikt voor de vervaardiging. de bchandeling. de conservering of het in de handel brengen van voor mensclijke consumptic hcstemde producten of stoffen. Hierbij zij opgemerkt dat water, dat niet direct in contact komt of kan komen met bedoelde producten of stoffen. bijvoorbeeld koelwater, niet onder de werking van deze regeling valt (artikel 2. onderdeel c). 2. Waarborging van de kwaliteit. Producenten en distributcurs alsmede de eigenaren of beheerders van gebouwen alwaar logics wordt geboden aan meer dan vijftig personen (bijvoorbeeld ziekenhuizen en hotels) - zic artikelen I 1 en 13 - dienen een risicoanalyse uit te voeren van de drinkwatervoorziening van bran tot tappunt met het oog op de waarborging van de kwaliteit en continuiteit van de productie en levering van kwalitatief goed drink.water. Hierbij dient rekening te worden gehouden met onder meer zaken zoals de historische gegevens, de inrichting en onderhoudstatus van de infrastrucruur van de productie en distributie, en Legionellapreventie in drink.water. Aan de hand van de resultaten van deze risicoanalyse, wordt een beheersplan opgesteld, waar ecn kwaliteitsborgingsysteem deel van uitmaakt (zie artikel 12). Ecn k waliteitsborgingsysteem is de implementatie van een stelsel van vastgelegdc bcdrijfskundige procedures en regels, die tot doel hebben te waarborgen dat een product, proces of dienst aan de gestelde techn.ische, functionele en relationele eisen voldoet. Een goed kwalitcitsborgingsysteem is een conditio sine qua non voor de dienstverlening. Orn dit docl tc berciken dienen alle technische, administratieve en menselijke factoren, die van invloed zijn op de kwalitcit van producten en diensten, te warden beheerst. De beheersing is derhalve bedoeld om tckortkomingen ten aanzien van de kwaliteit te voorkomen. 3. Controle van de kwaliteit. Aan de hand van een door de toezichthouder (door het bestuurscollegc aangewezcn) gocdgekcurd meetprogramma (zie artikel 16, eerste en tweede lid} wordt de kwaliteit van hct drinkwatcr ondcrzocht, waarbij kwaliteitsprotocollen voor monstemarne en monsterstabilisatic J ngcvolgc artikcl t, onderdeel I, van de landsverordening wordt daaronder verstaan: een plaats in of aan ecn gebouw of een andere voor het publiek toegankelijke plaats waar drink.water voor direct gebruik beschikbaar is. 72 - 34 - ( Bijlage E van dit landsbesluit) in acht worden genomen. Dit meetprogramma houdt rckening met de producticomvang en nader door de toez1chthouder te bepalcn aspecten, zoals histonschc gcgevens, inrichting en ondcrhoudstatus van de infiastructuur van de productie en distribuhe, maar ook de aanwezighc1d van risicogroepen of -gebieden omdat de volksgezondheid rulks vcrc1st, bijvoorbeeld zickcnhuizcn. Dccls dienen dezc aandachtspunten bij de risicoanalyse aan de orde te komcn. Er wordt ondcrscheid gcmaakt m bcwaking en audit. Bewaking heeft tot doel regelmatig informahe te verstrckkcn over voomameliJk de organoleptische en microbiologische kwahte1t van drinkwatcr, alsook informatie over de doeltreffendheid van de behandeling van drink.water (vooral van dcsinfcctie), zoals waar die plaatsvmdt, om uit te makcn of bet drinkwater al dan met in overccnstcmming is met de kwaliteitsnonnen van dit landsbesluit en eventuele aanvullende eiscn zoals vastgesteld door de toezichthouder. Audit heeft tot doel de infonnatie te verstrekken die nodig is om uit te maken of alle parameterwaardcn van het landsbesluit al dan niet worden nageleefd. Momenteel wordt door de drinkwaterbedrijven in de Nederlandse Antillen kwaliteitsmonitoring vcmcht, elk op zijn eigen manier, al dan niet in overleg met de toezichthouder afgesproken. Geconstateerd is dat deze monitoring op bet punt van de te meten parameters per eiland vcrschilt. Vanwege de onbekendheid met de kwaliteit van de grondstofin al haar facetten, -ofschoon op de Nederlandse Antillen in vergelijking tot andere landen de grondstofredelijk "schoon" is-, is het u1tgangspunt dat bet water moet worden onderzocht op alle in tabel III van Bijlage B genocmde parameters. Vergelijkbaar geldt voor bet product dat <lit onderzocht moet warden op alle in biJlage A geooemde parameters. Mocht blijken dat parameters min ofmcer constant zijn en ruim onder de toegelaten grenswaarde liggen, zodat van onderzoek geen negatieve invloeden te vcrw-achten zijn, dan kan de toezichthouder de frequentie verlagen. Het Land zal de resultaten van de mectprogramma's tegen bet licht houden, opdat aansturing van het beleid kan plaats vinden. Concreet betekent dit dus dat de parameters en de frequentie aangepast kunnen warden. Aangetekend wordt dat in belangrijke mate de in de regelgeving van de Europese Unie gchanteerde tabellen als uitgangspunt zijn genomen. Zoals in de inleiding reeds is aangegeven, is daarbij rekening gehouden met de specifieke omstandigheden van de Nederlandse Antillen. Hierbij is we) de nodige voorzichtigheid betracht. De ervaring leert immers dat parameters die hicr niet eerder werden gemeten toch van belang kunnen zijn. Vide de verhoogde aluminiumconcentratie op Curac;ao in 1996. De analyses van drinkwatermonsters warden door de minister aan te wijzen laboratoria uitgevoerd, die intemationale kwaliteitstandaarden in acht dienen te nemen (zie artikel 23 van dit landsbesluit en artikel 14, eerste lid, van de landsverordening). Daarbij zij opgemerkt dat de analyse van auditmonsters en de microbiologische analyse van bewakingsmonsters altijd door een cxtcm aangewezen laboratorium worden verricht (zic artikcl 22 van dit landsbesluit). Ten aanzien van de microbiologische analyse is gekozen om die in elk geval door een laboratorium dat onafuankelijk is van de produccnten of distributeurs te laten uitvoeren, omdat m de Antilliaanse situatie gcbleken is dat sprake is van kritische parameters en de ervaringen hebbcn gelccrd dat het beter is die door ecn onafhankclijke mstantie te laten bepalen. Orn deze redenen hecft hct laboratorium ook infonnatieplicht om bij afwijkingen in de ncgatieve zin niet alleen de produccnt of distributeur le waarschuwcn, maar ook bet bestuurscollege en de toezichthoudcr (zic artikcl 14, tweede respectievelijk derde lid, van de landsvcrordening). Mochtcn de rcsultaten van de onderzoeken in negatieve zm afwijkcn van <le kwalitc1tsparamctcrs die zijn opgenomcn in biJlage A van dit landsbesluit, dan is artikel 12 van - 35 - 72 de landsverordcning van toepassing. De producent of distributeur dicnt onmiddcllijk ondcrzock tc vcrrichten en het bestuurscollege en de toezichthouder onverwijld in te lichten. Zo spoedig mogelijk worden herstelmaatregelen uitgevoerd. Het bestuurscollege draagt zorg dat, indien de volksgczondheid dat vereist, de gebruikers adequaat warden gelnformeerd en voorgelicht. Ecn vcrbijzondering op artikel 12 van de landsverordening is artikel 37 van <lit landsbesluit, namelijk dat de afwijking pas na drie binnen een periode van een week gemeten nonnafwijkingcn van parameters van onderdeel Ill van de tabel in bijlage A aan de toezichthouder wordt gemeld. Voor negatieve afwijkingen van parameters van de onderdelen II en III van de tabel in bijlage A kan ontheffing worden aangevraagd (artikel 8). 4. Gczondheid, hygiene en deskundigheid van bet personeel van producenten en distributeurs I let personeel dat werkzaamheden verricht voor of namens producenten en distributeurs moct pcriodiek geneeskundig worden onderzocht. Bij bet voorkomen van nader genoemde ziekten mogen geen werkzaamheden verricht worden aan de drinkwatervoorziening. Alvorens wederom tc werk stelling plaatsvindt, dient betrokkene opnieuw geneeskundig onderzocht te worden. Met betrek.king tot de periodiciteit van de controles wordt vooraf geen termijn genoemd. Op basis van het geconstateerde ziektebeeld en in overleg met de toezichthouder worden nadere afspraken gemaakt over behandeling en periodieke nacontroles. De toezichthouder zal daarbij gangbare bchandelingsprotocollen hanteren. Voorts wordt vooralsnog de verantwoordelijk.heid bij de producenten en distributeurs gclegd voor bet opstellen, voorlichten en handhaven van hygienische voorschriften. Daamaast dragen de producenten en distributeurs zorg dat bet pcrsoneel in bet belang van -de kwaliteit van bet drink water over de vereiste deskundigheid beschikt. 