تخطَّ إلى المحتوى
Nelum
قوانين بلجيكا

Arrêté royal relatif aux modalités de collecte de données, de surveillance et d'évaluations des actions fédérales dans le cadre des obligations de déclaration imposées par le Règlement (UE) n° 517/2014 et le règlement (UE) n° 525/2013

صدر في 2018-09-18 · النص بتاريخ 2026-10-01

القانون العام والإرشادات الرسمية منشورة بوصفها أبحاثاً. ليست مشورة قانونية أو ضريبية أو مالية.

البحث نفسه مكتوب بالإنجليزية. العناوين والوسوم مترجمة؛ أما النتائج والاقتباسات فغير مترجمة.

عن هذا القانون

اللغة
French
النوع
لائحة
الدولة
بلجيكا
الموضوعات
Air and atmosphere
الكلمات المفتاحية
access-to-information, climate change, air quality/air pollution, emissions, ozone layer, enforcement/compliance, pollution control, monitoring

أين تقرؤه

النص

نص القانون نفسه، مادةً مادة، كما هو محفوظ. لكل مادة رابطها.

  1. FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU [C − 2018/14397] 18 SEPTEMBER 2018. — Koninklijk besluit betreffende de nadere regels voor de gegevensvergaring, de monitoring en de evaluatie van de federale acties in het kader van de rapporteringsver plichtingen opgelegd door Verordening (EU) nr. 517/2014 en Verordening (EU) nr. 525/2013 VERSLAG AAN DE KONING Sire, Het ontwerp van koninklijk besluit waarvan wij de eer hebben het Uwe Majesteit ter ondertekening voor te leggen, vormt het uitvoerings besluit van artikel 2, § 2, van de wet van 28 oktober 2016 inzake de wijze van toepassing van Verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 842/2006 en Verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende een bewakings- en rapportagesysteem voor de uitstoot van broeikasgassen en een rappor tagemechanisme voor overige informatie op nationaal niveau en op het niveau van de unie met betrekking tot klimaatverandering, en tot intrekking van Beschikking nr. 280/2004/EG. Artikel 2, § 2, van de bovenvermelde wet machtigt de Koning om de nodige modaliteiten voor het verzamelen van de gegevens, voor de monitoring en voor de evaluatie van de federale acties in het kader van de verplichte rapportage vereist door Verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 842/2006 en Verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende een bewakings- en rapportagesysteem voor de uitstoot van broeikasgassen en een rappor tagemechanisme voor overige informatie op nationaal niveau en op het niveau van de unie met betrekking tot klimaatverandering, en tot intrekking van Beschikking nr. 280/2004/EG te leggen. Bovendien werd de Dienst aangewezen door het koninklijk besluit van 22 december 2016 belast met het opstellen van dit koninklijk besluit voor de ontwikkeling van de nodige modaliteiten voor het verzamelen van de gegevens, voor de monitoring en voor de evaluatie van de federale acties. Dit werk zal moeten worden uitgevoerd in overleg met de entiteiten en diensten van de Federale Staat die in het bezit zijn van de relevante gegevens en informatie gegevens, met als doel de coherentie van de gegevens en de efficiëntie van de rapportageproces te garanderen. Bovendien zal het rapportageproces op een jaarlijkse cyclus gebaseerd moeten worden. Dat wil zeggen dat de federale acties jaarlijks zullen moeten gemonitord en geëvalueerd worden, op basis van de jaarlijkse verzamelde gegevens. Ten slotte zal het rapportage proces moeten worden uitgewerkt met als doel de tijdige voltooiing, transparantie, nauwkeurigheid, samenhang, vergelijkbaarheid en vol ledigheid van de gerapporteerde gegevens te waarborgen. Ik heb de eer te zijn, Sire, van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, De Minister van Energie, Leefmilieu en Duurzame ontwikkeling, M. C. MARGHEM 18 SEPTEMBER 2018. — Koninklijk besluit betreffende de nadere regels voor de gegevensvergaring, de monitoring en de evaluatie van de federale acties in het kader van de rapporteringsverplich tingen opgelegd door Verordening (EU) nr. 517/2014 en Verorde ning (EU) nr. 525/2013 FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 28 oktober 2016 inzake de wijze van toepassing van verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 842/2006 en Verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende een bewakings- en rapportagesysteem voor de uitstoot van broeikasgassen en een rapportagemechanisme voor overige informatie op nationaal niveau en op het niveau van de unie met betrekking tot klimaatverandering, en tot intrekking van Beschikking nr. 280/2004/EG, artikel 2, § 2; SERVICE PUBLIC FEDERAL SANTE PUBLIQUE, SECURITE DE LA CHAINE ALIMENTAIRE ET ENVIRONNEMENT [C − 2018/14397] 18 SEPTEMBRE 2018. — Arrêté royal relatif aux modalités de collecte de données, de surveillance et d’évaluations des actions fédérales dans le cadre des obligations de déclaration imposées par le Règlement (UE) n° 517/2014 et le règlement (UE) n° 525/2013 RAPPORT AU ROI Sire, Le projet d’arrêté royal que nous avons l’honneur de soumettre à la signature de Votre Majesté, est l’arrêté d’exécution de l’article 2, §2, de la loi du 28 octobre 2016 portant sur les modalités d’application du Règlement (UE) n ° 517/2014 du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 relatif aux gaz à effet de serre fluorés et abrogeant le Règlement (CE) n° 842/2006 et du Règlement (UE) n° 525/2013 du Parlement européen et du Conseil du 21 mai 2013 relatif à un mécanisme pour la surveillance et la déclaration des émissions de gaz à effet de serre et pour la déclaration, au niveau national et au niveau de l’Union, d’autres informations ayant trait au changement climatique et abrogeant la décision n° 280/2004/CE. L’article 2, §2 de la loi susmentionnée délègue au Roi de fixer les modalités de mise en œuvre du rapportage, du monitoring et de l’évaluation des actions fédérales par le Règlement (UE) n° 517/2014 du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 relatif aux gaz à effet de serre fluorés et abrogeant le règlement (CE) n° 842/2006, ainsi que le Règlement (UE) n° 525/2013 du Parlement européen et du Conseil du 21 mai 2013 relatif à un mécanisme pour la surveillance et la déclaration des émissions de gaz à effet de serre et pour la déclaration, au niveau national et au niveau de l’Union, d’autres informations ayant trait aux changements climatiques et abrogeant la décision n° 280/2004/CE. En outre, le Service désigné par l’arrêté royal du 22 décembre 2016, a été chargé d’élaborer cet arrêté royal pour fixer les modalités nécessai res à la collecte des données, au monitoring