Loi portant des dispositions diverses en matière de bien-être animal, de commerce international des espèces de faune et de flore sauvages menacées d’extinction, et de santé des animaux
صدر في 2014-02-07 · النص بتاريخ 2026-10-01
القانون العام والإرشادات الرسمية منشورة بوصفها أبحاثاً. ليست مشورة قانونية أو ضريبية أو مالية.
البحث نفسه مكتوب بالإنجليزية. العناوين والوسوم مترجمة؛ أما النتائج والاقتباسات فغير مترجمة.
عن هذا القانون
- العنوان الأصلي
- Wet houdende diverse bepalingen inzake dierenwelzijn, internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten en dierengezondheid.
- اللغة
- French; Dutch
- النوع
- قانون
- الدولة
- بلجيكا
- الموضوعات
- Livestock, Wild species and ecosystems
- الكلمات المفتاحية
- animal welfare, transport/storage, international trade, slaughtering, non-governmental entity, wild fauna, wild flora, wildlife products
- الفئات
- *
أين تقرؤه
النص
نص القانون نفسه، مادةً مادة، كما هو محفوظ. لكل مادة رابطها.
* FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU [C − 2014/24066] 7 FEBRUARI 2014. — Wet houdende diverse bepalingen inzake dierenwelzijn, internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten en dierengezondheid FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK 1 . — Inleidende bepaling Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet. HOOFDSTUK 2 . — Wijzigingen van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren Art. 2. In artikel 3bis, § 2, van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, ingevoegd bij de wet van 4 mei 1995 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 6 mei 2009, wordt de bepaling onder 7° opgeheven. Art. 3. In artikel 6, § 2, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 4 mei 1995, worden de woorden “in circussen, rondreizende tentoon stellingen,” opgeheven. Art. 4. In dezelfde wet wordt een artikel 6bis ingevoegd, luidende : “Art. 6bis. § 1. In afwijking van artikel 3bis zijn het houden en het gebruik van dieren in circussen en rondreizende tentoonstellingen verboden. § 2. De Koning stelt de lijst vast van gedomesticeerde dieren die, in afwijking van § 1, gehouden en gebruikt kunnen worden in circussen en rondreizende tentoonstellingen. Hij bepaalt de voorwaarden voor de vrijwaring van het welzijn van deze dieren. Deze voorwaarden hebben betrekking op de administratieve en technische voorwaarden aan gaande de identificatie van de dieren en hun eigenaar, de diergenees kundige begeleiding, de verzorging, de huisvesting, het vervoer en de vaccinatiestatus van de dieren, de omgang met de dieren, het aantal en de bekwaamheid van het personeel en de standplaatsen.”. SERVICE PUBLIC FEDERAL SANTE PUBLIQUE, SECURITE DE LA CHAINE ALIMENTAIRE ET ENVIRONNEMENT [C − 2014/24066] 7 FEVRIER 2014. — Loi portant des dispositions diverses en matière de bien-être animal, de commerce international des espèces de faune et de flore sauvages menacées d’extinction, et de santé des animaux PHILIPPE, Roi des Belges, A tous, présents et à venir, Salut. Les Chambres ont adopté et Nous sanctionnons ce qui suit : CHAPITRE 1er. — Disposition préliminaire Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l’article 78 de la Constitution. CHAPITRE 2 . — Modifications de la loi du 14 août 1986 relative à la protection et au bien-être des animaux Art. 2. Dans l’article 3bis, § 2, de la loi du 14 août 1986 relative à la protection et au bien-être des animaux, inséré par la loi du 4 mai 1995 et modifié en dernier lieu par la loi du 6 mai 2009, le 7° est abrogé. Art. 3. Dans l’article 6, § 2, de la même loi, inséré par la loi du 4 mai 1995, les mots “cirques, expositions itinérantes,” sont abrogés. Art. 4. Dans la même loi, il est inséré un article 6bis rédigé comme suit : “Art. 6bis. § 1. Par dérogation à l’article 3bis, la détention et l’utilisation d’animaux dans les cirques et les expositions itinérantes sont interdites. § 2. Le Roi fixe la liste des animaux domestiques qui, par dérogation au § 1er, peuvent être détenus et utilisés dans les cirques et les expositions itinérantes. Il fixe les conditions pour la préservation du bien-être de ces animaux. Ces conditions portent sur les conditions administratives et techniques concernant l’identification des animaux et de leurs propriétaires, la guidance vétérinaire, les soins, l’héberge ment, le transport et le statut vaccinal des animaux, la manipulation des animaux, le nombre et la compétence du personnel et les emplace ments.”. 