5. Voorlichting en rapportage Op verscbillende plaatsen in dit landsbesluit is een rapportageplicht voor producenten en distributeurs opgenomen. Op grond van artikel l3 van de landsverordening dient bij elkc gemeten nonnafwijking van parameters van bijlage A terstond de toezichthouder in kennis worden gesteld. Ten aanzien van onderdeel III geschiedt dit, zoals reeds is opgemerkt, na dric gcmeten afwijkingen binnen een periode van een week of bij continue metingen bij overschrijdingen op drie verschillende dagen binnen een week (zie artikel 37). lndien ontheffing is verleend op parameters van de onderdelen II of III van bijlage A en de ontheffingstermijn dreigt te warden overschreden, moet het bestuurscollege direct op de hoogte worden gesteld (zic artikel 8, zesde lid). Voorts dient aan het begin van elk nieuw kwartaal te worden gerapportecrd over de kwaliteit van het drink.water, het optreden van incidenten en de wijze van handelen na hct constateren daarvan (zie artikel 38, eerste lid). Aan het begin van het jaar wordt in een jaaroverzicht cen representatieve samenvatting van alle meetgegevens verstrekt (zie artikcl JR. dcrde lid). Conform artikel 11, derde lid, warden de resultaten van de risicoanalyse aan hct bcstuurscollege overgelegd, evenzo het beheersplan (zie artikel 12, derde lid). Het mcctprogramma wordt aan de toezichthouder ter goedkeuring overgelegd (zie artikel 16, tweedc lid). Ten aanzien van de gezondheid van hct personeel, wordt de toezichthouder ge'infonncerd wclkc arts de geneeskundige onderzoeken zal uitvoeren (zie artikel 28, derdc lid). Op verzock van de arts belast met het geneeskundig onderzoek van het personeel of de toezichthoudcr, wordcn pcrsoonsgegevens van het personeel verstrekt (zie artikel 28, tweede lid). 72 • 36 • Ook de afncmcrs en vcrbruikcrs rnoctcn op vcrschillende momenten worden voorgelicht. Zo moct bij bc\Ovloeding van de kwahteit door het intern leidingnet (zie art1kel 7) de eigenaar of hcwoner Worden gelnfonneerd en voorgelicht. Voorts zal bij het verlenen van ontheffing van parameters van onderdelcn II en Ill van bijlage A publicat1e plaatsvmden (zie artikel 39, eerstc lid) en dicncn de betrokkcn vcrbruikers te Worden gelnformeerd en geadv1seerd over door hen tc ncmen maatregelen ter beschenrnng van hun gezon<lheid (z1e artikel 39, tweede den derde lid), I let regulier onderhoud aan de drinkwatervoorziening moet minstens twee dagen van tevoren aan betrokken verbruikcrs warden gcmeld. Bij onvoorziene omstandighcden ten aanzien van hct ondcrhoud warden verbruikers zo snel en adequaat mogeliJk, bijvoorbeeld via de media, ingclicht. Voor het eindc van het ccrste kwartaal wordt ecn drinkwaterkwaliteitsoverzicht van hct voorgaande jaar voor het publick ter mzage ingelegd. Dit gcbeurt op een plaats welke van ovcrheidswcge bekend zal worden gemaakt. II. Arhkelsgewijze toelichting

  36. Artikel 2 In dit artikel wordt vastgelegd dat dit landsbesluit niet alleen betrckking heeft op drink.water als bedoeld in de Landsverordening drink.water, maar ook op verpakt water (niet zijndc mmeraalwater) en water zoals toegepast bij de productie van voedmgswaren in de vocdingsindustrie en daar contact mee heeft. Ter toelichting op het laatstgenoemde: ook water dat uiteindelijk niet of bijna niet op of in het product terechtkornt, bijvoorbecld water dat gebruikt wordt bij de opslag en verwerking van vis, valt onder de reikwijdte van dit landsbesluit. Andcrz1jds valt koelwater daar niet onder, aangezicn hct nict in direct contact komt met