et à l’évaluation des actions fédérales. Ce travail a été effectué en concertation avec les entités et les services au sein de l’Etat fédéral en possession des données et informations idoines, afin d’assurer la cohérence des données et l’efficacité du processus de rapportage. En outre, le processus de rapportage devra être calqué sur un cycle annuel. Cela veut dire que les actions fédérales devront faire l’objet d’un monitoring et d’une évaluation annuelle, sur base de données collectées annuellement. Enfin, le processus de rapportage devra être élaboré avec pour objectif de garantir l’actualité, la transparence, l’exactitude, la cohérence, la comparabilité et l’exhaustivité des informations rapportées. J’ai l’honneur d’être, Sire, de Votre Majesté, le très respectueux et très fidèle serviteur, La Ministre de l’Energie, de l’Environnement et du Développement durable, M. C. MARGHEM 18 SEPTEMBRE 2018. — Arrêté royal relatif aux modalités de collecte de données, de surveillance et d’évaluations des actions fédérales dans le cadre des obligations de déclaration imposées par le Règlement (UE) n° 517/2014 et le règlement (UE) n° 525/2013 PHILIPPE, Roi des Belges, A tous, présents et à venir, Salut. Vu la loi du 28 octobre 2016 portant sur les modalités d’application du règlement (UE) n ° 517/2014 du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 relatif aux gaz à effet de serre fluorés et abrogeant le règlement (CE) n° 842/2006 et du Règlement (UE) n° 525/2013 du Parlement européen et du Conseil du 21 mai 2013 relatif à un mécanisme pour la surveillance et la déclaration des émissions de gaz à effet de serre et pour la déclaration, au niveau national et au niveau de l’Union, d’autres informations ayant trait au changement climatique et abrogeant la décision n° 280/2004/CE, l’article 2, § 2; 81189BELGISCH STAATSBLAD — 24.10.2018 — MONITEUR BELGE Gezien het koninklijk besluit van 22 december 2016 tot uitvoering van artikel 2, § 1, van de wet van 28 oktober 2016 inzake de wijze van toepassing van Verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 842/2006 en Verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende een bewakings- en rapportagesysteem voor de uitstoot van broeikasgassen en een rapportagemechanisme voor overige informatie op nationaal niveau en op het niveau van de unie met betrekking tot klimaatverandering, en tot intrekking van Beschik king nr. 280/2004/EG; Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 15 mei 2018; Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op 4 juni 2018; Gelet op de impactanalyse van de regelgeving uitgevoerd, overeen komstig artikel 6 en 7 van de wet van 15 december 2013 houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging; Gelet op het advies 63.809/1/V van de Raad van State, gegeven op 30 juli 2018, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende het protocol van Montreal dat de verplichting oplegt om gegevens mede te delen betreffende de handel in stoffen die de ozonlaag aantasten; Overwegende verordening (EU) nr. 517/2014 die het toepassingsge bied van de vigerende verplichtingen inzake mededeling van informa tie uitbreidt tot andere gefluoreerde stoffen die een hoog aarde opwarmingspotentieel hebben; Overwegende verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 21 mei 2013 die de Lidstaten verplicht om de impact van beleidsmaatregelen en -acties die verband houden met de strijd tegen de klimaatveranderingen te rapporteren, te monitoren en te evalueren; Overwegende dat de verzamelde gegevens nuttig kunnen zijn in het kader van elke context waarin de rapportering van dezelfde soort gegevens vereist zijn, teneinde dubbel werk te voorkomen en de efficiëntie van de federale rapportering mogelijk te maken, onder meer in het kader van het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaams Gewest, het Waals Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreffende de verdeling van de Belgische klimaat- en energie doelstellingen voor de periode 2013-2020 en in het kader van het Kaderverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering; Overwegende de federale bijdrage tot het nationaal adaptatieplan, goedgekeurd door de Ministerraad van 28 oktober 2016; Op de voordracht van de Minister van Leefmilieu en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1. Definities Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : 1° MMR-Verordening : verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende een bewakings- en rapportagesysteem voor de uitstoot van broei kasgassen en een rapportagemechanisme voor overige informa tie op nationaal niveau en op het niveau van de unie met betrekking tot klimaatverandering, en tot intrekking van beschik king nr. 280/2004/EG; 2° Verordening gefluoreerde broeikasgassen : verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad betref fende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van veror dening (EG) nr. 842/2006; 3° De dienst Klimaatverandering : de dienst Klimaatverandering van het Directoraat-generaal Leefmilieu van de Federale Over heidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu; 4° Rapportenonderzoek : de revisie van de rapporten die België aflevert in het kader van zijn rapportageverplichtingen door een team van externe experts dat moet antwoorden op vragen om verduidelijking of dat bijkomende inlichtingen moet ver strekken, en die is bekrachtigd door een rapportenonderzoek dat conclusies en aanbevelingen bevat die moeten in overwe ging genomen worden voor het volgende rapporteringsjaar; 5° Methodologie : een geheel van regels, berekeningen, hypothe ses en instrumenten (waaronder modellen) die het mogelijk maken om (ex ante of ex post) op een onderbouwde en reproduceerbare wijze de impact van de beleidslijnen en maatregelen rond broeikasgasemissies te evalueren; Vu l’arrêté royal du 22 décembre 2016 portant exécution de l’article 2, § 1er, de la loi du 28 octobre 2016 portant sur les modalités d’application du Règlement (UE) n° 517/2014 du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 relatif aux gaz à effet de serre fluorés et abrogeant le règlement (CE) n° 842/2006 et du Règlement (UE) n° 525/2013 du Parlement européen et du Conseil du 21 mai 2013 relatif à un mécanisme pour la surveillance et la déclaration des émissions de gaz à effet de serre et pour la déclaration, au niveau national et au niveau de l’Union, d’autres informations ayant trait au