تخطَّ إلى المحتوى
Nelum
قوانين هولندا

Decree containing rules relative to the duty to replant forests pursuant to article 3 of the Forestry Act

صدر في 1962-06-20 · النص بتاريخ 2026-10-01

القانون العام والإرشادات الرسمية منشورة بوصفها أبحاثاً. ليست مشورة قانونية أو ضريبية أو مالية.

البحث نفسه مكتوب بالإنجليزية. العناوين والوسوم مترجمة؛ أما النتائج والاقتباسات فغير مترجمة.

عن هذا القانون

العنوان الأصلي
Besluit houdende regelen ten aanzien van de verplichting tot herbeplanting, bedoeld in artikel 3 van de Boswet.
اللغة
Dutch
النوع
لائحة
المنظمة
European Union
الدولة
هولندا
الموضوعات
Forestry
الكلمات المفتاحية
forest management/forest conservation, afforestation/reforestation, authorization/permit

أين تقرؤه

    لا يوجد رابط مصدر مسجل لهذا القانون.

النص

نص القانون نفسه، مادةً مادة، كما هو محفوظ. لكل مادة رابطها.

  1. BESLUIT van 20 juni 1962, houdende regelen ten aanzien van de verplichting tot herbeplanting, bedoeld in artikel 3 van de Boswet WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz. Op de voordracht van Onze Minister van Landbouw en Visserij van 1 mei 1962, nr. J. 939, Directie Juridische en Bedrijfsorganisatorische Zaken; Gelet op artikel 3, eerste lid, van de Boswet; Gezien de adviezen van het Bosschap en het Landbouwschap; De Raad van State gehoord (advies van 23 mei 1962, nr. 37); Gezien het nader rapport van Onze Minister van Landbouw en Visserij van 13 juni 1962, nr. J. 1201, Directie Juridische en Bedrijfsorganisatorische Zaken; Hebben goedgevonden en verstaan: Artikel 1 1. De begripsbepalingen, vervat in artikel 1 van de Boswet, gelden ook voor dit besluit. 2. Voorts wordt voor de toepassing van dit besluit onder "gevelde houtopstand" mede begrepen: op andere wijze tenietgegane houtopstand. Artikel 2 1. Aan de verplichting tot herbeplanting, bedoeld in artikel 3 van de Boswet, moet worden voldaan door beplanting van de grond, waarop zich de gevelde houtopstand bevond, of van andere grond, voor zover Onze Minister hiertoe toestemming heeft verleend. 2. Onze Minister verleent de in het eerste lid bedoelde toestemming, tenzij: a. de grond die de eigenaar wil beplanten gelegen is in een ander gebied dan dat waar zich de gevelde houtopstand bevond; b. de grond die de eigenaar wil beplanten van mindere kwaliteit is dan die waarop zich de gevelde houtopstand bevond; c. de grond die de eigenaar wil beplanten een kleinere oppervlakte heeft dan die waarop zich de gevelde houtopstand bevond; d. de gevelde houtopstand deel uitmaakte van een boskern; e. andere belangen, welke verband houden met de bodemproduktie, hierdoor zouden worden geschaad. 3. Op grond van bijzondere omstandigheden kan Onze Minister ook in de in het tweede lid genoemde gevallen de in het eerste lid bedoelde toestemming verlenen. Aan deze toestemming kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. 4. Voor de toepassing van het bepaalde in het tweede lid, aanhef en onder a, verdeelt Onze Minister bij regeling het Rijk in gebieden. Artikel 3 De in het vorige artikel bedoelde beplantingen dienen te worden uitgevoerd op bosbouwkundig verantwoorde wijze. Artikel 4 Dit besluit treedt in werking op 1 juli 1962. Onze Minister van Landbouw en Visserij is belast met de uitvoering van dit besluit, hetwelk in het Staatsblad zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State. Soestdijk, 20 juni 1962 JULIANA De Minister van Landbouw en Visserij, V.G.M. Marijnen Uitgegeven de achtentwintigste juni 1962 De Minister van Justitie, A.C.W. Beerman

Decree containing rules relative to the duty to replant forests pursuant to article 3 of the Forestry Act · Nelum