de producten of stoffen. Artikcl 3 In de m dit artikel genocmdc bijlagen die bij <lit landsbesluit zijn gevoegd, zijn de specifieke vercisten opgenomen waaraan moet warden voldaan. Artikelen 4, 5 en 8 Op grond van artikel 12 van de landsverordening wordt in deze artikelen de basis gelegd voor de kwaliteitsnormen die in bijlage A zijn opgenomen. Drinkwater dient aan het tappunt te voldocn aan de kwaliteitsnormen zoals opgenomen in deze bijlage. Conform artikel 13 van de landsverordening dient de producent of distributeur direct in actie te komen indien niet aan de gestcldc kwaliteitseisen wordt voldaan en het bestuurscollcge zal, gchoord de toezichthoudcr, daar gcpast op dienen te reageren. Bijlagc A bcstaat uit drie ondcrdelcn. In ondcrdecl I zijn de microbiologische parameters opgcnorncn. Dcze mogen op geen enkel moment afwijkcn. lndien wel wordt afgcweken, dan 1s artikcl 13 van de landsverordemng van toepassing. De chcmischc parameters van onderdeel II hebben een effect op de gezondheid. De in onderdccl III opgenomcn indicatorparametcrs dienen voor kwalitaticvc controlcdoeleinden. Voor parameters van onderdelen II en III is bij negatieve afw1jkmg in beginscl ook artikel 13 van de landsverordcning van toepassing. Evenwel kan onder omstandigheden ontheffing warden verkrcgen voor negatieve afwijking van de parameters van de onderdelen II en Ill (zic artikel 8 van <lit landsbcsluit). lngcvolge artikel 13 van de landsverordening dient, wanneer er afwijkingen optreden, dire<.:! omlcrt.ock le wordcn u1tgcvocrd om de oor.laak vast te stcllcn en dicnt hct bcstuurscollege en de - 37 - 72 toc/,ichthoudcr onvcrv.'iJld in kennis le worden gestcld. Zo spocdig mogdijk dicncn hcrstclmaatregclcn te worden uitgevoerd om de kwalitcit weer op peil tc brengcn, waarbij ondcr mcer wordt gelet op de mate waarin de pararneterwaarde in kwestie is overschrcden en op hct mogclijkc gevaar voor de volksgezondhcid. Een verbijzondering van de rapportageplicht bij negaticve af\vijking geldt voor de parameters van onderdeel II[ (zic artikel 37): na drie gcmctcn normafwijkingen binnen cen periode van een week, dient de toezichthouder op de hoogte te wordcn gcsteld. Bij continue metingen geschiedt <lit bij gemcten overschrijdingen op dric vcrschillcnde dagen binnen een week. \Vat de mogelijk.heid van ontheffing betreft wordt nog bet volgende opgemerkt. Indien wordt al"gcwckcn van de kwaliteitsparameters van onderdelen II of Ill van de tabel in bijlage A, <lan ka.n hct bcstuurscollegc op verzoek van de producent of distributeur, en na advies van de toczichthouder, ontheffing verlenen. Ontheffing van de onderdelen II of 111 is alleen mogelijk indien overschrijding tijdelijk aanvaardbaar is vanuit het oogpunt van hct belang van de volksgezondheid en het betrokken gebied redelijkerwijs niet op een andere wijze van drink.water voorzien kan warden. Nadelige gevolgen voor de volksgezondheid zijn hierbij echter niet aanvaardbaar. Dan dient de watervoorziening op een andere manier te warden voortgezet, totdat de overschrijding is opgeheven. Als ontheffing wordt verleend, dan geldt deze voor een periode van maximaal een jaar. Orn redenen van volksgezondheid kwmen aan een dergelijke ontheffing voorwaarden worden verbondcn. De producent of distributeur stelt het bestuurscollcge direct op de hoogte indien zij aan het eind van de verleende ontheffingspcriode niet aan de vereisten kunnen voldocn en moet dcze de reden daarvan meedelen. Het bestuurscollegc kan onder omstandighcdcn op vcrzoek van de vergunninghouder verlenging van de ontheffing verlenen. Artikelen 6 en 7 Drinkwater aan hct tappunt dienl te voldoen aan de kwaliteitsnormen zoals opgenomen in bijlage A van dit landsbesluit. Mocht blijken dat het drink.water niet voldoet aan de gcsteldc kwalitcitsnormen aan het tappunt en <lit te wijten is aan het leidingnet of het onderhoud van het leidingnet vanafhet leverantiepunt van de distributeur bij