changement climatique et abrogeant la décision n° 280/2004/CE; Vu l’avis de l’Inspecteur des Finances, donné le 15 mai 2018; Vu l’accord du Ministre du Budget, donné le 4 juin 2018; Vu l’analyse d’impact de la réglementation réalisée conformément aux articles 6 et 7 de la loi du 15 décembre 2013 portant des dispositions diverses en matière de simplification administrative; Vu l’avis 63.809/1/V du Conseil d’État, donné le 30 juillet 2018, en application de l’article 84, § 1er, alinéa 1er, 2°, des lois sur le Conseil d’État, coordonnées le 12 janvier 1973; Considérant le protocole de Montréal qui impose l’obligation de communiquer des données concernant le commerce des substances appauvrissant la couche d’ozone; Considérant le règlement (UE) n° 517/2014 qui étend la portée des obligations en vigueur en matière d’informations à communiquer à d’autres substances fluorées ayant un potentiel de réchauffement planétaire élevé; Considérant le règlement (UE) n° 525/2013 du Parlement européen et du Conseil du 21 mai 2013 qui exige des Etats membres le rapportage, le monitoring et l’évaluation d’impact des politiques et mesures et actions liées à la lutte contre les changements climatiques; Considérant que les données collectées peuvent être utilisées dans le cadre de tout rapport qui exige le rapportage du même type de données, afin d’éviter la duplication du travail et de permettre l’efficacité du rapportage fédéral, notamment dans le cadre de l’accord de coopération entre l’Etat fédéral, la Région flamande, la Région wallonne et la Région de Bruxelles-Capitale relatif au partage des objectifs belges climat et énergie pour la période 2013-2020 et dans le cadre de la Convention-cadre des Nations Unies sur les Changements Climatiques; Considérant la contribution fédérale au Plan national d’adaptation, approuvée par le Conseil des Ministres du 28 octobre 2016; Sur la proposition de la Ministre de l’Environnement et de l’avis des Ministres qui en ont délibéré en Conseil, Nous avons arrêté et arrêtons : Article 1er. Définitions Pour l’application du présent arrêté, on entend par: 1° Règlement MMR : règlement (UE) n° 525/2013 du Parlement et du Conseil relatif à un mécanisme pour la surveillance et la déclaration des émissions de gaz à effet de serre et pour la déclaration, au niveau national et au niveau de l’Union, d’autres informations ayant trait au changement climatique et abrogeant la décision n° 280/2004/CE; 2° Règlement gaz fluorés : règlement (UE) n° 517/2014 du Parlement européen et du Conseil relatif aux gaz à effet de serre fluorés et abrogeant le règlement (CE) n° 842/2006; 3° Le service Changements climatiques: le service Changements Climatiques de la Direction Générale Environnement du Ser vice Public fédéral Santé Publique, Sécurité de la chaîne alimentaire et Environnement; 4° Examen de rapports : la révision des rapports produits par la Belgique dans le cadre de ses obligations de rapportage par une équipe d’experts externes qui nécessite de répondre à des questions de clarification ou de fournir des informations complémentaires, sanctionnée par un rapport d’examen conte nant des conclusions et des recommandations à prendre en considération pour l’exercice de rapportage subséquent; 5° Méthodologie : un ensemble de règles, calculs, hypothèses et instruments (dont des modèles) permettant d’évaluer (ex ante ou ex post) de manière robuste et reproductible l’impact des politiques et mesures sur les émissions de gaz à effet de serre; 81190 BELGISCH STAATSBLAD — 24.10.2018 — MONITEUR BELGE 6° Beleidslijnen en –maatregelen : elke tussenkomst die erop gericht is de verbintenissen uit te voeren die zijn vervat in artikel 4, § 2, a) en b) van het Kaderverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering, en die beleidsmaatregelen kunnen omvatten die niet in de eerste plaats tot doel hebben de uitstoot van broeikasgassen te beperken of te verminderen; 7° Projecties : de projecties van de anthropische emissies door bronnen en van de absorpties door broeikasgasputten, rekening houdend met de effecten in termen van emissieverminderingen van broeikasgassen van het beleid en de maatregelen die werden aangenomen om de klimaatverandering te milderen, alsook van het beleid en de maatregelen die daartoe zijn gepland; 8° Federale bijdrage tot het Nationaal Adaptatieplan Klimaatver andering : het plan dat op de Ministerraad van 28 oktober 2016 werd goedgekeurd; 9° Nationaal adaptatieplan : het Plan dat op 19 april 2017 werd goedgekeurd door de Nationale Klimaatcommissie en waarbij adaptatiemaatregelen met nationale draagwijdte werden geï dentificeerd die ertoe strekken de samenwerking te versterken en synergieën inzake adaptatie te ontwikkelen tussen de verschillende regeringen van de federale staat en de gewesten; 10° Nationaal systeem voor beleid, maatregelen en projecties : een geheel van institutionele, juridische en procedurele instrumen ten die zijn opgezet voor de aangifte van beleidslijnen en maatregelen en projecties in verband met anthropische emis sies door bronnen en absorpties door putten van broeikasgas sen die niet door het protocol van Montreal zijn gereglemen teerd, overeenkomstig artikel 12 van de MMR-Verordening; 11° Nationaal inventarissysteem : een geheel van institutionele, juridische en procedurele instrumenten die in België zijn opgezet voor de raming van de anthropische emissies door bronnen en absorpties door putten van broeikasgassen die niet door het protocol van Montreal zijn gereglementeerd en voor de aangifte en archivering van inlichtingen in verband met de inventarissen overeenkomstig Beschikking 19/CMP.1 of andere toepasbare beslissingen die zijn aangenomen door de organen van het Kaderverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaat verandering of van het protocol van Kyoto; 12° Strategie voor koolstofarme ontwikkeling : een strategie die werd ontwikkeld overeenkomstig beslissing 1/CP.16, artikel 4.19 van het Akkoord van Parijs en artikel 4 van de MMR Verordening, teneinde op een duurzame manier de broeikas gasemissies in te perken op lange termijn; 13° Tweejaarlijks rapport : het rapport overeenkomstig beslissing 2/CP.17 van de conferentie van Partijen in het Kaderverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering of overeen komstig relevante latere beslissingen aangenomen door de organen van het Kaderverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering en opgesomd in artikel 