17405BELGISCH STAATSBLAD — 28.02.2014 — MONITEUR BELGE Art. 5. In dezelfde wet wordt een artikel 12bis ingevoegd, luidende : “Art. 12bis. De Koning kan voorwaarden opleggen aan personen en verenigingen die voor adoptie bestemde dieren aanvoeren vanuit het buitenland. Deze voorwaarden hebben tot doel het welzijn van de dieren te garanderen en hebben betrekking op de huisvestingsvoorwaarden in het land van oorsprong, de leeftijd, de sterilisatie, de behandeling tegen ziekten, het gedrag, de identificatie, de informatie aan de adoptanten en het vervoer.”. Art. 6. In artikel 13, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 4 mei 1995 en 19 mei 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de bepaling onder 6. wordt vervangen als volgt : “6. de bekwaamheid van bestuurders en verzorgers en van het personeel dat in verzamelcentra, controleposten of bij vervoerders omgaat met dieren, het organiseren van een opleiding voor deze personen en de lesgevers die deze opleiding mogen verstrekken;”; 2° paragraaf 1 wordt aangevuld met de bepaling onder 8., luidende: “8. het afleveren, schorsen en intrekken van het getuigschrift van vakbekwaamheid voor bestuurders en verzorgers.”. Art. 7. Artikel 16 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 4 mei 1995 en bij het koninklijk besluit van 22 februari 2001, wordt aangevuld met een § 3, luidende: “§ 3. De Koning kan voorwaarden vaststellen aan : 1. de opleiding van de functionaris voor het dierenwelzijn en het personeel werkzaam in de slachthuizen en van personen betrokken bij het doden van pelsdieren, en de organisatie van deze opleiding; 2. het organiseren van examens over de vereiste vakbekwaamheid van de in de bepaling onder 1. genoemde personen; 3. het afleveren, schorsen en intrekken van voorlopige en definitieve getuigschriften van vakbekwaamheid aan de in de bepaling onder 1. genoemde personen; 4. de bouw, inrichting en uitrusting van slachthuizen.”. Art. 8. Artikel 21 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 27 december 2012, wordt vervangen als volgt : “Art. 21. § 1. Elke gebruiker is onderworpen aan een voorafgaande lijke erkenning door de voor het Dierenwelzijn bevoegde minister. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Minister raad, de voorwaarden van deze erkenning, alsook de procedure voor het verlenen, het schorsen en het intrekken van de erkenning. Hij kan daarenboven bijkomende voorwaarden voorschrijven met betrekking tot de bestemming van dieren eenmaal de dierproeven waarin deze dieren gebruikt werden, zijn beëindigd. § 2. Ethische commissies worden opgericht bij de gebruikers. De Koning bepaalt de samenstelling, de werking en de opdrachten van deze ethische commissies. Ethische commissies worden goedgekeurd en gecontroleerd door de voor dierenwelzijn bevoegde dienst. De Koning bepaalt de regels met betrekking tot de goedkeuring en de controle van de ethische commissies. § 3. De Koning wijst een bevoegde instantie aan die belast wordt met het vergunnen van projecten. Geen enkel project mag worden uitgevoerd zonder dat er vooraf een vergunning is voor verleend. Een project mag alleen worden uitgevoerd indien de projectevaluatie gunstig is. In dit verband legt de Koning voorwaarden en evaluatiecriteria vast waaraan een project moet voldoen alsook de procedures voor het verlenen, het wijzigen, het vernieuwen, het schorsen en het intrekken van de vergunning voor een project. De Koning bepaalt dat deze voorwaarden verplichtingen kunnen inhouden ten aanzien van de verantwoordelijken voor de projecten. Art. 5. Dans la même loi il est inséré un article 12bis rédigé comme suit : “Art. 12bis. Le Roi peut imposer des conditions aux personnes et aux associations qui introduisent des animaux en provenance de l’étranger en vue de leur adoption. Ces conditions ont pour but d’assurer le bien-être des animaux et se rapportent aux conditions de détention dans le pays d’origine, l’âge, la stérilisation, le traitement contre des maladies, le comportement, l’identification, les informations aux adoptants et le transport.”. Art. 6. A l’article 13, § 1er, de la même loi, modifié par les lois des 4 mai 1995 et 19 mai 2010, les modifications suivantes sont apportées : 1° le 6. est remplacé par ce qui suit : “6. la compétence des chauffeurs et convoyeurs et du personnel qui manipule des animaux dans les centres de rassemblement, des postes de contrôle ou chez des transporteurs, l’organisation d’une formation pour ces personnes et les enseignants qui peuvent dispenser cette formation;”; 2° le § 1er est complété par le 8., rédigé comme suit : “8. la délivrance, la suspension et le retrait du certificat de compétence des conducteurs et convoyeurs.”