een gebouw, dan valt de producent of distributeur niets te verwijten. De producenten en distributeurs zullen in een dcrgelijk geval de eigenaars, huurders of bewoners adviseren over herstel of aanvullende rnaatregelen die zij kunnen trcffen om de kwaliteitsvermindering te voorkomen. Onder omstandigheden kunnen de producenten of distributeurs zelf maatregelen nemen, bijvoorbeeld in de sfeer van anderc bchandelingsmethodieken, om te voorkomen dat deze kwaliteitsvermindering kan optreden. Dit zal altijd in overleg met de eigenaar gebeuren, tenzij de volksgezondhcid anders vereist. Artikclen 11 en 12 Producenten, distributeurs en de onder artikel 13 genoemde eigenaren of beheerders voeren elkc vijf jaar of zoveel eerder als er grate veranderingen optreden die van invloed kunncn zijn op de voorziening en levering van kwalitatief goed drin.kwater, een risicoanalyse uit van bran tot verbruiker met het oog op de waarborging van de kwaliteit van het drinkwater en de continui:teit van de levering. Hierbij dient rekening te warden gehoudcn met ender meer zak.en zoals de historische gegevens, de inrichting en onderhoudstatus van de infrastructuur van de productie en distributic en Lcgionella preventic in drinkwater. Aan de hand van de resultaten van dezc risicoanalyse, dienl een beheersplan tc warden opgestcld waarin een kwaliteitsborgingsysteem is opgcnomen. Een kwaliteitsborgingsysteem vormt de implementatie van een stclsel van vastgclegde bedrijfskundige procedures en regels, dat tot doe! heeft te waarborgen dat een product, proces of dicnst aan de gestelde technische, functionele en relationele eisen voldoet. Een gocd kwaliteitsborgingsysteem is ecn conditio sine qua non voor de dienstverlening. Orn dit docl tc hcreiken diencn al!e technische, administraticvc en menselijke factoren, die van invlocd 72 - 38 - njn op de kwa\itcit van producten en dicnstcn, te wordcn bchccrst. De beheersing is gcncht op hct vcnninderen en zo mogelijk voorkomcn van tekortkomingen ten aanzien van kwaliteit van hct drinkwater en daannce van risico's voor de volksgezondheid. Ten aanzicn van Lcgionella wordt hct volgende opgemerkt. De kcus is gemaakt om geen kwaliteitsnorm of ~richtlijn in dit landsbesluit of de daarbij behorendc bijlagen op tc ncmen. Daarvoor 1s er onvo\docnde wetenschappelijke kennis beschikbaar over de rclatie tusscn dosis en effect voor de volksgezondheid. Wcl is het van belang om deze problematiek te beheersen en voorzorgsmaatregelen te treffen op locaties waar er verhoogd risico bestaat voor het oplopen van Lcgionella Pneumonie. Gedoeld wordt op met name grote gebouwcomplexen, waar veelal t-,rrotcre groepen mcnsen in een steeds wisselende bezetting verblijven. lmmers, de kans op dead end legs in de infrastructuur en andere voor Legionella b'1.mstige voorwaarden zijn dan in vcrsterkte mate aanwezig (bijvoorbeeld hotels en ziekenhuizen). De risicoanalyse en het beheersplan moeten aan bet bestuurscollege worden overgelegd. Deze dient de toez1chthouder in de gelegenheid te stellen om daarover advies uit te brengen. De risicoanalyse en bet bebeersplan worden door het bestuurscollege voorts aan de Minister en de lnspectie voor de Volksgezondheid aangcboden. Artikcl 13 In <lit artikel wordt specifiek voor dit hoofdstuk uitvoering gegeven aan artikel 5 van de landsverordening en wordt bet werkingsgebied van de onderhav1ge regelgeving uitgebreid met cigcnaren of beheerders van gebouwen alwaar logics wordt geboden aan mecr dan 50 personcn. De kcus is gemaakt om kantoorgebouwen e.d. vooralsnog niet onder het wcrkingsgebied van dcze landsverordening te brengen. In de gevallen waarin logies kan worden geboden aan meer dan 50 personen kan zich een grotcr gevaar voordoen van contaminatie van het drinkwater dan in "gewone" huiselijke omstandigheden. Orn die reden wordt bet wenselijk geacht om in die gevallen ten minste een risicoanalyse en daarop gebaseerd beheersplan te eisen.