18 van de MMR Verordening; 14° Nationale communicatie : rapport overeenkomstig artikel 12 van het Kaderverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaat verandering, zoals bedoeld in artikel 18 van de MMR Verordening. Art. 2. Coördinatie en kwaliteit van de gegevens § 1. De dienst Klimaatverandering staat in voor de coördinatie van de rapportage, de compilatie van de gegevens en bezorgt desgevallend de rapporten aan de federale regering. § 2 Deze dienst is tevens verantwoordelijk voor de analyse van de werking van het federale rapportagesysteem en stelt aan de regering verbeteringsmaatregelen voor. Art. 3. Gegevens in verband met de inventaris van broeikasgassen § 1. Overeenkomstig artikelen 5, 7 en 8 van de MMR-Verordening ontvangt de dienst Klimaatverandering van elke verantwoordelijke entiteit tegen 15 december voorafgaand aan de officiële vervaltermijn voor de rapportering van 15 januari van het jaar X en tegen uiterlijk 15 februari voorafgaand aan de officiële vervaltermijn voor de rapporte ring van 15 januari van het jaar X de volgende gegevens en inlichtingen tot het jaar X-2 : 1° de vijf jaarlijkse vragenlijst van AIE/Eurostat betreffende de energiestatistieken volgens bijlage B van de verordening (EG) 1099/2008; 2° elke statistische indicator of gegeven vereist om de nationale broeikasgasinventaris op te stellen; 3° elk ander element dat ertoe strekt de referentiebenadering op te stellen volgens het relevante formaat; 6° Politiques et Mesures : toute intervention destinée à mettre en œuvre les engagements contractés au titre de l’article 4, § 2, a) et b), de la Convention-cadre des Nations Unies sur les changements climatiques, qui peuvent comprendre ceux qui n’ont pas pour objectif essentiel de limiter et de réduire les émissions de gaz à effet de serre; 7° Projections : les projections des émissions anthropiques par les sources et des absorptions par les puits de gaz à effet de serre prenant en compte les effets en termes de réductions des émissions de gaz à effet de serre des politiques et mesures qui ont été adoptées et mises en œuvre afin d’atténuer le change ment climatique, ainsi que des politiques et mesures planifiées à cette fin; 8° Contribution fédérale au Plan National d’Adaptation aux changements climatiques : le plan approuvé par le Conseil des Ministres du 28 octobre 2016; 9° Plan national adaptation : Plan approuvé le 19 avril 2017 par la Commission Nationale Climat identifiant les mesures d’adap tation de portée nationale permettant de renforcer la coopéra tion et de développer des synergies entre les différents gouver nements de l’état fédéral et des régions en matière d’adaptation; 10° Système national pour les politiques et mesures et les projec tions : un ensemble de dispositions institutionnelles, juridiques et procédurales mises en place pour déclarer les politiques et mesures et les projections relatives aux émissions anthropiques par les sources et aux absorptions par les puits des gaz à effet de serre non réglementés par le protocole de Montréal, conformé ment à l’article 12 du règlement MMR; 11° Système d’inventaire national : un ensemble de dispositions institutionnelles, juridiques et procédurales mises en place en Belgique pour estimer les émissions anthropiques par les sources et les absorptions par les puits des gaz à effet de serre non réglementés par le protocole de Montréal et pour déclarer et archiver les informations relatives aux inventaires conformé ment à la décision 19/CMP.1 ou aux autres décisions applica bles adoptées par les organes de la Convention-cadre des Nations unies sur les changements climatiques ou du protocole de Kyoto; 12° Stratégie de développement à faible intensité de carbone : une stratégie développée conformément à la décision 1/CP.16, à l’article 4.19 de l’Accord de Paris et à l’article 4 du règlement MMR afin de plafonner les émissions de gaz à effet de serre de manière durable sur le long terme; 13° Rapport biennal : rapport conforme à la décision 2/CP.17 de la conférence des parties à la Convention-cadre des Nations unies sur les changements climatiques ou à des décisions pertinentes ultérieures adoptées par les organes de la Convention-cadre des Nations unies sur les changements climatiques et repris à l’article 18 du règlement MMR; 14° Communication nationale : rapport conforme à l’article 12 de la Convention-cadre des Nations unies sur les changements climatiques et repris à l’article 18 du règlement MMR. Art. 2. Coordination et qualité des données § 1er. Le service Changements climatiques assure la coordination du rapportage, la compilation des données et transmet, le cas échéant, les rapports au gouvernement fédéral. § 2. Ce service est également responsable de l’analyse du fonction nement du système de rapportage fédéral et propose au gouvernement des mesures pour l’améliorer. Art. 3. Données relatives à l’inventaire des gaz à effet de serre § 1er. Conformément aux articles 5, 7 et 8 du règlement MMR, le service Changements climatiques reçoit de chaque entité responsable, pour le 15 décembre précédent l’échéance officielle de l’année de rapportage X du 15 janvier et pour le 15 février précédent l’échéance officielle de l’année de rapportage X du 15 mars de chaque année au plus tard, les données et informations suivantes jusqu’à l’année X-2 : 1° les cinq questionnaires annuel AIE/Eurostat concernant les statistiques énergétiques selon l’Annexe B du règlement (CE) 1099/2008; 2° tout indicateur ou donnée statistique requis pour établir l’inventaire national de gaz à effet de serre; 3° tout autre élément permettant d’établir l’approche de référence sous le format pertinent; 81191BELGISCH STAATSBLAD — 24.10.2018 — MONITEUR BELGE 4° elke nuttige inlichting die met de gebruikte methodologieën verband houdt; 5° elke inlichting die nuttig is voor de redactie van het nationaal inventarisrapport; 6° elke aanpassing aan het QA/QC systeem en aan het nationaal inventarissysteem. § 2. De entiteiten die voor de mededeling van deze inlichtingen en gegevens zoals bedoeld in paragraaf 1 verantwoordelijk zijn, zijn de volgende : 1° de DG Energie van de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie; 2° de FOD Mobiliteit en Vervoer; 3° de FOD Financiën; 4° elke andere federale entiteit die in het bezit is van relevante gegevens met betrekking tot de broeikasgasinventaris. Art. 4. Gegevens met betrekking tot beleidslijnen en maatregelen § 1. Overeenkomstig