. Art. 7. L’article 16 de la même loi, modifié par la loi du 4 mai 1995 et par l’arrêté royal du 22 février 2001, est complété par un § 3, rédigé comme suit : “§ 3. Le Roi peut fixer des conditions en ce qui concerne : 1. la formation du fonctionnaire pour le bien-être animal et du personnel travaillant dans les abattoirs et des personnes participant à la mise à mort des animaux à fourrure, et l’organisation de cette formation; 2. l’organisation d’examens relatifs à la compétence requise des personnes mentionnées au 1.; 3. la délivrance, la suspension et le retrait des certificats de compétence provisoires et définitifs aux personnes mentionnées au 1.; 4. la construction, l’aménagement et l’équipement des abattoirs.”. Art. 8. L’article 21 de la même loi, remplacé par la loi du 27 décem bre 2012, est remplacé par ce qui suit : “Art. 21. § 1er. Chaque utilisateur est soumis à l’octroi d’un agrément préalable par le ministre qui a le Bien-être des Animaux dans ses attributions. Le Roi détermine, par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, les conditions de cet agrément ainsi que la procédure d’octroi, de suspension et de retrait de l’agrément. Il peut en outre prescrire des conditions complémentaires relatives à la destination des animaux une fois terminées les expériences sur animaux dans lesquelles les animaux ont été utilisés. § 2. Des commissions d’éthique sont créées chez les utilisateurs. Le Roi détermine la composition, le fonctionnement et les missions de ces commissions d’éthique. Les commissions d’éthique sont approuvées et contrôlées par le service chargé du bien-être animal. Le Roi fixe les règles pour l’approbation et le contrôle des commissions d’éthique. § 3. Le Roi nomme une autorité compétente qui est chargée d’autoriser les projets. Aucun projet ne peut être mené sans qu’une autorisation ne lui soit attribuée au préalable. Un projet ne peut être exécuté que si l’évaluation du projet est favorable. Dans ce cadre le Roi fixe les conditions et critères d’évaluation auxquels un projet doit répondre ainsi que les procédures d’octroi, de modification, de renouvellement, de suspension et de retrait de l’autorisation d’un projet. Le Roi détermine que ces conditions peuvent impliquer des obligations de la part des responsables des projets. 17406 BELGISCH STAATSBLAD — 28.02.2014 — MONITEUR BELGE De Koning legt ook de voorwaarden vast van de beoordeling na afloop van een project en die van de niet-technische samenvatting van een project. § 4. De Koning richt een instantie op, die “Dierenwelzijnscel” wordt genoemd en die belast wordt met het dierenwelzijn bij fokkers, leveranciers en gebruikers. Hij bepaalt de samenstelling, de werking en opdrachten ervan.”. Art. 9. In artikel 42 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 27 december 2012, wordt een § 1/1 ingevoegd, luidende : “§ 1/1. In de in § 1 bedoelde gevallen wordt een kopie van het in artikel 34, § 3, bedoelde proces verbaal bezorgd aan de Federale Overheidsdienst bevoegd voor dierenwelzijn.”. HOOFDSTUK 3. — Wijzigingen van de wet van 28 juli 1981 houdende goedkeuring van de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantesoorten, en van de Bijlagen, opgemaakt te Washington op 3 maart 1973, alsmede van de Wijziging van de Overeenkomst, aangenomen te Bonn op 22 juni 1979 Art. 10. In artikel 5 van de wet van 28 juli 1981 houdende goedkeuring van de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantesoorten, en van de Bijlagen, opgemaakt te Washington op 3 maart 1973, alsmede van de Wijziging van de Overeenkomst, aangenomen te Bonn op 22 juni 1979, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 december 2012, wordt het woord “doorvoert,” ingevoegd tussen het woord “uitvoert,” en het woord “wederuitvoert”. Art. 11. In artikel 7, elfde lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 22 december 2003, worden de woorden “onder andere door over te gaan tot het verhoor van de overtreder en tot elk ander nuttig verhoor” ingevoegd tussen de woorden “tot alle nuttige vaststellingen” en de woorden “waarbij zij gebeurlijk de medewerking kunnen krijgen van deskundigen“. HOOFSTUK 4. — Dierengezondheid Afdeling 1. — Wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of produktie-stimulerende werking Art. 12. In artikel 4 van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta adrenergische of produktie-stimulerende werking, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 23 december 2009, wordt § 1ter vervangen als volgt : “§ 1ter. In afwijking van artikel 3, §§ 1 en 3, is het voorschrijven en het toedienen aan landbouwdieren van diergeneesmiddelen die hormonale of antihormonale stoffen bevatten, toegestaan, voor zover deze midde len : — ofwel beschikken over een vergunning voor het in de handel brengen die toegekend werd op grond van Verordening (EG) nr. 726/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 tot vaststelling van communautaire procedures voor het verlenen van vergunningen en het toezicht op genees middelen voor menselijk en diergeneeskundig gebruik en tot oprichting van een Europees Geneesmiddelenbureau, en gebruikt worden volgens de specificaties van de fabrikant; — ofwel een gebruikstoelating voor klinische proeven verkregen in overeenstemming met artikel 16 van de Verordening (EG) nr. 470/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 tot vaststelling van communautaire procedures voor het vaststellen van grenswaarden voor residuen van farmacolo gisch werkzame stoffen in levensmiddelen van dierlijke oor sprong, tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 2377/90 van de Raad en tot wijziging van Richtlijn 2001/82/EG van het Europees Parlement en de Raad en van Verordening (EG) nr. 726/2004 van het Europees Parlement en de Raad.”. Afdeling 2. — Wijziging van de wet van 12 augustus 2000 houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen Art. 13. Artikel 225 van de wet van 12 augustus 2000 houdende sociale, bugettaire en andere bepalingen, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 29 maart 2012, waarvan de bestaande tekst § 1 zal vormen, wordt aangevuld met een § 2, luidende : “§ 2. Onverminderd de ingevolge § 1 verschuldigde bijdragen zijn, om de opdrachten van de administratie die voortvloeien uit de toepassing van de wet van 25 maart 1964 op de geneesmiddelen en van de ter uitvoering ervan genomen besluiten te financieren, volgende bijdragen verschuldigd : Le Roi fixe aussi les conditions de l’appréciation rétrospective d’un projet et celles du résumé non technique d’un projet. § 4. Le Roi crée une instance, dénommée “Cellule pour le bien-être des animaux”, chargée du bien-être des animaux chez les éleveurs, les fournisseurs et les utilisateurs. Il en détermine la composition, le fonctionnement et les missions.”. Art. 9. Dans l’article 42 de la même loi, remplacé par la loi du 27 décembre 2012, il est inséré un § 1er/1 rédigé comme suit : “§ 1er/1. Dans les cas visés au § 1er, une copie du procès-verbal visé à l’article 34, § 3, est envoyée au Service Public Fédéral compétent pour le bien-être animal.”. CHAPITRE 3. — Modifications de la loi du 28 juillet 1981 portant approbation de la Convention sur le commerce international des espèces de faune et de flore sauvages menacées d’extinction, et des Annexes, faites à Washington le 3 mars 1973, ainsi que l’Amendement à la Convention, adopté à Bonn le 22 juin 1979 Art. 10. Dans l’article 5 de la loi du 28 juillet 1981 portant approbation de la Convention sur le commerce international des espèces de faune et de flore sauvages menacées d’extinction, et des Annexes, faites à Washington le 3 mars 1973, ainsi que de l’Amende ment à la Convention, adopté à Bonn le 22 juin 1979, modifié en dernier lieu par la loi du 27 décembre 2012, les mots “fait transiter” sont insérés entre le mot “exporte” et le mot “réexporte”. Art. 11. Dans l’article 7, alinéa 11, de la même loi, modifié par la loi du 22 décembre 2003, les mots “, entre autres en procédant à l’audition du contrevenant et à toute autre audition utile,” sont insérés entre les mots “à toutes constatations utiles” et les mots “avec la collaboration éventuelle d’experts”. CHAPITRE 4. — Santé des animaux Section 1re. — Modification de la loi du 15 juillet 1985 relative à l’utilisation de substances à effet hormonal, à effet anti-hormonal, à effet beta-adrénergique ou à effet stimulateur de production chez les animaux Art. 12. Dans l’article 4 de la loi du 15 juillet 1985 relative à l’utilisation de substances à effet hormonal, à effet anti-hormonal, à effet beta-adrénergique ou à effet stimulateur de production chez les animaux, modifié en dernier lieu par la loi du 23 décembre 2009, le § 1erter est remplacé par ce qui suit : “§1erter. Par dérogation à l’article 3, §§ 1er et 3, la prescription et l’administration de