  37. Art1kcl 16 De producenten en distributcurs stellen een meetprogramma op conform het gestelde in bijlagc B en de aanwijzingen die door de toezicbthouder worden gegeven en leggen bet program.ma tcr goedkeuring voor aan de toezichthouder. Voor bestaande voorzieningen is in een overgangsregeling voorzien. Voor nieuwe watervoorzieningen is deze bepaling van toepassing alvorcns die in gebruik worden genomen, tenzij aangetoond kan wordcn dat de ingebruik.neming in hct belang is van de afnemer/gebruiker (lees: in het belang van de volksgezondbeid). Dit bctckcnt a contrario dat als de volksgezondheid in gevaar komt/dreigt te komen, een zodanigc ingebruikneming vOOr de goedkeuring van bet meetprogramma niet is toegestaan. De beoordeling hiervoor berust bij de producent en distributeur. Deze kunnen hierop dan ook wordcn aangesproken indien achteraf mocht blijken dat zij in bet belang van de volksgezondhcid nict tot vervrocgde ingebruikstelling hadden mogen overgaan. In geval van ecn vroegtijdige ingebruikneming zal de goedkeuring nadien verkregen mocten worden. In vcrband met de beoordeling door de toezichthouder van hct meetprogramma, kan de toczichthouder voorschriflen gevcn over de vonn waarin het programma dient te wordcn voorgclegd. Ook naar schadelijke organismen of stoffen, die niet zijn opgenomen in <le kwalitcitstabellen, maar waarvan de producenten of distributeurs kunnen vennoeden dat deze in hct dnnkwater voorkomen en die een effect kunnen hebben op de volksgezondheid, moeten door de producenten of distributeurs metingen worden verricht. De producenten en distributeurs zijn verantwoordelijk voor de monstemame en analyse van de bewakingsmonsters. In artikel 22 is ccn vcrbiJzondering opgenomen. De microbiologische bewakingsmonsters worden door ecn - 39 - 72 exlcm a.angcwezcn laboratorium geanalyseerd. De auditmonsters worden door de tocz:ichthoudcr gcnomen en door ccn extem aangewezen laboratorium geanalyscerd. Artikcl 17 De toezichthoudcr dient ten behoeve van cen beter inzicht in de kwaliteit te bcpalen of de frcqucntie ofhet aantal parameters verhoogd (ten opzichte van het vermelde in bijlage B) moct wordcn (ccrste lid). I-let tegendcel is echter ook mogelijk. lndien uit de resultaten van de afgclopcn twee jaar blijkt dat sommige parameters nauwelijks aan verandering onderhevig zijn e-n ruim onder de gestelde norm van bijlage A scoren, en voorts aangenomen kan worden dater gccn factoren aanwczig zijn die daar verandering in kunnen brengen, dan kan de toezichthouder de bewakingsfrequcntic (tweede lid) of de auditfrequentie (derde lid) verlagen tot maximaal de hclft van de in <lit landsbesluit aangegeven minimale frequentic (vierde lid). In bijzondere gevallcn kan met cen nog lagere frequentie warden volstaan.

  38. Artikel I 8 lndien een producent of distributeur van een openbare of inteme watervoorziening drink.water van een ander betrekt, dan is hij verplicht <lit bij het innamepunt te onderzoeken met in achtneming van het gestelde in bijlage 8 (eerste lid). De toezichthouder kan in geval er sprakc is van inname van een andere openbare watervoorziening het meetschema aanpassen (eerste lid). Drinkwatennonsters worden aan het tappunt genomen. Per slot van rekening moet in verband met de volksgezondheid juist op dat punt het drink.water aan de kwaliteitsnonnering voldocn. I fo.:rop zijn uitgczonderd die monsters die conform tabel l van bijlage 8 op een ander punt mocten worden genomen (onbehandeld water of water direct na de laatste zuiveringsstap) (twcede lid). Orn een goed bceld van de kwaliteit te krijgen, rnocten de monsters een representatief beeld gcvcn. De locatics van monstemame, het tijdstip, de wijze van monstemame en eventueel de stabilisatie van de monsters indien de analyse niet direct plaats vindt (vijfde lid), spelen daarbij een bclangrijke rol (derde lid). In bijlage E zijn voor de monstemame en -stabilisatie richtlijnen opgenomen. Zo op het eerste gezicht lijkt het er wellicht op dat allerlei "overbodige parameters'' gemetcn mocten worden. Oat zou zo kunnen zijn, maar de data om dat in dit stadiwn aan te kunnen toncn ontbreken vooralsnog. In de beginjaren van de inwerkingtreding van dit landsbesluit zullen data van kwaliteitsparameters warden verzameld, waama sommige parameters, bij geblekcn irrclevantie, met een lagere frequentie gemonitord kunnen worden. De wetgever zal de resultatcn van deze monitoring nauwgezet volgen en zo nodig het beleid in deze aanpassen.