artikelen 12 en 13 van de MMR-Verordening ontvangt de dienst Klimaatverandering vanaf 2019, om de twee jaar en tegen uiterlijk 15 februari, de volgende gegevens vanwege elke verantwoordelijke entiteit : 1° een beschrijving van de maatregelen waarvan de uitvoering onder haar verantwoordelijkheid valt, en die het mogelijk maken om alle informatie te verkrijgen die vereist is krachtens bijlage XI van de uitvoeringsverordening (EU) nr. 749/2014; 2° de actualisering van de gegevens die nodig zijn om de effecten van het beleid en van de maatregelen met het oog op de vermindering van de emissies van broeikasgassen te evalueren; 3° elke aanpassing aan het nationaal systeem voor beleid, maatre gelen en projecties; 4° elke actualisering van de strategie voor koolstofarme ontwik keling; § 2. De verantwoordelijke entiteiten voor de mededeling van de gegevens en inlichtingen bedoeld in paragraaf 1 zijn : 1° de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie; 2° de FOD Mobiliteit en Vervoer; 3° de FOD Financiën; 4° defensie; 5° de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu; 6° het Federaal Instituut voor Duurzame Ontwikkeling; 7° de Regie der Gebouwen; 8° elke andere federale entiteit die in het bezit is van relevante gegevens met betrekking tot het beleid en de maatregelen. Art. 5. Gegevens met betrekking tot de projecties § 1. Overeenkomstig artikel 14 van de MMR-Verordening ontvangt de dienst Klimaatverandering uiterlijk 15 februari van elk jaar de volgende gegevens vanwege elke verantwoordelijke entiteit : 1° in de mate van het mogelijke, de indicatoren gevraagd in tabellen 2 en 3 van bijlage XII van de uitvoeringsverordening (EU) nr. 749/2014; 2° de beschrijving van de modellen gebruikt in tabel 4 van bijlage XII van de uitvoeringsverordening (EU) nr. 749/2014; 3° de beschrijving van de resultaten van het alternatief scenario op het regionale scenario; 4° elk activiteitsgegeven dat nodig is voor het opstellen van de regionale scenario’s voor de nationale compilatie, meer in het bijzonder de gegevens in verband met de energiemix en de geïnstalleerde capaciteiten. § 2. De verantwoordelijke entiteiten voor de mededeling van de gegevens en inlichtingen bedoeld in paragraaf 1 zijn : 1° het Federaal Planbureau; 2° de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie; 3° de FOD Mobiliteit en Vervoer; 4° de FOD Financiën; 5° de Regie der Gebouwen; 6° elke andere federale entiteit die in het bezit is van relevante gegevens met betrekking tot de projecties. 4° toute information utile en lien avec les méthodologies utilisées; 5° toute information utile à la rédaction du rapport national d’inventaire; 6° toute modification au système QA/QC et au système national d’inventaire. § 2. Les entités responsables de la communication de ces informations et données visées aux paragraphe 1er sont : 1° la DG Energie du SPF Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie; 2° le SPF Mobilité et Transports; 3° le SPF Finances; 4° toute autre entité fédérale en possession de données pertinentes relatives à l’inventaire des gaz à effet de serre. Art. 4. Données relatives aux politiques et mesures § 1er. Conformément aux articles 12 et 13 du règlement MMR, le service Changements climatiques reçoit tous les deux ans à partir de 2019, pour le 15 février au plus tard, les données suivantes de chaque entité responsable: 1° une description des mesures dont elle a la responsabilité de la mise en œuvre permettant d’obtenir toutes les informations requises à l’annexe XI du règlement d’exécution (UE) n° 749/2014; 2° la mise à jour des données nécessaires pour évaluer l’impact des politiques et mesures permettant de réduire les émissions de gaz à effet de serre; 3° toute modification au système national des politiques et mesures et des projections; 4° toute mise à jour de la stratégie de développement à faible intensité de carbone; § 2. Les entités responsables de la communication des données et informations visées au paragraphe 1er sont : 1° le SPF Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie; 2° le SPF Mobilité et Transports; 3° le SPF Finances; 4° la Défense; 5° le SPF santé publique, sécurité de la chaine alimentaire et environnement; 6° l’Institut Fédéral pour le Développement Durable; 7° la Régie des Bâtiments; 8° toute autre entité fédérale en possession de données pertinentes relatives aux politiques et mesures. Art. 5. Données relatives aux projections § 1er. Conformément à l’article 14 du règlement MMR, le service Changements climatiques reçoit, pour le 15 février de chaque année au plus tard, les données suivantes de chaque entité responsable: 1° dans la mesure du possible, les indicateurs demandés aux tableaux 2 et 3 de l’annexe XII du règlement d’exécution (UE) n° 749/2014; 2° la description des modèles utilisés au tableau 4 de l’annexe XII du règlement d’exécution (UE) n° 749/2014; 3° la description et les résultats du scénario alternatif à celui régional; 4° toute donnée d’activité nécessaire à l’établissement des scéna rios régionaux pour la compilation nationale, et plus particu lièrement celles en lien avec le mix énergétique et les capacités installées. § 2. Les entités responsables de la communication des données et informations visées au paragraphe 1er sont : 1° le Bureau fédéral du Plan; 2° le SPF Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie; 3° le SPF Mobilité et Transports; 4° le SPF Finances; 5° la Régie des Bâtiments; 6° toute autre entité fédérale en possession de données pertinentes relatives aux projections. 