médicaments vétérinaires contenant des substances hormonales ou anti-hormonales à des animaux d’exploitation est autorisée, pour autant que ces médicaments : — soit disposent d’une autorisation de mise sur le marché accordée sur la base du Règlement (CE) n° 726/2004 du Parlement européen et du Conseil du 31 mars 2004 établissant des procédures communautaires pour l’autorisation et la sur veillance en ce qui concerne les médicaments à usage humain et à usage vétérinaire, et instituant une Agence européenne des médicaments, et sont utilisés suivant les spécifications du fabricant; — soit qu’ils aient reçu une autorisation d’utilisation en vue d’essais cliniques conformément à l’article 16 du Règlement (CE) n° 470/2009 du Parlement européen et du Conseil du 6 mai 2009 établissant des procédures communautaires pour la fixation des limites de résidus des substances pharmacologiquement actives dans les aliments d’origine animale, abrogeant le Règle ment (CEE) n° 2377/90 du Conseil et modifiant la Direc tive 2001/82/CE du Parlement européen et du Conseil et le Règlement (CE) n° 726/2004 du Parlement européen et du Conseil.”. Section 2. — Modification de la loi du 12 août 2000 portant des dispositions sociales, budgétaires et diverses Art. 13. L’article 225 de la loi du 12 août 2000 portant des dispositions sociales, budgétaires et diverses, modifié en dernier lieu par la loi du 29 mars 2012, dont le texte actuel formera le § 1er, est complété par un § 2 rédigé comme suit : “§ 2. Sans préjudice des contributions dues conformément au § 1er pour financer les missions de l’administration résultant de l’application de la loi du 25 mars 1964 sur les médicaments et des arrêtés pris en exécution de celle-ci, les contributions suivantes sont dues : 17407BELGISCH STAATSBLAD — 28.02.2014 — MONITEUR BELGE 1° ten laste van de persoon die een vergunning voor het in de handel brengen heeft voor een geneesmiddel voor diergeneeskundig gebruik, een bijdrage per in België in de handel gebrachte verpakking gelijk aan 1,75 euro pro rata voor elke kilogram aan antimicrobiële substantie uitgedrukt in base aanwezig in het geheel van de verpakking. De bepaling van het verschuldigde bedrag per individueel in de handel gebrachte verpakking zal in euro gebeuren tot de tweede decimaal. Bedragen worden afgerond naar boven of naar beneden op de dichtstbijzijnde cent. Als de vaststelling tot een resultaat leidt dat precies de helft van een eurocent is, wordt het bedrag naar boven afgerond. Het FAGG zal op haar website de lijst van verschuldigde bijdragen voor de in België vergunde verpakkingen van geneesmidde len voor diergeneeskundig gebruik bevattende antimicrobiële substan ties bekendmaken. 2° ten laste van de persoon die een vergunning heeft om een gemedicineerd voormengsel bevattende antimicrobiële substanties in de handel te brengen, een bijdrage per in België in de handel gebrachte verpakking gelijk aan 1,75 euro pro rata voor elke kilogram aan antimicrobiële substantie uitgedrukt in base aanwezig in het geheel van de verpakking. De bepaling van het verschuldigde bedrag per in de handel gebrachte verpakking zal in euro gebeuren tot de tweede decimaal. Bedragen worden afgerond naar boven of naar beneden op de dichtstbijzijnde cent. Als de vaststelling tot een resultaat leidt dat precies de helft van een eurocent is, wordt het bedrag naar boven afgerond. De in de bepalingen onder 1° en 2° vermelde bijdragen dienen vermenigvuldigd te worden met de factor 1,5 voor de als kritisch belangrijk geklasseerde antibiotica, zijnde alle substanties behorende tot volgende klassen : de quinolones, de cefalosporines en de macroli des. De bovenvermelde bijdragen worden gestort aan het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten. De in het eerste lid bedoelde bijdragen worden jaarlijks aangepast aan de evolutie van het indexcijfer der consumptieprijzen van het Rijk, in functie van het indexcijfer van de maand september. Het aanvangs indexcijfer is dat van de maand september voorafgaand aan de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van de wet van 7 februari 2014 houdende diverse bepalingen inzake dierenwelzijn, internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantesoorten en dierengezondheid. De geïndexeerde bedragen worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en zijn opeisbaar vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op dat gedurende hetwelk de aanpassing is uitgevoerd. De Koning kan de nadere regels bepalen voor de in deze paragraaf bedoelde stortingen, evenals de informatie die wordt medegedeeld bij de stortingen, en dit teneinde de controle mogelijk te maken. Inbreuken op deze paragraaf of op de besluiten getroffen ter uitvoering ervan, worden gestraft met in artikel 16, § 2, van de wet van 25 maart 1964 op de geneesmiddelen bepaalde straffen. De Koning bepaalt de datum waarop deze paragraaf in werking treedt.”. Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met ′s Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Gegeven te Brussel, 7 februari 2014. FILIP Van Koningswege : De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Mevr. L. ONKELINX Met ’s Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. A. TURTELBOOM Nota Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be) : Stukken : 53 – 3104 Integraal verslag : 18 december 2014 Senaat (www.senate.be) : Stukken : 5 – 2414 Handelingen van de Senaat : 21 januari 2014. 1° à charge de la personne qui dispose d’une autorisation de mettre sur le marché un médicament à usage vétérinaire, une contribution par conditionnement mis sur le marché en Belgique égale à 1,75 euro au prorata de chaque kilogramme de substance antimicrobienne exprimée en base présente dans l’ensemble du conditionnement. La fixation du montant dû par conditionnement individuel mis sur le marché se fera en euros jusqu’à la deuxième décimale. Les montants sont arrondis au cent supérieur ou inférieur le plus proche. Si la fixation donne un résultat qui est exactement la moitié d’un centime d’euro, le montant est arrondi à l’unité supérieure. L’AFMPS publiera sur son site web la liste des contributions dues pour les conditionnements autorisés en Belgique de médicaments à usage vétérinaire contenant des substances antimicrobiennes. 2° à charge de la personne qui dispose d’une autorisation de mettre sur le marché un prémélange médicamenteux contenant des substances antimicrobiennes, une contribution par conditionnement mis sur le marché en Belgique égale à 1,75 euro au prorata de chaque kilogramme de substance antimicrobienne exprimée en base présente dans l’ensem ble du conditionnement. La fixation du montant dû par conditionne ment mis sur le marché se fera en euros jusqu’à la deuxième décimale. Les montants sont arrondis au centime supérieur ou inférieur le plus proche. Si la fixation donne un résultat qui est exactement la moitié d’un centime d’euro, le montant est arrondi à l’unité supérieure. Les montants indiqués dans les 1° et 2° doivent être multipliés par le facteur 1,5 pour les antibiotiques dont l’importance est classée comme critique, à savoir toutes les substances appartenant aux classes suivan tes : les quinolones, les céphalosporines et les macrolides. Les contributions susmentionnées sont versées à l’Agence fédérale pour les médicaments et produits de santé. Les contributions visées à l’alinéa 1er sont adaptées annuellement, en fonction de l’indice du mois de septembre, à l’évolution de l’indice des prix à la consommation du Royaume. L’indice de départ est celui du mois de septembre précédant la publication au Moniteur belge de la loi du 7 février 2014 portant des dispositions diverses en matière de bien-être animal, de commerce international des espèces de faune et de flore sauvages menacées d’extinction, et de santé des animaux. Les montants indexés sont publiés au Moniteur belge et sont exigibles à partir du 1er janvier de l’année qui suit celle durant laquelle l’adapta tion a été effectuée. Le Roi peut définir les modalités de versement des contributions visées au présent paragraphe ainsi que les informations accompagnant les versements afin d’en permettre le contrôle. Les infractions à ce paragraphe ou aux arrêtés pris en exécution de celles-ci sont punies des peines prévues par l’article 16, § 2, de la loi du 25 mars 1964 sur les médicaments. Le Roi fixe la date d’entrée en vigueur du présent paragraphe.”. Promulguons la présente loi, ordonnons qu’elle soit revêtue du Sceau de l’Etat et publiée par le Moniteur belge. Donné à Bruxelles, le 7 février 2014. PHILIPPE Par le Roi : La Ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, Mme L. ONKELINX Scellé du sceau de l’Etat : La Ministre de la Justice, Mme A. TURTELBOOM Note Chambre des représentants (www.lachambre.be) : Document : 53 – 3104 Compte rendu intégral : 18 décembre 2014 Sénat (www.senate.be) : Documents : 5 – 2414 Annales du Sénat : 21 janvier 2014. 17408 BELGISCH STAATSBLAD — 28.02.2014 — MONITEUR BELGE