  39. Artikel 19 Ook de grondstof dient regelmatig gemonitord te worden (tabel III, Bijlage B). Ofschoon in de Nedcrlandse Antillen momenteel alleen oppervlaktewatcr (zeewater) als grondstof word! gehruikt, is besloten om de richtlijnen ook op grondwater toe te passen, aangezien momentecl ondcrzoeken plaats vinden naar het gebruik van grondwater. Bij de monitoring moct wederom gewaakt worden voor de representativiteit van het onderzoek en kan de toezichthoudcr bcslissingen ncmcn over de frequentie en de te onderzoeken parameters. Artikd 20 De rneetg~geve.is dienen door de producenten en distributeurs deugdelijk bewaard tc worden voor ecn pcriode van ten minste vijfjaren (eerste lid). 72 • 40 •

  40. Artikel 21 De te vemchten ondcrzoekcn mocten worden verricht met inachtneming van hct gestclde in bijlage D, Mcetmethoden en Prestatickenmerken. Jndien van altematieve meetmethodcn gebruik wordt gemaakt, dan is de instemming vereist van de Minister, gchoord de lnspcctie voor de Volksgezondheid. Na een dergelijke instemming bencht de Minister hct bcstuurscollege over het hcsluit. Art,kcl 22 Een audit wordt per definitie door een derde uitgevoerd. De monstemame geschiedt door de toczichthouder of cen door deze aangewezen adequate derde. De analyse gcschiedt door een door de Minister aangewezen laboratorium niet zijnde een laboratorium dat aan de producent of distributeur gelieerd is. Een zodanig laboratorium dient geaccrcditeerd te zijn voor hct venichtcn van de vereiste onderzoeken (zie artikel 23). Ook de microbiologische analyse van de bewakingsmonsters geschiedt door ecn door de minister aangewezen laboratorium, niet zijnde een laboratorium dat aan de produccnt of distributeur gelicerd is. Artikelen 23 tot en met 25 Orn te garandcren dat de analyse van drinkwatermonsters op cen juiste manier plaatsvindt, dicncn de door de Minister aangcwezen laboratoria over cen intemationaal crkcndc kwaliteitsaccreditatie te beschikken en de in bijlage D opgenornen Meetmethodes en Prcstatickenmerkcn in acht te nemen. Orn de laboratoria de kans te geven te certificeren voor gcnocmdc kwaliteitscertificatie is een overgangsperiode van twee jaar na bet in werking tredcn van dit landsbesluit vastgesteld (zie artikel 43). Artikelen 26 tot en met 33 De Europese regelgeving voorziet in de controle op Salmonella en Shigella van personeel dat in contact kan komen met het drinkwater. De Nederlandse Antillen wijkt op <lit punt af van de Europese regelgeving op basis van het volgende argument. Reeds decennia worden hier te landc allc 'foodhandlers' twee maal per jaar gecontroleerd op het voorkomen van deze bacteriCn. Tot op heden zijn er geen positieve gevallen geconstateerd en onlangs is een traject gestart om dezc wettelijke verplichting te schrappen. Daarvoor komt in de plaats een verplichte screening bij de eerstc tewerkstelling, een periodiek geneeskundig onderzoek en een halfjaarlijkse training van foodhandlers ten aanzien van in acht te nemen hygiCnische maatregelen. Een geneeskundige keuring voor de indiensttreding of eerste tewerkstelling is verplicht, gevolgd door pcriodieke geneeskundige controles. Macht dan aanleiding bestaan om op Salmonella, Shigella of andere ziekten te controlercn, dan zal door de arts belast met het periodiekc geneeskundige onderzoek van die personeelsleden die in direct contact kunnen komen met hct drink.water, <lit onderzoek warden voorgeschreven. De producenten en distributeurs zijn logischerwijs ook verantwoordelijk voor werknemers die in opdracht van hen aan de watervoorziening wcrken, wat betreft de gezondheid, hygiene en deskundigheid. Artikelcn 35 en 36 De kwaliteit van ons drinkwater wordt mede bepaald door de bij bet productie- en distributieproces gebruikte materialen en chemicaliiin. Orn die reden worden in deze artikelcn ecn aantal basisvoorwaarden geformuleerd waaraan de gebruikte ( en te gebruiken) material en en chcmicaliCn moeten voldoen: zij mogen slechts warden gebruilct voor zover zij niet in ecn hogcrc concentratie achter blijven dan voor het gebruik noodzakelijk is en geen nadcligc gcvolgcn hcbben voor de volksgezondheid. Daaraan wordt geacht te zijn voldaan mdien dezc - 41 - 72 materialcn en chernicaliCn voor1.icn zijn van een door de Minister crkcnd keurrnerk of ccn daanncc door de Minister gehjkgestelde kwaliteitsverklaring. Gekt op <le bijzondcrc omstandigheden van het woncn in de tropen alsmede de gcbruiktc productiemethoden (vcrdamping en reverse osmosis van zcewater) is hier in artikel 36, cerstc lid, ondcr a, de cis aan