81192 BELGISCH STAATSBLAD — 24.10.2018 — MONITEUR BELGE Art. 6. Gegevens met betrekking tot de nationale adaptatieacties § 1. Overeenkomstig artikel 15 van de MMR-Verordening ontvangt de dienst Klimaatverandering om de twee jaar vanaf 2018 en tegen uiterlijk 15 februari de volgende gegevens vanwege elke verantwoor delijke entiteit : 1° de inlichtingen in verband met de uitvoering of planning van (genomen of geplande) adaptatiemaatregelen waarvoor zij verantwoordelijk is, in het bijzonder de acties die zijn voorzien in de Federale Bijdrage tot het Nationaal Adaptatieplan aan de klimaatverandering en in het Nationaal Adaptatieplan. Deze inlichtingen omvatten de belangrijkste doelstellingen, de inci dentiecategorie gelinkt aan de bedoelde klimaatverandering, de voorziene/toegewezen budgetten, de uitvoeringsgraad en, voor zover mogelijk, de opvolgingsindicatoren; 2° elke relevante inlichting in het kader van de adaptatie aan de klimaatveranderingen. § 2 De verantwoordelijke entiteiten voor de mededeling van de gegevens en inlichtingen bedoeld in paragraaf 1 zijn : 1° de FOD Mobiliteit en Vervoer; 2° infrabel; 3° de FOD Binnenlandse Zaken; 4° defensie; 5° de FOD Buitenlandse Zaken; 6° de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie; 7° de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu; 8° het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI); 9° de POD Wetenschapsbeleid; 10° elke andere federale entiteit die in het bezit is van relevante gegevens met betrekking tot de adaptatie aan de klimaatveran deringen. Art. 7. Gegevens met betrekking tot de financiële en technologi sche ondersteuning verleend aan de ontwikkelingslanden § 1. Overeenkomstig artikel 16 van de MMR-Verordening, ontvangt de dienst Klimaatverandering tegen uiterlijk 1 september van elk jaar vanwege elke verantwoordelijke entiteit : 1° de financiële gegevens met betrekking tot de Belgische ontwik kelingshulp en andere multilaterale of bilaterale bijdragen volgens het formaat van de CTF-tabellen 7 tot 9 van de biënnale rapporten; 2° elke informatie die relevant is met betrekking tot de activiteiten in verband met de technologietransfert en de capaciteitsverster king. § 2. De verantwoordelijke entiteiten voor de mededeling van de gegevens en inlichtingen bedoeld in paragraaf 1 zijn : 1° het DG Ontwikkelingssamenwerking en Humanitaire Hulp van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwik kelingssamenwerking; 2° elke andere federale entiteit die in het bezit is van relevante informatie met betrekking tot de financiële en technologische ondersteuning verleend aan ontwikkelingslanden. Art. 8. Gegevens met betrekking tot het gebruik van de opbrengst van de veiling en van kredieten die uit projecten zijn voortgevloeid § 1. Overeenkomstig artikel 17 van de MMR-Verordening ontvangt de dienst Klimaatverandering tegen uiterlijk 15 juli van elk jaar vanwege elke verantwoordelijke entiteit alle informatie die vereist is krachtens bijlage XIII van de uitvoeringsverordening (EU) nr. 749/2014. § 2. De verantwoordelijke entiteiten voor de mededeling van de gegevens en inlichtingen bedoeld in paragraaf 1 zijn : 1° het DG Ontwikkelingssamenwerking en Humanitaire Hulp van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwik kelingssamenwerking; 2° elke andere federale entiteit die in het bezit is van relevante informatie met betrekking tot het gebruik van de opbrengst van veilingen en kredieten die uit projecten zijn voortgevloeid. Art. 6. Données relatives aux actions d’adaptation nationales § 1er. Conformément à l’article 15 du règlement MMR, le service Changements climatiques reçoit tous les deux ans à partir de 2018, pour le 15 février au plus tard les données suivantes de chaque entité responsable: 1° les informations relatives à la mise en œuvre ou planification de mesures d’adaptation (prises ou planifiées) dont elle a la responsabilité, en particulier les actions prévues dans la Contri bution fédérale au Plan National d’Adaptation aux change ments climatiques et dans le Plan National Adaptation. Ces informations comprennent les principaux objectifs, la catégorie d’incidence liée au changement climatique visée, les budgets prévus/alloués, le degré de mise en œuvre et, dans la mesure du possible, des indicateurs de suivi; 2° toute information pertinente dans le cadre de l’adaptation aux changements climatiques. § 2. Les entités responsables de la communication des données et informations visées au paragraphe 1er sont : 1° le SPF Mobilité et Transports; 2° infrabel; 3° le SPF Intérieur; 4° la Défense; 5° le SPF Affaires Etrangères; 6° le SPF Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie; 7° le SPF santé publique, Sécurité de la Chaîne Alimentaire et Environnement; 8° l’Institut Royal Météorologique (IRM); 9° le SPP Politique scientifique; 10° toute autre entité fédérale en possession de données pertinentes relatives à l’adaptation aux changements climatiques. Art. 7. Données relatives au soutien financier et technologique apporté aux pays en développement § 1er. Conformément à l’article 16 du règlement MMR, le service Changements climatiques reçoit, pour le 1er septembre de chaque année au plus tard, les données suivantes de chaque entité responsable : 1° les données financières relatives à l’aide publique belge au développement et autres contributions multilatérales ou bilaté rales selon le format des Tables CTF 7 à 9 des rapports biennaux; 2° toute information pertinente relative aux activités liées au transfert de technologies et au renforcement des capacités. § 2. Les entités responsables de la communication des informations et données visées au paragraphe 1er sont : 1° la DG Coopération au développement et Aide humanitaire du SPF Affaires étrangères, Commerce extérieur et Coopération au Développement; 2° toute autre entité fédérale en possession de données pertinentes relatives au soutien financier et technologique apporté aux pays en développement. Art. 8. Données relatives à l’utilisation du produit de la vente aux enchères et des crédits issus de projets § 1er. Conformément à l’article 17 du règlement MMR, le service Changements climatiques reçoit, pour le 15 juillet de chaque année au plus tard, toutes les informations requises à l’annexe XIII du règlement d’exécution (UE) n° 749/2014 de chaque entité responsable. § 2. Les entités responsables de la communication des données et informations visées au paragraphe 1er sont : 1° la DG Coopération au développement et Aide humanitaire du SPF Affaires étrangères, Commerce extérieur et Coopération au Développement; 2° toute autre entité fédérale en possession de données pertinentes relatives à l’utilisation du produit de la vente aux enchères et des crédits issus de projets. 