tncgevocgd dat vast moet staan dat deze materialen en chemicaliCn gcschikt zijn voor onzc klimatologische omstandigheden en de omstandigheid dat ons drink.water wordt gcwonnen uit ;,e:cwatcr, hetgeen, zoals in de praktijk is gchleken, specificke eisen met zich meebrengt. De uitwcrking van dcze algemene voorschriften zal geschieden in een ministenele beschikking met algcmene werking. Artikcl 38 De producenten en distributeurs dicnen vooral de incidcnten en calamitciten goed te documenteren. Een zodanigc bcpaling wordt noodzakelijk geacht omdat de ervaring heeft gclcerd dat juist bij incidenten en calamitciten achteraf geen goed overzicht geproduccerd kon worden van alle overwegingen en handelingen die bij de besluitvonning van toepa.<;sing zijn gcweest. Artikelen 39 en 40 De afnemers en gebruikers dienen gdnfonneerd te zijn over het gebruiksgocd dat zij afnemcn. In § 3 Hoofdlijnen van dit landsbesluit, van het algemeen gedeelte van deze toelichting, onder punt 5. is reeds uitgcbreid ingegaan op de voorlichtingsverplichtingen van de producenten en distributcurs jcgcns de afnemers en gebruikers. IIL Toelichting op de bijlagen Alie bij dit landsbesluit behorende bijlagcn hebbcn ten docl nadcr aan tc gcvcn hoe aan de controle van drinkwater vonn moet worden gegeven. Bijlage A Bijlage A bestaat uit drie onderdelen. Ondcrdeel I bctreft microbiologische parameters waarvan op geen enkel moment de nonnen mogcn warden overschreden. Onderdeel II betreft chemische parameters die een effect hebben op de volksgezondheid. Onderdcel Ill van bijlage A bctrcft indicatorparameters voor de bedrijfsvoering, Bij overschrijding van de kwaliteitsparamcters van ondcrdecl II en Ill van bijlagc A kan het bestuurscollegc, gchoord de toczichthoudcr, onthefling ondcr voorwaarden verlenen. Bijlagc [l In tabcl I van bijlage B is aangegeven welkc parameters hij ccn interne rcpccticvelijk openban: watcrvoorzicning tot de hewaking wordcn gereken<l en welke tot de audit. Voor allc parameters is aangegeven op welk punt. onbehandcld water (o), direct na de laatstc zuivcringsstap (p) of tappunt (t), ondcr hct regime van bewaking of audit gcmeten moct wordcn. In zijn algemecnhci<l diencn de parameters primair aan hct tappunt tc wordcn onderzocht. Alie parameters vastgesteld in <lit landsbesluit voortvlocicn<lc uit artikcl 12 van <le landsvcrordening en aanvullcndc ciscn zoals vastgcstcld door de toczichthoudcr. mocten aan ccn audit worden onderworpen, tenzij door de hevoegdc autoriteiten kan worden vastgcsteld dat gedurcndc minimaal twee jaren m bepaald water ecn paramctcm'a:.tr<ll· naar allc 72 - 42 - waarschijnlijkheid nict wordt gehaald in conccntraties die kunnen leidcn tot risico·s, doordat dat <le bctrokk.en parametenvaarde alsnog wordt ovcrschredcn. In label II wordt het minimaal aantal monsterncmingen per jaar weergegcven voor zowcl hcwakmg als audit bij een mteme of opcnbare watervoorziening. Hicrbij wordt uitgegaan van de dagclijks binnen een leveringsgebied geproduccerde of gedistribueerdc hocvcclheid water. Hct u1tcindclijke aantal monstememingen zal door de toezichthoudcr worden bepaald, onder mecr aan de hand van de risicoanalyse, welke uitgevoerd wordt voor de drinkwatcrpro<luctie en distributie, maar ook voor risicogebiedcn zoals bijvoorbeeld ziekenhuizen. Met betrckking tot de microbiologische parameters Escherichia Coli en de bacterien van de Coligroep 1s, in vcrgelijking met bet vermelde in tabel Il, een verhoogde frequentie van kracht (zie noot 6, tabcl I, bijlage B). In tabel Ill is de monitoring van de grondstof opgenomen bij een interne of openbarc watcrvoorziening. De toezichthouder kan beslissen tot aanvullende rnetingen. Bijlagc C In bijlage C is de informatie betreffende de bewaking en audit voor vcrpakt drinkwatcr opgenomen. In label I zijn de microbiologischc parameters opgenomen voor bewaking en audit van vcrpakt water, terwijl de chemische parameters in bijlage 8 zijn venneld. In tabcl II is aan de hand van de dagelijks voor verkoop in verpakkingen geproduccerdc hoevcclheid drinkwatcr of de hoeveclheid gcimportccrd vcrpakt drinkwater hct aantal monstemcmingcn per jaar voor hcwaking en audit aangegeven. Bijlagc D In Tabel I van bijlagc D is de analysemcthode voor enkele parameters opgenomcn. In tabcl II zijn prestatickcnmerken geformuleerd voor overige parameters. Bijlagc E In bijlagc E wordt nadcr ingcgaan op de wijze van monstemame en -stabilisatie. De Minister van Volksgezondheid en Socialc Ontwikkcling, S.E. SMITH

State Decree on the Quality of Potable Water · Nelum