81193BELGISCH STAATSBLAD — 24.10.2018 — MONITEUR BELGE Art. 9. Gegevens met betrekking tot de tweejaarlijkse rapporten en nationale Communicaties § 1. Overeenkomstig artikel 18 van de MMR-Verordening ontvangt de dienst Klimaatverandering om de twee jaar voor de tweejaarlijkse rapporten vanaf 2019, of om de vier jaar voor de Nationale Communi caties vanaf 2021, tegen uiterlijk 30 juni, de volgende gegevens vanwege elke verantwoordelijke entiteit : 1° elke aanvullende relevante informatie bij artikelen 3 tot 7 van dit besluit, overeenkomstig de richtlijnen van de tweejaarlijkse rapporten en Nationale Communicaties van het Kaderverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering; 2° elke informatie overeenkomstig de richtlijnen van de Nationale Communicaties van het Kaderverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering voor de hoofdstukken Nationale Omstandigheden, Onderzoek en systematische waarneming en Sensibilisering, opvoeding en opleiding. § 2. De verantwoordelijke entiteiten voor de mededeling van de gegevens en inlichtingen bedoeld in paragraaf 1 zijn : 1° de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie, meer in het bijzonder het DG Energie; 2° het Federaal Planbureau; 3° de FOD Mobiliteit en Vervoer; 4° de Regie der Gebouwen; 5° de FOD Financiën; 6° het DG Ontwikkelingssamenwerking en Humanitaire Hulp van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwik kelingssamenwerking; 7° het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI); 8° de POD Wetenschapsbeleid; 9° de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu; 10° defensie; 11° elke andere federale entiteit die in het bezit is van relevante gegevens met betrekking tot de biënnale rapporten en Natio nale communicaties. Art. 10. Gegevens met betrekking tot de gefluoreerde broeikas gassen § 1. Overeenkomstig artikel 10 van de Verordening gefluoreerde broeikasgassen, meldt de dienst Klimaatverandering aan de Commissie : 1° elke wijziging aan de certificatie- en opleidingsprogramma’s; 2° elke bijkomende relevante informatie die de Commissie in staat kan stellen om zicht te krijgen op de uitvoering van de Verordening gefluoreerde broeikasgassen. § 2. Overeenkomstig artikel 25 van de Verordening gefluoreerde broeikasgassen, meldt de dienst Klimaatverandering aan de Commissie elke wijziging aan de van toepassing zijnde strafbepalingen bij schending van de verordening, alsook elke maatregel nodig om die uit te voeren. Art. 11. Entiteiten betrokken bij het rapportenonderzoek § 1. De entiteiten verantwoordelijk voor de mededeling van de informatie en gegevens bepaald in te artikelen 3 tot 10, kunnen eveneens gecontacteerd worden om aanvullende gegevens en verdui delijkingen te verstrekken, en antwoord te geven op de vragen die bij het rapportenonderzoek worden gesteld. § 2. De dienst Klimaatverandering licht de verantwoordelijke entitei ten in over de organisatie van de onderzoeken, en verstrekt tijdig de praktische details die noodzakelijk zijn voor hun deelname. Art. 12. Opheffing Het koninklijk besluit van 22 december 2016 tot uitvoering van artikel 2, § 1, van de wet van 28 oktober 2016 inzake de wijze van toepassing van Verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 842/2006 en Verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende een bewakings- en rapportagesysteem voor de uitstoot van broeikasgassen en een rapportagemechanisme voor overige informatie op nationaal niveau en op het niveau van de unie met betrekking tot klimaatverandering, en tot intrekking van Beschik king nr. 280/2004/EG wordt opgeheven. Art. 9. Données relatives aux rapports biennaux et Communica tions nationales § 1er. Conformément à l’article 18 du règlement MMR, le service Changements climatiques reçoit tous les deux ans pour les rapports biennaux à partir de 2019 ou tous les quatre ans pour les communica tions nationales à partir de 2021, pour le 30 juin au plus tard, les données suivantes de chaque entité responsable : 1° toute information pertinente supplémentaire aux articles 3 à 7 du présent arrêté conforme aux lignes directrices des rapports biennaux et Communications nationales de la Convention cadre des Nations unies sur les changements climatiques; 2° toute information conforme aux lignes directrices des Commu nications nationales de la Convention-cadre des Nations unies sur les changements climatiques pour les chapitres Circonstan ces nationales, Recherche et observation systématique et Sensi bilisation, éducation et formation. § 2. Les entités responsables de la communication des données et informations visées au paragraphe 1er sont : 1° le SPF Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie et plus particulièrement la DG Energie; 2° Le Bureau fédéral du Plan; 3° le SPF Mobilité et Transports; 4° la Régie des Bâtiments; 5° le SPF Finances; 6° la DG Coopération au développement et Aide humanitaire du SPF Affaires étrangères, Commerce extérieur et Coopération au Développement; 7° l’Institut Royal Météorologique (IRM); 8° le SPP Politique scientifique; 9° le SPF santé publique, Sécurité de la Chaîne Alimentaire et Environnement; 10° la Défense; 11° toute autre entité fédérale en possession de données pertinentes relatives aux rapports biennaux et communications nationales. Art. 10. Données relatives aux gaz fluorés § 1er. Conformément à l’article 10 du règlement gaz fluorés, le service Changements climatiques notifie à la Commission européenne : 1° tout changement au contenu des programmes de certification et de formation; 2° toute information pertinente supplémentaire qui permettrait à la Commission de comprendre la mise en œuvre du règlement gaz fluorés. § 2. Conformément à l’article 25 du règlement gaz fluorés, le service Changements climatiques notifie à la commission tout changement dans les dispositions de sanctions applicables en cas de violation du règlement et toute mesure nécessaire pour garantir leur mise en œuvre. Art. 11. Entités impliquées dans l’examen de rapports § 1er. Les entités responsables de la communication des informations et des données, déterminées aux articles 3 à 10, peuvent également être contactées pour fournir des données supplémentaires, des éclaircis sements et pour répondre aux questions soulevées lors des examens de rapports. § 2. Le Service changements climatiques informe ces entités respon sables de l’organisation des examens et fournit les détails pratiques nécessaires à leur participation en temps utile. Art. 12. Abrogation L’arrêté royal du 22 décembre 2016 portant exécution de l’article 2, § 1er, de la loi du 28 octobre 2016 portant sur les modalités d’application du Règlement (UE) n° 517/2014 du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 relatif aux gaz à effet de serre fluorés et abrogeant le règlement (CE) n° 842/2006 et du Règlement (UE) n° 525/2013 du Parlement européen et du Conseil du 21 mai 2013 relatif à un mécanisme pour la surveillance et la déclaration des émissions de gaz à effet de serre et pour la déclaration, au niveau national et au niveau de l’Union, d’autres informations ayant trait au changement climatique et abrogeant la décision n° 280/2004/CE est abrogé. 81194 BELGISCH STAATSBLAD — 24.10.2018 — MONITEUR BELGE Art. 13. Uitvoering De minister bevoegd voor Leefmilieu is belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 18 september 2018. FILIP Van Koningswege : De Minister van Leefmilieu, M. C. MARGHEM * FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU [C − 2018/14173] 19 SEPTEMBER 2018. — Koninklijk besluit houdende toekenning van een toelage aan de vzw Wetenschappelijke Vereniging van Vlaamse Kinesitherapeuten om het systematisch gebruik van Evidenced Based Practice in de beroepsuitoefening van de erkende gezondheidszorgbeoefenaars te stimuleren voor een kwaliteits vollere zorg gedurende de periode van 1 juni 2018 tot en met 31 december 2018 FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 22 december 2017 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2018; Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 24 augustus 2018; Overwegende het koninklijk besluit van 31 mei 1933 betreffende de verklaringen af te leggen in verband met subsidies, vergoedingen en toelagen, artikel 1; Overwegende de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat, de artike len 121 tot 124; Op de voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : HOOFDSTUK I. — Definities Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder : 1° FOD : de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu; 2° dienst Gezondheidsberoepen en Beroepsuitoefening : de dienst Gezondheidsberoepen en Beroepsuitoefening van het Directoraat generaal Gezondheidszorg van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, Victor Hortaplein 40 bus 10 te 1060 Brussel; 3° VZW WVVK : de vzw Wetenschappelijke Vereniging van Vlaamse Kinesitherapeuten, zetelend te Leopoldlaan 62, 8300 Knokke, onderne mingsnummer 0863/689/879, rekeningnummer: BE66 9731 8516 4243. HOOFDSTUK II. — Algemene bepalingen Art. 2. § 1. Een éénmalige toelage van 90.000 euro wordt toegekend aan de VZW WVVK in het kader van het Evidence-Based Practice-plan § 2. Deze toelage is een tussenkomst van de Staat in de werkings- en personeelskosten van deze vereniging teneinde de specifieke doelstel lingen bedoeld in artikel 3 te realiseren. § 3. Deze toelage is aan te rekenen ten laste van basisallocatie 25.52.11.3300.02 van de begroting van de FOD, begrotingsjaar 2018. HOOFDSTUK III. — De opdrachten Art. 3. § 1. Deze toelage ondersteunt het multidisciplinair project waarbij patiënten met perifeer arterieel vaatlijden de kans krijgen en aangespoord worden om behandeld te worden volgens de meest recente wetenschappelijke inzichten voor de periode van 1 juni 2018 tot en met 31 december 2018. § 2. Deze toelage voorziet in een financiering van het project en meer bepaald voor het ondersteunen en informeren van de beroepsbeoefe naars, het registreren en analyseren van de meetresultaten, het rapporteren van de data teneinde het implementatietraject te verdui delijken en een evaluatieprotocol te kunnen opstellen. Art. 13. Exécution Le ministre qui a l’Environnement dans ses attributions est chargé de l’exécution du présent arrêté. Bruxelles, le 18 septembre 2018. PHILIPPE Par le Roi : La Ministre de l’Environnement, M. C. MARGHEM SERVICE PUBLIC FEDERAL SANTE PUBLIQUE, SECURITE DE LA CHAINE ALIMENTAIRE ET ENVIRONNEMENT [C − 2018/14173] 19 SEPTEMBRE 2018. — Arrêté royal octroyant un subside à l’asbl Wetenschappelijke Vereniging van Vlaamse Kinesitherapeu ten en vue de stimuler l’utilisation systématique d’Evidence Based Practice dans la pratique professionnelle des professionnels de la santé reconnus pour des soins plus qualitatifs, durant la période du 1er juin 2018 au 31 décembre 2018 inclus PHILIPPE, Roi des Belges, A tous, présents et à venir, Salut. Vu la loi du 22 décembre 2017 contenant le budget général des dépenses pour l’année budgétaire 2018; Vu l’avis de l’Inspecteur des Finances, donné le 24 août 2018; Considérant l’arrêté royal du 31 mai 1933 concernant les déclarations à faire en matière de subventions, indemnités et allocations, l’article 1er; Considérant la loi du 22 mai 2003 portant organisation du budget et de la comptabilité de l’État fédéral, les articles 121 à 124; Sur la proposition de la Ministre de la Santé publique, Nous avons arrêté et arrêtons : CHAPITRE Ier. — Définitions Article 1er. Pour l’application du présent arrêté on entend par : 1° SPF : le Service public fédéral Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement; 2° service Professions des Soins de Santé et Pratique professionnelle : le Service Professions des Soins de Santé et Pratique professionnelle de la Direction générale Soins de santé du Service public fédéral Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement, Place Victor Horta 40, boîte 10 à 1060 Bruxelles; 3° ASBL WVVK : l’asbl Wetenschappelijke Vereniging van Vlaamse Kinesitherapeuten, dont le siège est situé Leopoldlaan 62, 8300 Knokke, numéro d ’entreprise 0863/689/879, numéro de compte: BE66 9731 8516 4243. CHAPITRE II. — Dispositions générales Art. 2. § 1er. Un subside unique de 90.000 euros est octroyé à l’ASBL WVVK dans le cadre du plan Evidence-Based Practice. § 2. Ce subside est une intervention de l’État dans les frais de fonctionnement et de personnel de cette association en vue de l’accomplissement des objectifs spécifiques visés à l’article 3. § 3. Ce subside est imputable à l’allocation de base 25.52.11.3300.02 du budget du SPF, année budgétaire 2018. CHAPITRE III. — Les missions Art. 3. § 1er. Ce subside soutient le projet multidisciplinaire dans lequel les patients atteints de maladie artérielle périphérique ont la possibilité et sont encouragés à être traités selon les dernières connais sances scientifiques pour la période du 1er juin 2018 au 31 décem bre 2018 inclus. § 2. Ce subside fournit un financement pour le projet et plus spécifiquement de soutenir et d’informer les professions de santé, d’enregistrer et d’analyser les résultats de mesure, de rapporter les données afin de clarifier le processus de mise en œuvre et d’élaborer un protocole d’évaluation. 81195BELGISCH STAATSBLAD — 24.10.2018 — MONITEUR BELGE

Arrêté royal relatif aux modalités de collecte de données, de surveillance et d'évaluations des actions fédérales dans le cadre des obligations de déclaration imposées par le Règlement (UE) n° 517/2014 et le règlement (UE) n° 525/2013 · Nelum